Endocrinologische diagnostiek
Uitgangsvraag
Welk endocrinologisch onderzoek is geïndiceerd bij mannelijke subfertiliteit?
De uitgangsvraag omvat de volgende deelvragen:
- Wanneer geven klinische verschijnselen een aanwijzing voor hypogonadisme bij mannen?
- Welke endocrinologische testen dienen initieel aangevraagd te worden?
- Welke aanvullende endocrinologische onderzoeken zijn geïndiceerd bij welke specifieke symptomen?
Aanbeveling
Meet bij verdenking op mannelijke subfertiliteit en daarbij horende oligospermie (concentratie onder referentiewaarde)/azoöspermie en/of testis volume <12ml standaard testosteron, LH en FSH.
Bevestig een testosteron waarde onder het referentie-interval met een meting in een tweede afname vroeg in de ochtend (vóór 10 uur) samen met prolactine en SHBG voor de berekening van vrij testosteron.
Indien het vrij testosteron normaal is met een laag SHBG en een normaal prolactine, dienen leefstijl factoren besproken te worden en overgewicht behandeld te worden.
Indien testosteron bij herhaling laag is en LH/FSH zijn verhoogd, verwijs of overleg met een uroloog-androloog of een uroloog met aandachtsgebied andrologie. Zie module Hypogonadisme.
Bevestig een verhoogd prolactine boven het referentie-interval met een tweede meting waarbij gecontroleerd wordt op aanwezigheid van macroprolactine. Als de tweede prolactine meting verhoogd is met tenminste 2x de bovengrens van het referentie-interval en macroprolactine negatief is, dient doorverwezen te worden naar een endocrinoloog voor verdere evaluatie van de hypofyse functie. Concentraties tot 2x de bovengrens worden ook gevonden bij afnamestress.
Vraag intoxicaties (m.n. opioïden en anabole steroïden) uit en denk aan een hormoonproducerende tumor indien testosteron normaal of verhoogd is, met een laag LH en FSH.
Leg casuïstiek, waarbij bij herhaalde meting geïsoleerd sterk verlaagd LH of FSH wordt gevonden zonder verklaring, voor aan een centrum met andrologische expertise in uw regio.
Overwegingen
Balans tussen gewenste en ongewenste effecten
Het doel van deze tekst is het inzetten van zinvolle diagnostiek naar endocrinologische oorzaken voor mannelijke subfertiliteit. Diagnostiek is primair gericht op het vaststellen van de meest voorkomend oorzaak van mannelijke subfertiliteit: testiculair falen en het onderscheiden van obstructieve van niet-obstructieve azoöspermie. Daarnaast is het uitsluiten van mannelijk hypogonadisme, zowel primair testiculair, centraal als iatrogeen essentieel in de diagnostiek van de man met subfertiliteit (zie module Hypogonadisme voor uitgebreidere uitleg van de verschillende oorzaken van hypogonadisme) en om mogelijk behandelbare oorzaken van subfertiliteit op te sporen, het stellen van een diagnose en het behandelen van de eventuele gevolgen van hypogonadisme.
Hierbij is vooral uitgegaan van de Endocrine Society Clinical Practice Guideline: Testosterone therapy in men with hypogonadism (Shalender, 2018).
Deze richtlijn verschilt in zoverre van focus, dat daar alle indicaties voor behandeling van mannelijk hypogonadisme worden besproken. In de huidige richtlijn is de ingang expliciet mannelijke subfertiliteit wat de vooraf-kans op mannelijk hypogonadisme groter maakt. Om die reden wordt in tegenstelling tot de internationale richtlijn het standaard meten van testosteron, LH en FSH aanbevolen bij een verdenking op mannelijke subfertiliteit met daarbij horende oligospermie (met name bij concentratie < 10 miljoen/mL) (Sigman, 1997), azoöspermie en/of laag testis volume (<12ml) (zie module Lichamelijk onderzoek). Bij mannen met kinderwens, die zich presenteren met seksuele disfunctie, klachten die kunnen passen bij hypogonadisme en normale semen parameters is screening met testosteron, LH en FSH ook geïndiceerd.
Laboratoria kunnen testosteron, LH en FSH-bepaling uitvoeren door middel van immunoassay of LCMS. Het laboratorium hanteert herleidbare en methode-specifieke referentie-intervallen bij alle gerapporteerde hormoon concentraties. De referentie-intervallen van verschillende instellingen overlappen maar zijn niet 1 op 1 vergelijkbaar. Sommige laboratoria rapporten voor leeftijd of BMI gecorrigeerde referentie-intervallen. Aanbeveling is om van een vaste ondergrens uit te gaan. De leeftijdsgebonden daling van testosteron lijkt vooral een afspiegeling van de algehele gezondheid en comorbiditeiten. (Kelsey, 2014; Sartorius, 2012)
De zorgverlener die de bepalingen aanvraagt moet op de hoogte zijn van de gebruikte meetmethode en de bijbehorende (methode-specifieke) referentie-intervallen om de gerapporteerde concentraties te interpreteren.In het vervolg van deze tekst wordt gesproken over een lage uitslag als deze onder de ondergrens van het referentie-interval valt en hoog als deze boven de bovengrens valt.
