Sondevoeding

Initiatief: SRI Aantal modules: 6

Sondevoeding op de afdeling neonatologie

Publicatiedatum: 22-10-2026
Beoordeeld op geldigheid: 22-10-2026

Uitgangsvraag

Welke hygiënische randvoorwaarden dienen te worden toegepast bij de bereiding van sondevoeding, het gebruik van een voedingssonde en de toediening van sondevoeding op de neonatologie afdeling?

Aanbeveling

Randvoorwaarden bereiden sondevoeding

  • Bereid sondevoeding onder aseptische omstandigheden:
    • Maak de (sonde)voeding, inclusief eventuele toevoegingen, klaar in een schone werkruimte. Een schone werkruimte omvat een werkplek met een schoon veld en een goede schoon/vuil scheiding. Het werkblad wordt voor aanvang gereinigd en gedesinfecteerd volgende de richtlijn Reiniging en desinfectie van ruimten. Indien gebruik wordt gemaakt van een LAF-kast, wordt ook het werkblad van de LAF-kast voor aanvang gereinigd en gedesinfecteerd conform deze richtlijn. Een LAF-kast kan als alternatief worden gebruikt indien er geen schone werkruimte beschikbaar is.
    • Voer handhygiëne uit volgens de richtlijn Handhygiëne en Persoonlijke hygiëne medewerker.
  • In lijn met de richtlijn Handhygiëne en Persoonlijke hygiëne medewerker mogen personen met (mogelijk infectieuze) aandoeningen zoals huidafwijkingen aan handen of onderarmen of diarree, geen sondevoeding bereiden.
  • Was de handen inden er (borst)voeding op handen wordt gemorst.
  • Let op dat de houdbaarheidsdatum van voeding niet overschreden wordt.
  • Gebruik voor iedere voeding een nieuwe steriele spuit.
  • Trek voeding in voedingsspuit op door middel van een optrekcanule om contaminatie en spatten te voorkomen. 
  • Maak voedingsspuitjes maximaal 24 uur van tevoren klaar en bewaar deze in de koelkast, bij een temperatuur van maximaal 4°C. 
    • Bewaar voeding in een koelkast. De koelkast dient donker te zijn wanneer de deur gesloten is. 
  • Hanteer in het voorraadbeheer een First-In-First-Out principe, zodat wordt bereid vanuit aangebroken verpakkingen.
  • Noteer datum en tijd van opening op de verpakking om te voorkomen dat de maximale bewaarduur wordt overschreden. 
  • Haal de voedingsspuitjes vlak voor het toedienen uit de koelkast.
  • Warm de voeding niet op, omdat het gezien de geringe doorstroomsnelheid door de dunne kanaaltjes vanzelf voldoende op temperatuur komt. In specifieke gevallen kan wel een voedingswarmer worden gebruikt. 

Randvoorwaarden inbrengen voedingssonde

  • Desinfecteer de handen voordat je een sonde in de maag of dunne darm inbrengt, conform de richtlijn Handhygiëne & persoonlijke hygiëne medewerker.
  • Draag tijdens het inbrengen van de sonde persoonlijke beschermingsmaatregelen conform de richtlijn Persoonlijke beschermingsmiddelen. Er bestaat tijdens het inbrengen kans op contact met slijmvliezen, en/of met bloed, maagsappen en/of sputum. 

Randvoorwaarden toediening van de voeding

Randvoorwaarden vervangen van de voedingssonde

  • Vervang de sonde conform de voorschriften van de fabrikant en bij: 
    • Het verstopt raken van de sonde. 
    • Mechanische complicaties zoals irritatie, drukplekken, breuk of schade aan het materiaal van de sonde, accidentele luxatie. 
    • Indien de duur van maximaal gebruik volgens voorschrift overschreden wordt.
  • Routinematige vervanging is niet noodzakelijk.
  • Pas bij het vervangen van de voedingssonde handhygiëne toe conform de richtlijn Handhygiëne & persoonlijke hygiëne medewerker, bij verwijdering en (opnieuw) inbrengen worden persoonlijke beschermingsmaatregelen gedragen conform de richtlijn Persoonlijke beschermingsmiddelen.

