Psoriasis en dieet
Uitgangsvraag
Wat is de plaats van verschillende diëten (laagcalorisch, intermitterend vasten, ketogeen, nachtschadevrij dieet, mediterrane dieet) in de behandeling van patiënten met psoriasis?
Aanbeveling
Bespreek, bij patiënten met vragen over dieet, dat er op dit moment onvoldoende bewijs is dat een laagcalorisch dieet, ketogeen dieet, nachtschadevrij dieet of intermitterend vasten, invloed heeft op de ziekteactiviteit.
Overweeg, bij patiënten met belangstelling voor dieet, een verwijzing naar een gespecialiseerd zorgprofessional voor begeleiding bij een anti-inflammatoir dieet (bijvoorbeeld het mediterraan dieet), als aanvulling op de standaardbehandeling.
Overwegingen
Kwaliteit van het bewijs
Op basis van de GRADE-beoordeling wordt de kwaliteit van het beschikbare bewijs voor het laagcalorische dieet beschouwd als ‘laag’ tot ‘zeer laag’. Door de verschillen tussen de dieetinterventies kon er geen meta-analyse worden uitgevoerd. Daardoor is het niet mogelijk om tot een hoger niveau van bewijskracht te komen. Daarnaast is er afgewaardeerd vanwege de onvermijdbare beperkingen in de studie-opzet zoals blindering maar ook het hoge percentage uitval van patiënten binnen de studies. De geïncludeerde patiëntpopulatie bestond bij alle studies naar het laagcalorische dieet uit patiënten met overgewicht of obesitas. Er werden geen studies gevonden naar intermitterend vasten, het ketogeen dieet of het nachtschade-vrije dieet die voldeden aan de inclusiecriteria. Er werden twee case-control studies gevonden over het mediterrane dieet bij psoriasis. De aanbevelingen worden ondersteund door patiëntervaringen en de klinische praktijkervaring van de werkgroep. Deze aspecten worden hieronder beschreven.
Balans van gewenste en ongewenste effecten en professioneel perspectief
Specifieke diëten kunnen verschillende nadelen met zich meebrengen. Strikte restrictieve of eliminatiediëten kunnen leiden tot tekorten aan nutriënten, wat gezondheidsklachten kan veroorzaken. Bovendien vergen deze diëten vaak veel tijd en moeite van de patiënt, en kunnen ze extra kosten met zich meebrengen door de aanschaf van vervangende voedingsmiddelen. Daarnaast kunnen aanpassingen van het voedingspatroon een negatieve invloed hebben op het milieu, bijvoorbeeld wanneer bij een ketogeen dieet de vleesconsumptie toeneemt.
Gezien het ontbreken van grote, goed uitgevoerde vergelijkende onderzoeken naar de effecten van restrictieve diëten zoals het ketogeen dieet, nachtschade-vrije dieet en intermitterend vasten bij patiënten met psoriasis, gecombineerd met de mogelijke nadelen hiervan, kan de werkgroep deze specifieke restrictieve dieetvormen niet aanbevelen als behandeloptie bij psoriasis. In de literatuur zijn aanwijzingen gevonden dat een restrictief laagcalorisch dieet op de korte termijn een positief effect kan hebben op de ernst van psoriasis en de kwaliteit van leven bij patiënten met overgewicht of obesitas (Ko, 2019). Desondanks is de werkgroep terughoudend om een strikt laagcalorisch dieet te adviseren gezien de eerdergenoemde nadelen en de lage kwaliteit van dit bewijs.
De ervaring van de werkgroep is dat er in de praktijk in individuele gevallen een positief effect op de psoriasis te zien is bij het volgen van een dieet, met name als dit tevens leidt tot gewichtsreductie bij patiënten met overgewicht of obesitas. Voor meer informatie zie de Richtlijn overgewicht en obesitas bij volwassenen en kinderen. Het verminderen van overgewicht kan daarnaast het risico op de ontwikkeling van met psoriasis geassocieerde comorbiditeiten verkleinen. Met name een gecombineerde leefstijlinterventie (GLI: dieet en beweging) lijkt zowel de BMI als de ernst van de psoriasis te kunnen verbeteren (Ko, 2019). In plaats van het enkel volgen van een strikt laagcalorisch dieet meent de werkgroep, net als de experts van de Amerikaanse richtlijnen voor psoriasis, dat het belangrijk is om patiënten met psoriasis en obesitas te motiveren om een gezonde leefstijl te volgen. Zo nodig kan hiervoor de hulp worden ingeschakeld van zorgverleners (Elmets, 2019).
Daarnaast worden er positieve resultaten verwacht van voedingspatronen die anti-inflammatoir kunnen werken, zoals het mediterrane dieet (Itsiopoulos, 2022). De werkgroep voegde hierom een voorzichtige aanbeveling toe uit de Engelse richtlijn voor Psoriasis uit 2018 (National Psoriasis foundation (Ford et al., 2018) over een anti-inflammatoir dieet als mogelijke optie in de advisering in de spreekkamer voor patiënten die gemotiveerd zijn om hun dieet aan te passen.
Waarden en voorkeuren van patiënten
Veel patiënten met psoriasis tonen interesse in voeding en dieet als aanvullende strategie om hun ziekte te beïnvloeden. Een dieetinterventie kan door patiënten worden gezien als een manier om zelf invloed uit te oefenen op hun ziekte en meer regie te ervaren, hierbij bestaat een duidelijke behoefte aan betrouwbare informatie over de rol van voeding. Diëten kunnen relatief laagdrempelig worden gestart, zowel zelfstandig als onder begeleiding van een gespecialiseerd zorgverlener. Dit kan echter extra kosten met zich meebrengen voor de patiënt, afhankelijk van verzekeringsdekking en gekozen vorm van begeleiding. Ook kunnen sommige strikte of sterk restrictieve diëten door sommige patiënten als belastend worden ervaren en leiden tot stress.
Patiënten kunnen daarbij de verwachting hebben dat een specifiek dieet een bewezen effectieve behandeling is voor psoriasis, terwijl voedingsinterventies slechts als ondersteunend moeten worden gezien en de oorzaak van psoriasis niet kunnen wegnemen. Het is daarom belangrijk deze verwachtingen actief te bespreken, en duidelijk te maken dat er op dit moment onvoldoende wetenschappelijk bewijs is om één bepaald dieet als standaardbehandeling te adviseren. Patiënten verschillen sterk in hun ervaringen met voeding en dieetinterventies. Tijdens lotgenoten contact (Forum - Psoriasispatiënten Nederland) worden veel individuele ervaringen rondom voedingsinterventies uitgewisseld. Stimuleer daarom het bespreken van deze ervaringen in de spreekkamer. Dit helpt om misverstanden te voorkomen, verwachtingen te verhelderen en adviezen te individualiseren op basis van persoonlijke voorkeuren, motivatie en leefstijl. Dit kan bijdragen aan gezamenlijke besluitvorming en beter afgestemde, persoonsgerichte zorg. Voor patiënten die gemotiveerd zijn om voeding als aanvullende maatregel te onderzoeken, kan verwijzing naar een diëtist zinvol zijn, voornamelijk om het risico op cardiovasculaire en metabole comorbiditeiten te beperken. Patiënten kunnen baat hebben bij betrouwbare, patiëntgerichte informatie en ervaringsverhalen van lotgenoten, zie hiervoor ook Psoriasispatiënten Nederland en Huid Nederland.
Aanvaardbaarheid en haalbaarheid
Het bespreken van voeding in de spreekkamer is goed uitvoerbaar en vereist geen aanvullende middelen of aanpassingen in de organisatie van zorg. Gespreksvoering kan worden ondersteund met technieken zoals motivational interviewing, zodat het gesprek aansluit bij de motivatie en doelen van de patiënt. Voor patiënten die gemotiveerd zijn om voedingsaanpassingen verder te verkennen, kan verwijzing naar een gespecialiseerd zorgverlener worden overwogen.
De aanbeveling wordt door de werkgroep als haalbaar en acceptabel beoordeeld, zowel voor zorgverleners als voor patiënten. De mate waarin patiënten bereid zijn voeding te gebruiken als aanvullende strategie kan echter variëren. Uit Al-Gawahiri (2024) blijkt dat 40% van de patiënten met psoriasis bereid is hun voeding aan te passen. Het is daarom belangrijk om individuele voorkeuren en motivatie te verkennen. Daarbij moet rekening worden gehouden bij voorlichting met persoonsgerichte zorg en de context, waarbij de zorgverlener een overweging dient te maken aangaande de haalbaarheid bij een sterk heterogene populatie met verschillende aspecten, waaronder opleidingsniveau, gezondheidsvaardigheden, sociaal-economische status, digitale vaardigheden. Algemene informatie over gezonde voeding is te vinden op Richtlijnen goede voeding: eiwitbronnen en voedingspatronen 2025 | Gezondheidsraad en het Voedingscentrum.
Rationale van de aanbeveling
De kwaliteit van bewijs over specifieke dieetinterventies en de invloed op het ziektebeloop van psoriasis is laag. Voor een anti-inflammatoir dieet, zoals het mediterrane dieet, is beperkt bewijs beschikbaar, maar de conclusies zijn momenteel onzeker. Patiënten kunnen sterk verschillen in hun ervaringen met dieet. Het is daarom belangrijk om deze ervaringen te bespreken en patiënten te helpen hun verwachtingen te verhelderen. Er is overtuigend bewijs dat een gezond gewicht en een gezond en gevarieerd voedingspatroon kunnen bijdragen aan het verminderen van het risico op comorbiditeiten die vaker voorkomen bij psoriasis. Daarnaast zijn er aanwijzingen dat het bereiken van een gezond gewicht kan bijdragen aan een vermindering van de ziekte-ernst van psoriasis. Zie hiervoor ook de module Leefstijl bij psoriasis.
Onderbouwing
Er zijn patiënten met psoriasis die, door een verandering in hun voedingspatroon, de ernst van psoriasis willen verminderen, zoals door het volgen van een ketogeen dieet of intermitterend vasten. In de dagelijkse praktijk bestaat er echter onduidelijkheid over wat geadviseerd kan worden aan patiënten met psoriasis over het volgen van dergelijke diëten. Er bestaat hierdoor momenteel veel variatie in de adviezen die worden gegeven. Deze module is erop gericht om hier een beter onderbouwd en consistent antwoord op te kunnen geven.
Er zijn diverse comorbiditeiten die frequenter voorkomen bij psoriasis. Bijvoorbeeld, mensen met psoriasis hebben een ongeveer twee- tot drievoudig verhoogd relatief risico op het ontwikkelen van cardiovasculaire gebeurtenissen zoals een hartinfarct of beroerte vergeleken met personen zonder psoriasis. Dit verhoogde risico onderstreept het belang van een gezonde leefstijl om het risico op comorbiditeiten zoveel mogelijk te beperken. Zie hiervoor Module comorbiditeiten van de richtlijn psoriasis.
Er is in deze module onderzocht of het toepassen van specifieke diëten een effect heeft op de ernst van de psoriasis en de kwaliteit van leven van patiënten met psoriasis. Hierbij is gekeken naar vijf dieetvarianten: het laagcalorische dieet, waarbij de calorie-inname aanzienlijk wordt verminderd, het ketogeen dieet, waarbij de nadruk ligt op een hoog vet- en laag koolhydraatgehalte, intermitterend vasten, waarbij periodes van eten worden afgewisseld met vasten, het mediterrane dieet en het nachtschade-vrije dieet, waarbij nachtschadegroenten zoals tomaten, paprika's en aubergines worden vermeden.
Kwaliteit van bewijs
Op basis van de GRADE-beoordeling wordt de kwaliteit van het beschikbare bewijs voor het laagcalorische dieet beschouwd als ‘laag’ tot ‘zeer laag’. Door de verschillen tussen de dieetinterventies kon er geen meta-analyse worden uitgevoerd. Daardoor is het niet mogelijk om tot een hoger niveau van bewijskracht te komen. Daarnaast is er afgewaardeerd vanwege de onvermijdbare beperkingen in de studie-opzet zoals blindering maar ook hoge percentage uitval van patiënten binnen de studies. De geïncludeerde patiëntpopulatie bestond bij alle studies naar het laagcalorische dieet uit patiënten met overgewicht of obesitas. Er werden geen studies gevonden naar intermitterend vasten, het ketogeen dieet of het nachtschade-vrije dieet die voldeden aan de inclusiecriteria. Er werden twee case-control studies gevonden over het mediterrane dieet bij psoriasis.
