Waar gaat deze richtlijn over?

Deze richtlijn richt zich op wat volgens de huidige maatstaven de beste aanbevelingen zijn rondom het vrijgeven van laboratoriumuitslagen.

 

Voor wie is deze richtlijn bedoeld?

Deze richtlijn is bestemd voor alle zorgverleners die betrokken zijn bij het vrijgeven van laboratoriumuitslagen.

 

Voor patiënten

In bloed, urine en andere lichaamsvloeistoffen kunnen stoffen gemeten worden die iets zeggen over uw gezondheid of uw behandeling. Deze stoffen worden in een laboratorium onderzocht. Een arts kan voor de diagnose van een ziekte of een controle laboratoriumonderzoek laten doen. Als dat onderzoek is uitgevoerd, krijgt de arts de uitslagen van het laboratorium terug. Voordat het laboratorium de uitslagen vrijgeeft, controleren medewerkers en specialisten van het laboratorium of de uitslagen kloppen. Zij beoordelen of het laboratoriumonderzoek technisch goed is uitgevoerd en of de uitslag is te verwachten bij de situatie waarin de patiënt zich bevindt.

 

De richtlijn is ook te vinden op de website van de Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde (NVKC):

https://www.nvkc.nl/kwaliteit/richtlijnen/normen-en-richtlijnen.

 

Informatie voor patiënten over laboratoriumtesten en laboratoriumdiagnostiek is te vinden via:

https://www.nvkc.nl/informatie-voor-patiënten.

 

Hoe is de richtlijn tot stand gekomen?

Het initiatief voor deze richtlijn is afkomstig van de Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemieen Laboratoriumgeneeskunde (NVKC)ende Vereniging Artsen Laboratoriumdiagnostiek (VAL). De richtlijn is opgesteld door een multidisciplinaire commissie met vertegenwoordigers vanuit het vakgebied.

 

Autorisatiedatum en geldigheid

Laatst beoordeeld : 14-04-2016

Laatst geautoriseerd : 14-04-2016

Uiterlijk in 2020 bepaalt het bestuur van de Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde in samenspraak met de Vereniging Artsen Laboratoriumdiagnostiek of deze richtlijn nog actueel is. Zo nodig wordt een nieuwe werkgroep geïnstalleerd om de richtlijn te herzien. De geldigheid van de richtlijn komt eerder te vervallen indien nieuwe ontwikkelingen aanleiding zijn een herzieningstraject te starten.

De Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde en de Vereniging Artsen Laboratoriumdiagnostiek zijn als houder van deze richtlijn de eerstverantwoordelijke voor de actualiteit van deze richtlijn.

Initiatief en autorisatie

Initiatief : Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie en Laboratoriumgeneeskunde en Vereniging Artsen Laboratoriumdiagnostiek

Algemene gegevens

De richtlijnontwikkeling werd gefinancierd uit de Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten.

Doel en doelgroep

Doel van de richtlijn

Uitgangspunt is de in 2012 geautoriseerde Richtlijn NVKC Vrijgave van laboratoriumuitslagen. Het doel van doorontwikkeling van deze richtlijn is te komen tot heldere aanbevelingen die leiden tot een zorgvuldige en eenduidige procedure rondom het vrijgeven van laboratoriumuitslagen.

 

Beoogde gebruikers van de richtlijn

De richtlijn is geschreven voor alle leden van de NVKC en VAL die betrokken zijn bij het proces van vrijgeven van laboratoriumuitslagen.

Samenstelling werkgroep

Werkgroep

Voor het doorontwikkelen van de richtlijn is in 2014 een werkgroep ingesteld, bestaande uit klinisch chemici, een laboratoriumarts, een klinisch chemisch analist en een senior onderzoeker klinische chemie. De werkgroepleden zijn door hun beroepsvereniging gemandateerd voor deelname. De werkgroep heeft in een 8-tal vergaderingen en een invitational conference gewerkt aan de doorontwikkeling van de richtlijn. De werkgroep is verantwoordelijk voor de integrale tekst van deze richtlijn.

