Startpagina – Leidraad Infusietechnologie
| Wat is nieuw? | Publicatiedatum |
|---|---|
| Startpagina – Leidraad Infusietechnologie | 06-07-2026 |
| Toedieningssysteem en expertise | 06-07-2026 |
| Pomp | 06-07-2026 |
| Infuuslijnen | 06-07-2026 |
| Spuiten | 06-07-2026 |
| Expertise | 06-07-2026 |
| Medicatiebibliotheken | 06-07-2026 |
| Multi-infusie | 06-07-2026 |
Waar gaat deze leidraad over?
Infusietechnologie is een van de meest gebruikte medische technologieën in de zorg. Vrijwel elke arts schrijft infusietherapie voor en vrijwel elke verpleegkundige past het toe. Hoewel in diverse medisch-specialistische richtlijnen infusietechnologie voorkomt, is er behoefte aan standaardisatie van werkprocessen rond infusietechnologie om de veilige toepassing beter te borgen. Een specifieke leidraad voor infusietechnologie maakt het gemakkelijker om kwaliteit en veiligheid van infusietechnologie in de aandoeningsgerichte medisch specialistische richtlijnen te integreren. Daarnaast kunnen in andere richtlijnen verwijzingen naar de modules in de leidraad worden gebruikt. Dit kan bijdragen aan meer eenheid in beleid over risico-gestuurde processen rondom infusietechnologie.
Momenteel gaat infusietechnologie in de meeste zorginstellingen minimaal 10 jaar mee. In combinatie met lokale keuzes en afweging van functionaliteit en financiën, varieert de inzet van (nieuwe) infusietechnologie en digitalisering van deze technologie tussen zorginstellingen. Eén van de vragen die hierbij speelt is wat nodig is om het werk van zorgprofessionals te verlichten door middel van digitale technologie en welke randvoorwaarden nodig zijn om dit veilig te laten verlopen. In deze leidraad wordt dan ook aandacht besteed aan het gebruik van medicatiebibliotheken en de rol van EPD integratie.
Doel van de leidraad
Het doel van deze leidraad bestaat uit drie componenten:
- Enerzijds stelt de werkgroep zich ten doel de kwaliteit van zorg waarbij infusietechnologie betrokken is te borgen en zo mogelijk te vergroten.
- Daarnaast is het doel het doelmatig en veilig gebruik van deze infusietechnologie te vergroten en daarmee meer standaardisatie te bereiken. Hierbij staat de vraag centraal hoe het complexe samenspel van pompen, spuiten en lijnen moet worden ingericht om een adequate kwaliteit van toediening te borgen. Hierbij dient aandacht te zijn voor de inbreng van zinvolle expertise en voor de rol van medicatiebibliotheken.
- Het doel van deze leidraad is tevens het ontsluiten van kennis en inzichten over veilige toepassing van infusietechnologie.
Afbakening van de leidraad
De leidraad beschrijft welke factoren in overweging genomen moeten worden bij de toepassing van infusietechnologie en hoe de veiligheid gewaarborgd dient te worden.
In deze leidraad komen de volgende onderwerpen aan de orde:
- Mee te nemen aspecten in de keuze voor:
- Pompen voor intraveneuze therapie
- Lijnen
- Spuiten
- Benodigde expertise bij de keuze voor het type infusietechnologie wanneer er bij een patiënt intraveneuze therapie wordt gestart.
- Gebruik van medicatiebibliotheken.
- Veilige toepassing van multi-infusie.
Andere relevante richtlijnen, leidraden en normen
De in deze leidraad beschreven apparaten en onderdelen van infuus toedieningssystemen vallen onder de EU Verordening medische hulpmiddelen (2017/245) (Medical Device regulation, MDR) en de REACH verordening.
Kwantitatieve normen waaraan hulpmiddelen moeten voldoen of specifieke tests die de kwaliteit van de hulpmiddelen toetsen zijn o.a. de NEN ISO 7886en NEN-EN-IEC 60601-2-24.
Complementaire informatie over de processen ter voorkoming van infecties is te vinden in de richtlijn Intravasculaire katheters en de richtlijn Centraal Veneuze Lijn.
Specifieke informatie over de toediening van bloedproducten per infuus is te vinden in de richtlijn Bloedtransfusiebeleid modules ‘toediening van bloedproducten’, toedieningssnelheid en verwarmen van bloedproducten’ en ‘medicatie via zelfde infuus’.
Voor specifieke Informatie over het gebruik van infusietechnologie voor bloedafname verwijzen wij naar de CLSI-richtlijn GP41 Collection of Diagnostic Venous Blood Specimens (CLSI, 2017).