Tabel 32: GRADE Laagcalorisch dieet vs. geen dieetinterventie bij psoriasis
Literatuur: Al-Mutairi 2014, Del Giglio 2012, Gisondi 2008, Guida 2014, Jensen 2013
|
Certainty assessment |
Samenvatting resultaten |
||||||
|
Aantal deelnemers |
Risk of bias |
Inconsistentie |
Indirect bewijs |
Onnauwkeurigheid |
Publicatie bias |
Overall certainty of evidence |
|
|
Uitkomstmaat: Ernst van psoriasis (follow up: 16 weken; vastgesteld met: PASI verschil ten opzichte van baseline) |
|||||||
|
60 (1 RCT) |
ernstiga |
niet ernstig |
niet ernstig |
ernstigb |
niet gevonden |
⨁⨁◯◯ Laag |
Een laagcalorisch dieet zou de PASI-score enigszins kunnen verbeteren bij patiënten met psoriasis. MD -2, 95% BI -3.94 tot -0.06 |
|
Uitkomstmaat: Ernst van psoriasis (follow up: 24 weken; vastgesteld met: PASI verschil ten opzichte van baseline) |
|||||||
|
139 |
ernstigc |
ernstigd |
niet ernstig |
ernstigb |
niet gevonden |
⨁◯◯◯ |
Het is onduidelijk wat het effect is van een laagcalorisch dieet op de PASI-score bij patiënten met psoriasis. |
|
Uitkomstmaat: Reductie van PASI-score met 75% (follow up: 24 weken; vastgesteld met: PASI75) |
|||||||
|
323 (2 RCT’s) |
ernstigfe |
niet ernstig |
niet ernstig |
ernstigf |
niet gevonden |
⨁⨁◯◯ Laag |
Een laagcalorisch dieet zou kunnen resulteren in een reductie van 75% in PASI score bij patiënten met psoriasis. RR 1.66, 95% BI 1.07 tot 2.58. |
|
Uitkomstmaat: Ernst van psoriasis (follow up: 16 weken; vastgesteld met: BSA verschil ten opzichte van baseline) |
|||||||
|
262 (1 RCT) |
ernstigg |
ernstigh |
niet ernstig |
niet ernstig |
niet gevonden |
⨁⨁◯◯ Laag |
Een laagcalorisch dieet zou de BSA-score enigszins kunnen verbeteren. MD -3.71, 95% BI -6.8 tot -0.62. |
|
Uitkomstmaat: Kwaliteit van leven (follow up: 16 weken; vastgesteld met: DLQI verschil ten opzichte van baseline) |
|||||||
|
60 (1 RCT) |
ernstiga |
niet ernstig |
niet ernstig |
ernstigb |
niet gevonden |
⨁⨁◯◯ Laag |
Een laagcalorisch dieet zou de kwaliteit van leven enigszins kunnen verbeteren bij patiënten met psoriasis. MD -2.0, 95% BI -3.6 tot -0.3 |
|
Uitkomstmaat: Kwaliteit van leven (follow up: 24 weken; vastgesteld met: DLQI verschil ten opzichte van baseline) |
|||||||
|
36 (1 RCT) |
ernstigi |
niet ernstig |
niet ernstig |
ernstigb |
niet gevonden |
⨁⨁◯◯ Laag |
Een laagcalorisch dieet zou kunnen resulteren in een grote verbetering van de kwaliteit van leven bij patiënten met psoriasis. MD -12.80, 95% BI -14.45 tot -11.15. |
Tabel 33: GRADE Mediterrane dieet bij psoriasis
Literatuur: Aryanian, 2024, Barrea 2015
|
Certainty assessment |
Samenvatting resultaten |
||||||
|
Aantal deelnemers |
Risk of bias |
Inconsistentie |
Indirect bewijs |
Onnauwkeurigheid |
Publicatie bias |
Overall certainty of evidence |
|
|
Uitkomstmaat: mediterrane dieetadherentie (PREDIMED-score) |
|||||||
|
142 (observationeel, case control) |
ernstiga |
niet ernstig |
niet ernstig |
ernstigb |
niet gevonden |
⨁◯◯◯ |
Mensen met psoriasis hadden gemiddeld een significant slechtere therapietrouwscore van het mediterrane dieet (5,25 ± 1,64) ten opzichte van de gezonde controlegroep (6,28 ± 2,10). Er werd geen correlatie gevonden tussen de therapietrouw en de ernst van psoriasis |
|
Uitkomstmaat: mediterrane dieetadherentie |
|||||||
|
124 (observationeel, cross-sectioneel) |
ernstiga |
niet ernstig |
niet ernstig |
ernstigb |
niet gevonden |
⨁◯◯◯ |
Mensen met psoriasis hadden gemiddeld een lagere therapietrouwscore, ten opzichte van de gezonde controle groep (30,6% en 4,8%, respectievelijk; P < 0,001).
|
Legenda
a. Er zijn meerdere beperkingen in de studie, zoals het niet blinderen van patiënten en uitkomstbeoordelaar.
b. Klein aantal geïncludeerde patiënten.
c. Er zijn meerdere beperkingen in de studies, zoals onvoldoende informatie over het blinderen van de toewijzing aan de interventie, geen blindering van patiënten en hoge loss to follow-up.
d. Er is sprake van aanzienlijke heterogeniteit (I^2= 81.88%, p=0), mogelijk op basis van klinische heterogeniteit op basis van verschillen in dieetinterventie.
e. Er zijn meerdere beperkingen in de studies, zoals onduidelijkheid over juist allocatie en blindering van patiënten en een hoge loss to follow-up bij Gisondi et al (2008).
f. Betrouwbaarheidsinterval doorkruist zowel triviaal verschil als belangrijk positief effect.
g. Er zijn meerdere beperkingen in de studies, zoals onduidelijkheid over allocatie en blindering van patiënten en beoordelaars bij Al-Mutairi (2014) en een hoge loss to follow-up met name in de controlegroep vanwege tegenvallende therapeutische resultaten bij Gisondi (2008).
h. Afgewaardeerd vanwege heterogeniteit in het presenteren van de uitkomstmaat: verschil in BSA ten opzichte van baseline en eindpunt BSA.
i. Er zijn meerdere beperkingen in de studie, zoals het niet blinderen van patiënten en een hoge loss to follow-up
Er werden in totaal 66 studies geïncludeerd op basis van beoordeling van titel en abstract. Uiteindelijk zijn er na full text screening 58 studies geëxcludeerd. Specifieke redenen voor exclusie zijn beschreven in bijlage 3.
De zoekactie identificeerde in totaal één Cochrane systematische review met daarin vijf relevante RCT’s (Ko 2019, Al-Mutairi 2014, Del Giglio 2012, Gisondi 2008, Guida 2014, Jensen 2013). De systematische review van Ko et al. (2019) beschreef laag-calorische diëten. Er werden geen studies gevonden naar intermitterend vasten, het ketogeen dieet of het nachtschade-vrije dieet die voldeden aan de inclusiecriteria. Er werden twee case-control studies gevonden over het mediterrane dieet bij psoriasis (Barrea, 2015 en Aryanian, 2024).
Laagcalorisch dieet vs. geen dieetinterventie
Beschrijving van de studies en resultaten
De Cochrane-review van Ko et al. (2019) evalueerde het effect van leefstijlveranderingen, met name dieetinterventies, op het management van psoriasis. Vijf RCT’s in de systematische review van Ko (2019) onderzochten het effect van een laagcalorisch dieet bij in totaal 469 patiënten met psoriasis (Al-Mutairi, 2014; Del Giglio, 2012; Gisondi, 2008; Guida, 2014; Jensen, 2013). Bij alle studies werden enkel patiënten met overwicht dan wel obesitas geïncludeerd (BMI>25 kg/m2).
Bij twee studies bestond het laagcalorische dieet uit 500 kcal onder het energieverbruik in rust (Del Giglio 2012 en Gisondi 2008). Andere dieetinterventies varieerden, namelijk een dieet met ≤1000 kcal per dag (Al-Mutairi 2014), 20kcal/kg/dag (Guida 2014) en een dieet bestaande uit 800 tot 1200 kcal/dag (Jensen 2013). De patiëntgroep bestond bij alle studies uit patiënten met obesitas (BMI ≥30 kg/m2) en plaque psoriasis. Bij Del Giglio et al. werden patiënten geïncludeerd die sinds minstens 12 weken een afname in PASI-score van 75% hadden bereikt onder het gebruik van methotrexaat. Bij start van de dieetinterventie werd methotrexaat gestaakt. Al-Mutairi et al. includeerden patiënten die behandeld werden met biologicals. Guida et al. includeerden patiënten onder behandeling met immunosuppressieve therapie (adalimumab, infliximab, etanercept, ciclosporine, methotrexaat). Gisondi et al. vergeleken het effect van ciclosporine met een laag-calorisch dieet met enkel behandeling met ciclosprine. Jensen et al. vergeleken een interventiegroep met een laag-calorisch dieet en tweewekelijks een groepssessie met een diëtist met een controlegroep die eveneens tweewekelijkse groepssessies met een diëtist volgde maar werden geïnstrueerd om gebruikelijke voeding te eten volgens de nationale richtlijnen voor een gezond dieet.
Bij drie studies betreft de follow-up 24 weken (Del Giglio 2012, Gisondi 2008 en Guida 2014). Jensen et al. (2013) hanteren een follow-up van 16 weken.
Risk of bias
De systematische review van Ko (2019) had een duidelijke onderzoeksvraag en PICO en deed een uitgebreide systematische zoekactie. Tevens was er een lijst met geëxcludeerde artikelen en redenen van exclusie beschikbaar. Karakteristieken van de geïncludeerde studies werden adequaat beschreven en de kwaliteit van de studies werd systematisch beoordeeld door twee onderzoekers, waarbij er in de primaire studies beperkingen werden gevonden t.a.v. blinderen van patiënten en beoordelaars en incomplete uitkomstdata. De studie heeft geen funnel plots gebruikt om publicatie bias te detecteren vanwege de kleine hoeveelheid geïncludeerde studies.
Bij vier RCT’s was er sprake van adequate randomisatie (Del Giglio 2012, Gisondi 2008, Guida 2014, Jensen 2013), bij één studie werd de manier van randomisatie en allocatie niet beschreven (Al-Mutairi 2014). Bij drie studies werd de allocatie niet beschreven (Al-Mutairi 2014, Del Giglio 2012, Gisondi 2008). Door de aard van de interventie was bij geen van de studies blinderen van patiënten mogelijk. Bij de studie van Al-Mutairi (2014) was niet duidelijk of de beoordelaar van de uitkomsten geblindeerd was, in alle overige RCT’s was dit wel het geval. Bij twee studies was er een hoog risico op attrition bias vanwege een hoge loss to follow-up met verschil tussen interventie- en controlegroep (Gisondi 2008, Guida 2014). Al-Mutairi (2014) verwezen niet naar een studieprotocol waardoor niet beoordeeld kon worden of er sprake is van selectief rapporteren van uitkomsten.
De complete risk of bias analyse is te vinden onder tabblad Evidence tabellen.
Beschrijving van de resultaten
1. Ernst van de psoriasis (PASI, PASI75, BSA)
De systematische review van Ko et al. (2019) voerde een meta-analyse uit naar het verschil in PASI ten opzichte van baseline uitgesplitst naar een follow-upduur van 16 en 24 weken. Bij drie studies met in totaal 139 patiënten met een follow-up van 24 weken werd een gemiddeld verschil van -3,71 (95%BI -6,8 tot -0,62) beschreven ten opzichte van baseline (Del Giglio, 2012; Gisondi, 2008; Guida, 2004). Bij één studie met een follow-up duur van 16 weken werd een gemiddeld verschil ten opzichte van baseline van -2 gevonden (95%BI -3,94 tot -0,06).
