Onderhoudsbehandeling primaire Parp
Uitgangsvraag
Wat is het effect van onderhoudsbehandeling met poly-(ADP-ribose)-polymerase (PARP) remmers na primaire behandeling van patiënten met ovariumcarcinoom?
Aanbeveling
Geef alleen een onderhoudsbehandeling met 2 jaar olaparib aan patiënten met een FIGO III-IV hooggradig sereus of endometrioïd ovariumcarcinoom en een kiembaan of somatische BRCA-mutatie en die na een primaire behandeling een goede respons hebben.
Voor alle andere vrouwen met ovariumcarcinoom is onvoldoende effect van PARP- remmers op de overleving aangetoond en geen vergoeding beschikbaar.
Overwegingen
Voor- en nadelen van de interventie en de kwaliteit van het bewijs
De kwaliteit van de studies was goed, met een laag risico op bias. De populatie en subgroepen zijn duidelijk beschreven, met uitzondering van de studie met rucaparib, die geen onderscheid maakte tussen HRD- of BRCA-mutatie (Monk 2022). Bij de beoordeling van de uitkomstmaten wordt een deel van het verschil vooral verklaard door de patiënten met een BRCA-mutatie die behandeld werden met de PARP-remmer. Drie studies hebben na voldoende follow-up overlevingsdata gepresenteerd (Di Silvestro 2023 en Ray Coquard 2023, Monk 2024). In de dagelijkse praktijk was er ten tijde van de studies geen eenduidig gevalideerde HRD-test beschikbaar.
Waarden en voorkeuren van patiënten (en evt. hun verzorgers)
Circa 20% van de hooggradig sereuse ovariumcarcinomen zijn BRCA gemuteerd. Alleen deze patiënten hebben momenteel de mogelijkheid tot behandeling met een PARP-remmer. Er is een reële winst te verwachten in de vorm van verlengde progressievrije overleving en een mogelijke kans op verlengde totale overleving ten koste van blootstelling aan bijwerkingen.
Kosten (middelenbeslag)
Indien de patiënten zonder HRD de behandeling met PARP-remmers krijgen zonder kans op verlenging van de progressievrije overleving of overleving, is dit een niet zinvol of doelmatig gebruik. Indien de patiënten zonder BRCA-mutatie de behandeling met PARP-remmers krijgen, ten opzichte van enkel een kans op progressievrije overleving zonder verbetering in totale overleving, dan is dit een onvoldoende doelmatig gebruik van de middelen.
Aanvaardbaarheid, haalbaarheid en implementatie
In principe zou een onderhoudsbehandeling die adjuvant bedoeld is alleen moeten worden voorgeschreven als dit leidt tot een significante overlevingswinst.
Recent heeft het Zorginstituut een nieuw standpunt ingenomen met betrekking tot de vergoeding van PARP-remmers als onderdeel van de behandeling van vrouwen met eierstokkanker (Zorginstituut 2025). De basis van dit standpunt is dat PARP-remmers alleen in aanmerking komen voor vergoeding als er een (significant en relevant) positief effect is op overleving. Op basis hiervan worden PARP-remmers (olaparib) alleen vergoed bij vrouwen met een BRCA mutatie (kiembaan of somatisch).
Onderbouwing
Achtergrond
Na de introductie van PARPremmers bij respons op een platinumbevattende therapie voor recidief ovariumcarcinoom, zijn inmiddels een aantal PARPremmers onderzocht voor behandeling na respons op primaire behandeling bestaande uit chemotherapie met of zonder chirurgie. In deze module wordt de waarde van PARPremmers na primaire behandeling onderzocht, met name omdat hierbij het belang van een homologe recombinatie deficientie (HRD) naast een BRCA mutatie van belang is voor de kans winst in ziektevrije overleving en overleving.
Conclusies / Summary of Findings
|
Hoog GRADE |
Onderhoudsbehandeling met een PARP-remmer voor patiënten met een FIGO III-IV primair ovariumcarcinoom en een BRCA-mutatie leidt tot een verlengde progressievrije overleving.