Bij een lage totaal testosteron concentratie dient de meting bevestigd te worden met een tweede afname vroeg in de ochtend (vóór 10 uur) in combinatie met SHBG, zodat ook het vrije testosteron berekend kan worden, en prolactine (Hyperprolactinemie onderdrukt de testosteronproductie).
Verhoogd FSH weerspiegelt indirect een verminderde Sertoli-cel functie, via gestoorde inhibine B productie, als oorzaak voor verminderde spermatogenese. Daarnaast correleert FSH met de hoeveelheid spermatogonia. Verhoogd LH weerspiegelt voornamelijk een tekort aan testosteron door het wegvallen van de negatieve feedback. Bij maturatie-arrest of gemengde vormen van spermatogenic failure kan het FSH normaal zijn omdat spermatogonia aanwezig zijn maar de meiose verstoord is waardoor ze spermatocyt of spermatide ontwikkeling niet kunnen doorlopen (Leslie, 2024). Dit is belangrijke informatie voor de patiënt met azoöspermie omdat normaal LH, FSH en testosteron concentraties geen garantie zijn voor het vinden van zaadcellen bij TESE (zie module Niet obstructieve azoöspermie).
De meting van Inhibine B lijkt vooral bij secundair hypogonadisme nog enige meerwaarde te geven in de voorspelling van de respons op gonadotropine behandeling, maar in de algemene doelgroep van deze richtlijn heeft het in de diagnostiek geen meerwaarde. (Alexander, 2024; McLachlan, 1990).
Een verstoorde balans van testosteron en oestradiol ligt meestal ten grondslag aan gynaecomastie (GM). Belangrijkste aanwijsbare oorzaken voor GM zijn medicatie (w.o. prolactine-verhogende medicatie, spironolacton, anti-retrovirale medicatie), anabole steroïden en hypogonadisme. Overige gevallen lijken vooral geassocieerd met het metabool syndroom (Costanzo, 2018).
In een goed gecontroleerde studie werden geen verschillen in biochemische parameters gevonden, met uitzondering van metabool syndroom gerelateerde parameters. De analyse van oestradiol lijkt geen toegevoegde waarde te hebben voor het vinden van de oorzaak van gynaecomastie (Vita, 2021).
Ook het gebruik van cannabis is niet direct aan GM gerelateerd, maar eerder via ongezonde leefstijl en metabool syndroom, geassocieerd met frequent cannabisgebruik (Braunstein, 2023).
Het medicamenteus verlagen van oestradiol bij mannen met overgewicht en kinderwens lijkt de kans op een een succesvolle conceptie niet te verhogen.
Interpretatie van endocrinologisch onderzoek:
- Indien testosteron bij herhaling laag is en LH/FSH zijn verhoogd, verwijs of overleg met een uroloog met aandachtsgebied Andrologie. Zie module Hypogonadisme.
- Indien testosteron bij herhaling laag is, en LH/FSH zijn (laag-)normaal dan is vervolgonderzoek geïndiceerd. Gebruik SHBG en testosteron om vrij testosteron te berekenen en meet prolactine.
- Gebruik de formule van Vermeulen voor de berekening van het vrije testosteron. Hiervoor zijn online rekentools beschikbaar (waaronder www.ISSAM.ch/freetesto.html). Informeer bij het laboratorium naar de referentie-interval behorend bij de gebruikte meetmethoden voor testosteron en SHBG (Vermeulen 1999).
- Indien vrij testosteron normaal is met een laag SHBG en een normaal prolactine, dienen leefstijl factoren uitgezocht te worden en overgewicht behandeld te worden. Zie module Leefstijlinterventies.