 

Werkgroepleden

  • Dr. K.M.T. de Bruyn, klinisch chemicus, Tergooi
  • Dhr. M. van der Horst, analist Ontwikkeling & Onderwijs, Scheper Ziekenhuis Emmen
  • Drs. H.E. van Ingen, klinisch chemicus, (voorzitter), Star - Medisch Diagnostisch Centrum
  • Dr. W.P. Oosterhuis, arts klinische chemie, Zuyderland Medisch Centrum (voorheen Atrium Medisch Centrum Parkstad)
  • Dr. H.J.L.M. Ulenkate, klinisch chemicus, ZorgSaam Ziekenhuis
  • Mevr. dr. W.P.H.G. Verboeket-van de Venne, senior onderzoeker klinische chemie, Zuyderland Medisch Centrum (voorheen Atrium Medisch Centrum Parkstad) (secretaris)

 

Met ondersteuning van:

Ir. T.A. van Barneveld, directeur, Kennisinstituut van Medisch Specialisten

Mevr. dr. N.H.J. van Veen, adviseur, Kennisinstituut van Medisch Specialisten

Belangenverklaringen

De werkgroepleden hebben schriftelijk verklaard of ze in de laatste vijf jaar een (financieel ondersteunde) betrekking onderhielden met commerciële bedrijven, organisaties of instellingen die in verband staan met het onderwerp van de richtlijn. Tevens is navraag gedaan naar persoonlijke financiële belangen, belangen door persoonlijke relaties, belangen d.m.v. reputatiemanagement, belangen vanwege extern gefinancierd onderzoek, en belangen door kennisvalorisatie.

 

Lid

Functie

Nevenfuncties

Persoonlijke financiële belangen

Persoonlijke relaties

Reputatiemanagement

Extern gefinancierd onderzoek

Kennisvalorisatie

Overige belangen

KMT de Bruyn

klinisch chemicus

extern auditor RvA (ISO 15189)

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

M van der Horst

analist ontwikkeling & onderwijs

geen

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

HE van Ingen

klinisch chemicus

geen

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

WP Oosterhuis

arts klinische chemie

geen

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

HJLM Ulenkate

klinisch chemicus

extern auditor RvA (ISO 15189)

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

WPHG Verboeket

senior onderzoeker klinische chemie

secretaris NVKC Commissie Richtlijnen

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Inbreng patiƫntenperspectief

De Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie (NPCF) en Diabetesvereniging Nederland (DVN) werden uitgenodigd voor de invitational conference om input te geven op de conceptversie van de richtlijn.

Methode ontwikkeling

Evidence based

Implementatie

Inleiding

Dit implementatieplan is opgesteld ter bevordering van de implementatie van de richtlijn ‘Vrijgave van laboratoriumuitslagen’. Voor het opstellen van dit plan is een inventarisatie gedaan van de mogelijk bevorderende en belemmerende factoren voor het naleven van de aanbevelingen. Daarbij heeft de richtlijncommissie een advies uitgebracht over het tijdspad voor implementatie, de daarvoor benodigde randvoorwaarden en de acties die door verschillende partijen ondernomen dienen te worden.

 

Werkwijze

De werkgroep heeft per minimumnorm geïnventariseerd:

  • Per wanneer de aanbeveling overal geïmplementeerd moet kunnen zijn;
  • De verwachte impact van implementatie van de aanbeveling op de zorgkosten;
  • Randvoorwaarden om de norm te kunnen implementeren;
  • Mogelijke barrières om de norm te kunnen implementeren;
  • Mogelijke acties om de implementatie van de norm te bevorderen;
  • Verantwoordelijke partij(en) voor de te ondernemen acties.

 

Voor iedere norm is nagedacht over de hierboven genoemde punten. Zie aanverwant voor een implementatieplan per aanbeveling.

