Verplichte zorg in de ggz

Initiatief: NVvP psychiatrie Aantal modules: 11

Besluitvorming toepassen verplichte zorg

Publicatiedatum: 02-07-2026
Beoordeeld op geldigheid: 02-07-2026

Uitgangsvraag

Welke kwaliteitseisen gelden bij de besluitvorming van verplichte zorg?

Aanbeveling

Betrek de patiënt, de naasten en de vertegenwoordiger zoveel mogelijk bij het voorkómen van en het besluiten tot verplichte zorg door mondeling overleg met hen.

 

Zet alleen verplichte zorg in als ultimum remedium. Dit betekent dat verplichte zorg alleen ingezet wordt als er geen passende alternatieven meer zijn op vrijwillige basis en het noodzakelijk is om (dreigend) ernstig nadeel af te wenden. Conform de Wvggz zijn hierbij de uitgangspunten proportionaliteit, subsidiariteit, effectiviteit en veiligheid leidend.

 

Beoordeel bij het besluiten tot verplichte zorg de actuele gezondheidstoestand van de patiënt, waarbij gekeken wordt naar de psychiatrische toestand, het (dreigend) ernstig nadeel, het verzet van de patiënt en de wilsbekwaamheid.

 

Zet de voor de individuele patiënt minst ingrijpende vorm van verplichte zorg in, als verplichte zorg noodzakelijk is.

 

Informeer de patiënt - mondeling en schriftelijk - gemotiveerd waarom is besloten tot verplichte zorg en welke vormen als verplichte zorg worden ingezet.

 

Informeer de patiënt - mondeling en schriftelijk - over de mogelijkheid van het indienen van een klacht en schorsingsverzoek tegen het besluit tot uitvoering van verplichte zorg en de mogelijkheid van advies en bijstand door de patiëntenvertrouwenspersoon.

 

Informeer de advocaat en de vertegenwoordiger schriftelijk over het besluit tot verplichte zorg, de klachtmogelijkheid en de mogelijkheid van advies en bijstand door de familievertrouwenspersoon.

 

In situaties waarin de zorgverantwoordelijke niet in de gelegenheid is de patiënt face to face te spreken bij het nemen van de beslissing verplichte zorg, dient de zorgverantwoordelijke, vanuit de achtergrond dat verplichte zorg een ingrijpend besluit is, een afweging te maken of hij voldoende informatie heeft om de beslissing te nemen. Bij twijfel, met name wanneer de zorgverantwoordelijke de patiënt niet kent of de verplichte zorg voor de eerste keer wordt toegepast wordt geadviseerd de patiënt zelf te spreken.

 

Zet alleen vormen van verplichte zorg in die door de burgemeester (crisismaatregel) of rechter (voortgezette crisismaatregel of zorgmachtiging) zijn toegekend of als tijdelijke verplichte zorg in een noodsituatie (zie volgende aanbeveling).

 

Start de procedure tijdelijke verplichte zorg in noodsituaties (maximaal drie dagen, wanneer de derde dag een weekenddag of algemeen erkende feestdag is, dan tot en met de eerstvolgende werkdag) als een niet toegekende vorm van verplichte zorg wordt toegepast. Vraag een aanpassing van de voortgezette crisismaatregel of zorgmachtiging aan als de niet toegekende verplichte zorg langer duurt dan drie dagen.

 

Beschrijf in de brief over de beslissing tot het verlenen van verplichte zorg in de voor patiënt begrijpelijke taal welke vorm van verplichte zorg met welk doel wordt ingezet en waarom de patiënt wilsonbekwaam ter zake wordt geacht, indien dit van toepassing is.

 

Gebruik bij het toepassen van verplichte zorg bij een lichamelijke aandoening waarbij de verplichte zorg mede gericht is op herstel van de psychische stoornis in principe de Wvggz en niet de Wgbo, gezien de betere rechtsbescherming van de patiënt in de Wvggz.

Overwegingen

Balans tussen gewenste en ongewenste effecten

Voor deze uitgangsvraag is geen systematische literatuurstudie uitgevoerd, gezien de aard van deze uitgangsvraag, de Nederlandse context en Wvggz. De werkgroep baseert zich op de wettekst in de Wvggz en jurisprudentie waarbij een aantal specifieke onderwerpen met betrekking tot besluitvorming omschreven worden.

 

1. Algemeen

Verplichte zorg wordt alleen ingezet als er (dreigend) ernstig nadeel bestaat dat veroorzaakt wordt door gedrag dat voortvloeit uit één of meerdere psychische stoornissen. Als meerdere vormen van verplichte zorg door de burgemeester of rechter zijn toegekend, worden deze niet per definitie allemaal toegepast. Alleen de vormen van verplichte zorg waartegen de patiënt zich verzet en die op een bepaald moment bij de specifieke patiënt noodzakelijk zijn om het (dreigend) ernstig nadeel weg te nemen, worden ingezet.

 

Allereerst wordt ingegaan op de zorgvuldigheidseisen rondom het besluitvormingsproces van verplichte zorg, daarna op de schriftelijke vastlegging en de mondelinge en schriftelijke communicatie naar de patiënt.

 

2. Vertegenwoordiger en familie en naasten

Uitgangspunt is dat de vertegenwoordiger en de naasten worden betrokken bij deze beslissing middels een overleg, met als doel de verplichte zorg te voorkomen en om de zorgverantwoordelijke van informatie te voorzien.

 

In de Wvggz zijn vertegenwoordiger bij minderjarigen onder de 16: de gezagsdragende ouder(s)/voogd(en), bij een minderjarigen van 16 en 17: een door de minderjarige als zodanig gemachtigde of bij wilsonbekwaamheid de gezagsdragende ouder(s)/voogd(en).

Ook een meerderjarige wilsbekwame patiënt kan een vertegenwoordiger machtigen: de door de patiënt schriftelijk gemachtigde. 