Voor wie is deze leidraad bedoeld?
De leidraad is bedoeld als ondersteuning van andere richtlijnen om doelmatig en veilig gebruik van infusietechnologie te bevorderen en is daarmee van belang voor gebruikers van medische technologie, zorgverleners, verpleegkundigen en andere samenwerkende partijen in de tweede (en derde) lijn. De inhoud van de modules is primair bedoeld voor de betrokkenen bij kwaliteitsborging van medische technologie, zowel vanuit technisch (klinisch fysici, (bio)medisch technologen, medisch technici), medicatieveiligheid ((ziekenhuis)apothekers) als medisch inhoudelijk perspectief (medisch specialisten, verpleegkundigen en andere zorgprofessionals die infusietherapie toepassen). Tegelijkertijd is het van belang dat ontwikkelingen teruggekoppeld worden naar richtlijnen van de aandoeningsspecifieke clusters waarvoor dit relevant is.
Voor patiënten
Dagelijks krijgen vele patiënten een therapie met behulp van een infuus (slangetje in een bloedvat). Hierbij is veel technologie betrokken: de infuuspompen, infuuslijnen, infuusspuiten en software om de veilige werking van de pompen te vergroten. Infusietechnologie bestaat in vele vormen, van betrekkelijk eenvoudig tot een zeer complex systeem waarbij een patiënt meerdere geneesmiddelen tegelijkertijd via een infuus krijgt toegediend.
Deze leidraad wil ondersteunen dat patiënten die een infusietherapie krijgen ongestoord de juiste geneesmiddeltherapie toegediend krijgen in de dosering die de zorgverlener heeft voorgeschreven. In de leidraad worden technische kennis en inzichten beschikbaar gemaakt voor toepassing in de dagelijkse zorgpraktijk. Zowel de gebruikte medische hulpmiddelen, als de benodigde expertise bij het kiezen van de juiste technologie voor de individuele patiënt en het gebruik van software om de kans op (medicatie)fouten te verminderen komen aan bod.
Ook willen we met deze leidraad zorgverleners helpen bestaande en nieuwe technologieën veilig toe te passen en zo de kwaliteit van de behandeling te verbeteren.
Hoe is de leidraad tot stand gekomen?
Het initiatief voor deze leidraad is afkomstig van de Nederlandse Vereniging voor Klinische Fysica (NVKF). De leidraad is opgesteld door een multidisciplinaire commissie met vertegenwoordigers vanuit de NVZA (Nederlandse Vereniging van Ziekenhuis Apothekers), V&VN (Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland), VZI (Vereniging van Ziekenhuis Instrumentatietechnici), NVIC* (Nederlandse Vereniging voor Intensive Care), NVA* (Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie), NVMDL* (Nederlandse Vereniging van Maag-Darm-Leverartsen), WIBAZ* (werkgroep instrumentatie beheer academische ziekenhuizen), BMTZ* (Beroepsvereniging voor Biomedisch Technologen in de Zorg) en PFNL (Patiëntenfederatie Nederland). Er werd aandacht besteed aan het patiëntenperspectief door de inbreng van de Patiëntenfederatie via de klankbordgroep.
*Vereniging participeert in de klankbordgroep.
Onderhoudsplan
De leidraad zal modulair onderhouden worden in het cluster Medische Technologie en frequent worden beoordeeld op de geldigheid van de aanbeveling. In de tabel wordt de actualiteit van de modules beschreven. Meer informatie over werken in clusters en modulair onderhoud vindt u hier.
|
Modules |
Geautoriseerd in |
Laatst beoordeeld in |
Geplande herbeoordeling |
Wijziging meest recente versie |
|
5 juni 2026 |
5 juni 2026 |
1 juli 2031 |
Nieuw |
|
|
5 juni 2026 |
5 juni 2026 |
1 juli 2031 |
Nieuw |
|
|
5 juni 2026 |
5 juni 2026 |
1 juli 2031 |
Nieuw |
|
|
5 juni 2026 |
5 juni 2026 |
1 juli 2031 |
Nieuw |
|
|
5 juni 2026 |
5 juni 2026 |
1 juli 2031 |
Nieuw |
|
|
5 juni 2026 |
5 juni 2026 |
1 juli 2031 |
Nieuw |
Literatuur
CLSI.Collection of Diagnostic Venous Blood Specimens, 7th ed. CLSI GP41. Clinical and Laboratory Standards Institute; 2017.
Beoordelingsdatum en geldigheid
Publicatiedatum : 06-07-2026
Beoordeeld op geldigheid : 06-07-2026