Chronische hoest bij volwassenen

Initiatief: NVALT Aantal modules: 9

Strategie bij Upper Airway Cough Syndrome (UACS)

Publicatiedatum: 08-06-2026
Beoordeeld op geldigheid: 08-06-2026

Uitgangsvraag

Wat is de aanbevolen strategie bij vermoeden op Upper Airway Cough Syndrome (UACS)?

Aanbeveling

Denk aan Upper Airway Cough Syndrome (UACS) als treatable trait bij chronisch hoesten, als er bij presentatie van de klachten ook een KNO-gerelateerde klacht is zoals rhinorhoe, postnasal drip of slijm in de keel.

 

Denk aan (chronische) rhinosinusitis, een ontsteking van de neus en de neusbijholten, bij klachten van neusverstopping of rhinorroe (anterieur of post nasal drip), pijn of druk in het aangezicht (waar geen haar groeit), en/of verminderde of afwezige reuk.

 

Start neusspoelingen met zout water en nasale corticosteroïden voor 4-8 weken als eerste behandeling bij mensen met rhinitis en chronische rhinosinusitis.

 

Verwijs patiënten met chronische hoest naar een KNO-arts voor verdere diagnostiek en behandeling in geval van:

  • geen of onvoldoende effect na behandeling met neusspoelingen met zout water en nasaal corticosteroïd neusspray 4-8 weken; en
  • er vermoeden is op een KNO-oorzaak.

Maak lokale afspraken tussen longarts en KNO-arts over (terug)verwijzingen van patiënten met chronische hoest.

Overwegingen

Upper Airway Cough Syndrome (UACS), beschreven als chronische hoest met daarbij klachten van de bovenste luchtweg, zoals postnasal drip, slijm in de keel en globus gevoel, sluit het beste aan bij de KNO-diagnose “rhinitis”. Op basis van verdere klachten en symptomen kan de diagnose “(chronische) rhinosinusitis”(CRS) mogelijk gesteld worden.
Rhinosinusitis is een ontsteking van het neuslijmvlies en de neusbijholten en wordt gekarakteriseerd door twee of meer symptomen, waarvan tenminste één òf 1) neusverstopping òf 2) rhinorroe (anterieur of post nasal drip) is, met daarbij 3) mogelijk pijn of druk in het aangezicht (waar geen haar groeit) en/of 4) verminderde of afwezige reuk.

 

Upper Airway Cough Syndrome kan een treatable trait zijn bij chronisch hoesten als er bij presentatie klachten aanwezig zijn van neusverstopping, rhinorhoe, postnasal drip, en/of slijm in de keel. Deze klachten zouden kunnen passen bij rhinitis, dan wel (chronische) rhinosinusitis, en het is aan te bevelen de klachten conform de daarbij horende richtlijn te behandelen (zie richtlijn Chronische rhinosinusitis (CRS) en neuspoliepen).

 

Een X-sinus of CT-sinus heeft geen plaats in de eerste diagnostiek bij chronische hoest. Een X-sinus wordt gezien als obsoleet en is weinig tot niet bijdragend in de diagnostiek.

 

Een CT-sinus wordt bij voorkeur alleen gemaakt in de diagnostiek bij chronische rhinosinusitis wanneer een neusbijholtenchirurgie wordt overwogen, bij unilaterale chronische rhinosinusitis of bij tekenen van secundair diffuse chronische rhinosinusitis (zie richtlijn Chronische rhinosinusitis (CRS) en neuspoliepen). Het routinematig verrichten van een X- of CT-sinus wordt in de diagnostiek voor UACS daarom afgeraden.

 

De eerste stap in behandeling van rhinitis en rhinosinusitis is het starten van nasale corticosteroïden en nasale lavage (d.w.z. spoelen van de neus met zoutwateroplossing). De meest gebruikte corticosteroïden neussprays zijn fluticasonpropionaat of fluticasonfuroaat, en bij bewezen allergische rhinitis is een combinatiepreparaat corticosteroïden met antihistaminicum een goede keuze.

 

Waarden en voorkeuren van patiënten (en eventueel hun naasten/verzorgers)

De behandelend arts bespreekt samen met de patiënt met chronische hoest de treatable trait van het hoesten. Neusspoelingen met zout water en corticosteroïden neusspray zijn eenvoudig in te zetten bij vermoeden op UACS.

 

Kostenaspecten

De interventie (neusspoelingen met zout water en corticosteroïden en neusspray) geeft minimale toename van kosten ten opzichte van niet behandelen.

 

Aanvaardbaarheid

De interventie lijkt aanvaardbaar voor de betrokkenen. Er zijn geen ethische bezwaren.