 

Bij wilsonbekwaamheid zijn de vertegenwoordigers (in vaste hiërarchische volgorde):

1. de curator of mentor,

2. de schriftelijk gemachtigde, of indien deze ontbreekt,

3. de echtgenoot, de geregistreerde partner of andere levensgezel, of, indien deze ontbreekt of niet wenst op te treden,

4. een ouder, kind, broer, zus, grootouder of kleinkind van de patiënt, tenzij deze dat niet wenst of deze ontbreekt.

 

Als de patiënt niet wil dat de vertegenwoordiger geïnformeerd wordt over de besluitvorming verplichte zorg, gelden er verschillende regels en uitgangspunten. Een curator, mentor of andere vertegenwoordiger wordt altijd geïnformeerd voor zover dat voor de uitvoering van de taken noodzakelijk is. Als de noodzaak er niet is, wordt de vertegenwoordiger alleen volledig geïnformeerd als de patiënt wilsonbekwaam terzake is. Bij wilsbekwaamheid ter zake wordt de vertegenwoordiger en naaste alleen geïnformeerd over de verplichte zorg waartoe is besloten. De geneesheer-directeur geeft de patiënt, de vertegenwoordiger en de advocaat een afschrift van de beslissing en stelt hen schriftelijk in kennis van de klachtwaardigheid van de beslissing en de mogelijkheid van advies en bijstand door de patiëntenvertrouwenspersoon en de familievertrouwenspersoon.

 

Het is aan de zorgverantwoordelijke of het mogelijk is de wensen van de patiënt te volgen in het bepalen wie de vertegenwoordiger is of een andere vertegenwoordiger te kiezen bij een inadequate vertegenwoordiger. Dit geldt niet voor de vertegenwoordiger die door de rechter is aangesteld. In elk geval wordt de patiënt er wel over geïnformeerd dat de vertegenwoordiger wordt geïnformeerd en wat er besproken is. Informatie over de patiënt mag in alle gevallen worden gevraagd aan naasten door hen uit te nodigen belangrijke informatie te delen. Ook in dat geval is het van belang de patiënt hierover te informeren. Als er geen vertegenwoordiger is en het niet lukt de patiënt te laten vertegenwoordigen door een naaste, kan overwogen worden een vertegenwoordiger, een mentor of curator, aan te vragen. Hierbij dient te worden afgewogen of dit meerwaarde heeft voor de patiënt, omdat curatele of mentoraat geen einddatum heeft en in beginsel over meer beslissingen gaat dan alleen de verplichte zorg. De zorgverantwoordelijke bekijkt of het proportioneel is een vertegenwoordiger aan te vragen. De duur van de wilsonbekwaamheid kan hierin worden meegenomen. De mening van de patiënt dient hierin ook te worden meegenomen.

 

3. Beslissing verlenen verplichte zorg

Bij het besluiten tot toepassen van verplichte zorg dient de zorgverantwoordelijke zich op de hoogte te stellen van de actuele gezondheidstoestand van de patiënt. De zorgverantwoordelijke dient voorafgaand aan de beslissing overleg te hebben met de patiënt en uitleg te geven over diens overwegingen en de patiënt de gelegenheid geven diens mening over de behandeling te geven. Bij deze beoordeling wordt vastgesteld wat de wensen van de patiënt zijn en waarom die zich verzet tegen verplichte zorg. Het is van belang te bekijken of de wensen van de patiënt gevolgd kunnen worden en of er alternatieven zijn om verplichte zorg te voorkomen en die passend zijn bij de gezondheidstoestand van de patiënt en het (dreigende) ernstige nadeel. Het uitgangspunt is om de zorg te bieden die het beste past bij de behoefte en de individuele omstandigheden van de patiënt. Bij het overleg met de patiënt worden (indien aanwezig) ook de eigen regie-instrumenten betrokken, zoals een crisiskaart, signaleringsplan, zorgkaart, eigen plan van aanpak en/of een andere schriftelijke wilsuiting. Indien de zorgverantwoordelijke, de voor de patiënt veelal ingrijpende beslissing, neemt op basis van een digitale of hybride beoordeling of telefonische afstemming met een medebehandelaar, dient de zorgverantwoordelijke zich bewust te zijn van de verantwoordelijkheid van deze beslissing. Bij twijfel wordt geadviseerd de patiënt face to face te spreken.

 

Bij de beoordeling wordt vastgesteld of er sprake is van (dreigend) ernstig nadeel, dat veroorzaakt is door gedrag dat voortkomt uit de psychische stoornis dat niet anders dan door het inzetten van verplichte zorg kan worden afgewend. In het dossier moet beschreven worden welke psychiatrische symptomen er zijn en op welke manier deze het ernstig nadeel veroorzaken. Er dient sprake te zijn van een causaal verband tussen het gedrag voortkomend uit de psychische stoornis en het ernstige nadeel. Het is van belang te bekijken tegen welke vormen van verplichte zorg de patiënt zich verzet en tegen welke vormen er geen verzet is en die dus niet als verplichte zorg worden toegepast.

 

Als de zorgverantwoordelijke een psychiater is, kan deze zelf beslissen tot verplichte zorg. Als de zorgverantwoordelijke een GZ- of klinisch (neuro)psycholoog, specialist ouderengeneeskunde, klinisch geriater, verslavingsarts of verpleegkundig specialist GGZ is, dan dient overeenstemming te worden bereikt met de geneesheer-directeur. De verslavingsarts kan alleen zorgverantwoordelijke zijn bij patiënten met een stoornis in middelengebruik en een klinisch geriater en specialist ouderengeneeskunde alleen bij ouderen. Andere disciplines dan bovengenoemd kunnen geen zorgverantwoordelijke zijn. Buiten kantoortijden kan de patiënt door de arts gesproken worden en kan de psychiater als waarnemend zorgverantwoordelijke na telefonisch overleg besluiten tot verplichte zorg en zich op die manier op de hoogte laten stellen van de actuele gezondheidstoestand.