Ko et al. (2019) voerden ook een meta-analyse uit bij twee studies op de uitkomstmaat PASI75 na 24 weken (Gisandi, 2008; Al-Mutairi, 2014). Bij de in totaal 323 patiënten werd gevonden dat de interventiegroep 1,66 keer meer kans had om een 75% reductie in hun PASI-score te behalen vergeleken met de controlegroep (RR 1,66; 95% BI 1,07 tot 2,58).
Twee studies rapporteerden eveneens de BSA na 24 weken, waarbij Al-Mutairi et al. (2014) een gemiddeld verschil vonden van -4,86% ten opzichte van baseline (95%BI (6,27 tot -3,45). Gisondi et al. (2008) vonden een gemiddeld verschil van -4.60% in het voordeel van de dieetgroep (95% CI -6,94 tot -2,26).
2. Kwaliteit van leven (DLQI)
Twee studies rapporteerden de kwaliteit van leven middels de DLQI (Guida, 2014; Jensen, 2013) Guida et al. rapporteerden een significant gemiddeld verschil in DLQI-score na 6 maanden in het voordeel van de dieetgroep (-12,80; 95%BI -14,45 tot -11,15). Jensen et al. rapporteerden een significant verschil in gemiddelde afname van DLQI-score van -2,0 (95% BI -3,6 tot -0,3), p=0,02 na 16 weken.
3. Bijwerkingen
De studie van Jensen et al. beschreef enkel in de interventiegroep milde bijwerkingen, waarbij één patiënt hongerklachten had (1/30, 3,33%), 5 patiënten een milde hoofdpijn (5/30, 16,67%), 15 toegenomen vermoeidheidsklachten (15/30, 50%), 2 constipatie (2/30, 6,67%), 14 duizeligheidsklachten of licht in het hoofd (14/30, 46,67%) en 14 patiënten toegenomen koudegevoeligheid (14/30, 46,67%). Eén patiënt kreeg een hypokaliëmie na inname van grote hoeveelheid suikervrije drop, welke normaliseerde na het staken van de dropinname. Er waren onvoldoende gegevens beschreven om een verdere analyse op de bijwerkingen uit te voeren.
Mediterrane dieet vs. geen dieetinterventie
Beschrijving van de studies en resultaten
Er werden twee case-control studies gevonden waarin werd gekeken in welke mate gezonde mensen en mensen met psoriasis een mediterrane dieet volgden (Barrea, 2015 en Aryanian, 2024).
De studie (Barrea, 2015) observeerde in 124 mensen de therapietrouw aan het mediteriaanse dieet via vragenlijsten. Zij zagen dat mensen met psoriasis gemiddeld een lagere therapietrouwscore hadden, ten opzichte van de gezonde controlegroep (30,6% en 4,8%, respectievelijk; P < 0,001). Verder werd een negatieve correlatie gevonden tussen olijfolieconsumptie en PASI-score (p < 0,001) en tussen visconsumptie en CRP-niveaus (p = 0,005), wat suggereert dat deze voedingsmiddelen een beschermende rol kunnen spelen.
Een andere case-control studie (Aryanian, 2024) deed onderzoek bij 142 mensen en vond een vergelijkbare trend. Zij zagen dat mensen met psoriasis een significant slechtere therapietrouwscore van het mediterrane dieet hadden (5,25 ± 1,64) ten opzichte van de gezonde controlegroep (6,28 ± 2,10). Daarnaast werd er gekeken of een correlatie werd gevonden tussen de therapietrouw en de ernst van psoriasis, deze werd niet gevonden.
Om de uitgangsvraag te beantwoorden is een systematische literatuuranalyse uitgevoerd. Voor dit onderzoek is de volgende PICO opgesteld:
Wat zijn de voor-/nadelen van dieetinterventies (laagcalorisch, intermitterend vasten, ketogeen, nachtschade dieet, mediterrane dieet) versus geen interventie bij mensen met psoriasis op ziekteactiviteit, kwaliteit van leven en bijwerkingen?
| P: | Mensen met een vorm van huidpsoriasis (alle leeftijden) |
| I: |
|
| C: | Geen veranderingen in dieet/normaal dieet |
| O: | Zie onderstaand |
De werkgroep definieerde de uitkomstmaten als volgt en hanteerde de in de studies gebruikte definities.
Primair (cruciaal):
- Ernst psoriasis op korte en lange termijn: Psoriasis Area and Severity Index (PASI) en Body Surface Area (BSA)
Secundair (belangrijk):
- Kwaliteit van leven: Dermatology Life Quality Index (DLQI)
- Bijwerkingen
Er werd een systematische zoekstrategie uitgevoerd in de elektronische databases Embase en Medline. De zoekstrategie is toegevoegd in bijlage 2. Studies werden geïncludeerd wanneer deze overeenkwamen met de elementen van de PICO en aan de volgende in- en exclusiecriteria voldeden:
Inclusie:
- Vergelijkend onderzoek (RCT, CCT, SR (RCT of CCT)) of vergelijkend observationeel onderzoek
- Uitsluitend Nederlandstalige en Engelstalige publicaties
Exclusie:
- Artritis psoriatica zonder huidpsoriasis
- Patiëntaantal n<25
- Al-Mutairi, N., & Nour, T. (2014). The effect of weight reduction on treatment outcomes in obese patients with psoriasis on biologic therapy: a randomized controlled prospective trial. Expert opinion on biological therapy, 14(6), 749–756. https://doi.org/10.1517/14712598.2014.900541
- Al-Gawahiri, M., van den Reek, J. M. P. A., van Acht, M. R., Evers, A. W. M., de Jong, E. M. G. J., & Seyger, M. M. B. (2024). The lifestyle of psoriasis patients and their motivation to change. Journal of the European Academy of Dermatology and Venereology : JEADV, 38(10), e836–e841. https://doi.org/10.1111/jdv.19923
- Aryanian Z, Asghari M, Zanousi PP, Ghadimi R, Kebria AS, Hatami P. Adherence to the Mediterranean diet in patients with psoriasis and its relationship with the severity of the disease: A case-control study. Health Sci Rep. 2024 Sep 18;7(9):e70049. doi: 10.1002/hsr2.70049. PMID: 39301114; PMCID: PMC11410676.
- Barrea L, Balato N, Di Somma C, Macchia PE, Napolitano M, Savanelli MC, Esposito K, Colao A, Savastano S. Nutrition and psoriasis: is there any association between the severity of the disease and adherence to the Mediterranean diet? J Transl Med. 2015 Jan 27;13:18. doi: 10.1186/s12967-014-0372-1. PMID: 25622660; PMCID: PMC4316654.
- Elmets CA, Leonardi CL, Davis DMR, Gelfland JM, Licheten J, Mehta NN, Armstrong AW, Connor C, Cordoro KM, Elwski BE, Gordon KB, Gottlieb AB, Kaplan DH, Kavanugh A, Kivelevitch D, Kiselica M, Koman NJ, Kroshinsky D, Lebwohl M, Lim HW, Paller AS, Parro SL, Pathy AL., Prater EF, Rupani R, Siegel M, Stoff B, Strobre BE, Wong EB, Wu JJ, Hariharan V, Menter A. (2019). Joint AAD-NPF guidelines of care for the management of psoriasis with awareness and attention to comorbidities. Journal of the American Academy of Dermatology;80(4): 1073-1113. https://doi.org/10.1016/j.jaad.2020.07.087
- Ford AR, Siegel M, Bagel J, et al. (2018) Dietary recommendations for adults with psoriasis or psoriatic arthritis form the medical board of the national psoriasis foundation: a systematic review. JAMA Dermatol.154 (8): 934-950. https://doi.org/10.1001/jamadermatol.2018.1412
- Gisondi, P., Del Giglio, M., Di Francesco, V., Zamboni, M., & Girolomoni, G. (2008). Weight loss improves the response of obese patients with moderate-to-severe chronic plaque psoriasis to low-dose cyclosporine therapy: a randomized, controlled, investigator-blinded clinical trial. The American journal of clinical nutrition, 88(5), 1242–1247. https://doi.org/10.3945/ajcn.2008.26427
- Guida, B., Napoleone, A., Trio, R., Nastasi, A., Balato, N., Laccetti, R., & Cataldi, M. (2014). Energy-restricted, n-3 polyunsaturated fatty acids-rich diet improves the clinical response to immuno-modulating drugs in obese patients with plaque-type psoriasis: a randomized control clinical trial. Clinical nutrition (Edinburgh, Scotland), 33(3), 399–405. https://doi.org/10.1016/j.clnu.2013.09.010
- Itsiopoulos C, Mayr HL, Thomas CJ. The anti-inflammatory effects of a Mediterranean diet: a review. Curr Opin Clin Nutr Metab Care. 2022 Nov 1;25(6):415-422. doi: 10.1097/MCO.0000000000000872. Epub 2022 Aug 30. PMID: 36039924.
- Jensen, P., Zachariae, C., Christensen, R., Geiker, N. R., Schaadt, B. K., Stender, S., Hansen, P. R., Astrup, A., & Skov, L. (2013). Effect of weight loss on the severity of psoriasis: a randomized clinical study. JAMA dermatology, 149(7), 795–801. https://doi.org/10.1001/jamadermatol.2013.722
- Ko, S. H., Chi, C. C., Yeh, M. L., Wang, S. H., Tsai, Y. S., & Hsu, M. Y. (2019). Lifestyle changes for treating psoriasis. The Cochrane database of systematic reviews, 7(7), CD011972. https://doi.org/10.1002/14651858.CD011972.pub2
Tabel 21: Risk of bias SR psoriasis en dieet
Beoordeling risk of bias door middel van AMSTAR.
|
Study reference
(first author, publication year) |
Appropriate and clearly focused question? 1
Yes/no |
Comprehensive and systematic literature search?2
Yes/partial yes/ no |
Description of included and excluded studies?3
Yes/partial yes/ no |
Description of relevant characteristics of included studies?4
Yes/partial yes/no |
Assessment of scientific quality of included studies?5
Yes/partial yes/no |
Enough similarities between studies to make combining them reasonable?6
Yes/partial yes/ no |
Potential risk of publication bias taken into account?7
Yes/partial yes/ no |
Potential conflicts of interest reported?8
Yes/partial yes/ no |
|
Ko 2019 |
Yes |
Yes |
Yes |
Yes |
Yes |
No |
Partial yes. The authors planned to use a funnel plot to examine the presence of publication bias, but did not do so due to the low number of included trials that provided useable data. |
Yes |
Tabel 22: Risk of bias RCT psoriasis en dieet
Beoordeling risk of bias door middel van Cochrane collaboration tool.
|
Study reference
(first author, publication year) |
Describe method of randomisation1 |
Random sequence generation (selection bias)2
(high/unclear/low risk) |
Allocation concealment (selection bias)3
(high/unclear/low risk) |
Blinding of participants and personnel (performance bias)4,6 All outcomes
(high/unclear/low risk) |
Blinding of outcome assessor (detection bias)5,6 All outcomes
(high/unclear/low risk) |
Incomplete outcome data (attrition bias)7 All outcomes
(high/unclear/low risk) |
Selective reporting (reporting bias)8
(high/unclear/low risk) |
Other bias9
(high/unclear/low risk) |
|
Al-Mutairi, 2014 |
Quote: “They were randomized in 1:1 ratio into two groups.” |
Unclear. Insufficient information about the sequence generation process. |
Unclear. Insufficient information about the method of concealment. |
Unclear. The study did not address blinding of participants and personnel. |
Unclear. The study did not address blinding of outcome assessor. |
Low risk. No missing outcome data. |
Unclear. Study protocol is not available. |
Unclear. Insufficient information to assess other risks of bias. |
|
Del Giglio, 2012 |
Quote: “Randomization was performed with the use of computer-generated random numbers and block size of 4 subjects.” |
Low risk. |
Unclear. Insufficient information about the method of concealment |
High risk. Due to the study design blinding of patients was not possible. Not mentioned whether investigators were blinded. |
Low risk. The dermatologist who performed the PASI scoring was unaware of the randomization assignment. |
Low risk. No missing outcome data. |
Low risk. Protocol available. All outcomes in protocol were reported.