 

Haalbaarheid

De interventie lijkt haalbaar. De interventie is al standaardzorg in de praktijk bij rhinitis en chronische rhinosinusitis en wordt over het algemeen goed verdragen door patiënten. Wel is het aan te bevelen om lokale afspraken te maken tussen longarts en KNO-arts over (terug)verwijzingen van patiënten met chronische hoest.

 

Rationale

Op basis van bovenstaande volgt het advies om een patiënt met chronisch hoesten, en na 4 tot 8 weken behandeling met nasaal corticosteroïd neusspray en neusspoelingen met zout water zonder effect, en er vermoeden is op een KNO-oorzaak/chronische rhinosinusitis, te verwijzen naar een KNO-arts voor verdere diagnostiek en behandeling. Bij bevestiging van de diagnose CRS zal de KNO-arts vervolgens behandelen conform de module Medicamenteuze behandeling bij CRS binnen de richtlijn Chronische rhiosinusitis (CRS) en neuspoliepen - Richtlijnendatabase.

Onderbouwing

Introduction

Upper Airway Cough Syndrome (UACS), is defined as chronic cough (present ≥ 8 weeks) related to upper airway abnormalities, often presenting in globus sensation, mucus in the throat and/or postnasal drip. In the past, UACS was also known as postnasal drip syndrome, but recent expert opinion debates UACS being part of cough hypersensitivity syndrome (Donaldson, 2022). In this module treatment strategy for UACS is described.

No systematic search is performed. Information in this chapter is based on the guideline Chronische rhinosinusitis.

  1. Donaldson AM. Upper Airway Cough Syndrome. Otolaryngol Clin North Am. 2023 Feb;56(1):147-155. doi: 10.1016/j.otc.2022.09.011. Epub 2022 Oct 22. PMID: 36283869.
  2. Quinton BA, Tierney WS, Benninger MS, Nelson RC, Gau VL, Hrelec CM, Bryson PC. The Role of Bilateral Superior Laryngeal Nerve Block in Managing Refractory Chronic Cough. Laryngoscope. 2024 Apr;134(4):1773-1777. doi: 10.1002/lary.31061. Epub 2023 Sep 26. PMID: 37750560.

Beoordelingsdatum en geldigheid

Publicatiedatum  : 08-06-2026

Beoordeeld op geldigheid  : 08-06-2026

Initiatief en autorisatie

Initiatief:
  • Nederlandse Vereniging van Artsen voor Longziekten en Tuberculose

Algemene gegevens

De ontwikkeling van deze richtlijnmodule werd ondersteund door het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten (www.demedischspecialist.nl/kennisinstituut) en werd gefinancierd door de Stichting Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten (SKMS).

 

De financier heeft geen enkele invloed gehad op de inhoud van de richtlijnmodule.

Samenstelling werkgroep

Voor het ontwikkelen van deze richtlijn is in 2023 een multidisciplinaire werkgroep ingesteld, bestaande uit vertegenwoordigers van relevante specialismen die betrokken zijn bij de zorg rondom chronische hoest bij volwassen patiënten. De richtlijn is gelijktijdig ontwikkeld met de richtlijn Hoesten in de palliatieve fase voor volwassenen.

 

Werkgroep

  • Dr. J.W.K. (Jan Willem) van den Berg (NVALT), longarts, voorzitter werkgroep
  • Drs. E.J. (Eva) Japenga (NVALT), longarts
  • Dr. J. (José) de Kluijver (NVALT), longarts
  • Dr. M. (Martijn) Goosens (NVALT), longarts
  • Dr. A.J. (Arent Jan) Michels (NVALT), longarts
  • Dr. D.A. (Derrek) Heuveling (NVKNO), KNO-arts
  • Dr. E.M.J.M. (Emke) van den Broek (NVKNO), KNO-arts
  • Dr. H.W.M. (Marleen) van Casteren (Verenso), specialist ouderengeneeskunde en kaderarts palliatieve zorg
  • Dr. N.J.J. (Eline) Neels (NHG), huisarts
  • Dr. F.Y.F.L. (Filip) de Vos (NIV), Internist-oncoloog en kaderarts palliatieve zorg

Klankbordgroep

  • Dr. E. (Ellen) Ricke, Longfonds, Sr. Beleidsadviseur
  • Dr. L.R. (Laura) de Baaij (NVMDL), maag-darm-lever arts
  • Dr. B.D.L. (Lidewij) Broekhuizen (NHG), huisarts
  • H. (Heleen) van Woudenberg (NVLF), stem- en hoestlogopedist 
  • M. (Marjolein) Frelier (NVLF), stem- en hoestlogopedist