 

4. Proportionaliteit, subsidiariteit, effectiviteit en veiligheid

Verplichte zorg moet voldoen aan de criteria proportionaliteit, subsidiariteit, effectiviteit, en veiligheid. Deze criteria zijn in de Wvggz vastgelegd en zouden ervoor moeten zorgen dat verplichte zorg alleen als ultimum remedium wordt toegepast. Er bestaat geen meetinstrument om deze criteria te beschrijven of te kwantificeren.

 

Bij proportionaliteit wordt beoordeeld of de verplichte zorg in redelijke verhouding is met het af te wenden ernstige nadeel. En ook of er nadelen zijn van de verplichte zorg en hoe deze zich verhouden tot de voordelen.

 

Bij subsidiariteit wordt beoordeeld of andere behandelingen of maatregelen die minder ingrijpend zijn ook kunnen worden toegepast. Denk hierbij aan medicatie, de inzet van naasten of een ervaringsdeskundige, het inzetten van het signaleringsplan en ambulante of minder ingrijpende vormen van verplichte zorg. Specifiek bij subsidiariteit is het van belang de patiënt zoveel mogelijk te betrekken en te bekijken of diens ideeën over het voorkomen van ernstig nadeel geschikt worden geacht. Voor ambulante verplichte zorg geldt specifiek nog dat moet worden afgewogen of dit minder ingrijpend is dan een alternatief, vanwege de mogelijke inbreuk op de privacy van de patiënt. Denk hierbij aan het toepassen van verplichte zorg bij de patiënt thuis.

 

Bij de effectiviteit beoordeelt de zorgverantwoordelijke of de verwachting is dat de verplichte zorg effectief is, dat wil zeggen: redelijkerwijs zal leiden tot het doel, namelijk:

  1. een crisissituatie af te wenden,
  2. ernstig nadeel af te wenden,
  3. de geestelijke gezondheid van patiënt te stabiliseren,
  4. de geestelijke gezondheid van patiënt dusdanig te herstellen dat die zijn autonomie zoveel mogelijk herwint, of
  5. het stabiliseren of herstellen van de fysieke gezondheid van patiënt in het geval diens gedrag als gevolg van zijn psychische stoornis leidt tot ernstig nadeel daarvoor.

Bij veiligheid wordt beoordeeld of de verplichte zorg op een veilige manier kan worden uitgevoerd. Als dit niet het geval is, wordt gezocht naar alternatieven die wel veilig of veiliger zijn. Denk hierbij aan bijwerkingen van medicatie, veiligheid voor patiënt zelf, voor medepatiënten of personeel binnen de accommodatie. In sommige gevallen kan een opnameplek bij een forensische instelling veiliger zijn. Zeker in een ambulante setting geldt dat verplichte zorg niet altijd veilig kan worden uitgevoerd voor de patiënt zelf, de hulpverlener of de naasten en dat in sommige gevallen de politie om assistentie bij de uitvoering van de Wvggz kan worden gevraagd.

 

5. Wilsbekwaamheid

Bij de beoordeling wordt ook de wilsbekwaamheid getoetst. Wilsbekwaam verzet dient gehonoreerd te worden tenzij er sprake is van acuut levensgevaar voor patiënt zelf (bijvoorbeeld ernstige suïcidaliteit) of ernstig (levens- of ander) gevaar voor derden. Bij deze beoordeling gaat het altijd over de mate van wilsbekwaamheid op een bepaald moment en ter zake een bepaalde beslissing. Bij de beoordeling van wilsbekwaamheid wordt bekeken of de patiënt in staat is tot een redelijke waardering van diens belangen ter zake de verplichte zorg. De patiënt dient de informatie te begrijpen, de informatie te kunnen waarderen, er adequaat over te kunnen redeneren en een weloverwogen keuze te kunnen maken (UV1.1). Als dit niet het geval is, is de patiënt op dat moment wilsonbekwaam ter zake diens verplichte zorg. Er wordt een aantekening in het dossier gemaakt.

 

6. Vormen van verplichte zorg

In de Wvggz zijn verschillende vormen van verplichte zorg opgenomen:

  • Het toedienen van vocht, voeding. Denk hierbij aan het geven van sondevoeding of een infuus met fysiologisch zout bij ondervoeding of uitdroging.
  • Het toedienen van medicijnen. Denk hierbij aan medicatie voor de psychische stoornis zoals ingrijpmedicatie (bijvoorbeeld oraal, intranasaal of intramusculair) of depotmedicatie.
  • Medische controles of andere medische handelingen ter behandeling van de psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis als ter behandeling van een somatische aandoening. Denk hierbij aan medische controles die nodig zijn vanwege medicatie, middelengebruik of bij aanvullend onderzoek in het algemeen ziekenhuis.
  • Een therapeutische behandeling ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis ter behandeling van een somatische aandoening. Denk hierbij aan ECT of aan verplichte medische handelingen rondom een zwangerschap ter voorkoming van ernstig nadeel bij de patiënt of het ongeboren kind (ongeacht de duur van de zwangerschap) (Schreuders, 2025). Ook kan verplichte anticonceptie worden ingezet, maar dan alleen als het expliciet in de beschikking is opgenomen en alleen bij een aanzienlijk risico op levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel of ernstige psychische schade van de patiënt zelf als gevolg van de zwangerschap of de bevalling, en niet vanwege mogelijk ernstig nadeel voor het nog niet verwekte kind (Barkhof, 2024).
  • De behandeling van een lichamelijke aandoening vanwege de psychische stoornis. Denk hierbij aan een verplichte behandeling in het algemeen ziekenhuis waarbij de verplichte zorg mede gericht is op herstel van de psychische stoornis. Als de weigering van de behandeling wordt veroorzaakt door de psychische stoornis, wordt de verplichte zorg volgens de criteria van de Wvggz uitgevoerd en niet op basis van de Wgbo, omdat de rechtsbescherming van de patiënt beter gewaarborgd is in de Wvggz (de zorg wordt vooraf getoetst door de rechter en de patiënt kan laagdrempelig een klacht indienen).
  • Beperking in de bewegingsvrijheid. Bijvoorbeeld het inperken van vrijheden bij een opname waarbij de patiënt de afdeling niet zelfstandig mag verlaten.
  • Insluiting, zoals insluiting in de eigen kamer van de patiënt op de afdeling (als de patiënt de eigen kamer niet mag verlaten, maar deze kamer kan niet op slot geldt dit als insluiting) of een extra beveiligde kamer.
  • Uitoefenen van toezicht. Denk hierbij aan cameratoezicht in een extra beveiligde kamer of in de slaapkamer van de patiënt vanwege suïcidaal gedrag.
  • Onderzoek aan kleding of lichaam. De patiënt kan worden onderzocht aan het lichaam of aan de gedragen kleding. De patiënt mag niet in lichaamsholtes worden onderzocht zonder diens toestemming. Dit betekent dat een patiënt ook niet hoeft te bukken om zijn lichaamsholtes te laten bekijken (visiteren).
  • Onderzoek van de woning of verblijfplaats van de patiënt, denk aan gedragsbeinvloedende middelen, zoals alcohol of drugs, of gevaarlijke voorwerpen. 
  • Controle op de aanwezigheid van gedragsbeïnvloedende middelen. Denk ook hierbij testen op alcohol of drugs.
  • Beperking in de vrijheid om het leven in te richten. De patiënt moet iets verplicht doen of juist laten. Bijvoorbeeld: telefoon, pinpas, internet of bepaalde sociale media niet mogen gebruiken, innemen van rookwaar, douchen of het nakomen van ambulante afspraken.
  • Beperking van bezoek. Denk hierbij aan bezoek dat middelen meeneemt of zich agressief gedraagt of zorgt voor overprikkeling van de patiënt. 
  • Opname in een accommodatie. De patiënt kan verplicht opgenomen worden in een GGZ-instelling, zijnde een Wvggz-accommodatie.
  • Het ontnemen van vrijheid van de patiënt door die over te brengen naar een plaats die geschikt is voor tijdelijk verblijf (geldt alleen in het geval van zorg voorafgaand aan een crisismaatregel).