Het is belangrijk om te weten, dat mannen met een laag totaal testosteron en een hoge BMI vaak een normaal vrij testosteron hebben door lage SHBG-concentraties. Deze groep heeft meestal geen seksuele of fysieke tekenen van hypogonadisme, dus in het licht van de mannelijke subfertiliteit is hier het advies leefstijlmodificatie en afvallen (Antonio, 2016). - Indien prolactine verhoogd is, beveelt de werkgroep een tweede prolactine meting in te zetten en macroprolactine te laten uitsluiten. Raadpleeg hiervoor de betrokken laboratoriumspecialist klinische chemie. Als de tweede prolactine meting verhoogd is en macroprolactine negatief is, dient doorverwezen te worden naar een endocrinoloog voor verdere evaluatie van de hypofyse functie. Stress geinduceerde prolactine-verhoging is zelden boven de 2x bovengrens en kan uitgesloten worden door een afname uit een venflon na 30 minuten liggen. (Almazrouei, 2021) .Het doel van de verwijzing is uitsluiten van een hypofysetumor, inclusief prolactinoom, stapelingsziekten, hypofysitis of congenitale aandoeningen van de hypothalamus of hypofyse. Aanvullende klachten gerelateerd aan ernstige hyperprolactinemie of hypofysefunctie stoornissen, zoals visusklachten of hoofdpijn dragen bij aan de urgentie van verwijzing.
De werkgroep raadt af om zonder analyse door een endocrinoloog of tenminste multidisciplinair overleg prolactine verlagende medicatie (b.v. cabergoline) te starten bij de man met subfertiliteit bij wie verhoogd prolactine is vastgesteld. Er is geen bewijs dat de behandeling van matig verhoogd prolactine e.c.i. de kans op conceptie verhoogt.
- Indien vrij testosteron normaal is met een laag SHBG en een normaal prolactine, dienen leefstijl factoren uitgezocht te worden en overgewicht behandeld te worden. Zie module Leefstijlinterventies.
- Indien testosteron normaal of verhoogd is, met een laag LH en FSH dienen intoxicaties uitgevraagd te worden (m.n. opioïden en anabole steroïden), dan wel gedacht te worden aan een hormoonproducerende tumor.
- Leg casuïstiek, waarbij bij herhaalde meting geïsoleerd sterk verlaagd LH of FSH wordt gevonden zonder verklaring, voor aan een centrum met andrologische expertise in uw regio. Op indicatie kan aanvullende beeldvorming of genetische diagnostiek worden ingezet.
Kwaliteit van bewijs
Er zijn geen studies beschikbaar die de waarde van het endocrinologisch onderzoek afzetten tegen geen onderzoek verrichten in het diagnostisch traject van mannelijke subfertiliteit.
Waarden en voorkeuren van patiënten (en eventueel hun partner)
Het is belangrijk dat de patiënt en zijn partner waar mogelijk een verklaring krijgen voor de mannelijke subfertiliteit. Endocrinologisch onderzoek kan soms leiden tot een behandelbare diagnose wat relevant is voor de algemene gezondheid en de kans op een spontane zwangerschap.
Goede uitleg over de betekenis van resultaten van de laboratoriumdiagnostiek is van belang voor de patiënt en partner. Bespreek dan ook de concentraties van LH, FSH en Testosteron met hen en benoem de waarschijnlijkheidsdiagnose.
Bespreek met de patiënt met azoöspermie en zijn partner dat normaal LH, FSH en testosteron niet bewijzend zijn voor obstructieve azoöspermie en GEEN positieve voorspeller op het vinden van testiculaire zaadcellen bij TESE.
Kostenaspecten
Er zijn geen kosten-effectiviteitsstudies bij de werkgroep bekend.
Op het moment dat er door endocrinologisch onderzoek een behandelbare oorzaak wordt vastgesteld kan een chirurgische ingreep of invasieve fertiliteitsbehandeling, ook bij de partner, soms voorkomen worden. Op lange termijn kan een adequate diagnose die hormonaal te behandelen is leiden tot een betere gezondheid.
Gelijkheid ((health) equity/equitable)
Als de richtlijn wordt geïmplementeerd in alle centra die mannen met subfertiliteit zien, zal de praktijkvariatie afnemen wat leidt tot een grotere gelijkheid.
Aanvaardbaarheid:
Ethische aanvaardbaarheid
De interventie van een bloedafname voor het bepalen van hormoon concentraties lijkt aanvaardbaar voor de betrokkenen. Het stellen van een diagnose weegt op tegen de invasiviteit van een bloedafname. De werkgroep ziet geen ethische bezwaren.
Duurzaamheid
Laboratoriumdiagnostiek draagt bij aan de CO2-uitstoot van de zorgsector. Het belang van laboratoriumonderzoek bij mannelijke subfertiliteit weegt echter zwaarder.
Haalbaarheid
Het aanbieden van endocrinologische diagnostiek is haalbaar. Deze diagnostiek is over het algemeen al standaardzorg in de praktijk. Aanvullende diagnostiek op indicatie zoals beschreven in de richtlijn zal in sommige klinieken geïmplementeerd moeten worden. De werkgroep voorziet geen belemmeringen rondom organisatorische aspecten, daar het geen zeldzame of dure bepalingen betreft.