Bron: Moore, 2018; Gonzalez-Martin, 2019; Li, 2023; Ray Coquard, 2023, Monk 2024 |
|
Redelijk GRADE |
Onderhoudsbehandeling met olaparib voor patiënten met een FIGO III-IV primair ovariumcarcinoom en een BRCA-mutatie leidt tot een verlengde overleving.
Bron: Di Silvestro, 2022; Ray Coquard, 2023 |
|
Redelijk GRADE |
Onderhoudsbehandeling met een PARP-remmer voor patiënten met een FIGO III-IV primair ovariumcarcinoom met een Homologe Reparatie Deficiëntie (HRD) zonder BRCA-mutatie leidt tot een verlengde progressievrije overleving.
Bron: Gonzalez-Martin, 2019; Li, 2023; Ray Coquard, 2023, Monk 2024 |
|
Redelijk GRADE |
Onderhoudsbehandeling met een PARP-remmer voor patiënten met een FIGO III-IV primair ovariumcarcinoom met een Homologe Reparatie Deficiëntie (HRD) zonder BRCA-mutatie leidt niet tot een verbetering in overleving.
Bron: Monk 2024 |
|
Zeer laag GRADE
|
Onderhoudsbehandeling met een PARPremmer voor patiënten met een FIGO III-IV primair ovariumcarcinoom zonder een Homologe Reparatie Deficiëntie (HRD) leidt tot een verlengde progressievrije overleving.
Bron: Martin Gonzalez, 2019; Li 2023; Ray Coquard, 2023, Monk 2024 |
|
Laag GRADE |
Onderhoudsbehandeling met een PARP-remmer in combinatie met bevacizumab voor patiënten met een Homologe Reparatie Deficiëntie (HRD) zonder BRCA-mutatie leidt tot een verlengde overleving.
Bron: Ray Coquard, 2023 |
Samenvatting literatuur
Beschrijving studies
De SOLO1 studie onderzocht alleen vrouwen met een hooggradig sereus of endometrioïd FIGO stadium III of IV ovariumcarcinoom die een BRCA kiembaan of somatische mutatie bevatte. In deze dubbelblind gerandomiseerde studie werden patiënten na een goede respons op primaire, dan wel intervaldebulking en platina bevattende chemotherapie, gerandomiseerd tussen een 2 jaar durende onderhoudsbehandeling met olaparib of placebo. Het primaire eindpunt was PFS, het secundaire eindpunt was OS. Inmiddels zijn van deze studie na een mediane follow up van 7 jaar ook OS data gerapporteerd. (Friedlander, 2021; Banerjee, 2021; Moore, 2018; Colombo,2021; DiSilvestro, 2022)
De PRIMA studie is eveneens een dubbelblind gerandomiseerde placebo gecontroleerde fase III studie. Deze studie onderzocht een meer uitgebreide populatie, namelijk vrouwen met een hooggradig sereus of endometrioïd ovariumcarcinoom FIGO stadium III of IV die een goede response hadden op primaire of intervaldebulking en platinumbevattende chemotherapie, waarbij onder andere gestratificeerd werd naar HRD status. Vrouwen met een complete primaire debulking waren uitgesloten van deze studie. In deze studie werd de onderhoudsbehandeling gedurende 3 jaar gegeven. Primaire eindpunt was PFS, secundair eindpunten waren OS en QOL. Voor follow up data beschikken we over PFS en OS. QOL werd gemeten met de EQ5D vragenlijst (Gonzalez-Martin, 2019; Gonzalez-Martin,2023; Baretina Ginesta 2022. Monk 2024 en Pothuri 2024).