Overwegingen

Voor- en nadelen van de interventie en de kwaliteit van het bewijs

Voor deze uitgangsvraag is geen systematisch literatuuronderzoek uitgevoerd. Hieronder beschrijft de werkgroep door middel van de informatie uit de WIP-richtlijnen Sondevoeding’ en ‘Sondevoeding op de afdeling neonatologie’, expert opinie en ondersteunende literatuur de belangrijkste aspecten met betrekking tot hygiënische randvoorwaarden bij het gebruik van een voedingssonde en de toediening van sondevoeding op de neonatologie afdeling.

 

Randvoorwaarden bereiden sondevoeding op de afdeling neonatologie

Bij bereiding van sondevoeding op de neonatologie is nauwkeurigheid en hygiëne cruciaal, omdat de voeding gedurende langere tijd wordt toegediend en de kans op bacteriële groei groter is. Hanteer daarom de volgende randvoorwaarden:

  • Het klaarmaken van de (sonde)voeding, inclusief eventuele toevoegingen, gebeurt onder aseptisch omstandigheden in een schone werkruimte. Een schone werkruimte omvat een werkplek met een schoon veld en een goede schoon/vuil scheiding. Het werkblad wordt voor aanvang gereinigd en gedesinfecteerd volgende de richtlijn Reiniging en desinfectie van ruimten. Indien gebruik wordt gemaakt van een LAF-kast, wordt ook het werkblad van de LAF-kast voor aanvang gereinigd en gedesinfecteerd conform deze richtlijn. Een LAF-kast kan als alternatief worden gebruikt indien er geen schone werkruimte beschikbaar is.
  • Handhygiëne vindt plaats volgens de richtlijn Handhygiëne en Persoonlijke hygiëne medewerker. 
  • In lijn met de richtlijn Handhygiëne en Persoonlijke hygiëne medewerker mogen personen met (mogelijk infectieuze) aandoeningen zoals huidafwijkingen aan handen of onderarmen, diarree en/of braken geen sondevoeding bereiden. 
  • Indien er voeding op de handen gemorst wordt, worden handen gewassen. 
  • Let op dat de houdbaarheidsdatum van voeding niet overschreden wordt.
  • Voor iedere voeding moet een nieuwe steriele spuit worden gebruikt.
  • Voeding optrekken in voedingsspuit door middel van optrekcanule om contaminatie en spatten te voorkomen. 
  • Voedingsspuitjes mogen maximaal 24 uur van tevoren worden klaargemaakt en bewaard in de koelkast, bij een temperatuur van maximaal 4°C. 
    • De koelkast dient donker te zijn wanneer de deur gesloten is. Voeding in doorzichtige spuiten en slangen mag niet continu aan licht worden blootgesteld in verband met peroxidatie van vetzuren en afbraak van vitamines. Continue koelkastverlichting en glazen koelkastdeuren dienen daarom te worden vermeden.
  • Hanteer in het voorraadbeheer een First-In-First-Out principe, zodat wordt bereid vanuit aangebroken verpakkingen.
  • Voeding wordt na bereiding voorzien van datum en tijd. 
  • De voedingsspuitjes worden vlak voor het toedienen uit de koelkast gehaald.
  • De voeding hoeft niet te worden opgewarmd, omdat het gezien de geringe doorstroomsnelheid door de dunne kanaaltjes vanzelf voldoende op temperatuur komt. In specifieke gevallen kan wel een voedingswarmer worden gebruikt. 

Voor het hygiënisch handelen bij het afkolven, bewaren en vervoeren van de moedermelk wordt verwezen naar de richtlijn babyvoeding.

 

Voedingssonde

Vanuit het oogpunt van infectiepreventie is geen voorkeur uit te spreken voor het materiaal waaruit de voedingssonde is vervaardigd. Bij gebruik van een voedingssonde is het belangrijk om de volgende randvoorwaarden te hanteren:

  • Voordat de sonde in de maag of dunne darm wordt ingebracht, moeten de handen worden gedesinfecteerd conform de richtlijn Handhygiëne & persoonlijke hygiëne medewerker. Er bestaat tijdens het inbrengen kans op contact met slijmvliezen, en/of met bloed, maagsappen en/of sputum. Tijdens het inbrengen van de sonde, worden daarom persoonlijke beschermingsmiddelen gedragen conform de richtlijn Persoonlijke beschermingsmiddelen. 

Toediening van de voeding

Bij neonaten die van een sonde afhankelijk zijn voor voeding wordt de sonde hoogfrequent gebruikt. Hanteer onderstaande randvoorwaarden met betrekking tot de toediening van sondevoeding.