Rationale van de aanbeveling: weging van argumenten voor en tegen de interventies
De aanbevelingen in deze module zijn grotendeels gebaseerd op Richtlijnteksten en basale endocrinologische uitgangspunten. Er zijn geen grote studies bekend, die de diagnostische waarde van individuele testen beschrijft. Wel zijn grote populatiestudies gepubliceerd over hypogonadisme in mannen. Die hebben inzichten gegeven in de mechanismen van hypogonadisme in de algemene populatie en de relatie met metabole parameters en ziekte. Het doel van de aanbevelingen is tweeledig:
1. Verbeteren van de kans op een gezond kind.
2. Identificeren van behandelbare ziekte bij de man met kinderwens, inclusief de kans om bevordering van gezondheid en preventie van ziekte in te zetten.
Eindoordeel:
Sterke aanbeveling voor.
Onderbouwing
Achtergrond
Endocrine factors may provide targets for treatment. This section describes the stepwise approach for endocrinological testing, starting with testosterone, LH and FSH, to aid a specific diagnosis of male subfertility.
Zoeken en selecteren
The guideline development group considered these questions could not be answered well through a summary of literature. Therefore, no systematic literature search was performed and the answers are based on expert opinion, in agreement with all members of the guideline development group.
Referenties
- Alexander EC, Faruqi D, Farquhar R, Unadkat A, Ng Yin K, Hoskyns R, Varughese R, Howard SR. Gonadotropins for pubertal induction in males with hypogonadotropic hypogonadism: systematic review and meta-analysis. Eur J Endocrinol. 2024 Jan 3;190(1):S1-S11. doi: 10.1093/ejendo/lvad166. PMID: 38128110; PMCID: PMC10773669.
- Almazrouei R, Zaman S, Wernig F, Meeran K. Utility of Cannulated Prolactin to Exclude Stress Hyperprolactinemia in Patients with Persistent Mild Hyperprolactinemia. Clin Med Insights Endocrinol Diabetes. 2021 Jun 22;14:1-7 doi: 10.1177/11795514211025276 PMID: 34220205.
- Antonio L, Wu FC, O'Neill TW, Pye SR, Ahern TB, Laurent MR, Huhtaniemi IT, Lean ME, Keevil BG, Rastrelli G, Forti G, Bartfai G, Casanueva FF, Kula K, Punab M, Giwercman A, Claessens F, Decallonne B, Vanderschueren D; European Male Ageing Study Study Group. Low Free Testosterone Is Associated with Hypogonadal Signs and Symptoms in Men with Normal Total Testosterone. J Clin Endocrinol Metab. 2016 Jul;101(7):2647-57. doi: 10.1210/jc.2015-4106. Epub 2016 Feb 24. PMID: 26909800.
- Braunstein GD. Causal Relationship between Smoking Marijuana and Gynecomastia Remains Unproven. Radiology. 2023 Jun;307(5):e223046. doi: 10.1148/radiol.223046. PMID: 37278632.
- Costanzo PR, Pacenza NA, Aszpis SM, Suárez SM, Pragier UM, Usher JGS, Vásquez Cayoja M, Iturrieta S, Gottlieb SE, Rey RA, Knoblovits P. Clinical and Etiological Aspects of Gynecomastia in Adult Males: A Multicenter Study. Biomed Res Int. 2018 May 29;2018:8364824. doi: 10.1155/2018/8364824. PMID: 30003107; PMCID: PMC5996435.
- Kelsey TW, Li LQ, Mitchell RT, Whelan A, Anderson RA, Wallace WH. A validated age-related normative model for male total testosterone shows increasing variance but no decline after age 40 years. PLoS One. 2014 Oct 8;9(10):e109346.
- Leslie SW, Mejias SG, Ramphul K. Sertoli Cell–Only Syndrome. 2023 Jun 20. In: StatPearls [Internet]. Treasure Island (FL): StatPearls Publishing; 2024 Jan. PMID: 30484998.
- McLachlan RI, Finkel DM, Bremner WJ, Snyder PJ. Serum inhibin concentrations before and during gonadotropin treatment in men with hypogonadotropic hypogonadism: physiological and clinical implications. J Clin Endocrinol Metab. 1990 May;70(5):1414-9. doi: 10.1210/jcem-70-5-1414. PMID: 2110576.
- Sartorius G, Spasevska S, Idan A, Turner L, Forbes E, Zamojska A, Allan CA, Ly LP, Conway AJ, McLachlan RI, Handelsman DJ. Serum testosterone, dihydrotestosterone and estradiol concentrations in older men self-reporting very good health: the healthy man study. Clin Endocrinol (Oxf). 2012 Nov;77(5):755-63.
