Comprehensive geriatric assessment (CGA)

Initiatief: Cluster Algemene geriatrie/ouderengeneeskunde Aantal modules: 34

Startpagina - Comprehensive geriatric assessment (CGA)

Publicatiedatum: 25-06-2026
Beoordeeld op geldigheid: 25-06-2026

Deze richtlijn valt onder het cluster Algemene geriatrie/ouderengeneeskunde.

 

Waar gaat deze richtlijn over?

Ouderen met een kwetsbare gezondheid hebben een verhoogd risico op functionele achteruitgang en ongewenste gezondheidsuitkomsten. Deze richtlijn geeft aanbevelingen, hoe om te gaan met ouderen met een kwetsbare gezondheid in ziekenhuis en sGGZ. Van screening en verwijzing tot diagnostiek en behandeling. Omdat de screening gericht is op het opsporen van functionele achteruitgang, wordt eerst de vraag besproken welke risicofactoren er zijn voor functionele achteruitgang (module Risicofactoren functionele achteruitgang). Dit wordt gevolgd door screeningsinstrumenten/het identificeren van ouderen met een kwetsbare gezondheid (module Identificatie van kwetsbaarheid bij ouderen). Op basis hiervan kan bij een patiënt een geriatrisch assessment verricht worden, of kan de patiënt verwezen worden voor comprehensive geriatric assessment (CGA) naar een klinisch geriater of internist ouderengeneeskunde. Er zijn hier verschillende settings in denkbaar zoals een poliklinische beoordeling, SEH-bezoek, klinische opname of medebehandeling.

 

Het CGA is een uitgebreid geriatrisch/ouderengeneeskundig onderzoek. In multidisciplinair verband worden problemen op meerdere domeinen (lichamelijk, psychisch, functioneel en sociaal) en op de existentiële dimensie bij ouderen met een kwetsbare gezondheid opgespoord, beschreven en verklaard (module Onderdelen van het CGA). Het doel is te komen tot een integraal behandelplan (module Behandelplan). De effectiviteit van dit CGA en een voorstel voor statusvoering worden besproken (module Effectiviteit van CGA en module Statusvoering).

 

Bij patiënten die onder behandeling zijn van een medisch specialist, met een vermoeden op kwetsbaarheid wordt door de behandelaar een geriatrisch assessment (GA) uitgevoerd. De richtlijn geeft aanbevelingen voor dit GA en beschrijft wanneer alsnog een uitgebreid geriatrisch onderzoek (CGA) door een geriater of internist ouderengeneeskunde nodig is (module Geriatrisch assessment (GA)). In module Organisatie van zorg worden de verschillende aspecten van de organisatie van zorg besproken.

 

Zie voor een schematische weergave van de opbouw van de richtlijn het stroomschema.


Voor wie is de richtlijn bedoeld?

Deze richtlijn is in eerste instantie bestemd voor klinisch geriaters en internisten ouderengeneeskunde in ziekenhuis of sGGZ. Ook voor verpleegkundig specialisten, physician assistants (PA), geriatrieverpleegkundigen en paramedici die samenwerken met klinisch geriaters of internisten ouderengeneeskunde bevat deze richtlijn relevante informatie. Daarnaast kan deze richtlijn als naslagwerk dienen voor alle leden van de beroepsgroepen die betrokken zijn bij de zorg voor patiënten waarbij het geriatrisch/ouderengeneeskundig team in medebehandeling is gevraagd. Tevens zal de mogelijkheid worden beschreven voor medisch specialisten in ziekenhuis of sGGZ niet gespecialiseerd in de ouderengeneeskunde om een GA uit te voeren om inzicht krijgen in de mogelijke kwetsbaarheid zodat de patiënt de meest optimale en gepaste zorg krijgt.


Voor patiënten

Een CGA is een uitgebreid onderzoek voor ouderen met een kwetsbare gezondheid. Verschillende zorgverleners doen dit samen. Zij kijken naar lichamelijke klachten, psychische klachten en geheugen, functioneren en dagelijkse activiteiten en de sociale omgeving van de patiënt. Zo wordt duidelijk wat de beste behandeling is en welke risico’s er zijn. Het doel is dat patiënt en behandelaar samen een goed behandelplan maken, zodat de patiënt zo goed mogelijk zelfredzaam blijft en dingen kan blijven doen die voor de patiënt belangrijk zijn.

Meer informatie over het CGA is te vinden op Thuisarts.

 

Hoe is de richtlijn tot stand gekomen?
Het initiatief voor deze richtlijn is afkomstig van de Nederlandse Vereniging voor Klinische Geriatrie. De eerste versie van de richtlijn is verschenen in 2010. De meest recente herziening van de richtlijn in 2021 is uitgevoerd door een multidisciplinaire werkgroep.

 

Modulair onderhoud
Vanaf 2024 wordt de richtlijn modulair herzien door het cluster Algemene geriatrie/ ouderengeneeskunde. Onder de tab ‘Verantwoording’ staat beschreven welke organisaties bij herziening/ontwikkeling van de betreffende module betrokken zijn.

 

Meer informatie over werken in clusters en modulair onderhoud vindt u hier.

Beoordelingsdatum en geldigheid

Publicatiedatum  : 25-06-2026

Beoordeeld op geldigheid  : 25-06-2026

Initiatief en autorisatie

Initiatief:
  • Cluster Algemene geriatrie/ouderengeneeskunde
Volgende:
Risicofactoren functionele achteruitgang