|
Unclear. Insufficient information to assess other risks of bias. |
|
Gisondi 2008 |
Quote: “Randomization was performed with the use of computer-generated random numbers and block size of 4 patients.” |
Low risk. |
Unclear. Insufficient information about the method of concealment |
High risk. Investigators were blinded. However due to the study design blinding of patients was not possible. |
Low risk. The dermatologist who performed the PASI scoring was unaware of the randomization assignment. |
High risk. 24 weeks: 4/30 missing from intervention group (side effects cyclosporine); 14/31 missing from control group (10 because of unsatisfactory therapeutic results). |
Low risk. Protocol available. All outcomes in protocol were reported.
|
Unclear. Insufficient information to assess other risks of bias. |
|
Guida 2014 |
Quote: “simple randomization with a 1:1 allocation ratio using the chit pick box method. Briefly, 22 chits labeled "group-A" and 22 chits labeled "group-B" were put into a single box. Whenever patient was selected for study, a chit was picked from the box, and whatever chit was picked, the patient was assigned to that group." |
Low risk. |
Low risk. |
High risk. Due to the study design, blinding of patients was not possible. |
Low risk. The dermatologists who evaluated the PASI scores were blinded to the treatment. |
High risk. High attrition rate. Four participants (18.2%) per group dropped out. All with reason of poor compliance to the drug therapy. |
Low risk. Protocol available. All outcomes in protocol were reported.
|
Unclear. Insufficient information to assess other risks of bias. |
|
Jensen 2013 |
Quote: “The 60 participants […] were randomized in a 1:1 ratio […]. To compensate for seasonal variations in sunlight exposure, we divided the patients into 4 pairs of LED and control groups that started the study at 2-month intervals. Randomization was stratified according to sex to ensure an equal distribution into the LED and control groups.” |
Low risk. |
Low risk. Quote: “One of us (P.J.) placed the names of the participating men in sealed opaque envelopes and repeated this procedure for the women. An independent colleague (with P.J. absent) then shuffled and randomly divided the envelopes containing the men’s names into 2 groups and repeated the procedure for the women. Finally, group allocation was decided by coin toss by the independent colleague.” |
High risk. Due to the study design, blinding of patients was not possible. |
High risk. The PASI assessment was performed by the primary investigator, who was unblinded to the dietary arms.
|
Low risk. Similar drop-out rates in both groups. (3/30 missing from intervention group, 4/30 missing from control group. All with reason of lack of motivation. |
Low risk. Protocol available. All outcomes in protocol were reported.
|
Unclear. Insufficient information to assess other risks of bias. |
Tabel 23: Risk of bias OBS psoriasis en dieet
Beoordeling risk of bias door middel van Newcastle-Ottawa scale (NOS).
|
|
Selection |
Comparability |
Outcomes |
|
||||||
|
Studie |
Study design |
Representativeness of the intervention cohort |
Selection of the non intervention cohort |
Ascertainment of intervention
|
Demonstration that outcome of interest was not present at start of study
|
Comparability of cohorts on the basis of the design or analysis
|
Assessment of outcome
|
Was follow up long enough for outcomes to occur
|
Adequacy of follow up of cohorts
|
Explanations |
|
Barrea 2015 |
Case control |
« Somewhat representative |
« |
- |
- |
« |
- |
-
|
« |
Poor quality |
|
Aryanian 2024 |
Case control |
« Somewhat representative |
« |
- |
- |
« Study controls for other factos |
- |
- |
« |
Poor quality |
Tabel 11: Overzicht geëxcludeerde studies psoriasis en dieet
|
Artikel |
Reden van exclusie |
|
Adawi 2019 |
Patiëntgroep komt niet overeen (artritis psoriatica, niet uitgesplitst naar huidbetrokkenheid) |
|
Alma 2020 |
Narratieve review, onvoldoende data primaire studies. Relevante studies geïncludeerd. |
|
Almutairi 2022 |
Niet vergelijkend |
|
Araujo 2009 |
Niet Engels- of Nederlandstalig |
|
Barati 2023 |
Narratieve review, onvoldoende data primaire studies. Relevante studies geïncludeerd. |
|
Barilo 2020 |
Niet Engels- of Nederlandstalig |
|
Barrea 2022 |
Narratieve review, onvoldoende data primaire studies. Relevante studies geïncludeerd. |
|
Basavaraj 2010 |
Onvoldoende gegevens primaire studies |
|
Berna-Rico 2023 |
Interventie komt niet overeen. |
|
Bilberg 2022 |
Patiëntgroep komt niet overeen, artritis psoriatica zonder gespecificeerd huidbetrokkenheid |
|
Castaldo 2016 |
Studie design (case report) |
|
Castaldo 2020 |
Niet vergelijkend |
|
Castaldo 2021 |
Niet vergelijkend |
|
Chung 2022 |
Relevantie primaire studies geïncludeerd |
|
Cintoni 2023 |
Studie design (narrative review) |
|
Constantin 2023 |
Overzichtsartikel, onvoldoende gegevens primaire studies |
|
Cunningham 2014 |
Geen vergelijkend onderzoek |
|
Czelej 2007 |
Niet Engels- of Nederlandstalig |
|
Damiani 2019 |
Niet vergelijkend |
|
De Simoni 2023 |
Narratieve review, onvoldoende data primaire studies |
|
Debbaneh 2014 |
Relevante primaire studies geïncludeerd. |
|
Di Minno 2014 |
Onvoldoende informatie relevante uitkomstmaat |
|
Festugato 2011 |
Niet Engels- of Nederlandstalig |
|
Ford 2018 |
Recentere SR beschikbaar, relevante primaire studies geïncludeerd. |
|
Garbicz 2022 |
Relevante primaire studies geïncludeerd |
|
Gopalarathinam 2024 |
Patiëntgroep komt niet overeen (artritis psoriatica) |
|
Harb 2023 |
Volledige artikel niet beschikbaar |
|
Ismail 2023 |
Dubbele interventie: laag-calorisch dieet met extra beweging |
|
Jensen 2016 |
Niet vergelijkend onderzoek |
|
Jin 2023 |
Niet Engels- of Nederlandstalig |
|
Kaimal 2010 |
Studie design |
|
Klingberg 2019 |
Patiëntgroep komt niet overeen, artritis psoriatica zonder gespecificeerd huidbetrokkenheid |
|
Klingberg 2020 |
Patiëntgroep komt niet overeen, artritis psoriatica zonder gespecificeerd huidbetrokkenheid |
|
Landriscina 2016 |
Narratieve review, onvoldoende data primaire studies. |
|
Leite 2022 |
Patiëntgroep komt niet overeen, artritis psoriatica zonder gespecificeerd huidbetrokkenheid |
|
Magin 2006 |
Studie design (kwalitatief onderzoek) |
|
Maharaj 2023 |
Patiëntgroep komt niet overeen, artritis psoriatica zonder gespecificeerd huidbetrokkenheid |
|
Mansilla-Polo 2023 |
Niet Engels- of Nederlandstalig |
|
Matran 2022 |
Interventie en populatie komen niet overeen |
|
Michalsen 2024 |
Niet Engels- of Nederlandstalig |
|
Musumeci 2022 |
Narratieve review, onvoldoende data primaire studies. Relevante studies geïncludeerd. |
|
Naldi 1996 |
Interventie komt niet overeen |
|
Naldi 2014 |
Dubbele interventie: dieetplan met bewegingsinterventie |
|
Näslund-Koch 2023 |
Niet Engels- of Nederlandstalig |
|
Passi 2004 |
Volledige artikel niet beschikbaar |
|
Pona 2019 |
Relevante primaire studies geïncludeerd. |
|
Ricketts 2010 |
Relevantie primaire studies geïncludeerd |
|
Roongpisuthipong 2013 |
Kleine patiëntgroep (n=10) |
|
Rucevic 2003 |
Uitkomstmaten komen niet overeen |
|
Sternberg 2020 |
Onderzoek op muizen |
|
Tournadre 2024 |
Patiëntgroep komt niet overeen, artritis psoriatica niet uitgesplitst naar huidbetrokkenheid |
|
Upala 2015 |
Recentere SR beschikbaar, relevante primaire studies geïncludeerd |
|
Van Acht 2022 |
Narratieve review, onvoldoende data primaire studies. Relevante studies geïncludeerd. |
|
Wolter 2005 |
Narratieve review, onvoldoende data primaire studies. Relevante studies geïncludeerd. |
|
Wu 2019 |
Studie design (narrative review) |
|
Zackheim 1971 |
Kleine patiëntgroep (n=14) |
|
Zanesco 2022 |
Studie design (narrative review) |
|
Zuccotti 2018 |
Narratieve review, onvoldoende data primaire studies. Relevante studies geïncludeerd. |
Beoordelingsdatum en geldigheid
Publicatiedatum : 05-08-2026
Beoordeeld op geldigheid : 05-08-2026
Voor het beoordelen van de actualiteit van deze richtlijn is de werkgroep grotendeels in stand gehouden. Op modulair niveau is een onderhoudsplan beschreven. Bij het opstellen van de richtlijn heeft de werkgroep per module een inschatting gemaakt over de maximale termijn waarop herbeoordeling moet plaatsvinden en eventuele aandachtspunten geformuleerd die van belang zijn bij een toekomstige herziening (update).
De Nederlandse Vereniging voor Dermatologie en Venereologie (NVDV) is regiehouder van deze richtlijn actinische keratose en eerstverantwoordelijke op het gebied van de actualiteitsbeoordeling van de richtlijn. De andere aan deze richtlijn deelnemende wetenschappelijke verenigingen of gebruikers van de richtlijn delen de verantwoordelijkheid en informeren de regiehouder over relevante ontwikkelingen binnen hun vakgebied.
Doel en doelgroep
Doel
Deze richtlijn is een document met aanbevelingen ter ondersteuning van de dagelijkse praktijkvoering. De richtlijn berust op de resultaten van wetenschappelijk onderzoek en aansluitende meningsvorming gericht op het vaststellen van goed medisch handelen. De richtlijn geeft aanbevelingen over begeleiding en behandeling van patiënten met psoriasis en eczeem.
Doelgroep
De richtlijn is bestemd voor alle zorgverleners die betrokken zijn bij tweede- of derdelijns zorg voor patiënten met psoriasis of eczeem. Voor patiënten werd informatie op thuisarts.nl en een patiënten folder ontwikkeld
Samenstelling werkgroep
Voor het ontwikkelen van de richtlijn werd een multidisciplinaire werkgroep ingesteld. Bij het samenstellen van de werkgroep werd rekening gehouden met de geografische spreiding van de werkgroepleden en met een evenredige vertegenwoordiging van academische en niet-academische achtergrond. De werkgroepleden hebben onafhankelijk gehandeld en geen enkel lid ontving gunsten met het doel de richtlijnen te beïnvloeden. Naast de afgevaardigden van de verschillende beroepsgroepen zijn er ook patiëntenvertegenwoordigers betrokken geweest bij de ontwikkeling van de richtlijn. Voor een volledig overzicht van voorgaande werkgroepleden en alle betrokken partijen wordt verwezen naar tabel 1 en 2.