- Shalender Bhasin, Juan P Brito, Glenn R Cunningham, Frances J Hayes, Howard N Hodis, Alvin M Matsumoto, Peter J Snyder, Ronald S Swerdloff, Frederick C Wu, Maria A Yialamas, Testosterone Therapy in Men With Hypogonadism: An Endocrine Society Clinical Practice Guideline, The Journal of Clinical Endocrinology & Metabolism, Volume 103, Issue 5, May 2018, Pages 1715–1744, https://doi.org/10.1210/jc.2018-00229.
- Sigman M and Jarow JP: Endocrine evaluation of infertile men. Urology 1997; 50: 659.
- Vermeulen A, Verdonck L, Kaufman JM. A critical evaluation of simple methods for the estimation of free testosterone in serum. J Clin Endocrinol Metab. 1999 Oct;84(10):3666-72. doi: 10.1210/jcem.84.10.6079. PMID: 10523012.
- Vita R, Capodicasa G, Di Bari F, Amadeo G, Stagno D'Alcontres F, Benvenga S. Biochemical features of eugonadal patients with idiopathic gynaecomastia: A retrospective cross-sectional study. Andrologia. 2021 Mar;53(2):e13962. doi: 10.1111/and.13962. PMID: 33411368.
Evidence tabellen
Risk of Bias tables
Not applicable.
Table of excluded studies
Not applicable.
Verantwoording
Beoordelingsdatum en geldigheid
Publicatiedatum : 30-04-2026
Beoordeeld op geldigheid : 30-04-2026
Algemene gegevens
De ontwikkeling/herziening van deze richtlijnmodule werd ondersteund door het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten (www.demedischspecialist.nl/kennisinstituut) en werd gefinancierd door de Stichting Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten (SKMS). De financier heeft geen enkele invloed gehad op de inhoud van de richtlijnmodule.
Samenstelling werkgroep
Voor het ontwikkelen van de richtlijnmodule is in 2022 een multidisciplinaire werkgroep ingesteld, bestaande uit vertegenwoordigers van alle relevante specialismen (zie hiervoor de Samenstelling van de werkgroep) die betrokken zijn bij de zorg voor patiënten met mannelijke subfertiliteit.
Werkgroep
- Cantineau A.E.P. (Astrid), gynaecoloog, subspecialist voortplantingsgeneeskunde Universitair Medisch Centrum Groningen te Groningen, NVOG
- Dinkelman-Smit M. (Marij), uroloog-androloog, Erasmus Medisch Centrum te Rotterdam, NVU
- Verberg M.F.G. (Marieke), gynaecoloog, Medisch Spectrum Twente te Enschede, NVOG
- Heida K.Y. (Karst), gynaecoloog, Dijklander ziekenhuisbte Purmerend, NVOG
- van der Houwen L.E.E. (Lisette), gynaecoloog, Radboud universitair medisch centrum te Nijmegen, NVOG
- de Bruin J.P. (Jan Peter), gynaecoloog, Jeroen Bosch Ziekenhuis te ’s Hertogenbosch, NVOG
- van Breda H.M.K. (Jetske), uroloog-androloog, Universitair Medisch Centrum Utrecht te Utrecht, NVU
- van Roijen J.H. (Herman), uroloog-androloog, voorheen ETZ Tilburg – nu gepensioneerd
- D’Hauwers K.W.M. (Kathleen), uroloog-androloog, Radboud universitair medisch centrum te Nijmegen, NVU
- Meißner A. (Andreas), uroloog-androloog, Amsterdam Universitair Medisch Centrum te Amsterdam, NVU
- Bailleux B.B.E.P. (Bart), laboratoriumspecialist Klinische Chemie en Endocrinologie, Leids Universitair Medisch Centrum te Leiden, NVKC
- Kempers M.J.E. (Marlies), klinisch geneticus, Radboud universitair medisch centrum te Nijmegen, VKGN
- van der Kevie-Kersemaekers A.M.F. (Anne-Marie), laboratoriumspecialist klinische genetica, Universitair Medisch Centrum Utrecht te Utrecht, VKGL
- Westra D. (Dineke), laboratoriumspecialist klinische genetica, Radboud universitair medisch centrum te Nijmegen, VKGL
- Ramos L. (Liliana), klinisch embryoloog, Radboud universitair medisch centrum te Nijmegen, KLEM
- Grolle R.L. (Rosanne), fertiliteitsarts, Erasmus Medisch Centrum te Rotterdam, VVF
- Sinjorgo S. (Simone), medewerker medewerker patientenperspectief wetenschappelijk onderzoek en richtlijnen, Freya (vanaf december 2024)
- Vermeulen M. (Marloes), medewerker patientenperspectief wetenschappelijk onderzoek en richtlijnen, Freya (tot december 2024)
Met ondersteuning van
- Mostovaya I.M. (Irina), senior-adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
- van der Lee J.H. (Hanneke), senior-adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
- Middelhuis D. (Danique), adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
- Van Bommel M. (Majke), adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
- Schultink J.M. (Janneke), adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
- E. (Esther) van der Bijl, informatiespecialist, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
Belangenverklaringen
Een overzicht van de belangen van werkgroepleden en het oordeel over het omgaan met eventuele belangen vindt u in onderstaande tabel. De ondertekende belangenverklaringen zijn op te vragen bij het secretariaat van het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten via secretariaat@kennisinstituut.nl.