De PAOLA studie is een dubbelblind gerandomiseerde placebo gecontroleerde studie voor vrouwen met een hooggradig sereus of endometrioïd ovariumcarcinoom FIGO stadium III of IV die een goede response hadden na primaire of intervaldebulking en platinum bevattende chemotherapie in combinatie met bevacizumab gevolgd door een twee jaar durende onderhoudsbehandeling met bevacizumab en olaparib of placebo, waarbij onder andere gestratificeerd werd naar BRCA status, maar niet naar HRD status. Primaire eindpunt was PFS, secundair eindpunten waren OS en QOL (Harter, 2022; RayCoquard 2023).
De PRIME studie was een gerandomiseerde placebo gecontroleerde fase III studie voor vrouwen met een hooggradig sereus of endometroid ovariumcarcinoom, FIGO stadium III of IV die een goede response hadden op primaire of intervaldebulking en platinumbevattende chemotherapie, waarbij onder andere gestratificeerd werd naar BRCA kiembaan mutatie en HRD status. Primaire uitkomstmaat was PFS, secundaire uitkomst was OS. Deze studie is volledig uitgevoerd in China (Li, 2023).
ATHENA studie, een dubbelblinde placebo gecontroleerde dubbele gerandomiseerde fase III studie met rucaparib voor vrouwen met een epitheel ovariumcarcinoom, FIGO stadium III of IV die een goede response hadden op primaire of intervaldebulking en platinumbevattende chemotherapie, waarbij onder andere gestratificeerd werd naar BRCA mutatie status en HRD. Primaire eindpunt was PFS, secundair eindpunt was OS. Van deze studie zijn de PFS resultaten van rucaparib versus placebo gepubliceerd, de tweede randomisatie met nivolumab was ten tijde van de search nog niet gepubliceerd als full paper (Monk, 2022).
Resultaten
Progressievrije overleving
Totale populatie.
Voor de totale populaties werden de volgende resultaten gerapporteerd. Van de SOLO1 (alleen patiënten met een BRCA mutatie) werd een winst in PFS van 42,2 maanden gezien door behandeling met olaparib (mediane PFS: 56,0 maanden vs. 13,8 maanden; HR=0,33 (95% CI 0,25-0,43) (Banerjee, 2021).
Van de PRIMA studie rapporteerde men voor de totale populatie een mediane PFS winst door niraparib van 5,6 maanden (13,8 maanden vs. 8,2 maanden; HR=0,66 (95% CI 0,56-0,79) p<0.001 (Gonzalez-Martin, 2023), terwijl in de PAOLA studie met olaparib een mediane PFS winst van 6,3 maanden werd gevonden: 22,9 maanden vs 16,6 maanden; HR=0,63 (95% CI 0,53-0,74) (Ray Coquard, 2023). De PRIME studie met niraparib toonde een winst in mediane PFS van 15,9 maanden: 24,8 maanden vs. 8,3 maanden; HR= 0,45 (95%CI 0,34-0,60) (Li, 2023). Voor de ATHENA studie tot slot werd een mediane PFS winst beschreven van 11 maanden: 20,2 maanden versus 9,2 maanden HR=0,52 (95%CI 0,40-0,68) (Monk, 2022).
Patiënten met een Homologe Reparatie Deficiëntie en een BRCA mutatie.
In de PRIMA studie was het verschil in mediane PFS 11,2 maanden: 22,1 maanden met niraparib en 10,9 maanden met placebo; HR 0,40 (95% CI 0,27-0,62) (Gonzalez-Martin, 2019).
In de PAOLA studie was voor deze groep het verschil in de mediane PFS van 39 maanden niet betrouwbaar: 60,7 maanden (onstabiel) voor niraparib en 21,7 maanden voor placebo; HR=0,45 (95%CI 0,32-0,64) (Ray Coquard 2023).
In de ATHENA studie is deze groep niet gespecificeerd maar wordt de algemene HRD groep beschreven waarbij de mediane PFS 17,4 maanden verschilde: 28,7 maanden voor rucaparib en 11,3 maanden voor placebo; HR=0,47 (95% CI 0,31-0,72) (Monk, 2022).
Patiënten met een Homologe Reparatie Deficiëntie zonder BRCA mutatie.