Tabel 2: Overzicht werkgroepleden
|
Werkgroepleden – 2024-2026 |
Vereniging |
|
Sandrine de Winter |
NVDV |
|
Alice Langeveld |
NVDV |
|
Annemie Galimont |
NVDV |
|
Iris Kuijken |
NVDV |
|
Liesbeth van der Rhee |
NVDV |
|
Anke Biemans |
NVDV |
|
Florentine de Boer |
Op persoonlijke titel |
|
Berber Vlieg |
NVD |
|
Myrthe van Zon |
NVH |
|
Janneke Huizinga |
V&VN |
|
Wim Tichelman |
VMCE |
|
Jim van der Zon |
Psoriasispatiënten Nederland |
|
Marian Kolk |
Psoriasispatiënten Nederland |
|
Francine Das (t/m november 2023) |
Huid Nederland |
|
Ondersteuning werkgroep |
Vereniging |
|
Rosalie Slegers, arts-onderzoeker |
NVDV |
|
Marit Masselink, arts-onderzoeker |
NVDV |
|
Anne-Roos Kersbergen, arts-onderzoeker |
NVDV |
|
Dorien Adamse, arts-onderzoeker |
NVDV |
|
Annefloor van Enst, epidemioloog |
NVDV |
|
Loïs Ricken, junior beleidsadviseur |
NVDV |
|
Maxime Verhoeven, senior beleidsadviseur |
NVDV |
Belangenverklaringen
De KNMG-Code ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling is gevolgd. Alle werkgroepleden hebben schriftelijk verklaard of ze in de laatste drie jaar directe financiële belangen (betrekking bij een commercieel bedrijf, persoonlijke financiële belangen, onderzoeksfinanciering) of indirecte belangen (persoonlijke relaties, reputatie management, kennisvalorisatie) hebben gehad. Een overzicht van de belangen van werkgroepleden en het oordeel over het omgaan met eventuele belangen vindt u in onderstaande tabel. De ondertekende belangenverklaringen zijn op te vragen bij het secretariaat van de Nederlandse Vereniging voor Dermatologie en Venereologie.
Tabel 3: Overzicht belangenverklaringen
|
Werkgroeplid |
Hoofdfunctie(s) |
Nevenfunctie(s) |
Persoonlijke financiële belangen |
Persoonlijke relaties |
Extern gefinancierd onderzoek |
Intellectuele belangen en reputatie |
Overige belangen |
Getekend op |
Herbeoordeeld op |
Acties (voorstel) |
|
Sandrine de Winter (voorzitter) |
Dermatoloog, Antoni van leeuwenhoek ziekenhuis, Amsterdam
|
Geen |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
18-08-2022 |
02-04-2026 |
geen |
|
Annemie Galimont-Collen |
• Dermatoloog, DGA Galiderm BV, inkomsten vanuit dermaTeam Holding BV • Aandeelhouder dermaTeam Holding BV, deze BV heeft als hoofdtaak dermatologische zorg, daarnaast heeft de holding een dochter BV voor onverzekerde zorg (dermaTeam Huid&Laser en een dochter BV voor onderzoek (dermaTeam research). • Lid van VMS Bravis Ziekenhuis (Lid van de IFMS commissie en Lid werkgroep coassistenten). |
• Lid MASCC (Multinational Association of Supportive Cancer Care), subsectie Oncodermatologie (onbezoldigd). • Lid ENCODA (European Network for Cutaneous ADverse event of Oncologic drugs, momenteel opgegaan in EADV task force dermatology for cancer patients (onbezoldigd). • Lid NCODA (National Community Oncology Dispensing Association ) (onbezoldigd). • Lid van de beroepenvelden commissie opleiding huidtherapie hoge school Utrecht en Den Haag • (vacatiegeld). • Gastspreker op congressen en nascholingen (onbezoldigd of vergoeding cfr markttarief, indien via farmaceutische firma’s is dit aangegeven in transparantie register). • Gemandateerde in zorgmodule eczeemin de huidtherapeutische praktijkism NVH(vacatiegelden). • Opleiding Post-HBO eczeemin de huidtherapeutische praktijkism NVH (bezoldigd). • Opleidingpodotherapeuten mbt de oncologische voet ism NvVP (bezoldigd). • Voorzitter deel huidzorg in de richtlijn palliatieve zorg voor kinderen ism IKNL (vacatiegeld). • Dagvoorzitter op congressen, dagvergoeding conform markttarief • Adviesraden farmaceutische firma’s mbt de nieuwe geneesmiddelen tegen Eczeem (vergoeding cfr markttarief en aangegeven in transparantie register) • Auteur artikelen voor tijdschrift WCS (vacatiegelden) • Docent huidopleiding.nl (inschrijfgeld van de cursisten). • Beheerder Facebook groep Huidopleiding (onbezoldigd). • Eigenaar websites onlinedermatologie.nl en huidopleiding.nl (niet gesponsord). |
Ik participeer in adviesrondes mbt nieuwe geneesmiddelen tegen eczeem (vergoeding cfr markttarief, dit is aangegeven in transparantie register). |
N.v.t. |
dermaTeam holding BV heeft een dochter BV die participeertin onderzoek. Ik maak geen deel uit van het bestuur van deze BV, het bestuur van de holding. Ik ben ook geen principal investigator. Ik verwijs patiënten indien zij voldoen aan de inclusie criteria |
Ongesponsorde website over huidaandoeningen (onlinederamtologie.nl en Huidopleiding.nl), betaald uit eigen BV. • Smeer’m project, CZ-gefinancierd multidisciplinair project in 2011 voor kinderen met eczeem.. Boekjes en materiaal gratis te verkrijgen via onlinederamtologie.nl • Opleiding Post-HBO eczeemin de huidtherapeutische praktijkism NVH (bezoldigd). • Opleidingpodotherapeuten mbt de oncologische voet ism NvVP (bezoldigd). 5 • Docent huidopleiding.nl (inschrijfgeld van de cursisten).
|
N.v.t. |
13-08-2022 |
02-04-2026 |
geen |
|
Alice Langeveld |
Dermatoloog, Tergooi MC |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
30-05-2023 |
07-04-2026 |
geen |
|
Iris Kuijken |
Dermatoloog, Praktijk Dermatologie de Bliek, Kuijken en Laane Amsterdam en Bloemendaal. |
Bij kliniek Bloemendaal verkoop van verzorgende producten van La Roche Posay, Vichy en CeraVe |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
20-05-2023 |
31-03-2026 |
geen |
|
Dermatoloog, Mauritskliniek, Utrecht |
Geen |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
20-10-2025 |
31-03-2026 |
geen |
|
|
Anke Biemans |
- Dermatoloog Ceulen Klinieken Uden (2-3dgn/week) - Dermatoloog Phizi (1,5e lijnszorg in huisartsenpraktijk) - Docent nascholingen Dermatologie (onderwijs voor huisartsen, jeugdartsen, tandarsten over verschillende dermatologische onderwerpen)
|
Werkgroep Geriatrische dermatologie (onbetaald) |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
01-04-2026 |
n.v.t. |
geen |
|
Florentine de Boer
|
PhD kandidaat, Anios dermatologie NWZ |
|
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
20-10-2025 |
8-04-2026 |
geen |
|
Berber Vlieg-Boerstra |
Diëtist-onderzoeker OLVG (kindergeneeskunde) te Amsterdam en Rijnstate Allergiecentrum te Arnhem, Allergiediëtist eigen praktijk Vlieg Diëtisten te Arnhem |
Lid Adviesraad Vinimini (onkosten vergoeding), Board member Working Group Nutrition and Immunomodulation, European Academy of Allergy and Immunology (onbetaald), Lid Nutrition Working Group, Allied Health, AAAAI., Lid Diëtisten Alliantie Voedselovergevoeligheid, DAVO (allergiedietist-davo.nl) , Lid Redactieraad Nederlands Tijdschrift voor Allergie, Astma en Klinische Immunologie (NTvAAKI) (vacatiegeld) |
N.v.t. |
N.v.t. |
Diameter studie: Research funding Ekhaga Foundation, Sweden, OLVG groei studie: Research funding Nutricia en OLVG Research-, IMPACDD study: IMProving Treatment of AtopiC Dermatitis in adults by immune- supportive Diet. An explorative Study. Funded by Stichting Fonds Onderzoek Huidziekten en OLVG Research, Alladin study: Alleviatiing Atopic Dermatitis in children and adults by immune-supportive diet: a randomized controlled trial. Funded by ZonMw, OLVG Research, Huuskes, Colzaco, Raw Milk, Stichting Graangeluk. Company, GI Symptom Tracker study, funded by NCFS |
Erkenning voor de immunomodulerende rol van voeding bij huidziekten |
N.v.t. |
1-08-2023 |
31-03-2026 |
geen |
|
Myrthe van Zon |
Beleidsmedewerker Onderzoek & Kwaliteit bij de NVH. Betrokken bij de ontwikkeling van kwaliteitsinstrumenten (zoals zorgmodules, richtlijnen en protocollen) van de NVH en aanpalende disciplines. |
Lid van werkgroep skin tears in de wijk van de V&VN. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
27-9-2023 |
N.v.t. |
geen |
|
Janneke Huizinga |
Verpleegkundig specialist dermatologie UMCG |
Geen |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
28-10-2025 |
07-04-2026 |
geen |
|
Wim Tichelman |
Patiëntvertegenwoordiger Eczeem (VMCE), gepensioneerd vrijwilliger |
Vrijwilliger Museum Bevrijdende Vleugels Best |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t.
|
N.v.t. |
10-07-2023 |
02-04-2026 |
geen |
|
Jim van der Zon |
Patiëntvertegenwoordiger psoriasis Nederland, gepensioneerd vrijwilliger |
Relatiebeheer Psoriasispatiënten Nederland, onbetaaald Webmaster Psoriasispatiënten Nederland, onbetaald Patientpartner Psoriasispatiënten Nederland, onbetaald Advies en adviesraad voor enkele farmaceuten, onbetaald Energiecoach, gemeente Teylingen, onbetaald |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
Onbetaalde publicatie artikel (preprint.org) over mogelijke oorzaken psoriasis, waarin de oorzaak wordt ondersteld in mitochondrieën |
N.v.t. |
20-10-2025 |
02-04-2026 |
geen |
|
Marian Kolk |
Patiëntvertegenwoordiger psoriasis Nederland |
Nvt |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
22-10-2025 |
02-04-2026 |
geen |
|
Francine Das (t/m November 2023) |
Gepensioneerd min. Van BZK |
Vrijwilliger Hidradenitis Patiënten Vereniging |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
N.v.t. |
10-07-2023 |
n.v.t. |
geen |
Inbreng patiëntenperspectief
Er is aandacht besteed aan het patiëntenperspectief door de zitting neming van een patiënt in de werkgroep en de opname van een module over patiëntenvoorlichting. De conceptrichtlijn is tevens voor commentaar voorgelegd aan Huid Nederland, VMCE, en Psoriasispatienten Nederland.
Wkkgz & Kwalitatieve raming van mogelijke substantiële financiële gevolgen
Bij de richtlijn is conform de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) een kwalitatieve raming uitgevoerd of de aanbevelingen mogelijk leiden tot substantiële financiële gevolgen. Bij het uitvoeren van deze beoordeling zijn richtlijnmodules op verschillende domeinen getoetst (gebaseerd op het stroomschema ontwikkeld door FMS).
Uit de kwalitatieve raming blijkt dat er waarschijnlijk geen substantiële financiële gevolgen zijn, zie onderstaande tabel.
Tabel 64: Kwalitatieve raming Wkkgz
|
Module |
Uitkomst Raming |
Toelichting |
|
Psoriasis en dieet |
Geen substantiële financiële gevolgen |
Hoewel uit de toetsing volgt dat de aanbeveling(en) breed toepasbaar zijn (>40.000 patiënten), volgt ook uit de toetsing dat het geen nieuwe manier van zorgverlening of andere organisatie van zorgverlening betreft, het geen toename in het aantal in te zetten voltijdsequivalenten aan zorgverleners betreft en het geen wijziging in het opleidingsniveau van zorgpersoneel betreft. Er worden daarom geen substantiële financiële gevolgen verwacht. |
Implementatie
In de verschillende fasen van de richtlijnontwikkeling is rekening gehouden met de implementatie van de richtlijn(module) en de praktische uitvoerbaarheid van de aanbevelingen. Daarbij is uitdrukkelijk gelet op factoren die de invoering van de richtlijn in de praktijk kunnen bevorderen of belemmeren. De richtlijn wordt via het internet verspreid onder alle relevante beroepsgroepen en ziekenhuizen en er zal in verschillende specifieke vaktijdschriften aandacht worden besteed aan de richtlijn. Tevens zal een samenvatting worden gemaakt. De voorlichtingsfolder van de NVDV zal worden afgestemd op de richtlijn. Het volledige implementatieplan is per module opgenomen in de bijlagen.