Tabel Gemelde (neven)functies en belangen werkgroep
|
Naam |
Hoofdfunctie |
Nevenwerkzaam-heden |
Persoonlijke financiële belangen |
Persoonlijke relaties |
Extern gefinancierd onderzoek |
Intellectuele belangen en reputatie |
Overige belangen |
Datum |
Restrictie |
|
Astrid Cantineau (voorzitter) |
Gynaecoloog. UMCG, 1.0 FTE |
auteur Up to date Hyperthecosis |
Geen |
Geen |
Geen |
Voorzitter SIG andrologie NVOG aanvrager subsidie ZonMw over leefstijl en mannelijke subfertiliteit |
Geen |
13/11/2022 |
Geen restricties. |
|
Marij Dinkelman-Smit (vice voorzitter) |
Staflid Uroloog-Androloog Voorzitter Voortplantingscentrum Erasmus MC Plaatsvervangend afdelingshoofd Urologie Erasmus MC Erasmus MC Universitair Medisch Centrum |
Bestuurslid Nederlandse Vereniging voor Urologie (NVU) (onbetaald) Bestuurslid multidisciplenaire Special Interest Group (SIG) Andrologie, Nederlandse Verening voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG) (onbetaald) Bestuurslid European Association of Urology (EAU) section for Andrological Urology (ESAU) (onbetaald) Medical director European Academy of Andrology (EAA) training center Andrology Erasmus MC (onbetaald) Lid Commissie Kwaliteitvisitatie NVU (onbetaald) Medische adviesraad Klinefelter Vereniging (onbetaald) Medische adviesraad Stichting Lichen Sclerosus (onbetaald) |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
12/12/2022 |
Geen restricties. |
|
Marieke Verberg |
Gynaecoloog, Medisch Spectrum Twente 0.5 FTE betaalde functie Gynaecoloog en statutair directeur Fertiliteitskliniek Twente 0.5 FTE betaalde functie |
Geen relevante |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
19/11/2022 |
Geen restricties. |
|
Karst Heida |
Gynaecoloog bij het Dijklander ziekenhuis - betaald |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
7/12/2022 |
Geen restricties. |
|
Lisette van der Houwen |
Gynaecoloog - fellow voortplantingsgeneeskunde Radboudumc |
Bestuurslid SIG endometriose NVOG algemeen lid SIG ART en SIG fertiliteitspreservatie van de NVOG |
Geen |
Geen |
Merck / Impect study - improving patient-centeredness in endometriosis care. / Ja |
Geen |
Geen |
02/12/2022 |
Geen restricties, extern gefinancierd onderzoek heeft geen betrekking op richtlijn onderwerp. |
|
Jan Peter de Bruin |
Gynaecoloog Jeroen Bosch Ziekenhuis, betaald |
Waarnemend gynaecoloog Radboudumc, betaald |
Medical Advisory Board Ferring BV - De medical advisory board komt op verzoek van Ferring ongeveer eens per jaar samen. Daarbij worden ontwikkelingen in het veld en relevant studie uitkomsten bediscussieerd. Ferring gebruikt de uitkomsten van deze besprekingen als input voor hun strategie. |
- |
Ja - Het gaat om eigen onderzoek op gebied voortplantingsgeneeksunde waarvoor mijn afdeling een unrestricted research grant kreeg. Dit onderzoek bestaat uit de volgende lijnen: • het ontwikkelen en evalueren van toepassingen voor online fertilteitszorg (geen raakvlak met uit te werken modules voor deze richtlijn). • het effect van gebruik van supplementen op de zwangerschapskans bij paren met mannelijke subfertiliteit (raakvlak met module over supplementen waar de Bruin bij betrokken is als locale hoofdonderzoeker, tweede auteur van de nog te publiceren paper) Gefinincierd door Goodlife pharma |
- |
- |
26/11/2022 |
Vanwege deelname aan een adviesraad aan de start van het traject is de richtlijn tijdens de commentaarfase ook aan de Commissie Kwaliteitsdocumenten van de NVOG voorgelegd. Verder is dit lid uitgesloten van besluitvorming bij onderwerpen die raken aan de adviesraad. |
|
Jetske van Breda |
Uroloog/ Androloog UMCUtrecht |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
18/11/2022 |
Geen restricties. |
|
Kathleen D' Hauwers |
Uroloog, staflid Radboudumc: betaald |