Alle vormen van verplichte zorg die klinisch kunnen worden toegepast, mogen ook ambulant worden toegepast, mits dit praktisch uitvoerbaar is en veilig kan worden gedaan. Uitzondering hierop vormt vanzelfsprekend het beperken van bezoek en de opname in de accommodatie: deze vormen worden alleen toegepast in een GGZ-instelling. Dit geldt ook voor het ontnemen van vrijheid van de patiënt door die over te brengen naar een plaats die geschikt is voor tijdelijk verblijf. Voor ambulante verplichte zorg geldt dat er extra zorgvuldigheidseisen zijn, zoals vastgelegd in artikel 2.2 van het Besluit verplichte ggz.

 

Er is sprake van verplichte zorg als de zorg ondanks verzet toch wordt verleend. Uitgangspunt van de wetgever is dat wilsbekwaam verzet moet worden gehonoreerd. Per toepassing van verplichte zorg moet daarom worden bezien of de patiënt wilsonbekwaam is. In geval van wilsbekwaamheid moet worden bezien of het honoreren van het verzet leidt tot acuut levensgevaar voor patient of op een aanzienlijk risico voor een ander op levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische, materiële of financiële schade, om ernstig in zijn ontwikkeling te worden geschaad, ernstige verwaarlozing of ernstig maatschappelijk teloor te gaan. Als de patiënt wilsbekwaam is terzake de verplichte zorg kan dus alleen besloten worden tot verplichte zorg bij (1) acuut levensgevaar voor de patiënt zelf, (2) een aanzienlijk risico voor de ander of (3) de verstoring van de algemene veiligheid van personen of goederen.

 

7. Aanzegbrief verplichte zorg (artikel 8.9)

Als er besloten wordt tot verplichte zorg, dient de patiënt uitgelegd te krijgen waarom verplichte zorg wordt toegepast, welke vormen van verplichte zorg worden toegepast en of de patiënt al dan niet wilsonbekwaam ter zake wordt geacht. Dit dient gericht op de specifieke situatie van de patiënt beschreven te worden in voor de patiënt begrijpelijke bewoordingen. De patiënt dient van de geneesheer-directeur een brief te ontvangen, waarin staat beschreven waarom de verplichte zorg wordt toegepast. Uitgangspunt is om de brief voorafgaand aan de verplichte zorg te geven en de patiënt mondeling te informeren over de mogelijkheid van het indienen van een klacht met een eventueel schorsingsverzoek, en over de mogelijkheid van advies en bijstand door een patiëntenvertrouwenspersoon. Hierover wordt een notitie gemaakt in het patiëntendossier. Alleen als uitstel niet mogelijk is, kan eerst de verplichte zorg worden toegepast en dient de aanzegbrief zo spoedig mogelijk gegeven te worden.

 

Voor iedere vorm van verplichte zorg wordt beschreven waaruit de verplichte zorg bestaat en welk (dreigend) ernstig nadeel hiermee voorkomen wordt. In de brief moet ook worden opgenomen of de patiënt al dan niet wilsonbekwaam ter zake de verplichte zorg is en dit moet worden onderbouwd. Dit moet de zorgverantwoordelijke ook in het dossier aantekenen, na overleg met de vertegenwoordiger. Ook wordt er overlegd met patiënt zelf over de voorgenomen inzet en het voorkómen van de verplichte zorg.

 

Tijdens dit overleg dient de patiënt erop gewezen te worden dat die een klacht (met eventueel een schorsingsverzoek) kan indienen bij de klachtencommissie en op de mogelijkheid van advies en bijstand door de patiëntenvertrouwenspersoon. Een kopie van de brief wordt aan de geneesheer-directeur gestuurd, die deze doorstuurt naar de patiënt, diens vertegenwoordiger en diens advocaat. In de brief moet ook staan dat de naaste de mogelijkheid heeft van advies en bijstand van de familievertrouwenspersoon.