Met ondersteuning van

  • Dhr. H. (Hans) Ket, Literatuurspecialist, Maatschap Van Dusseldorp, Delavux & Ket
  • Dr. A.C. (Anniek) van Westing, Adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
  • Dr. J.C. (José) Maas, Senior-adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
  • Drs. P.G. (Phylisha) Bloemen - van Heemskerken, Junior-adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
  • Dr. N.L. (Nikita) van der Zwaluw, Senior-adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten, tot september 2025
  • Dr. M.S. (Matthijs) Ruiter, Senior-adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten, vanaf september 2025

Belangenverklaringen

Een overzicht van de belangen van werkgroepleden en het oordeel over het omgaan met eventuele belangen vindt u in onderstaande tabel. De ondertekende belangenverklaringen zijn op te vragen bij het secretariaat van het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten via secretariaat@kennisinstituut.nl.

 

Tabel Gemelde (neven)functies en belangen werkgroep 

Naam

Hoofdfunctie

Nevenwerkzaamheden

Persoonlijke Financiële Belangen

Persoonlijke Relaties

Extern gefinancierd onderzoek

Intell. belangen en reputatie

Overige belangen

Datum

Actie

Arent Jan

Michels

Longarts vrij gevestigd

Voorzitter MSB Anna ziekenhuis (onkostenvergoeding)
voorzitter Medische Staf Anna ziekenhuis (onbetaald)

geen vast dienstverband;

2024 geen betaald adviseurschap
2023 adviesbijeenkomst MSD

Geen

Geen

Hoestpolikliniek

Geen

31-12-2024

Geen restricties

Derrek Heuveling

Lid, NVKNO

Lid standpuntnota benigne speekselklierpathologie. NVKNO.
Lid Kerngroep Laryngologie NVKNO.
Penningmeester MSBMiddenNederland UA.
KNO-arts MMC.

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

11-05-2024

Geen restricties

Eline Neels

* Huisarts, praktijkhouder
* Kaderhuisarts Palliatieve zorg

* Medisch coördinator Hospice Clarahotje (betaald)
* Lid CPT (betaald)
* Commissie richtlijn: toedienen van vocht in de palliatieve fase (betaald)

-

Nee

-

-

-

5-05-2024

Geen restricties

Emke van den Broek

UMC Utrecht

Cluster laryngologie en kerngroep laryngologie

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Zie boven gedeeld belang wv kno

Niet van toepassing

26-03-2024

Geen restricties

Eva Japenga

Longarts
Haaglanden medisch centrum Den Haag

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Eenmalige bijeenkomst MSD-adviesraad Gefapixant (12-4-23)

26-01-2024

Geen restricties

Jan Willem van den Berg (voorzitter)

longarts,
Isala ziekenhuis Zwolle

Geen

Geen

Geen

Ja:
* MSD - Demografie, kwaliteit van leven, Isala Hoestpoli - Projectleider
* MSD - The patient journey of patients diagnosed with unexplained and refractory chronic cough in the Isla – Projectleider.

 

Participatie BUS-P3-01 CALM-1-studie, GSK, P2X3 remmer

Hoestpoli; national lead Neurocough CRC ERS


Dienstverlening (adviesraad, spreker etc.)
2020 MSD

2021
GSK, MSD

2023   MSD

16-01-2024

Geen restricties. Onderwerpen van extern gefinancierd onderzoek komen niet terug in de uitgangsvragen.

Advies om te stoppen met dienstverlening aan MSD gedurende het richtlijntraject.

José de Kluijver

Longarts
Reinier de Graaf Ziekenhuis

Hoofdredactieraad NTvAAKI (onbetaald) – eind 2025 gestaakt

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Hoestpoli Reinier de Graaf Ziekenhuis

Niet van toepassing

5-01-2024

Geen restricties

Marleen van Casteren

Specialist ouderengeneeskunde bij St. Kalorama, betaald voor 0,8 FTE

Palliatief consulent bij PZNL voor ongeveer 1 uur per week
Gastdocent bij Hogeschool Arnhem Nijmegen voor ongeveer 12 uur per jaar
Beide worden betaald via mijn werkgever.

Geen

Geen

PALSED studie:
* Horizon2020 EU funding - Palliative sedation in patiënts with cancer - Geen projectleider

Geen

Geen

28-02-2024

Geen restricties

Martijn Goosens

longarts
Gelre Ziekenhuizen, CMSG (Coöperatie Medisch Specialisten Gelre)

Principal investigator meerdere trials, waaronder momenteel 1x studie chronische hoest met een P2X3-receptor antagonist.