Lid Cie Kwaliteit NVU: onbetaald Lid Cie Andrologie NVU: onbetaald Board memeber Klinefelter Vereniging Nederland: onbeteaald Cie Keuzehulp ED: vergoed |
Geen |
Geen |
Geen |
Inbrengen van expertise. Geen specifieke, persoonlijke baat bij één of ander: het gaat om de patiënt / klant. |
Geen |
28/09/2022 |
Geen restricties. |
|
Andreas Meißner |
Uroloog - Androloog Staflid Centrum voor Voortplantingsgeneeskunde, locatie AMC, en afdeling Urologie, locatie VUMC, van het Amsterdam UMC betaald |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
24/11/2022 |
Geen restricties. |
|
Herman van Roijen |
Uroloog ETZ Tilburg |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
13/11/2022 |
Geen restricties. |
|
Bart Ballieux |
Laboratoriumspecialist Klinische Chemie en Endocrinologie Afdeling KCL, LUMC, Leiden |
Geen |
geen persoonlijke financiele belangen |
Geen relevante persoonlijke relaties die van invloed kunnen zijn op mijn adviezen |
geen |
Geen intellectuele belangen bij mijn adviezen |
Geen overige belangen |
10/01/2023 |
Geen restricties. |
|
Marlies Kempers |
Klinisch Geneticus (Radboudumc) |
Voorzitter subcommissie Richtlijnen, onderdeel van Kwaliteitscommissie VKGN |
Geen |
Geen |
Aytu Pharma / Prevent studie (effect Enzastaurin bij vasculair EDS) Studie is nog niet gestart, financiering on hold / Tijdelijk, ter vervanging verlof projectleider |
Geen |
Geen |
10/11/2022 |
Geen restricties. De studie waar mw. Kempers bij betrokken was is nooit gestart. Inhoudelijk had deze studie niet met mannelijke infertiliteit te maken. |
|
Anne-Marie van der Kevie - Kersemaekers |
laboratoriumspecialist klinische genetica UMC Utrecht |
Vakdeskundige Raad van Accreditatie |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
28/03/2023 |
Geen restricties. |
|
Manon Oud |
Laboratoriumspecialist Klinische Genetica in opleiding, Radboudumc Betaalde functie (hoofdberoep) |
Geen |
Geen |
Geen |
Deelname aan onderzoeksproject als PhD student De novo mutations in male infertility (NWO VICI van prof. Joris Veltman) van 2015-2020 Travel Grant van de Catherine van Tussenbroek Foundation voor bezoek van 3 maanden aan Monash University (2019) |
Geen |
Geen |
8/11/2022 |
Geen restricties, niet actief geweest in de werkgroep. |
|
Dineke Westra |
Laboratoriumspecialist Klinische Genetica (1.0 FTE, betaald) Afd. Genetica, sectie Genoomdiagnostiek Radboudumc, Nijmegen Werkzaamheden: Genetische diagnostiek |
Technical Assessor ISO15189 Raad van Accreditatie betaald |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
16/02/2023 |
Geen restricties. |
|
Liliana Ramos |
Klinisch embryoloog Radboudumc |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Boegbeeldfunctie bij patiënten en beroepsorganisatie |
Geen |
10/08/2023 |
Geen restricties. |
|
Rosanne Grolle |
Fertiliteitsarts, Erasmus MC. Het begeleiden en behandelen van paren met een kinderwens. Functie is betaald. |
Lid van de symposiumcommissie van de VVF Onder andere het opstellen van het wetenschappelijk programma, het vragen van sprekers, het regelen van een symposiumlocatie en buffet, het versturen van de uitnodigingen en het aanvragen van accreditatie en sponsoring. Functie is onbetaald. |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
3/11/2022 |
Geen restricties. |
|
Marloes Vermeulen |
Freya, medewerker externe relaties |
Verloskundige 1e lijn. |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
27/09/2022 |
Geen restricties. |
|
José Knijnenburg |
Directeur bij Freya, vereniging voor mensen met vruchtbaarheidsproblemen - 32u p/wk Medewerker communicatie en marketing bij van der Pol-consulting b.v. - 8u p/wk |
Geen |
Dienstverband bij de (onafhankelijke) landelijke patiëntenvereniging voor mensen met vruchtbaarheidsproblemen. |
Geen |