 

Als verplichte zorg is beëindigd en opnieuw wordt gestart, wordt geadviseerd voor de transparantie richting de patiënt het besluitvormingsproces opnieuw te doorlopen en wordt geadviseerd een nieuwe aanzegbrief aan de patiënt, de vertegenwoordiger en de advocaat uit te reiken. In de wet is hierover niets opgenomen. Als bij een verlenging van de zorgmachtiging sprake is van ononderbroken en ongewijzigde verplichte zorg, hoeft er geen nieuwe aanzegbrief gegeven te worden (ECLI:NL:HR:2023:1732).

 

Als de patiënt een klacht indient, kan de klachtencommissie besluiten de verplichte zorg te schorsen. Bij toepassing van verplichte zorg dient de klachtencommissie binnen drie dagen een beslissing op het schorsingsverzoek te nemen, waarna een schriftelijke en gemotiveerde beslissing binnen 14 dagen na ontvangst van de klacht volgt. Als de klachtencommissie besluit de verplichte zorg te schorsen, mag deze niet worden toegepast tot de definitieve uitspraak op de klacht.

 

8. Brief tijdelijke verplichte zorg in noodsituaties (artikel 8.11 en 8.12)

Als een patiënt wel een (voortgezette) crisismaatregel of een zorgmachtiging heeft en er een vorm van verplichte zorg moet worden toegepast die niet in de (voortgezette) crisismaatregel of zorgmachtiging is opgenomen, kan deze vorm van verplichte zorg maximaal drie dagen als noodmaatregel worden toegepast. Als deze periode in het weekend of op een algemeen erkende feestdag eindigt, wordt het opgerekt naar de eerstvolgende werkdag. Deze verplichte zorg wordt in de ‘brief tijdelijke verplichte zorg in noodsituaties’ aangezegd. In deze brief gelden dezelfde verplichtingen als in de aanzegbrief verplichte zorg (artikel 8.9), behalve dat in de noodprocedure ook geldt dat het moment van beoordelen wordt genoemd. De geneesheer-directeur en de zorgverantwoordelijke beoordelen dan de proportionaliteit, subsidiariteit, effectiviteit en veiligheid van de tijdelijke verplichte zorg. Als de verplichte zorg langer dan drie dagen duurt, dient een uitbreiding van de zorgmachtiging te worden aangevraagd bij de Officier van Justitie, binnen 72 uur na het starten van de verplichte zorg (zie UV3). Er worden dan een aangepast zorgplan, een aanvullende medische verklaring en nieuwe bevindingen door de geneesheer-directeur geschreven. Er zal dan ook een nieuwe zitting plaatsvinden, tenzij de Officier van Justitie besluit om geen verzoekschrift in te dienen. De verplichte zorg kan doorgaan totdat de Officier van Justitie besluit om geen verzoekschrift in te dienen of de rechter anders heeft besloten in de zitting.

 

Als de zitting bij een crisismaatregel nog niet heeft plaatsgevonden, geldt dat de beslissing tot tijdelijke verplichte zorg in een noodsituatie input geeft voor de zitting voortzetting crisismaatregel. De rechter kan tijdens deze zitting de verplichte zorgvormen aanpassen als de rechter tot het besluit komt een voortzetting crisismaatregel af te geven.

 

Indien sprake is van een voortgezette crisismaatregel, geldt dezelfde procedure voor de aanpassing als bij een zorgmachtiging, met uitzondering van de eis dat er bij een verzoek tot voortzetting van de crisismaatregel geen zorgplan hoeft te worden aangeleverd. De verplichte zorg kan doorgaan totdat de Officier van Justitie besluit om geen verzoekschrift in te dienen of de rechter anders heeft besloten in de zitting.

 

Waarden en voorkeuren van patiënten en naasten

Verplichte zorg moet echt een ultimum remedium zijn. Het is van belang om samen met de patiënt en diens naasten zo lang mogelijk te zoeken naar hulp en ondersteuning op vrijwillige basis, ook als er een zorgmachtiging of (voortgezette) crisismaatregel is.

 

Patiënten en hun naasten moeten goed geïnformeerd zijn over het feit dat er pas verplichte zorg kan worden toegepast, als de zorgverantwoordelijke een besluit daartoe heeft genomen. De zorgverantwoordelijke moet zich daar altijd bewust van zijn en regelmatig toetsen of patiënt en diens naaste hiervan op de hoogte zijn. Veel mensen gaan er namelijk (ten onrechte) van uit dat verplichte zorg al toegepast kan worden zodra de rechter een zorgmachtiging heeft afgegeven of de burgemeester een crisismaatregel heeft afgegeven.

 

In dat licht is het ook belangrijk om de patiënt goed te informeren over de voor- en nadelen van het vrijwillig accepteren van zorg. Vervolgens is het van belang om samen te bepalen dat sprake is van vrijwilligheid of van verzet en om deze uitkomst vast te leggen in het dossier. Hierbij is het belangrijk om de patiënt te informeren over de mogelijkheid om de patiëntenvertrouwenspersoon in te schakelen en deze om advies en bijstand te vragen.

 

In de procedure rond de besluitvorming tot verplichte zorg heeft het voor patiënten de voorkeur dat de zorgverantwoordelijke de patiënt zelf face to face spreekt. Dit houdt de besluitvorming voor de patiënt transparant en draagt bij aan het vertrouwen van de patiënt in de zorgverlening.

 

Verplichte zorg kan zowel op korte als op lange termijn nadelige gevolgen hebben voor patiënten, zoals trauma, hospitalisering, negatieve spiraal van dwang, verzet, nog meer dwang, nog meer verzet; verlies van eigenwaarde. Het is belangrijk om de mogelijke nadelen goed in kaart te brengen en ze af te wegen tegen de mogelijke positieve gevolgen, ze te bespreken met de patiënt en diens naasten en ze mee te nemen in de overweging m.b.t. het besluit om verplichte zorg in te zetten.