  • Voor en na het aanhangen of toedienen van de voeding moeten moet handhygiëne worden toegepast conform de richtlijnrichtlijn Handhygiëne & persoonlijke hygiëne medewerker.
  • Bij portievoeding wordt de voedingsspuit rechtstreeks aan de neusmaagsonde gekoppeld en wordt voeding of handmatig of via hevelen toegediend. 
  • De voedingssonde wordt direct na elke voeding doorgespoten met lucht. 
  • Indien gebruik gemaakt wordt van een voedingspomp wordt deze dagelijks en na morsen gereinigd en indien nodig gedesinfecteerd (zie de richtlijn Reiniging, desinfectie en sterilisatie (herbruikbare) medische hulpmiddelen).
  • Bij toediening van voeding door middel van een voedingspomp wordt gebruikt gemaakt van een verbindingsslang tussen de spuit en de neusmaagsonde. Voor het verversen van de voeding en het vervangen van de verbindingsslang wordt verwezen naar de module vervangingsfrequentie verbindingsslang.

Het vervangen van de voedingssonde

Het vervangen van de voedingssonde is noodzakelijk in specifieke situaties om complicaties te voorkomen. Hanteer hierbij de voorwaarden van de fabrikant en de volgende randvoorwaarden:

  • De sonde moet worden vervangen bij: 
    • Het verstopt raken van de sonde. 
    • Mechanische complicaties zoals irritatie, drukplekken, breuk of schade aan het materiaal van de sonde, accidentele luxatie.
  • De voedingssonde dient niet routinematig te worden vervangen, maar alleen volgens voorschriften van de fabrikant. Uit literatuur blijkt dat neusmaagsondes in korte tijd kunnen koloniseren met bacteriën. Parker (2022) beschrijft in een review dat voedingssondes door hun continue contact met sondevoeding en frequente hantering een voedingsrijke omgeving vormen voor bacteriële groei en biofilmvorming. Een sonde wordt na het inbrengen zo snel gekoloniseerd met keel- of darmflora, dat frequent vervangen niet bijdraagt tot verlaging van het infectierisico. De frequentie van wisselen van de voedingssonde gebeurt in principe conform voorschriften van de fabrikant. Bij technisch zeer moeilijke plaatsing of patiënten factoren zoals angst kan in overleg met een medisch verantwoordelijke maatwerk worden geboden.
  • Bij het vervangen van de voedingssonde moet handhygiëne worden toegepast en worden persoonlijke beschermingsmiddelen gedragen conform de richtlijn Handhygiëne & persoonlijke hygiëne medewerker.

Waarden en voorkeuren van patiënten (en evt. hun verzorgers)

Neonaten zijn in veel gevallen voor toediening van voeding en medicatie afhankelijk van een neusmaagsonde en zal het inbrengen en hanteren van de neusmaagsonde medische noodzaak betreffen. Er kan qua timing van vervangen, indien mogelijk, rekening gehouden wordt met waarden en voorkeuren van ouders en verzorgers binnen kader van family integrated care. 

 

Kosten (middelenbeslag)

Er is niet specifiek gezocht op uitkomstmaten met betrekking tot kosten die gepaard gaan met de randvoorwaarden voor voedingssonde, het toedieningssysteem en de toediening van voeding. Het naleven van hygiënische randvoorwaarden kan leiden tot hogere kosten voor het ziekenhuis of de zorgafdeling. Deze extra kosten zijn echter vaak gerechtvaardigd door de vermindering van complicaties zoals infecties, wat op de lange termijn juist kosten kan besparen door kortere opnames en minder medische interventies. De duur van gebruik van sonde tot alleen strikt medisch noodzakelijk wordt gehouden om gebruik van materialen, ziekenhuisopname te beperken.

Over het algemeen wordt er geen effect op kosten verwacht omdat de aanbevelingen geen wijzigingen bevatten ten opzichte van het huidige beleid.

 

Gelijkheid ((health) equity)

De werkgroep voorziet voor de aanbevelingen m.b.t. de randvoorwaarden voor het toedienen van sondevoeding geen effect op de gezondheidsgelijkheid.

 

Aanvaardbaarheid 

Ethische aanvaardbaarheid

De werkgroep voorziet voor de aanbevelingen m.b.t. de randvoorwaarden voor het toedienen van sondevoeding geen ethische bezwaren. 