Voor deze groep patiënten werd in de PRIMA studie een verschil in mediane PFS van 9 maanden gezien: 19,4 maanden voor niraparib versus 10,4 maanden voor placebo; HR=0,66 (95% CI 0,44-1,00) (Gonzalez-Martin, 2023). In de PAOLA studie was het verschil in mediane PFS 13,4 maanden: 30,0 maanden voor olaparib en 16,6 maanden voor placebo; HR=0,47 (95%CI 0,32-0,70) (Ray Coquard, 2023), terwijl in de PRIME studie een verschil in mediane PFS van 11,3 maanden werd gevonden: 19,3 maanden voor niraparib en 8,3 maanden voor placebo, HR 0.48 (95% CI 0.34-0.67) (Li, 2023).
In de ATHENA studie is deze groep niet geanalyseerd.
Patiënten zonder een Homologe Reparatie Deficiëntie.
In de PRIMA studie werd een verschil gevonden in mediane PFS van 3 maanden: 8,4 maanden voor niraparib en 5,4 maanden voor placebo; HR=0,65 (95%CI 0,49-0,87) (Gonzalez-Martin, 2023). In de PAOLA studie was het verschil in de mediane PFS voor deze groep patiënten 0,4 maanden: 16,6 maanden voor olaparib en 16,2 maanden voor placebo; HR 1.01 (95%CI 0,77-1,33) (Ray Coquard, 2023). In de PRIME studie werd een verschil in mediane PFS van 11,1 maanden gevonden: 16,6 maanden voor niraparib en 5,5 maanden voor de placebo groep; HR=0.41 (95%CI 0,22-0,75) (Li, 2023). In de ATHENA studie werd een verschil van 3 maanden gevonden ten voordele van rucaparib: 12,1 maanden versus 9,1 maanden; HR=0,65 (95%CI 0,45-0,95) (Monk, 2022).
Algehele overleving
Er zijn overlevingsdata bekend voor de SOLO1 en PAOLA-studie.
Van de SOLO1 studie zijn de 7 jaar OS data gepubliceerd: van de met olaparib behandelde groep was nog 67% van de patiënten in leven en van de placebo groep 46,5%; (HR=0,55 (95% CI 0,40-0,76). (DiSilvestro, 2022). De mediane overleving was voor de olaparib groep dus nog niet bereikt.
De OS resultaten van de PRIMA studie zijn in 2024 gepubliceerd. Hierbij werd in geen enkele subgroep een overlevingswinst gezien voor de experimentele groep versus de controle groep. OS in de gehele populatie was 46.6 in de niraparib groep vs 48.8 maanden (HR 1.01) en in de HRD populatie 71.9 maanden vs 69.8 maanden (HR 0.95, ns). Van deze populatie was op 5 jaar 55% in leven, bovendien had 48.4% van de HRD populatie in later lijn alsnog een PARP remmer gekregen.
Voor de PAOLA studie zijn de OS gegevens van de volgende subgroepen bekend. Mediane OS voor de hele groep was 56,5 maanden voor olaparib behandelde patiënten en 51,6 maanden voor placebo behandelde patiënten; HR=0,92 (95% CI 0,76-1,12) (Ray Coquard, 2023). Voor de HRD-positieve tumoren werd een verschil in mediane OS van 17,9 maanden gevonden, 75,2 maanden (onstabiel) voor met olaparib behandelde patiënten en 57,3 maanden voor met placebo behandelde patiënten; HR=0,62 (95%CI 0,45-0,85) (Ray Coquard, 2023). Voor de HRD-positieve tumoren inclusief BRCA mutatie was de mediane OS onbetrouwbaar, want opnieuw instabiel met een mediane OS voor olaparib behandelde patiënten van 75,2 maanden en placebo behandelde patiënten van 66,9 maanden; HR=0,60 (95%CI 0,39-0,93) (Ray Coquard, 2023). Voor de HRD-positieve tumoren zonder BRCA mutatie was de mediane OS nog niet bereikt voor de olaparib groep, terwijl de mediane OS van placebo groep 52,0 maanden was; HR=0,71 (95%CI 0,45-1,13) (Ray Coquard, 2023). Voor de HRD negatieve patiënten in de PAOLA studie werd een mediane OS van 36,8 maanden gevonden voor patiënten behandeld met olaparib, terwijl de met placebo behandelde groep een mediane OS had van 40,4 maanden; HR=1,19 (95CI 0,88-1,63) (Ray Coquard, 2023).