 

De patiënt of zijn vertegenwoordiger moet in de gelegenheid gesteld worden om over het besluit tot verplichte zorg een klacht en een schorsingsverzoek in te dienen bij de klachtencommissie en de bijstand van de patiëntenvertrouwenspersoon in te roepen. Dit betekent dat de verplichte zorg niet uitgevoerd kan worden voordat de klachtencommissie uitspraak heeft gedaan. De klachtencommissie zal bij een uitspraak op een schorsingsverzoek het oordeel van de geneesheer-directeur en de zorgverantwoordelijke in hoeverre het verantwoord is om te wachten, wel moeten meewegen.

 

Kostenaspecten

Met de invoering van de Wvggz is het aantal procedures toegenomen, waardoor geneesheren-directeur en zorgverantwoordelijken meer tijd kwijt zijn aan procedurele taken. De uitvoering van verplichte zorg levert daardoor meer kosten op ten opzichte van de Wet BOPZ.

 

Gezondheidsgelijkheid

Er zijn verschillen tussen arrondissementen en rechters in het toekennen van verplichte zorg. Denk hierbij aan het toekennen van de duur van de zorgmachtiging, het al dan niet toekennen van de verschillende vormen van verplichte zorg, het toekennen van een zorgmachtiging als stok achter de deur of over het toekennen van een zorgmachtiging bij een stoornis in middelengebruik. Hierdoor is er rechtsongelijkheid tussen patiënten (Barkhof, 2024). Deze richtlijn beoogt de rechts- en gezondheidsgelijkheid te laten toenemen.

 

Aanvaardbaarheid

Ethische aanvaardbaarheid

De procedure met betrekking tot uitvoering van verplichte zorg is dermate ingewikkeld dat het voor patiënten vaak niet duidelijk is welke vormen van verplichte zorg worden toegepast en wat hun rechten zijn. De verschillende brieven die worden verstuurd aan de patiënt bij de uitvoering van verplichte zorg zijn niet altijd goed te begrijpen. Ook is het voor patiënten een heftige interventie die impact kan hebben op hun psychisch functioneren.

Soms conflicteren verschillende belangen bij het besluiten tot verplichte zorg, denk aan het accepteren van een bepaalde mate van ernstig nadeel op basis van de wensen van de patiënt enerzijds en veiligheid van de maatschappij anderzijds. Doordat er in de maatschappij (inclusief de politiek en de media) verschillende meningen zijn over autonomie in de behandeling van patiënten met psychiatrische problemen, het inzetten van verplichte zorg en de acceptatie van het risico op ernstig nadeel is het voor de zorgverantwoordelijke soms erg lastig een weloverwogen keuze te maken die recht doet aan verschillende principes.

 

Duurzaamheid

Niet van toepassing.

 

Haalbaarheid

Gezien de beperkte beschikbaarheid van zorgverantwoordelijken en opnameplekken is het niet altijd mogelijk verplichte zorg uit te voeren op het moment dat dit noodzakelijk wordt geacht.

 

Rationale van de aanbeveling: weging van argumenten voor en tegen

De onderstaande aanbevelingen zijn gebaseerd op bestaande wetteksten en op praktijkervaringen met de Wvggz, zoals weergegeven in de twee wetsevaluaties, het verdiepingsonderzoek, beschikbare literatuur, jurisprudentie, expert opinie en op ervaringen van patiënten en naasten. 

 

Eindoordeel: Sterke aanbeveling voor

Onderbouwing

De Wvggz geeft kaders wanneer er besloten kan worden tot verplichte zorg. Echter signaleert de werkgroep vermijdbare variatie die een negatieve invloed heeft op de kwaliteit van zorg in het besluitvormingsproces van verplichte zorg onder de Wvggz. Zo is het bijvoorbeeld niet altijd duidelijk wanneer verplichte zorg wordt ingezet bij een bestaande zorgmachtiging en welke vormen van verplichte zorg toegepast kunnen worden. Deze module geeft handvatten om de kwaliteit van de besluitvorming van verplichte zorg te vergroten.

Voor deze module is geen systematische literatuursearch uitgevoerd, aangezien een gerandomiseerd onderzoeksdesign dat de oorspronkelijke vraag beantwoordt niet haalbaar lijkt vanwege de verscheidenheid aan mogelijke bijdragende factoren in de Nederlandse klinische setting (bijvoorbeeld specifieke Nederlandse wet- en regelgeving en besluitvorming). Daarom wordt deze vraag beantwoord op basis van de mening van experts binnen de richtlijncommissie, jurisprudentie en relevante rapporten.

  1. Barkhof, E., & Niele, M. M. (2024). Wetten voor verplichte ggz in Nederland, een verbetering?. Tijdschr Psychiatr. 2024;66(8):465-469.
  2. Schreuders, B., Saleh, L., den Hertog-de Visser, A. M., Morsink, S., Mulders, A. G. M. G. J., & Koorengevel, K. M. (2025). Verplichte zorg bij een wilsonbekwame zwangere: een casus. Tijdschr Psychiatr. 2025;67(1):37-40.

Beoordelingsdatum en geldigheid

Publicatiedatum  : 02-07-2026

Beoordeeld op geldigheid  : 02-07-2026

Initiatief en autorisatie

Initiatief:
  • Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie
Geautoriseerd door:
  • MIND Landelijk Platform Psychische Gezondheid
  • Nederlands Instituut van Psychologen
  • Nederlandse Internisten Vereniging
  • Nederlandse Vereniging voor Klinische Geriatrie
  • Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie
  • Verpleegkundigen en Verzorgenden Nederland

Algemene gegevens

De ontwikkeling/herziening van deze richtlijnmodule werd ondersteund door het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten (www.demedischspecialist.nl/kennisinstituut) en werd gefinancierd door de Stichting Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten (SKMS). De financier heeft geen enkele invloed gehad op de inhoud van de richtlijnmodule.

Samenstelling werkgroep

Voor het ontwikkelen van de richtlijnmodule is in 2023 een multidisciplinaire werkgroep ingesteld, bestaande uit vertegenwoordigers van alle relevante specialismen (zie hiervoor de ‘Samenstelling van de werkgroep’) die betrokken zijn bij de preventie van, de besluitvorming over en de toepassing van verplichte zorg in de psychiatrie en de verslavingszorg in Nederland.