 

Duurzaamheid

Er is geen systematisch literatuuronderzoek verricht naar duurzaamheidaspecten m.b.t. de randvoorwaarden van het toedienen van sondevoeding op de afdeling Neonatologie.

Bij het toepassen van hygiënische randvoorwaarden is het van belang een zorgvuldige balans te vinden tussen duurzaamheid en patiëntveiligheid. Deze afweging moet vanuit infectiepreventieoogpunt verantwoord gebeuren en kan verschillen per zorgsetting. Uitgangspunt hierbij is dat patiëntveiligheid niet ten koste mag gaan van duurzaamheid. 

In het algemeen kan gezegd worden dat de preventie van infectieuze complicaties leidt tot minder gebruik van antibiotica en de daarmee gepaard gaande ontwikkeling van antibioticaresistentie. Het zorgvuldig omgaan met materialen en voeding, bijvoorbeeld door het toepassen van het first-in-first-out principe en het correct registreren van datum en tijd, kan bijdragen aan het voorkomen van verspilling.

 

Haalbaarheid

De werkgroep voorziet voor aanbevelingen over de randvoorwaarden voor voedingssonde, het toedieningssysteem en de toediening van voeding geen belemmeringen voor de uitvoerbaarheid. De bovenstaande randvoorwaarden met betrekking tot het toedienen van sondevoeding zijn zodanig geschreven dat acceptatie en implementatie in de eigen zorginstelling mogelijk is. De aanbevelingen sluiten nauw aan op de klinische praktijk en bevatten geen wijzigingen ten opzichte van het huidige beleid. Op basis hiervan verwacht de werkgroep geen barrière voor uitvoerbaarheid en implementatie.

 

Aanbevelingen

Het opstellen van duidelijke randvoorwaarden voor het bereiden, gebruik van voedingssondes en het toedieningssystemen is essentieel om de veiligheid en gezondheid van de patiënt te waarborgen. Door onderstaande randvoorwaarden ten aanzien van hygiëne te volgen voor het inbrengen en vervangen van sondes, hanteren van sonde voor toediening van voeding, wordt het risico op infecties en andere medische complicaties beperkt.

Onderbouwing

Op de afdeling neonatologie is het gebruik van voedingssondes een veelvoorkomende methode om pasgeborenen van voeding te voorzien, vooral wanneer zij niet zelfstandig kunnen drinken. Omdat pasgeborenen zeer kwetsbaar zijn voor infecties, is het van groot belang dat er strikte hygiënemaatregelen worden gevolgd bij het inbrengen en onderhouden van de voedingssonde. 

 

Deze module richt zich specifiek op de hygiënische randvoorwaarden voor het bereiden, inbrengen en onderhouden van de voedingssonde en het toedienen van sondevoeding, met als doel om bacteriële contaminatie te minimaliseren. Voor aanbevelingen met betrekking tot overige werkzaamheden rondom het inbrengen van een voedingssonde wordt verwezen naar de richtlijn neusmaagsonde.

 

Waar in deze module wordt gesproken over een neusmaagsonde, zijn de beschreven randvoorwaarden eveneens van toepassing op orogastrische sondes en neus-duodenumsonde.

The WIP-guideline ‘Sondevoeding op de afdeling neonatologie’ was examined in order to answer the clinical question. No systematic literature analysis was performed for this clinical question. 

  1. Parker LA, Magalhães M, Desorcy-Scherer K, Torrez Lamberti M, Lorca GL, Neu J. Neonatal Feeding Tube Colonization and the Potential Effect on Infant Health: A Review. Front Nutr. 2022 Feb 24;9:775014. doi: 10.3389/fnut.2022.775014. PMID: 35284460; PMCID: PMC8908000.

Beoordelingsdatum en geldigheid

Publicatiedatum  : 22-10-2026

Beoordeeld op geldigheid  : 22-10-2026

Initiatief en autorisatie

Initiatief:
  • Samenwerkingsverband Richtlijnen Infectiepreventie
Geautoriseerd door:
  • Crohn & Colitis NL
  • Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde
  • Nederlandse Vereniging van Maag-Darm-Leverartsen
  • Nederlandse Vereniging voor Medische Microbiologie
  • Verpleegkundigen en Verzorgenden Nederland
  • Vereniging voor Hygiëne en Infectiepreventie in de Gezondheidszorg

Algemene gegevens

De ontwikkeling/herziening van deze richtlijnmodule werd ondersteund door het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten en werd gefinancierd door het ministerie van VWS. De financier heeft geen enkele invloed gehad op de inhoud van de richtlijnmodule.