Kwaliteit van leven
In 4 studies werd kwaliteit van leven (QOL) als secundair eindpunt onderzocht en gerapporteerd. In de SOLO1 werd de FACT-O gebruikt. Er werd geen significant verschil tussen olaparib en placebo gevonden (Friedlander 2021) . De kwaliteit van leven in de PRIMA trial is gemeten met de EQ5D en apart gepubliceerd: quality-adjusted PFS (QA-PFS) en quality-adjusted time without symptoms of disease or toxicity (Q-TWiST) lieten beiden een significante verbetering in restricted means zien van 2,4 maanden voor de overall populatie en de HRD populatie tussen niraparib en placebo (Barretina-Ginesta, 2022, Pothuri 2024)
Met de EORTC QLQ C30 vragenlijst in de PAOLA studie werd geen significant verschil gevonden tussen de olaparib en de placebogroep (Ray Coquard, 2019).
In de ATHENA studie werd met de FACT-O geen duidelijk verschil gevonden tussen rucaparib en placebo (Monk,2022).
Toxiciteit
Toxiciteit tussen de verschillende PARPremmers varieerde, waarbij voor olaparib de belangrijkste graad 3-4 toxiciteit de anemie, neutropenie en gastro-intestinale bijwerkingen waren (Moore, 2018; Hartger, 2022), voor niraparib waren dat trombopenie, anemie en hypertensie (Gonzalez-Martin, 2019; Li, 2023) en voor rucaparib waren dat anemie, neutropenie en verhoogde ALAT en ASAT (Monk, 2022).
Bewijskracht van de literatuur
De bewijskracht voor de uitkomstmaat progressievrije overleving bij patiënten met een BRCA mutatie is niet verlaagd.
De bewijskracht voor de uitkomstmaat overleving bij patiënten met een BRCA mutatie is met 1 niveau verlaagd gezien het geringere aantal patiënten (imprecisie).
De bewijskracht voor de uitkomstmaat progressievrije overleving bij patiënten met een Homologe Reparatie Deficiëntie zonder BRCA is met 1 niveau verlaagd gezien het geringe aantal patiënten (imprecisie).
De bewijskracht voor de uitkomstmaat progressievrije overleving bij patiënten zonder een Homologe Reparatie Deficiëntie is met 3 niveaus verlaagd gezien tegenstrijdige resultaten (inconsistentie); extrapoleerbaarheid (bias t.g.v. indirectheid); het geringe aantal patiënten (imprecisie).
De bewijskracht voor de uitkomstmaat overleving bij patiënten met een Homologe Reparatie Deficiëntie zonder BRCA mutatie is met 2 niveaus verlaagd gezien extrapoleerbaarheid (bias t.g.v. indirectheid) en het geringe aantal patiënten (imprecisie).
Zoeken en selecteren
Om de uitgangsvraag te kunnen beantwoorden is er een systematische literatuuranalyse verricht naar de volgende zoekvraag:
| P: | patiënten met FIGO stadium III of IV ovariumcarcinoom, hooggradig sereus of endometrioïd adenocarcinoom behandeld met respons op platinum bevattende chemotherapie |
| I: | primaire behandeling met PARPremming |
| C: | primaire behandeling zonder PARPremming |
| O: | progression free survival, overall survival en quality of life |
Relevante uitkomstmaten
De werkgroep achtte overall survival (OS) (een) voor de besluitvorming cruciale uitkomstmaat; en progression free survival (PFS) en quality of life (QOL) voor de besluitvorming belangrijke uitkomstmaten.