Werkwijze
AGREE
Deze richtlijn is opgesteld conform de eisen vermeld in het rapport Medisch Specialistische Richtlijnen 2.0 van de adviescommissie Richtlijnen van de Raad Kwaliteit. Dit rapport is gebaseerd op het AGREE II instrument (Appraisal of Guidelines for Research & Evaluation II; Brouwers, 2010), dat een internationaal breed geaccepteerd instrument is. Onderstaand is de methode stapsgewijs beschreven.
Knelpuntenanalyse
In de voorbereidingsfase heeft een bijeenkomst plaatsgevonden waarvoor alle belanghebbenden zijn uitgenodigd. In deze bijeenkomst zijn knelpunten aangedragen door de werkgroepleden; NVDV, NHG, V&VN en HPN. Tevens werden uitgenodigd Zorgverzekeraars Nederland (ZN), Nederlandse Vereniging Ziekenhuizen (NVZ), Zorginstituut Nederland (ZiNL), Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen (VIG) en de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU).
Uitgangsvragen en uitkomstmaten
Op basis van de uitkomsten van de knelpuntenanalyse heeft de werkgroep uitgangsvragen opgesteld. Daarbij is per uitgangsvraag geïnventariseerd welke uitkomstmaten voor de patiënt relevant zijn, waarbij zowel gewenste als ongewenste effecten zijn meegenomen. Deze uitkomstmaten zijn door de werkgroep gewaardeerd naar hun relatieve belang voor de besluitvorming rondom aanbevelingen: cruciaal (kritiek voor de besluitvorming), belangrijk (maar niet cruciaal) en onbelangrijk.
Strategie voor zoeken en selecteren van literatuur
Voor de afzonderlijke uitgangsvragen werd aan de hand van specifieke zoektermen gezocht naar gepubliceerde wetenschappelijke studies in (verschillende) elektronische databases. Tevens werd aanvullend gezocht naar studies aan de hand van de literatuurlijsten van de geselecteerde artikelen en consultatie van experts. In eerste instantie werd gezocht naar studies met de hoogste mate van bewijs. Literatuur is geselecteerd op basis van vooraf opgestelde selectiecriteria. De geselecteerde artikelen werden gebruikt om de uitgangsvraag te beantwoorden. De databases waarin is gezocht, de zoekstrategie en de gehanteerde selectiecriteria zijn te vinden per module.
Kwaliteitsbeoordeling individuele studies
Individuele studies werden systematisch beoordeeld, op basis van op voorhand opgestelde methodologische kwaliteitscriteria, om zo het risico op vertekende studieresultaten (risk of bias) te kunnen inschatten. Deze beoordelingen kunt u vinden in de Risk of Bias (RoB) tabellen. De gebruikte RoB instrumenten zijn gevalideerde instrumenten die worden aanbevolen door de Cochrane Collaboration: AMSTAR - voor systematische reviews; Cochrane - voor gerandomiseerd gecontroleerd onderzoek; Newcastle-Ottowa - voor observationeel onderzoek; QUADAS II – voor diagnostisch onderzoek.
Samenvatten van de literatuur
De relevante onderzoeksgegevens van alle geselecteerde artikelen zijn overzichtelijk weergegeven in evidencetabellen. De belangrijkste bevindingen uit de literatuur werden beschreven in de samenvatting van de literatuur. Bij een voldoende aantal studies en overeenkomstigheid (homogeniteit) tussen de studies werden de gegevens ook kwantitatief samengevat (meta-analyse) met behulp van Review Manager 5.
Beoordelen van de kracht van het wetenschappelijke bewijs (2021)
A) Voor interventievragen (vragen over therapie of screening)
De kracht van het wetenschappelijke bewijs werd bepaald volgens de GRADE-methode. GRADE staat voor ‘Grading Recommendations Assessment, Development and Evaluation’ (zie http://www.gradeworkinggroup.org/). GRADE onderscheidt vier gradaties voor de kwaliteit van het wetenschappelijk bewijs: hoog, redelijk, laag en zeer laag. Deze gradaties verwijzen naar de mate van zekerheid die er bestaat over de literatuurconclusie (Schünemann, 2013).
Tabel 4: GRADE gradaties van kwaliteit van bewijs
|
GRADE |
Definitie |
|
Hoog
|
|
|
Redelijk
|
|
|
Laag
|
|
|
Zeer laag
|
|
B) Voor vragen over diagnostische tests, schade of bijwerkingen, etiologie en prognose
De kracht van het wetenschappelijke bewijs werd eveneens bepaald volgens de GRADE-methode: GRADE-diagnostiek voor diagnostische vragen (Schünemann, 2008) en een generieke GRADE-methode voor vragen over schade of bijwerkingen, etiologie en prognose. In de gehanteerde generieke GRADE-methode werden de basisprincipes van de GRADE methodiek toegepast: het benoemen en prioriteren van de klinisch (patiënt) relevante uitkomstmaten, een systematische review per uitkomstmaat, en een beoordeling van bewijskracht op basis van de vijf GRADE-criteria (startpunt hoog; downgraden voor risk of bias, inconsistentie, indirectheid, imprecisie, en publicatiebias).
C) Voor vragen over de waarde van meet- of classificatie-instrumenten (klinimetrie)
Deze instrumenten werden beoordeeld op validiteit, intra- (test-hertest) en inter-beoordelaarsbetrouwbaarheid, responsiviteit (alleen bij meetinstrumenten) en bruikbaarheid in de praktijk. (naar keuze: optie-1 ‘Bij ontbreken van een gouden standaard, werd een beoordeling van de bewijskracht van literatuurconclusies achterwege gelaten.’ Of optie-2 ‘De kracht van het wetenschappelijk bewijs werd bepaald met de generieke GRADE-methode’).
Beoordelen van het niveau van het wetenschappelijke bewijs (oude modules)
Bij de EBRO-methode (Evidence Based Richtlijn Ontwikkeling) wordt een andere classificatie voor de beoordeling van de kwaliteit van studies aangehouden (van Everdingen 2004). Hierbij ligt de belangrijkheid van de uitkomstmaten niet van tevoren vast en is er geen vastgelegde procedure voor upgraden en downgraden van bewijs, zoals die bij GRADE geldt.
Tabel 5: Classificatie kwaliteit van bewijs (Everdingen, 2004)
|
Kwaliteit |
Interventie |
Diagnostisch accuratesse-onderzoek |
Schade/bijwerkingen*, etiologie, prognose |
|
A1 |
Systematische review van ten minste twee onafhankelijk van elkaar uitgevoerde onderzoeken van A2-niveau |
||
|
A2 |
Gerandomiseerd dubbelblind vergelijkend klinisch onderzoek van goede kwaliteit van voldoende omvang |
Onderzoek ten opzichte van een referentietest (een ‘gouden standaard’) met tevoren gedefinieerde afkapwaarden en onafhankelijke beoordeling van de resultaten van test en gouden standaard, betreffende een voldoende grote serie van opeenvolgende patiënten die allen de index- en referentietest hebben gehad |
Prospectief cohortonderzoek van voldoende omvang en follow-up, waarbij adequaat gecontroleerd is voor ‘confounding’ en selectieve follow-up voldoende is uitgesloten. |
|
B |
Vergelijkend onderzoek, maar niet met alle kenmerken als genoemd onder A2 (hieronder valt ook patiënt-controleonderzoek, cohortonderzoek) |
|
|
|
C |
Niet-vergelijkend onderzoek |
||
|
D |
Mening van deskundigen |
||
* Deze classificatie is alleen van toepassing in situaties waarin om ethische of andere redenen gecontroleerde trials niet mogelijk zijn. Zijn die wel mogelijk dan geldt de classificatie voor interventies.
Bij het werken volgens de EBRO-methode zijn op basis van de beschikbare literatuur een of meerdere conclusies geformuleerd. Afhankelijk van het aantal onderzoeken en de mate van bewijs is een niveau van bewijskracht toegekend aan de conclusie (van Everdingen 2004).
Tabel 6: Classificatie kwaliteit van bewijs (Everdingen, 2004)
|
Niveau |
Conclusie gebaseerd op |
|
1 |
Onderzoek van niveau A1 of ten minste 2 onafhankelijk van elkaar uitgevoerde onderzoeken van niveau A2 |
|
2 |
1 onderzoek van niveau A2 of ten minste 2 onafhankelijk van elkaar uitgevoerde onderzoeken van niveau B |
|
3 |
1 onderzoek van niveau B of C |
|
4 |
Mening van deskundigen |
Formuleren van de conclusies
Voor elke relevante uitkomstmaat werd het wetenschappelijk bewijs samengevat in één of meerdere literatuurconclusies waarbij het niveau van bewijs werd bepaald volgens de GRADE-methodiek. De werkgroepleden maakten de balans op van elke interventie (overall conclusie). Bij het opmaken van de balans werden de gunstige en ongunstige effecten voor de patiënt afgewogen. De overkoepelende bewijskracht wordt bepaald door de laagste bewijskracht gevonden bij een van de cruciale uitkomstmaten. Bij complexe besluitvorming waarin naast de conclusies uit de systematische literatuuranalyse vele aanvullende argumenten (overwegingen) een rol spelen, werd afgezien van een overkoepelende conclusie. In dat geval werden de gunstige en ongunstige effecten van de interventies samen met alle aanvullende argumenten gewogen onder het kopje 'Overwegingen'.
Overwegingen (van bewijs naar aanbeveling)
Om te komen tot een aanbeveling zijn naast (de kwaliteit van) het wetenschappelijke bewijs ook andere aspecten belangrijk. Door gebruik te maken van de Guideline Development Tool werd het Evidence to decision framework conform GRADE methodiek toegepast. Alle werkgroepleden hebben systematisch antwoord gegeven op vragen over de grootte van het effect en grootte van negatieve consequenties, waarden en voorkeuren van de patiënt, kosten en kosteneffectiviteit, beschikbaarheid van voorzieningen, aanvaardbaarheid, en overwegingen voor subgroepen in de patiëntenpopulatie. Deze aspecten worden, voor zover geen onderdeel van de literatuursamenvatting, vermeld en beoordeeld (gewogen) onder het kopje ‘Overwegingen’.
Formuleren van aanbevelingen
De aanbevelingen geven antwoord op de uitgangsvraag en zijn gebaseerd op het beschikbare wetenschappelijke bewijs en de belangrijkste overwegingen, een weging van de gunstige en ongunstige effecten van de relevante interventies. De kracht van het wetenschappelijk bewijs en het gewicht dat door de werkgroep wordt toegekend aan de overwegingen, bepalen samen de sterkte van de aanbeveling. Conform de GRADE-methodiek sluit een lage bewijskracht van conclusies in de systematische literatuuranalyse een sterke aanbeveling niet a priori uit, en zijn bij een hoge bewijskracht ook zwakke aanbevelingen mogelijk. De sterkte van de aanbeveling wordt altijd bepaald door weging van alle relevante argumenten tezamen.
Randvoorwaarden (Organisatie van zorg)
In de knelpuntenanalyse en bij de ontwikkeling van de richtlijn is expliciet rekening gehouden met de organisatie van zorg: alle aspecten die randvoorwaardelijk zijn voor het verlenen van zorg (zoals coördinatie, communicatie, (financiële) middelen, menskracht en infrastructuur). Randvoorwaarden die relevant zijn voor het beantwoorden van een specifieke uitgangsvraag maken onderdeel uit van de overwegingen bij de bewuste uitgangsvraag. Meer algemene, overkoepelende, of bijkomende aspecten van de organisatie van zorg worden behandeld in de module Organisatie van zorg
Indicatorontwikkeling
Er werden geen indicatoren ontwikkeld voor deze richtlijn.
Kennislacunes
Tijdens de ontwikkeling van deze richtlijn is systematisch gezocht naar onderzoek waarvan de resultaten bijdragen aan een antwoord op de uitgangsvragen. Bij elke uitgangsvraag is door de werkgroep nagegaan of er (aanvullend) wetenschappelijk onderzoek gewenst is om de uitgangsvraag te kunnen beantwoorden. Een overzicht van de onderwerpen waarvoor (aanvullend) wetenschappelijk van belang wordt geacht, is als aanbeveling beschreven (zie bijlage 4).