ZonMW / Alife2 en T4Life / nee ZonMW / Antarctica2 / nee ZonMW / Cosy - Zin en zwanger / nee ZonMW / FOAM / nee ZonMW / Scratch-OFO / nee ZonMW / TOF (3 or 5) / nee ZonMW / H2Olie / nee ZonMW / H2OlieFlush / nee ZonMW / MYPP - myo-inositol bij PCOS / nee ZonMW / PSIDER Embryonic checkpoints - releasing the brakes on IVF /nee RadboudUMC/Goodlife / Summer - voedingssupplement man / nee ZonMW / Divine - dosiscalculator / nee Amsterdam UMC / ANDES / nee ZonMW / PSIDER - Hip gametes / nee ZonMW / COPIE - - endometriose en IVF / nee |
Belangenbehartiger bij patiëntenorganisatie |
Radboud/MUMC / Hmove sporten en afweersysteem bij miskramen / nee ZonMW / Medium2 kweekvloeistof IVF / nee ZonMW / Selectimo timelapse / nee MUMC+ / Murlm hhmk en ril / nee ZonMw / LUMO luteal phase support / nee ZonMw / PSIDER SteMBlast / nee ZonMw / SEGa veiligheid vp-technieken / nee ZonMw / Covid-19 Impact endometriose/fertiliteitspatiënten / nee ZonMw / PREMI / nee ZonMw / HyFosy-HSG stugie / nee ZonMw / REMI III / nee |
20/07/2023 |
Geen restricties, mevrouw was tijdelijke inval tijdens zwangerschapsverlof. In rol van patientvertegenwoordiger betrokken bij onderzoek. |
|
Simone Sinjorgo |
Parttime medewerker patientenperspectief en -participatie bij Freya (vereniging voor mensen met vruchtbaarheidsproblemen) - betaald 14 uur https://www.freya.nl/over-freya/wie-we-zijn/de-werknemers. Ter info: door mijn functie bij Freya ben ik betrokken bij diverse richtlijnontwikkeling en/of onderzoeken op het gebied van fertiliteit. In de vorm van toelichten, belichten en/of vertegenwoordigen van alleen het patiëntenperspectief tav het bepaalde onderwerp, zoals bij deze 3 richtlijnen OFO, OHSS en mannelijke subfertiliteit. |
Lichaamsgericht psychosociaal therapeut - zzp eigen praktijk in Dongen-Vaart - geregistreerd therapeut RBCZ incl. AGB-codes. www.praktijkdediamant.nl
- Psychosociaal docent Bijscholing Instituut voor therapeuten - betaling via praktijk https://bivt.nl/?s=lichaamsgericht+coachen
- Psychosociaal docent vrouwencoach opleiding - betaling via praktijk https://www.devrouwencoach.nl/vrouwencoach-opleiding/ |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
Geen |
03/12/2024 |
Geen restricties. |
Inbreng patiëntenperspectief
De werkgroep besteedde aandacht aan het patiëntenperspectief door uitnodigen van Freya en de Patientenfederatie Nederland voor de invitational conference. Daarnaast zat namens Freya een afgevaardigde in de werkgroep. Het verslag van de invitational conference is besproken in de werkgroep. De verkregen input is meegenomen bij het opstellen van de uitgangsvragen, de keuze voor de uitkomstmaten en bij het opstellen van de overwegingen (zie kop waarden en voorkeuren van patiënten). De conceptrichtlijn is tevens voor commentaar voorgelegd aan Freya en de Patiëntenfederatie Nederland en de eventueel aangeleverde commentaren zijn bekeken en verwerkt.
Kwalitatieve raming van mogelijke financiële gevolgen in het kader van de Wkkgz
Bij de richtlijnmodule voerde de werkgroep conform de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) een kwalitatieve raming uit om te beoordelen of de aanbevelingen mogelijk leiden tot substantiële financiële gevolgen. Bij het uitvoeren van deze beoordeling is de richtlijnmodule op verschillende domeinen getoetst (zie het stroomschema bij Werkwijze).
|
Module |
Uitkomst raming |
Toelichting |
|
Endocrinologisch onderzoek |
Geen financiele gevolgen. |
Uit de toetsing volgt dat de aanbevelingen niet breed toepasbaar zijn (<5.000 patiënten) en daarom naar verwachting geen substantiële financiële gevolgen zullen hebben voor de collectieve uitgaven. |
Werkwijze
Voor meer details over de gebruikte richtlijnmethodologie verwijzen wij u naar de Werkwijze. Relevante informatie voor de ontwikkeling/herziening van deze richtlijnmodule is hieronder weergegeven.
Zoekverantwoording
Not applicable.