De werkgroep definieerde HR < 0.7 voor OS als de belangrijkste klinische uitkomstmaat, een HR <0.6 voor PFS als een klinisch (patiënt) relevant verschil. Geen significant verschil in kwaliteit van leven was ook een relevante uitkomstmaat
Zoeken en selecteren (Methode)
In de databases Medline (via Pubmed) en Cochrane Library (via Wiley) is op 14 september 2023 met relevante zoektermen gezocht naar studies met ovariumcarcinoom patiënten en PARP remmers in de primaire behandeling. De zoekverantwoording is weergegeven onder het tabblad Verantwoording. De literatuurzoekactie leverde 166 treffers op. Studies werden geselecteerd op grond van de volgende selectiecriteria: randomised controlled trial. Op basis van titel en abstract werden in eerste instantie 27 publicaties voorgeselecteerd. Na raadpleging van de volledige tekst, werden vervolgens 16 publicaties geëxcludeerd (zie exclusietabel onder het tabblad Verantwoording), en 5 studies definitief geselecteerd, waarvan 11 artikelen gepubliceerd zijn.
Resultaten
Vijf onderzoeken zijn opgenomen in de literatuuranalyse. De belangrijkste studiekarakteristieken en resultaten zijn opgenomen in de evidence tabellen. De beoordeling van de individuele studieopzet (risk of bias) is opgenomen in de risk-of-biastabellen.
Referenties
- 1 - Banerjee S, Moore KN, Colombo N, Scambia G, Kim BG, Oaknin A, Friedlander M, Lisyanskaya A, Floquet A, Leary A, Sonke GS, Gourley C, Oza A, González-Martín A, Aghajanian C, Bradley WH, Holmes E, Lowe ES, DiSilvestro P. Maintenance olaparib for patients with newly diagnosed advanced ovarian cancer and a BRCA mutation (SOLO1/GOG 3004): 5-year follow-up of a randomised, double-blind, placebo-controlled, phase 3 trial. Lancet Oncol. 2021 Dec;22(12):1721-1731. Doi: 10.1016/S1470-2045(21)00531-3. Epub 2021 Oct 26. Erratum in: Lancet Oncol. 2021 Dec;22(12):e539. PMID: 34715071.
- 2 - Barretina-Ginesta MP, Monk BJ, Han S, Pothuri B, Auranen A, Chase DM, Lorusso D, Anderson C, Abadie-Lacourtoisie S, Cloven N, Braicu EI, Amit A, Redondo A, Shah R, Kebede N, Hawkes C, Gupta D, Woodward T, O'Malley DM, González-Martín A. Quality-adjusted time without symptoms of disease or toxicity and quality-adjusted progression-free survival with niraparib maintenance in first-line ovarian cancer in the PRIMA trial. Ther Adv Med Oncol. 2022 Sep 22;14:17588359221126149. doi: 10.1177/17588359221126149. PMID: 36172173; PMCID: PMC9511290.
- 3 - Colombo N, Moore K, Scambia G, Oaknin A, Friedlander M, Lisyanskaya A, Floquet A, Leary A, Sonke GS, Gourley C, Banerjee S, Oza A, González-Martín A, Aghajanian C, Bradley WH, Kim JW, Mathews C, Liu J, Lowe ES, Bloomfield R, DiSilvestro P. Tolerability of maintenance olaparib in newly diagnosed patients with advanced ovarian cancer and a BRCA mutation in the randomized phase III SOLO1 trial. Gynecol Oncol. 2021 Oct;163(1):41-49. doi: 10.1016/j.ygyno.2021.07.016. Epub 2021 Aug 2. PMID: 34353615; PMCID: PMC9555119.
