Herziening richtlijn Verplichte zorg in de ggz
De richtlijn Dwang en drang (2016) is herzien en heet nu Verplichte zorg in de ggz. De richtlijn sluit nu aan op de Wet verplichte ggz (Wvggz) en legt de nadruk op preventie, zorgvuldige besluitvorming en uitvoering van verplichte zorg.
Door psychische stoornissen kunnen mensen soms een gevaar vormen voor zichzelf of hun omgeving. Dan bestaat er de mogelijkheid om verplichte zorg te verlenen. De vorige medisch-specialistische richtlijn was nog gebaseerd op de oude Wet Bopz. Met de herziening is de naam aangepast naar Verplichte zorg in de ggz, aansluitend bij de terminologie van de huidige wet- en regelgeving rond verplichte zorg (Wvggz). De Wvggz is al op 1 januari 2020 in werking getreden. De ruime ervaring met de nieuwe regelgeving is meegenomen in de herziene richtlijn.
Wat staat erin?
In de richtlijn is aandacht voor het voorkomen van verplichte zorg. Naast dat er een module nu geheel gewijd is aan preventie, komt het ook in andere modules terug. Ook als verplichte zorg wel wordt verleend, wordt er nadruk gelegd op de minst bezwarende vorm van verplichte zorg, het beperken van de duur en frequentie van de verplichte zorg, de veiligheid van patiënten en zorgverleners en het voorkomen van nadelige effecten voor patiënten. Naast preventie ligt het accent op het aanvragen van verplichte zorg, de besluitvorming rondom de toepassing van verplichte zorg en de uitvoering en evaluatie van verplichte zorg.
De richtlijn is ingedeeld in de volgende modules:
- Het onderscheid tussen vrijwillige zorg en verplichte zorg;
- de samenloop van de Wvggz met andere wetgeving;
- preventie van verplichte zorg;
- kwaliteitseisen bij het aanvragen van verplichte zorg;
- het besluitvormingsproces rondom het toepassen van verplichte zorg en de kwaliteitseisen waar de besluitvorming aan dient te voldoen;
- het zorgvuldig uitvoeren en evalueren van verplichte zorg, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen ambulant, somatisch en klinisch verplichte zorg, en de gevolgen en (ervaren) effecten hiervan voor patiënten.
Samenwerking
De richtlijn is ontwikkeld op initiatief van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP). De richtlijn is opgesteld door een multidisciplinaire werkgroep met onder andere vertegenwoordigers vanuit psychiaters en geneesheerdirecteuren (NVvP), verpleegkundigen (V&VN), juristen (Nederlandse GGZ), psychologen (NIP) en patiënten- en naastenvertegenwoordiging (MIND).
Daarnaast hebben experts namens verschillende partijen/organisaties met de conceptrichtlijn meegelezen (o.a. Nederlandse Internisten Vereniging, Landelijke Stichting Familievertrouwenspersonen, Stichting PVP (patiëntvertrouwenspersonen in de ggz), Ambulance zorg Nederland en de Nederlandse Vereniging voor Klinische Geriatrie).
Het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten heeft het traject begeleid. Financiering is afkomstig van de Stichting Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten (SKMS).