Juridische betekenis van richtlijnen
Richtlijnen zijn geen wettelijke voorschriften maar wetenschappelijk onderbouwde en breed gedragen inzichten en aanbevelingen waaraan zorgverleners zouden moeten voldoen om kwalitatief goede zorg te verlenen. Aangezien richtlijnen uitgaan van ‘gemiddelde patiënten’, kunnen zorgverleners in individuele gevallen zo nodig afwijken van de aanbevelingen in de richtlijn. Afwijken van richtlijnen is, als de situatie van de patiënt dat vereist, soms zelfs noodzakelijk. Een richtlijn beschrijft wat goede zorg is, ongeacht de financieringsbron (Zorgverzekeringswet (Zvw), Wet langdurige zorg (Wlz), Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), aanvullende verzekering of eigen betaling door de cliënt/patiënt). Opname van een richtlijn in een register betekent dus niet noodzakelijkerwijs dat de in de richtlijn beschreven zorg verzekerde zorg is. Informatie over kosten zoals beschreven in de richtlijn is gebaseerd op beschikbare gegevens ten tijde van schrijven.
Commentaar- en autorisatiefase
De conceptrichtlijn is aan de betrokken (wetenschappelijke) verenigingen, (patiënt) organisaties en stakeholders voorgelegd ter commentaar (zie ook tabel 1). De commentaren zijn verzameld en besproken met de werkgroep. Naar aanleiding van de commentaren is de conceptrichtlijn aangepast en definitief vastgesteld door de werkgroep. De definitieve richtlijn is aan de deelnemende (wetenschappelijke) verenigingen en (patiënt) organisaties voorgelegd ter autorisatie.
Literatuur
- Brouwers MC, Kho ME, Browman GP, et al. AGREE Next Steps Consortium. AGREE II: advancing guideline development, reporting and evaluation in health care. CMAJ. 2010;182(18):E839-42. doi: 10.1503/cmaj.090449. Epub 2010 Jul 5. Review. PubMed PMID: 20603348.
- Higgins JPT, Green S (editors). Cochrane Handbook for Systematic Reviews of Interventions Version 5.1.0 [updated March 2011]. The Cochrane Collaboration, 2011. Available from www.handbook.cochrane.org.
- Medisch Specialistische Richtlijnen 2.0 (2012). Adviescommissie Richtlijnen van de Raad Kwalitieit.. Online beschikbaar op http://richtlijnendatabase.nl/ Laatst geraadpleegd op [DATUM geraadpleegd voor concepttekst]
- Van Everdingen JJE, Burgers JS, Assendelft WJJ, et al. Evidence-based richtlijnontwikkeling. Bohn Stafleu Van Loghum 2004.
- Schünemann H, Brożek J, Guyatt G, et al. GRADE handbook for grading quality of evidence and strength of recommendations. Updated October 2013. The GRADE Working Group, 2013. Available from http://gdt.guidelinedevelopment.org/central_prod/_design/client/handbook/handbook.html
Zoekverantwoording
Voor alle hoofdstukken geldt dat de zoekstrategieën zijn uitgevoerd in de EMBASE database, Medline database en de Cochrane library. Enkel de keywords gebruikt in de Medline database zijn weergeven. Experts op het gebied van leefstijl bij huidziekten werden geraadpleegd voor eventuele ontbrekende artikelen en / of casereports. De search is geüpdatet tot 17-04-2024
De zoekactie is met behulp van de PICO-systematiek opgebouwd. De zoekvragen hebben de P als gemeenschappelijke onderdeel. De overige onderdelen van de PICO werden geformuleerd op basis van de uitgangsvraag.
De volgende afbakening is gebruikt:
|
Tabel 8: Zoekformulieren Psoriasis modules1. Component |
Description |
|
Review question |
Wat zijn de voor-/nadelen van dieetinterventies (laagcalorisch, intermitterend vasten, ketogeen, nachtschade dieet, mediterrane dieet) versus geen interventie bij mensen met psoriasis op ziekteactiviteit, kwaliteit van leven en bijwerkingen? |
|
Population |
Mensen met een vorm van huidpsoriasis (alle leeftijden) |
|
Intervention* |
Mediterrane dieet |
|
Comparison |
Geen veranderingen in dieet/normaal dieet |
|
Outcomes |
Critical
Important
Bijwerkingen |
|
Databases |
Medline, Embase, Cochrane |
|
Key article |
Upala, S., & Sanguankeo, A. (2015). Effect of lifestyle weight loss intervention on disease severity in patients with psoriasis: a systematic review and meta-analysis. International journal of obesity (2005), 39(8), 1197–1202. https://doi.org/10.1038/ijo.2015.64 |
|
2. Component |
Description |
|
Review question |
Wat zijn de voor-/nadelen van voedingssupplementen (vitamine D, visolie, omega-3 vetzuren) gebruik vs. geen gebruik bij mensen psoriasis op de ziekteactiviteit, kwaliteit van leven, bijwerken en therapiereductie? |
|
Population |
Mensen met een vorm van psoriasis (alle leeftijden) |
|
Intervention* |
Vit D Visolie |
|
Comparison |
Placebo |
|
Outcomes |
Critical
Important
|
|
Key article |
|
|
3. Component |
Description |
|
Review question |
Wat zijn de voor-/nadelen van alcoholgebruik of roken versus geen gebruik bij mensen met psoriasis op kwaliteit van leven en ziekteactiviteit? |
|
Population |
Mensen met een vorm van psoriasis (alle leeftijden) |
|
Intervention* |
Alcohol en roken |
|
Comparison |
Geen/minder alcohol/roken |
|
Outcomes |
Critical
Important
|
|
Key article |
|
|
4. Component |
Description |
|
Review question |
Wat zijn de voor-/nadelen van stressreductie, mindfulness versus geen interventie bij mensen met psoriasis op ziekteactiviteit en kwaliteit van leven? |
|
Population |
Mensen met een vorm van psoriasis (alle leeftijden) |
|
Intervention* |
Stressreductie, mindfulness |
|
Comparison |
Geen stress interventie |
|
Outcomes |
Critical Ernst psoriasis op korte en lange termijn: PASI, DLQI, and body surface area (BSA) Important Kwaliteit van leven: DLQI |
|
Review question |
|
|
5. Component |
Description |
|
Review question |
Wat zijn de voor-/nadelen van beweging versus geen/weinig beweging op kwaliteit van leven en ziekteactiviteit bij mensen met psoriasis? |
|
Population |
Mensen met een vorm van psoriasis (alle leeftijden) |
|
Intervention |
Beweging (intensief/niet intensief) |
|
Comparison |
Niet/weinig beweging |
|
Outcomes |
Critical
Important
|
|
Component |
|
Tabel 9: Zoekformulieren Eczeem modules
|
1. Component |
Description |
|
Review question |
Wat zijn de voor-/nadelen van dieetinterventies (Eliminatie, laagcalorisch, histamine arm, ultra processed food, Mediterraans dieet) versus geen interventie bij mensen met een vorm van eczeem op ziekteactiviteit, kwaliteit van leven en bijwerkingen? |
|
Population |
Mensen met een vorm van eczeem (alle leeftijden) |
|
Intervention* |
Mediteraans dieet |
|
Comparison |
Geen veranderingen in dieet/normaal dieet |
|
Outcomes |
Critical
Important
Bijwerkingen |
|
Databases |
Medline, Embase |
|
Sleutelartikel |
|
|
2. Component |
Description |
|
Review question |
Wat zijn de voor-/nadelen van voedingssupplementen (vitamine D, vitamine D + vitamine E, visolie, zink, magnesium, kurkuma, duindoornolie, probiotica) gebruik vs. geen gebruik bij mensen met een vorm van eczeem op ziekteactiviteit, kwaliteit van leven, bijwerken en therapiereductie? |
|
Population |
Mensen met een vorm van eczeem (alle leeftijden) |
|
Intervention* |
Vit D Zink Vit E Vit D + Vit E Magnesium Kurkuma Duindoornolie Probiotica Fatty acids (omega/visolie) |
|
Comparison |
Placebo |
|
Outcomes |
Critical
Important
Therapiereductie |
|
Sleutelartikelen |
|
|
3. Component |
Description |
|
Review question |
Wat zijn de voor-/nadelen van alcoholgebruik of roken versus geen gebruik bij mensen met een vorm van eczeem op kwaliteit van leven en ziekteactiviteit? |
|
Population |
Mensen met een vorm van eczeem (alle leeftijden) |
|
Intervention* |
Alcohol en roken |
|
Comparison |
Geen/minder alcohol/roken |
|
Outcomes |
Critical
Important
|
|
Sleutelartikelen |
|
|
4. Component |
Description |
|
Review question |
Wat zijn de voor-/nadelen van stressreductie, mindfulness versus geen interventie bij mensen met een vorm van eczeem op ziekteactiviteit en kwaliteit van leven? |
|
Population |
Mensen met een vorm van eczeem (alle leeftijden) |
|
Intervention* |
Stressreductie, mindfulness |
|
Comparison |
Geen interventie |
|
Outcomes |
Critical
Important Kwaliteit van leven: DLQI |
|
Sleutelartikelen |
|
|
5. Component |
Description |
|
Review question |
Wat zijn de voor-/nadelen van beweging versus geen/weinig beweging op kwaliteit van leven en ziekteactiviteit bij mensen met eczeem? |
|
Population |
Mensen met eczeem |
|
Intervention |
Beweging (intensief/niet intensief) |
|
Comparison |
Niet/weinig beweging |
|
Outcomes |
Critical
Important
|
|
Sleutelartikelen |
|
Inclusie- en exclusiecriteria
De opgenomen in- en exclusiecriteria zijn te vinden in onderstaande tabel.