Samenstelling werkgroep

Werkgroep

  • Dr. I.A.M. Gisbertz, MDL-arts, Nederlandse Vereniging van Maag-Darm-Leverartsen (NVMDL)
  • Ing. E. de Bruijne, deskundige infectiepreventie, Vereniging voor Hygiëne & Infectiepreventie in de Gezondheidszorg (VHIG)
  • Prof. dr. A. Voss, arts-microbioloog, Nederlandse Vereniging voor Medische Microbiologie (NVMM)
  • Drs. L. van Duijvenbode – den Dekker, IC-verpleegkundige, Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland (V&VN)
  • Drs. J.G. de Roest, kinderarts-neonatoloog, Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK)
  • J. Scheerhoorn-Pullen, ervaringsdeskundige, Crohn & Colitis NL
  • Drs. M.P. Scherpenzeel, directeur patiëntenorganisatie, Crohn & Colitis NL

Klankbordgroep

  • W. Frank, diëtist, Nederlandse Vereniging van Diëtisten (NVD)
  • E. Veldkamp-Van der Meer, diëtist, Nederlandse Vereniging van Diëtisten (NVD)

Met ondersteuning van

  • I. van Dusseldorp, literatuurspecialist, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
  • Dr. H. Graveland, senior adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten 
  • Dr. A.J. Versteeg, senior adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten

Belangenverklaringen

De Code ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling is gevolgd. Alle werkgroepleden hebben schriftelijk verklaard of zij in de laatste drie jaar directe financiële belangen (betrekking bij een commercieel bedrijf, persoonlijke financiële belangen, onderzoeksfinanciering) of indirecte belangen (persoonlijke relaties, reputatiemanagement) hebben gehad. Gedurende de ontwikkeling of herziening van een module worden wijzigingen in belangen aan de voorzitter doorgegeven. De belangenverklaring wordt opnieuw bevestigd tijdens de commentaarfase. 

 

Een overzicht van de belangen van werkgroepleden en het oordeel over het omgaan met eventuele belangen vindt u in onderstaande tabel. De ondertekende belangenverklaringen zijn op te vragen bij het secretariaat van het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten.

Achternaam werkgroeplid

Hoofdfunctie

Nevenwerkzaamheden

Persoonlijke financiële belangen

Persoonlijke relaties

Extern gefinancierd onderzoek

Intellectuele belangen en reputatie

Overige belangen

Getekend op

Actie

* Voorzitter werkgroep aangeven

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ellanie de Bruijne

Deskundig Infectiepreventie
Stichting Omring

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

07-10-2024

geen restrictie

Jorien de Roest

Kinderarts-neonatoloog, Maxima Medisch centrum Veldhoven

nvt

nvt

Nee

nvt

Nee

Nee

09-10-2024

geen restrictie

Jamy Scheerhoorn-Pullen

Onbetaalde functies: 
Bestuurder NVLE Fonds
Lid Adviesraad ARCH

Verder geen betaalde functie of andere bestuurlijke fucnties

nvt

nvt

nvt

Als ervaringsdeskundige ben ik betrokken bij diverse lopende onderzoeken, maar daar heb ik geen financiële belangen bij. 

Geen baat bij uitkomst van de richtlijn. Geen intellectueel eigenddom bij gewin of erkenning. 

Er zijn geen belangen bij die mij of de organisatie in verlegenheid zou kunnen brengen. 

10-10-2024

geen restrictie

Menne Scherpenzeel

Directeur Crohn & Colitis NL (36 uur) 
Blauwe Noordzee, partner/adviseur (8 uur)

Voorzitter adviescomissie Fonds Gehandicaptensport - onbezoldigd
Lid van de commissie KIDZ (kwaliteitsgelden patiëntenorganisatie) - bezoldigd, inkomsten komen ten goede aan Crohn & Colitis NL
Lid van twee patientoverstijgende adviesraden Pfizer en Janssen - vacatiegeld, gelden komen ten goede aan Crohn & Colitis NL. 

Geen persoonlijke financiële belangen

Nee

Divers onderzoek (ZonMW, MLDS), Inbrengen van patiëntenperspectief, geen projectleider

Geen sprake van

 

17-10-2024

Restrictie t.a.v. besluitvorming met betrekking tot producten van Pfizer en Janssen.