 

Implementatietermijnen

Direct in te voeren aanbevelingen (< 3 maanden)

Voor een aantal aanbevelingen geldt dat zij zo spoedig mogelijk geïmplementeerd kunnen en dienen te worden én dat er geen wezenlijke belemmeringen voor implementatie zijn. Dit betekent dat zij vrijwel direct geïmplementeerd kunnen worden en dat binnen drie maanden na autorisatie van de richtlijn iedereen aan deze aanbevelingen dient te voldoen.

 

Aanbevelingen in te voeren binnen 1 jaar

Voor een aantal aanbevelingen dient een langere implementatietermijn aangehouden te worden (< 1 jaar na autorisatie van de richtlijn). Deze aanbevelingen kunnen niet direct worden ingevoerd, omdat procedures aangepast moeten worden en/of beperkte barrières voor implementatie aanwezig zijn.

 

Aanbevelingen in te voeren binnen 3 jaar

Bij deze aanbevelingen zijn mogelijk grote barrières voor implementatie aanwezig. Voorbeelden zijn ingrijpende wijzigingen aan IT-systemen of veranderingen waarbij meerdere beroepsgroepen betrokken zijn. De invoering van deze aanbevelingen heeft daarom tijd nodig om systemen aan te passen, procedures te ontwikkelen en te toetsen aan de praktijk. Er wordt uitgegaan van een haalbare implementatietermijn van 3 jaar.

 

Te ondernemen acties per partij

Hieronder wordt per partij toegelicht welke acties zij kunnen ondernemen om de implementatie van de richtlijn te bevorderen.

 

De direct betrokken wetenschappelijke verenigingen/beroepsorganisaties (NVKC, VAL)

  • Bekend maken van de richtlijn onder de leden.
  • Publiciteit voor de richtlijn maken door over de richtlijn te publiceren in tijdschriften en te presenteren op congressen.
  • Ontwikkelen van gerichte bijscholing/trainingen.
  • Controleren van de toepassing van de aanbevelingen door middel van audits en de kwaliteitsvisitatie.
  • Afspraken maken over en opstarten van continu onderhoud van de richtlijn.

 

De lokale vakgroepen/individuele medisch professionals

  • Het bespreken van de aanbevelingen in de vakgroepsvergadering en lokale werkgroepen.
  • Het volgen van bijscholing over de richtlijn.
  • Afstemmen en afspraken maken met andere betrokken disciplines om de toepassing van de aanbevelingen in de praktijk te borgen.

 

De systeemstakeholders (onder andere zorgverzekeraars, (koepelorganisaties van) ziekenhuisbestuurders, IGZ)

Er worden geen problemen verwacht ten aanzien van de financiering van het proces van vrijgave van laboratoriumuitslagen. Op dit punt is er geen directe actie van de ziekenhuizen of zorgverzekeraars vereist. Voor de Inspectie (IGZ) is het van belang dat zij kennis neemt van de aanbevelingen en bijbehorende invoeringstermijn.

 

Het Kennisinstituut van Medisch Specialisten

Toevoegen van de richtlijn aan de richtlijnendatabase. Daarbij opnemen: dit implementatieplan en de kennislacunes.

 

Indicatoren

Voor deze richtlijn zijn geen indicatoren ontwikkeld.

Werkwijze

Voor de ontwikkeling van de richtlijn is gebruik gemaakt van het adviesrapport Medisch Specialistische Richtlijnen 2.0 van de adviescommissie Richtlijnen van de Raad Kwaliteit en van het NVKC Reglement: ontwikkeling, herziening en autorisatie van richtlijnen (april 2015).

 

Knelpunten en uitgangsvragen

Tijdens de eerste bijeenkomst besprak de werkgroep de knelpunten met betrekking tot de doorontwikkeling van de richtlijn. Op basis van de knelpunten werden uitgangsvragen opgesteld.

