Waar gaat deze richtlijn over?

Deze richtlijn richt zich op wat volgens de huidige maatstaven de beste zorg is voor patiënten met eierstokkanker. In de richtlijn komen de volgende onderwerpen aan de orde:

    • Screening van de bevolking op eierstokkanker
    • De prognose van eierstokkanker
    • Welke onderzoeken patiënten moeten ondergaan bij (verdenking op) eierstokkanker
    • Pathologisch onderzoek bij eierstokkanker (onderzoek van bij patiënten weggenomen weefsels of cellen)
    • Alle vormen van behandeling voor patiënten met eierstokkanker in verschillende stadia
    • Welke behandelopties er zijn indien eierstokkanker terugkomt na eerdere behandeling
    • De nacontrole en nazorg van patiënten met eierstokkanker
    • Verpleegkundige en ondersteunende zorg bij eierstokkanker
    • Communicatie en voorlichting bij eierstokkanker
    • Organisatie van de zorg bij eierstokkanker

 

Voor wie is de richtlijn bedoeld?

Deze richtlijn is bedoeld voor alle zorgverleners die betrokken zijn bij de zorg voor patiënten met eierstokkanker.

 

Voor patiënten

Een ander woord voor ovariumcarcinoom is eierstokkanker. Globaal bestaan er drie typen van kwaadaardige gezwellen aan de eierstok. Epitheliale eierstokkanker is er één van en is de meest voorkomende vorm. Het is een tumor die ontstaat uit de buitenste laag cellen van de eierstok. In het begin van de ziekte geeft eierstokkanker vaak weinig klachten. Als gevolg hiervan wordt deze vorm van kanker vrijwel nooit vroeg ontdekt. In Nederland krijgen jaarlijks ongeveer 1300 vrouwen eierstokkanker.

 

Meer informatie over eierstokkanker is te vinden op kanker.nl:

https://www.kanker.nl/eierstokkanker

 

Een Consultkaart kan een nuttig hulpmiddel zijn wanneer er een behandelkeuze gemaakt dient te worden. Meer informatie over nacontroles bij gevorderde eierstokkanker is te vinden in de Consultkaart 'medische nazorg (nacontroles) bij gevorderde eierstokkanker: mogelijkheden'.

 

Hoe is de richtlijn tot stand gekomen?

Het initiatief voor deze richtlijn is afkomstig van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG). De richtlijn is opgesteld door een landelijke multidisciplinaire commissie met vertegenwoordigers vanuit de gynaecologen, medisch oncologen, radiotherapeuten en pathologen. De commissie werd aangevuld met vertegenwoordigers vanuit Levenmetkanker, Verpleegkundigen en Verzorgenden Nederland (V&VN) afdeling oncologie, Nederlandse Vereniging Psychosociale Oncologie (NVPO) en het Nederlands Instituut voor Psychologen (NIP).

 

Autorisatiedatum en geldigheid

Laatst beoordeeld : 05-12-2012

Laatst geautoriseerd : 05-12-2012

Initiatief en autorisatie

Initiatief : Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie

Methode ontwikkeling

Consensus based

Werkwijze

Voor iedere uitgangsvraag werd een subgroep geformeerd met vertegenwoordigers van relevante disciplines. Daarnaast zorgde een redactieteam, bestaande uit de voorzitter, de voorzitter van de CRGO, de procesbegeleider en projectsecretaresse van het IKNL, voor de coördinatie en onderlinge afstemming van de subgroepen. De werkgroep heeft gedurende een periode van ongeveer een jaar gewerkt aan de tekst voor de conceptrichtlijn. De werkgroepleden schreven in subgroepen teksten die plenair werden besproken en na verwerking van de commentaren werden geaccordeerd. De teksten van de subgroepen zijn door het redactieteam samengevoegd en op elkaar afgestemd tot één document. De richtlijn is door de CRGO vastgesteld en ter autorisatie aan de NVOG voorgelegd. 

De leidraad voor de ontwikkeling van de richtlijnen voor oncologische en palliatieve zorg is het AGREE instrument. Dit instrument is gemaakt voor de beoordeling van bestaande, nieuwe en herziene richtlijnen.

 

Het AGREE Instrument beoordeelt zowel de kwaliteit van de verslaglegging als de kwaliteit van bepaalde aspecten van de aanbevelingen. Het beoordeelt de kans dat een richtlijn zijn gewenste doel zal behalen, maar niet de daadwerkelijke impact op patiëntuitkomsten.

Zoekverantwoording

Zoekacties zijn opvraagbaar. Neem hiervoor contact op met de Richtlijnendatabase.