Lea van Duijvenbode - Den Dekker

IC verpleegkundige Amphia
Gezondheidswetenschapper
Docent Erasmus MC academie

Bestuurslid V&VN-IC
Lid commissie NKIC
Lid CSV
Lid werkgroep leidraad organisatie intensive care
BLS-instructeur

Geen

nee

nvt

nee

nvt

17-10-2024

geen restrictie

Ingrid Gisbertz

Maag Darm Leverarts Bernhoven

Scriptiebegeleider 1 student per jaar HAN physician assistant opleiding, 20 uur per jaar, betaald
Voorzitter Nederlands Voedingsteam Overleg, onbetaald.
Bestuurslid NESPEN, onbetaald.
Lid voedingscommissie NVMDL, onbetaald.

Geen

Geen

Onderzoek naar nieuw geneesmiddel bij niet alcoholische steatohepatitis, geen projectleider.
Onderzoek naar nieuwe geneesmiddelen voor IBD, geen projectleider. 

Ik heb geen intellectueel eigendom
Ik heb geen relatie met markt.
Ik heb geen boegbeeldfunctie bij patiëntorganisatie.
Ik ben wel lid van voedingscommissie NVMDL - in dat kader kan ik de huidige opgedane kennis over deze richtlijn overbrengen aan collega MDL artsen.

nee

28-10-2024

geen restrictie

Andreas Voss

Arts-microbioloog, Afdelingshoofd Medische Microbiologie en Infectiepreventie, UMCG
Hoogleraar infectiepreventie, RUG

Bestuurslid EUCIC (onbetaald)
Voorzitter BO SRI
(betaald)

Geen

Geen

SPOWAR (Interreg)
CAUTION
(ZonMW)

Geen

Geen

15-04-2025

geen restrictie

Klankbordgroep

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Willeke Frank

Diëtist in Gelre Ziekenhuizen Apeldoorn


Bestuur Nederlandsvoedingteam overleg
lid Nederlands dietistenvereniging NVD
deelnemer platform MDL-diëtisten Nederland
deelnemer kinderdietisten Nederland werkgroep IBD

Geen betaalde nevenwerkzaamheden

Er is op geen een manier mogelijk dat ik financieel af ander belang heb met de uitkomst van het verniewde advies, richtlijn WIP sondevoeding

geen

geen

geen

geen

30-01-2025

geen restrictie

Esmeralda Veldkamp

(Kinder) diëtist in Flevoziekenhuis en kinderpoli (kinderkliniek)

Netwerk Kinderdiëtiek (bestuurslid)(onbetaald)

Geen

geen

geen

geen

geen

14-02-2025

geen restrictie

 

Inbreng patiëntenperspectief

Er werd aandacht besteed aan het patiëntenperspectief door uitnodigen van Patiëntfederatie Nederland (PFNL) voor de invitational conference. De verkregen input is meegenomen bij het opstellen van de uitgangsvragen, de keuze voor de uitkomstmaten en bij het opstellen van de overwegingen. De conceptrichtlijn is tevens voor commentaar voorgelegd aan PFNL en de eventueel aangeleverde commentaren zijn bekeken en verwerkt.

 

Wkkgz & Kwalitatieve raming van mogelijke substantiële financiële gevolgen

Bij de richtlijn is conform de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) een kwalitatieve raming uitgevoerd of de aanbevelingen mogelijk leiden tot substantiële financiële gevolgen. Bij het uitvoeren van deze beoordeling zijn richtlijnmodules op verschillende domeinen getoetst (zie het stroomschema op de Richtlijnendatabase). 

 

Uit de kwalitatieve raming blijkt dat er waarschijnlijk geen substantiële financiële gevolgen zijn, zie onderstaande tabel.

Module

Uitkomst raming

Toelichting

Sondevoeding op de afdeling Neonatologie

Geen financiële gevolgen

Hoewel uit de toetsing volgt dat de aanbeveling(en) breed toepasbaar zijn (5.000-40.000 patiënten), volgt ook uit de toetsing dat het overgrote deel (±90%) van de zorgaanbieders en zorgverleners al aan de norm voldoet. Er worden daarom geen substantiële financiële gevolgen verwacht. 

 

Werkwijze

Voor meer details over de gebruikte richtlijnmethodologie verwijzen wij u naar de Werkwijze. Relevante informatie voor de ontwikkeling/herziening van deze richtlijnmodule is hieronder weergegeven.