Tabel 10: In- en exclusietabel
|
Inclusiecriteria |
Exclusiecriteria |
|
Vergelijkend onderzoek (n>30). (RCT, CCT, SR (RCT of CCT) of observationeel onderzoek) |
PsA zonder huidpsoriasis (bij psoriasis) |
|
Niet vergelijkend onderzoek wordt op hoofdlijnen beschreven als er geen RCT’s beschikbaar zijn, dan geen analyse met GRADE. |
|
|
Nederlands- en Engelstalige publicaties. |
|
Zoekstrategie Module Psoriasis en dieet
EMBASE (datum 20-12-2023 )
|
No. |
Query |
Results |
|
#1 |
'psoriasis'/exp OR 'psoria*':ti,ab,kw OR 'willan lepra':ti,ab,kw OR ((pustulosis NEAR/2 (palm* OR sole*)):ti,ab,kw) OR 'andrews disease':ti,ab,kw |
129120 |
|
#2 |
'low calorie diet'/exp OR (((hypocaloric OR 'low calor*' OR 'low energ*' OR 'reduced calor*' OR 'reduced energ*') NEAR/3 (food* OR diet* OR nutrition* OR regimen*)):ti,ab,kw) OR 'caloric restrict*':ti,ab,kw |
22804 |
|
#3 |
'intermittent fasting'/exp OR 'intermit* fast*':ti,ab,kw OR 'alternate day fast*':ti,ab,kw |
2822 |
|
#4 |
'ketogenic diet'/exp OR 'ketogen* diet*':ti,ab,kw |
9573 |
|
#5 |
'solanaceae'/exp OR solanaceae:ti,ab,kw OR belladonna:ti,ab,kw OR nightshade:ti,ab,kw OR solanum:ti,ab,kw |
72525 |
|
#6 |
#2 OR #3 OR #4 OR #5 |
104354 |
|
#7 |
#1 AND #6 |
265 |
|
#8 |
#7 NOT ('conference abstract'/it OR 'editorial'/it OR 'letter'/it OR 'note'/it) NOT (('animal'/exp OR 'animal experiment'/exp OR 'animal model'/exp OR 'nonhuman'/exp) NOT 'human'/exp) |
193 |
|
#9 |
'meta analysis'/exp OR 'meta analysis (topic)'/exp OR metaanaly*:ti,ab OR 'meta analy*':ti,ab OR metanaly*:ti,ab OR 'systematic review'/de OR 'cochrane database of systematic reviews'/jt OR prisma:ti,ab OR prospero:ti,ab OR (((systemati* OR scoping OR umbrella OR 'structured literature') NEAR/3 (review* OR overview*)):ti,ab) OR ((systemic* NEAR/1 review*):ti,ab) OR (((systemati* OR literature OR database* OR 'data base*') NEAR/10 search*):ti,ab) OR (((structured OR comprehensive* OR systemic*) NEAR/3 search*):ti,ab) OR (((literature NEAR/3 review*):ti,ab) AND (search*:ti,ab OR database*:ti,ab OR 'data base*':ti,ab)) OR (('data extraction':ti,ab OR 'data source*':ti,ab) AND 'study selection':ti,ab) OR ('search strategy':ti,ab AND 'selection criteria':ti,ab) OR ('data source*':ti,ab AND 'data synthesis':ti,ab) OR medline:ab OR pubmed:ab OR embase:ab OR cochrane:ab OR (((critical OR rapid) NEAR/2 (review* OR overview* OR synthes*)):ti) OR ((((critical* OR rapid*) NEAR/3 (review* OR overview* OR synthes*)):ab) AND (search*:ab OR database*:ab OR 'data base*':ab)) OR metasynthes*:ti,ab OR 'meta synthes*':ti,ab |
733409 |
|
#10 |
'clinical trial'/exp OR 'randomization'/exp OR 'single blind procedure'/exp OR 'double blind procedure'/exp OR 'crossover procedure'/exp OR 'placebo'/exp OR 'prospective study'/exp OR rct:ab,ti OR random*:ab,ti OR 'single blind':ab,ti OR 'randomised controlled trial':ab,ti OR 'randomized controlled trial'/exp OR placebo*:ab,ti |
3302394 |
|
#11 |
'major clinical study'/de OR 'clinical study'/de OR 'case control study'/de OR 'family study'/de OR 'longitudinal study'/de OR 'retrospective study'/de OR 'prospective study'/de OR 'comparative study'/de OR 'cohort analysis'/de OR ((cohort NEAR/1 (study OR studies)):ab,ti) OR (('case control' NEAR/1 (study OR studies)):ab,ti) OR (('follow up' NEAR/1 (study OR studies)):ab,ti) OR (observational NEAR/1 (study OR studies)) OR ((epidemiologic NEAR/1 (study OR studies)):ab,ti) OR (('cross sectional' NEAR/1 (study OR studies)):ab,ti) |
6767914 |
|
#12 |
'case control study'/de OR 'comparative study'/exp OR 'control group'/de OR 'controlled study'/de OR 'controlled clinical trial'/de OR 'crossover procedure'/de OR 'double blind procedure'/de OR 'phase 2 clinical trial'/de OR 'phase 3 clinical trial'/de OR 'phase 4 clinical trial'/de OR 'pretest posttest design'/de OR 'pretest posttest control group design'/de OR 'quasi experimental study'/de OR 'single blind procedure'/de OR 'triple blind procedure'/de OR (((control OR controlled) NEAR/6 trial):ti,ab,kw) OR (((control OR controlled) NEAR/6 (study OR studies)):ti,ab,kw) OR (((control OR controlled) NEAR/1 active):ti,ab,kw) OR 'open label*':ti,ab,kw OR (((double OR two OR three OR multi OR trial) NEAR/1 (arm OR arms)):ti,ab,kw) OR ((allocat* NEAR/10 (arm OR arms)):ti,ab,kw) OR placebo*:ti,ab,kw OR 'sham-control*':ti,ab,kw OR (((single OR double OR triple OR assessor) NEAR/1 (blind* OR masked)):ti,ab,kw) OR nonrandom*:ti,ab,kw OR 'non-random*':ti,ab,kw OR 'quasi-experiment*':ti,ab,kw OR crossover:ti,ab,kw OR 'cross over':ti,ab,kw OR 'parallel group*':ti,ab,kw OR 'factorial trial':ti,ab,kw OR ((phase NEAR/5 (study OR trial)):ti,ab,kw) OR ((case* NEAR/6 (matched OR control*)):ti,ab,kw) OR ((match* NEAR/6 (pair OR pairs OR cohort* OR control* OR group* OR healthy OR age OR sex OR gender OR patient* OR subject* OR participant*)):ti,ab,kw) OR ((propensity NEAR/6 (scor* OR match*)):ti,ab,kw) OR versus:ti OR vs:ti OR compar*:ti OR ((compar* NEAR/1 study):ti,ab,kw) OR (('major clinical study'/de OR 'clinical study'/de OR 'cohort analysis'/de OR 'observational study'/de OR 'cross-sectional study'/de OR 'multicenter study'/de OR 'correlational study'/de OR 'follow up'/de OR cohort*:ti,ab,kw OR 'follow up':ti,ab,kw OR followup:ti,ab,kw OR longitudinal*:ti,ab,kw OR prospective*:ti,ab,kw OR retrospective*:ti,ab,kw OR observational*:ti,ab,kw OR 'cross sectional*':ti,ab,kw OR cross?ectional*:ti,ab,kw OR multicent*:ti,ab,kw OR 'multi-cent*':ti,ab,kw OR consecutive*:ti,ab,kw) AND (group:ti,ab,kw OR groups:ti,ab,kw OR subgroup*:ti,ab,kw OR versus:ti,ab,kw OR vs:ti,ab,kw OR compar*:ti,ab,kw OR 'odds ratio*':ab OR 'relative odds':ab OR 'risk ratio*':ab OR 'relative risk*':ab OR 'rate ratio':ab OR aor:ab OR arr:ab OR rrr:ab OR ((('or' OR 'rr') NEAR/6 ci):ab))) |
14679817 |
|
#13 |
#8 AND #9 SR |
31 |
|
#14 |
#8 AND #10 NOT #13 Clinical trials |
39 |
|
#15 |
#8 AND (#11 OR #12) NOT #13 NOT #14 OBS |
24 |
|
#16 |
#8 NOT #13 NOT #14 NOT #15 Overige |
99 |
|
#17 |
#13 OR #14 OR #15 OR #16 |
193 |
|
#18 |
'effect of lifestyle weight loss intervention on disease severity in patients with psoriasis: a systematic review and meta-analysis' sleutelartikel |
1 |
|
#19 |
#17 AND #18 sleutelartikel gevonden |
1 |
OVID/MEDLINE (datum 20-12-2023)
|
# |
Searches |
Results |
|
1 |
exp Psoriasis/ or psoria*.ti,ab,kf. or willan lepra.ti,ab,kf. or (pustulosis adj2 (palm* or sole*)).ti,ab,kf. or andrews disease.ti,ab,kf. |
68260 |
|
2 |
Caloric Restriction/ or ((hypocaloric or low calor* or low energ* or reduced calor* or reduced energ*) adj3 (food* or diet* or nutrition* or regimen*)).ti,ab,kf. or caloric restrict*.ti,ab,kf. |
15991 |
|
3 |
Intermittent Fasting/ or intermit* fast*.ti,ab,kf. or alternate day fast*.ti,ab,kf. |
1712 |
|
4 |
Diet, Ketogenic/ or ketogen* diet*.ti,ab,kf. |
4916 |
|
5 |
exp Solanaceae/ or solanaceae.ti,ab,kf. or belladonna.ti,ab,kf. or nightshade.ti,ab,kf. or solanum.ti,ab,kf. |
80379 |
|
6 |
2 or 3 or 4 or 5 |
102132 |
|
7 |
1 and 6 |
103 |
|
8 |
7 not ((exp animals/ or exp models, animal/) not humans/) not (letter/ or comment/ or editorial/) |
88 |
|
9 |
meta-analysis/ or meta-analysis as topic/ or (metaanaly* or meta-analy* or metanaly*).ti,ab,kf. or systematic review/ or cochrane.jw. or (prisma or prospero).ti,ab,kf. or ((systemati* or scoping or umbrella or "structured literature") adj3 (review* or overview*)).ti,ab,kf. or (systemic* adj1 review*).ti,ab,kf. or ((systemati* or literature or database* or data-base*) adj10 search*).ti,ab,kf. or ((structured or comprehensive* or systemic*) adj3 search*).ti,ab,kf. or ((literature adj3 review*) and (search* or database* or data-base*)).ti,ab,kf. or (("data extraction" or "data source*") and "study selection").ti,ab,kf. or ("search strategy" and "selection criteria").ti,ab,kf. or ("data source*" and "data synthesis").ti,ab,kf. or (medline or pubmed or embase or cochrane).ab. or ((critical or rapid) adj2 (review* or overview* or synthes*)).ti. or (((critical* or rapid*) adj3 (review* or overview* or synthes*)) and (search* or database* or data-base*)).ab. or (metasynthes* or meta-synthes*).ti,ab,kf. |
714934 |
|
10 |
exp clinical trial/ or randomized controlled trial/ or exp clinical trials as topic/ or randomized controlled trials as topic/ or Random Allocation/ or Double-Blind Method/ or Single-Blind Method/ or (clinical trial, phase i or clinical trial, phase ii or clinical trial, phase iii or clinical trial, phase iv or controlled clinical trial or randomized controlled trial or multicenter study or clinical trial).pt. or random*.ti,ab. or (clinic* adj trial*).tw. or ((singl* or doubl* or treb* or tripl*) adj (blind$3 or mask$3)).tw. or Placebos/ or placebo*.tw. |
2670491 |
|
11 |
Epidemiologic studies/ or case control studies/ or exp cohort studies/ or Controlled Before-After Studies/ or Case control.tw. or cohort.tw. or Cohort analy$.tw. or (Follow up adj (study or studies)).tw. or (observational adj (study or studies)).tw. or Longitudinal.tw. or Retrospective*.tw. or prospective*.tw. or consecutive*.tw. or Cross sectional.tw. or Cross-sectional studies/ or historically controlled study/ or interrupted time series analysis/ [Onder exp cohort studies vallen ook longitudinale, prospectieve en retrospectieve studies] |
4610598 |
|
12 |
Case-control Studies/ or clinical trial, phase ii/ or clinical trial, phase iii/ or clinical trial, phase iv/ or comparative study/ or control groups/ or controlled before-after studies/ or controlled clinical trial/ or double-blind method/ or historically controlled study/ or matched-pair analysis/ or single-blind method/ or (((control or controlled) adj6 (study or studies or trial)) or (compar* adj (study or studies)) or ((control or controlled) adj1 active) or "open label*" or ((double or two or three or multi or trial) adj (arm or arms)) or (allocat* adj10 (arm or arms)) or placebo* or "sham-control*" or ((single or double or triple or assessor) adj1 (blind* or masked)) or nonrandom* or "non-random*" or "quasi-experiment*" or "parallel group*" or "factorial trial" or "pretest posttest" or (phase adj5 (study or trial)) or (case* adj6 (matched or control*)) or (match* adj6 (pair or pairs or cohort* or control* or group* or healthy or age or sex or gender or patient* or subject* or participant*)) or (propensity adj6 (scor* or match*))).ti,ab,kf. or (confounding adj6 adjust*).ti,ab. or (versus or vs or compar*).ti. or ((exp cohort studies/ or epidemiologic studies/ or multicenter study/ or observational study/ or seroepidemiologic studies/ or (cohort* or 'follow up' or followup or longitudinal* or prospective* or retrospective* or observational* or multicent* or 'multi-cent*' or consecutive*).ti,ab,kf.) and ((group or groups or subgroup* or versus or vs or compar*).ti,ab,kf. or ('odds ratio*' or 'relative odds' or 'risk ratio*' or 'relative risk*' or aor or arr or rrr).ab. or (("OR" or "RR") adj6 CI).ab.)) |
5583617 |
|
13 |
8 and 9 SR |
13 |
|
14 |
(8 and 10) not 13 Clinical trials |
24 |
|
15 |
(8 and (11 or 12)) not 13 not 14 OBS |
11 |
|
16 |
8 not 13 not 14 not 15 Overige |
40 |
Alle resultaten
|
Database |
Datum |
# hits |
|
EMBASE |
193 |
|
|
OVID/MEDLINE |
20-12-2023 |
88 |
|
Totaal |
281 |
|
|
Duplicates |
61 |
|
|
Netto aantal |
220 |
|