 

Werkgroep

  • Dhr. E.J.D. (Elnathan) Prinsen (voorzitter), psychiater, namens de NVvP
  • Mevr. C. (Carolien) Bakker, jurist, namens de Nederlandse ggz
  • Dhr. C.J. (Chris) Bavinck, psychiater en geneesheer-directeur, namens de NVvP
  • Dhr. P. (Paul) Doedens, verpleegkundige, onderzoeker en docent, namens V&VN
  • Dhr. M.U. (Maarten) van Grevenstein, psychiater en geneesheer-directeur, namens de NVvP
  • Dhr. A.G. (Rob) Havermans, psychiater en geneesheer-directeur, namens de NVvP
  • Mevr. M. (Margot) Klooster, juridisch beleidsadviseur, namens de NVvP (per januari 2025)
  • Mevr. K.M. (Kathelijne) Koorengevel, psychiater en geneesheer-directeur, namens de NVvP (per januari 2025)
  • Dhr. A. (Arjen) Neven, psychiater, namens de NVvP
  • Mevr. E. (Evi) Peters Rit, klinisch geriater, namens de NVKG (tot juni 2024)
  • Mevr. M. (Maaike) Philippi, klinisch psycholoog, namens het NIP
  • Dhr. P. (Peter) Pierik, patiëntvertegenwoordiging, namens MIND (tot juli 2024)
  • Mevr. H. (Heleen) Schaffels, psychiater en geneesheer-directeur, namens de NVvP
  • Dhr. E.P.K. (Erik) Sikkens, psychiater en geneesheer-directeur, namens de NVvP
  • Mevr. M. (Mirjam) van Til, verpleegkundig specialist, namens V&VN
  • Mevr. G.L. (Laura) Treurniet, patiëntvertegenwoordiger, namens MIND (per november 2024)
  • Mevr. Y. (Yolande) Voskes, universitair docent medische ethiek, op persoonlijke titel
  • Mevr. M.C.G. (Marja) van der Zanden, patiëntvertegenwoordiger, namens MIND

Klankbordgroep

  • Dhr. J.W. (Jan Willem) de Boer, medisch manager ambulancezorg/ ziekenhuispsychiater, namens Ambulance zorg Nederland
  • Dhr. D. (David) Baden, spoedeisendehulparts, namens de NVSHA
  • Mevr. A. (Anneke) Huson, beleidsadviseur, namens Landelijke Stichting Familievertrouwenspersonen
  • Mevr. M. (Marjo) Markx, naastenvertegenwoordiger, namens MIND
  • Dhr. H. (Hans) Mollen, patiëntvertegenwoordiger, namens MIND
  • Mevr. R.P. (Robinetta) de Roode, senior-jurist, namens Stichting PVP (patiëntenvertrouwenspersonen in de ggz)
  • Dhr. H. (Hans) Slijpen, accountmanager gezondheidszorg, namens de Nederlandse Politie (tot oktober 2025)
  • Mevr. M. (Marieke) Zeeman, internist, namens de NIV

Met ondersteuning van

  • Mevr. C.T.J. (Charlotte) Michels, senior adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
  • Mevr. B. (Beatrix) Vogelaar, adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
  • Mevr. L.C. (Laura) van Wijngaarden, junior adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten

Belangenverklaringen

Een overzicht van de belangen van werkgroepleden en het oordeel over het omgaan met eventuele belangen vindt u in onderstaande tabel. De ondertekende belangenverklaringen zijn op te vragen bij het secretariaat van het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten via secretariaat@kennisinstituut.nl.

 

Tabel 1. Gemelde (neven)functies en belangen werkgroep

Naam

Hoofdfunctie

Nevenwerkzaamheden

Persoonlijke financiële belangen

Persoonlijke relaties

Extern gefinancierd onderzoek

Intellectuele belangen en reputatie

Overige belangen

Datum

Restrictie

Prinsen, Elnathan

Psychiater en lid raad van het bestuur, Parnassia groep

*Lid kamer psychiatrie van de Stichting BOLS.

*Voorzitter Opleidings- en Onderwijsregio Den Haag/Leiden.

*Lid winning team Verkennend Gesprek/ Mentale gezondheidscentra dNggz.

*Psychiater Leo Kannerhuis (onderdeel PG), Oosterbeek.

* OVV Begeleidingscommissie (sept 2024). Onderzoek naar de veiligheid van mensen met ernstige psychiatrische aandoeningen, een vervolg op: Zorg voor veiligheid - Veiligheid van mensen met een ernstige psychische aandoening en hun omgeving - Onderzoeksraad voor Veiligheid.

Hoofdstukken geschreven over psychiatrie en recht en specifiek de Wvggz in verschillende boeken, waar er bij één een kleine vergoeding is betaald.

 

Geen

Geen

*Veel gepubliceerd en gepresenteerd (en doe dat nog) over gedwongen

zorg, dwangbehandeling en dan zowel de juridische- als de ethische aspecten.

*Als voorzitter van de commissie wet- en regelgeving en later van de NVvP betrokken geweest bij de totstandkoming van de wet verplichte GGZ. Vanuit deze positie ook deelgenomen aan rondetafelbijeenkosmten in de 2e kamer en ook aan een expertmeeting in de 1e kamer. Ook heb ik in de media frequent kritiek geuit op de wet. *Momenteel bestuurder van een grote GGZ-instelling waar ook gedwongen zorg geleverd wordt.

Geen

08-04-2024

Geen restrictie

Bakker, Carolien

Juridisch adviseur, de Nederlandse ggz

Lid redactie JGGZR (onbetaald).