 

Strategie voor onderbouwing richtlijn

Er is specifiek gezocht naar literatuur over de meerwaarde van confirmeren en autoriseren. Deze literatuur is beoordeeld op relevantie en samengevat. Voor de andere onderdelen van de richtlijn is uitgegaan van bestaande consensus zoals beschreven in (internationale) richtlijnen en standaarden, wet- en regelgeving en kwaliteitsnormen.

 

Aanbevelingen en overwegingen

De aanbevelingen zijn gebaseerd op wetenschappelijke literatuur voor zover voorhanden en andere overwegingen, zoals wet- en regelgeving. Vanwege de beperkt beschikbare wetenschappelijke literatuur, spelen andere overwegingen een belangrijke rol bij deze richtlijn.

 

Randvoorwaarden

Bij de ontwikkeling van de richtlijn is expliciet rekening gehouden met de organisatie rondom de goedkeuring en vrijgave van laboratoriumuitslagen: alle aspecten die randvoorwaardelijk zijn voor het inrichten van het proces (zoals coördinatie, communicatie, (financiële) middelen, menskracht en infrastructuur). Randvoorwaarden die relevant zijn voor het beantwoorden van een specifieke uitgangsvraag maken onderdeel uit van de overwegingen bij de bewuste uitgangsvraag.

 

Implementatie

In de verschillende fasen van de richtlijnontwikkeling is rekening gehouden met de implementatie van de richtlijn en de praktische uitvoerbaarheid van de aanbevelingen. Daarbij is uitdrukkelijk gelet op factoren die de invoering van de richtlijn in de praktijk kunnen bevorderen of belemmeren. Zie hiervoor het ‘Implementatieplan’ onder aanverwant.

De richtlijn wordt digitaal verspreid onder alle relevante beroepsgroepen. Ook is de richtlijn te downloaden vanaf de website van de Richtlijnendatabase (www.richtlijnendatabase.nl).

 

Kennislacunes

Bij elke uitgangsvraag is door de werkgroep nagegaan of er (aanvullend) wetenschappelijk onderzoek gewenst is. Een overzicht van aanbevelingen voor nader/vervolg onderzoek staat in de ‘Kennislacunes’ onder aanverwant.

 

Invitational conference

Een eerste inhoudelijke opzet van de richtlijn werd in een invitational conference ter commentaar voorgelegd aan verschillende relevante en belanghebbende partijen. Uitgenodigd werden: afgevaardigden van betrokken en/of mogelijk belanghebbende wetenschappelijke verenigingen /beroepsorganisaties (NVKC, VAL, NVML, SAN, NVMM, NVVP); individuele medisch professionals, werkzaam in huisartsenlaboratoria en laboratoria van algemene of academische ziekenhuizen; afgevaardigden van patiëntenorganisaties (NPCF, DVN); afgevaardigden van systeemstakeholders (IGZ, NZa, ZiNL, NVZ, NFU, ZN, RvA); en directeur en adviseurs van het Kennisinstituut van Medisch Specialisten. De commentaren werden, indien relevant bevonden, verwerkt in de richtlijn.

 

Commentaar- en autorisatiefase

De definitieve conceptrichtlijn werd voorgelegd voor commentaar aan de NVKC leden (in overeenstemming met het NVKC Reglement: ontwikkeling, herziening en autorisatie van richtlijnen). De commentaren werden verzameld en besproken met de werkgroep. Naar aanleiding van de commentaren werd de conceptrichtlijn aangepast en definitief vastgesteld door de werkgroep. De definitieve richtlijn werd ter stemming gebracht tijdens de algemene ledenvergadering van de NVKC en geautoriseerd.

 

Juridische betekenis van richtlijnen

Richtlijnen zijn geen wettelijke voorschriften, maar bevatten inzichten en aanbevelingen om kwalitatief goede zorg te verlenen. Afwijken van richtlijnen mag en is in bepaalde situaties zelfs noodzakelijk. Afwijkingen van de richtlijn dienen altijd beargumenteerd en gedocumenteerd te worden.

Zoekverantwoording

Zoekacties zijn opvraagbaar. Neem hiervoor contact op met de Richtlijnendatabase.