Incidenteel adviesraden voor farmaceutische industrie, waaronder voor MSD mbt Gefapixant, 2x in 2023.

Geen actuele belangen

Neen

BUS-P3-01 CALM-1-studie:
* Bellus Health/GSK - Fase 3 onderzoek P2x3 - Projectleider

geen

geen

3-03-2024

Restricties op besluitvorming over P2X3-receptor antagonist.
Advies om adviesraden te staken gedurende de richtlijnontwikkeling.

Filip de Vos

Internist-oncoloog en kaderarts palliatieve zorg
UMC Utrecht

Geen

Geen

Geen

Ja:
* Foundation STOPbraintumors.org - Effect tumorgroei bij vrouwen met laaggradige gliomen - Projectleider
* BMS - BET remmer in combinatie met standaard chemoradiatie als eerste lijnsbehandeling bij glioblastoom - Geen projectleider
* Novartis - LAG remmer na falen immuuntherapie bij solide tumoren - Geen projectleider
* EORTC - Marizomib bij standaard chemoradiatie bij glioblastoom - Projectleider
* Pfizer en Ipsen Plharma - Compassionate use medicatie - Geen projectleider

Nee

BMS Advisory Board; Faculty member ESMO CNS tumors; Quality of Care commission Dutch Society of Medical Oncology;
Quality Assurance commission EORTC

20-12-2023

Geen restricties. Extern gefinancierd onderzoek buiten bestek van de richtlijn.

Klankbordgroep

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ellen Ricke (tot 2025)

Sr beleidsadviseur bij Longfonds

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Niet van toepassing

29-01-2024

Geen restricties

Pascale Lubbers

Beleidsadviseur Longfonds

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

21-05-2025

 

Laura de Baaij

Maag-darm-leverarts, Reinier de Graaf Gasthuis
Verlenen van medisch specialistische zorg op het gebied Maag-darm- en leverziekten, betaald.

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

24-10-2024

Geen restricties

Lidewij Broekhuizen

Huisarts/praktijkhouder in
Huisartspraktijk de Bongerd
7271 CG Borculo

Kaderarts astma COPD

Geen

Geen

Nee

Commissielid van de NHG-standaard COPD en Astma voor Volwassenen

Geen

22-08-2024

Geen restricties

Heleen van Woudenberg

Logopedie Voorburg - eigen praktijk
behandeling van patiënten met vnl. hoest-, stem- en globusklachten.
3 dagen per week, betaald

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

29-01-2025

Geen restricties

Marjolein Frelier

Logopedist
Logopedie Voorburg

gastlessen op scholen/opleidingen incidenteel

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

04-02-2025

Geen restricties 

Inbreng patiëntenperspectief

De werkgroep besteedde aandacht aan het patiëntenperspectief door afvaardiging van de Longfonds in de klankbordgroep en het uitnodigen van het Longfonds en de Patiëntenfederatie voor de knelpunteninventarisatie. De verkregen input is meegenomen bij het opstellen van de uitgangsvragen, de keuze voor de uitkomstmaten en bij het opstellen van de overwegingen. De conceptrichtlijn is tevens voor commentaar voorgelegd aan het Longfonds en de Patiëntenfederatie en de eventueel aangeleverde commentaren zijn bekeken en verwerkt.

 

Kwalitatieve raming van mogelijke financiële gevolgen in het kader van de Wkkgz

Bij de richtlijnmodule voerde de werkgroep conform de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) een kwalitatieve raming uit om te beoordelen of de aanbevelingen mogelijk leiden tot substantiële financiële gevolgen. Bij het uitvoeren van deze beoordeling is de richtlijnmodule op verschillende domeinen getoetst (zie het stroomschema bij Werkwijze).

Module

Uitkomst raming

Toelichting

Module Strategie bij Upper Airway Cough Syndrome (UACS)

Geen financiële gevolgen

Hoewel uit de toetsing volgt dat de aanbeveling(en) breed toepasbaar zijn (5.000-40.000 patiënten), volgt ook uit de toetsing dat het geen nieuwe manier van zorgverlening of andere organisatie van zorgverlening betreft. Er worden daarom geen substantiële financiële gevolgen verwacht.

 

Werkwijze

Voor meer details over de gebruikte richtlijnmethodologie verwijzen wij u naar de Werkwijze. Relevante informatie voor de ontwikkeling/herziening van deze richtlijnmodule is hieronder weergegeven.

Volgende:
Macroliden