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

12-03-2024

Geen restrictie

Bavinck, Chris

Psychiater en geneesheer-directeur, GGz Centraal, Amersfoort

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

21-02-2024

Geen restrictie

Doedens, Paul

* Verpleegkundige, postdoc onderzoeker & principal nurse educator, Amsterdam UMC (0.8 fte)

* Docent-onderzoeker, Hogeschool van Amsterdam (0.2 fte)

Sarcina Hortis:

Eigenaar eenmanszaak (KvK: 61018953). Betaalde opdrachten op het gebied van onderwijs, advies en training in de gezondheidszorg sinds 2014 bij:

- Arkin

- Bohn Stafleu van Loghum

- Cordaan

- GGZ Oostbrabant

- NCOI Groep

- Noordhoff Health

- Vereniging van Nederlandse Reflexzonetherapeuten

- Hogeschool van Amsterdam

- SDU

Nurse Academy:

Redactielid (betaald)

V&VN:

Commissielid, V&V Rookvrij (onbetaald)

Stichting Vakantiespelen:

* Bestuurslid (onbetaald)

* Vereniging Beheer mandelig terrein Paktuinen gelegen achter nummer 27 t/m 35 (oneven nummers)

* Voorzitter (onbetaald)

Pointer:

Spreker (eenmalig) in uitzending van Pointer over separaties in de GGZ.

Geen

Geen

Ik neem geen deel aan extern gefinancierd onderzoek, alleen heb ik een beurs ontvangen van mijn werkgever om postdoctoraal onderzoek mee te doen.

Geen

Geen

05-02-2024

Geen restrictie

van Grevenstein, Maarten

* Kinder- en jeugdpsychiater en geneesheer directeur, Karakter (betaald)

* Lid van de NVVP, afdeling geneesheer directeuren, afdeling kinder- en jeugdpsychiatrie, platform digitalisering (onbetaald).

* Lid van de commissie wet- en regelgeving (CWER) (onbetaald).

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

31-01-2024

Geen restrictie

Havermans, Rob

Geneesheer-directeur, Mondriaan

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

30-01-2024

Geen restrictie

Klooster, Margot

(per januari 2025)

Juridisch beleidsadviseur

NVvP

Gastdocent Recht en Ethiek aan Radboud Centrum voor Sociale Wetenschappen (enkele keren per jaar).

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

04-02-2025

Geen restrictie

Koorengevel, Kathelijne

(per januari 2025)

Psychiater en geneesheer-directeur, Erasmus MC, afdeling Psychiatrie

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

03-04-2025

Geen restrictie

Neven, Arjen

Psychiater, Fivoor FPA Utrecht

*Prelum

*NVvP Leidraad over verplichte zorg bij verslaving (lid commissie, onbetaald)

Geen

Geen

Geen

Ik geef verschillende presentaties over verplichte zorg bij verslaving, o.a. bij verslavingsartsen in opleiding, het leertraject verslavingspsychiatrie van het Radboud MC, rechters en Officieren van Justitie en de afd. geneesheren-directeur van de NVvP.

Geen

30-01-2024

Geen restrictie

Peters Rit, Evi

(tot juni 2024)

Klinisch Geriater, Reinier de Graaf Gasthuis (betaald). Klinisch, poliklinisch en consulterend werk in het ziekenhuis.

Lid werkgroep Wet Zorg en Dwang, NVKG (onbetaald)

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

31-01-2024

Geen restrictie

Philippi, Maaike

Directeur behandeling, CTP Veldzicht

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

06-03-2024

Geen restrictie

Pierik, Peter

(tot juli 2024)

*Mediant 36u p/w Ervaringswerker

*Saxion 8u p/w Docent Ad Ervaringsdeskundigheid

*Patiëntvertegenwoordiger MIND

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

10-03-2024

 

Geen restrictie

Schaffels, Heleen

Psychiater en geneesheer-directeur, GGZinGeest, Amsterdam

Lid van klachtencommissie Zuid Holland noord

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

14-02-2024

Geen restrictie

Sikkens, Erik

Psychiater,

Arkin GGZ (24 uur) en

FPC Oostvaarderskliniek (16 uur)

Eigen praktijk via 1nP (2-4 uur)

*Docent SSR

*Docent OSR

*Docent St. PVP

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

11-03-2024

Geen restrictie

van Til, Mirjam

Verpleegkundig Specialist, Geestelijke Gezondheidszorg

Stichting Arkin

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

12-02-2024

Geen restrictie

Treurniet, Laura

(per november 2024)

Patiëntvertegen

woordiger MIND

Onderzoeksstagair WKZ Utrecht

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

25-10-2024

Geen restrictie

Voskes, Yolande

*Universitairs docent te Amsterdam UMC;

*Senior onderzoeker GGZ Breburg

Voorzitter Stichting HIC&ART

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

02-04-2024

 

Geen restrictie

van der Zanden, Marja

Patiëntvertegen

woordiger MIND

Lid redactieraad Journaal GGZ en Recht Plus

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

05-03-2024

Geen restrictie

Inbreng patiëntenperspectief

De werkgroep besteedde aandacht aan het patiënten- en naastenperspectief door afgevaardigden van de patiëntvereniging MIND te betrekken in de werkgroep en klankbordgroep. De verkregen input is meegenomen bij het opstellen van de uitgangsvragen, de keuze voor de uitkomstmaten en het opstellen van de overwegingen (zie kop ‘Waarden en voorkeuren van patiënten’). De conceptrichtlijn is tevens voor commentaar voorgelegd aan MIND, Stichting Patiëntenvertrouwenspersonen (PVP) en Landelijke Stichting Familievertrouwenspersonen en de eventueel aangeleverde commentaren zijn bekeken en verwerkt door de werkgroep.

 

Kwalitatieve raming van mogelijke financiële gevolgen in het kader van de Wkkgz

Module

Uitkomst raming

Toelichting

Module Besluitvorming toepassen verplichte zorg

Geen financiële gevolgen

Uit de toetsing volgt dat de aanbevelingen niet breed toepasbaar zijn (<5.000 patiënten) en daarom naar verwachting geen substantiële financiële gevolgen zullen hebben voor de collectieve uitgaven.

Werkwijze

Voor meer details over de gebruikte richtlijnmethodologie verwijzen wij u naar de Werkwijze. Relevante informatie voor de ontwikkeling/herziening van deze richtlijnmodule is hieronder weergegeven.

Volgende:
Uitvoering en evaluatie verplichte zorg