- 4 - DiSilvestro P, Banerjee S, Colombo N, Scambia G, Kim BG, Oaknin A, Friedlander M, Lisyanskaya A, Floquet A, Leary A, Sonke GS, Gourley C, Oza A, González-Martín A, Aghajanian C, Bradley W, Mathews C, Liu J, McNamara J, Lowe ES, Ah-See ML, Moore KN; SOLO1 Investigators. Overall Survival With Maintenance Olaparib at a 7-Year Follow-Up in Patients With Newly Diagnosed Advanced Ovarian Cancer and a BRCA Mutation: The SOLO1/GOG 3004 Trial. J Clin Oncol. 2023 Jan 20;41(3):609-617. doi: 10.1200/JCO.22.01549. Epub 2022 Sep 9. PMID: 36082969; PMCID: PMC9870219.
- 5 - Friedlander M, Moore KN, Colombo N, Scambia G, Kim BG, Oaknin A, Lisyanskaya A, Sonke GS, Gourley C, Banerjee S, Oza A, González-Martín A, Aghajanian C, Bradley WH, Liu J, Mathews C, Selle F, Lortholary A, Lowe ES, Hettle R, Flood E, Parkhomenko E, DiSilvestro P. Patient-centred outcomes and effect of disease progression on health status in patients with newly diagnosed advanced ovarian cancer and a BRCA mutation receiving maintenance olaparib or placebo (SOLO1): a randomised, phase 3 trial. Lancet Oncol. 2021 May;22(5):632-642. doi: 10.1016/S1470-2045(21)00098-X. Epub 2021 Apr 13. PMID: 33862001.
- 6 - González-Martín A, Pothuri B, Vergote I, DePont Christensen R, Graybill W, Mirza MR, McCormick C, Lorusso D, Hoskins P, Freyer G, Baumann K, Jardon K, Redondo A, Moore RG, Vulsteke C, O'Cearbhaill RE, Lund B, Backes F, Barretina-Ginesta P, Haggerty AF, Rubio-Pérez MJ, Shahin MS, Mangili G, Bradley WH, Bruchim I, Sun K, Malinowska IA, Li Y, Gupta D, Monk BJ; PRIMA/ENGOT-OV26/GOG-3012 Investigators. Niraparib in Patients with Newly Diagnosed Advanced Ovarian Cancer. N Engl J Med. 2019 Dec 19;381(25):2391-2402. doi: 10.1056/NEJMoa1910962. Epub 2019 Sep 28. PMID: 31562799.
- 7 - González-Martín A, Pothuri B, Vergote I, Graybill W, Lorusso D, McCormick CC, Freyer G, Backes F, Heitz F, Redondo A, Moore RG, Vulsteke C, O'Cearbhaill RE, Malinowska IA, Shtessel L, Compton N, Mirza MR, Monk BJ. Progression-free survival and safety at 3.5years of follow-up: results from the randomised phase 3 PRIMA/ENGOT-OV26/GOG-3012 trial of niraparib maintenance treatment in patients with newly diagnosed ovarian cancer. Eur J Cancer. 2023 Aug;189:112908. doi: 10.1016/j.ejca.2023.04.024. Epub 2023 May 3. PMID: 37263896.
- 8 - Harter P, Mouret-Reynier MA, Pignata S, Cropet C, González-Martín A, Bogner G, Fujiwara K, Vergote I, Colombo N, Nøttrup TJ, Floquet A, El-Balat A, Scambia G, Guerra Alia EM, Fabbro M, Schmalfeldt B, Hardy-Bessard AC, Runnebaum I, Pujade-Lauraine E, Ray-Coquard I. Efficacy of maintenance olaparib plus bevacizumab according to clinical risk in patients with newly diagnosed, advanced ovarian cancer in the phase III PAOLA-1/ENGOT-ov25 trial. Gynecol Oncol. 2022 Feb;164(2):254-264. doi: 10.1016/j.ygyno.2021.12.016. Epub 2021 Dec 22. PMID: 34952708.
- 9 - Li N, Zhu J, Yin R, Wang J, Pan L, Kong B, Zheng H, Liu J, Wu X, Wang L, Huang Y, Wang K, Zou D, Zhao H, Wang C, Lu W, Lin A, Lou G, Li G, Qu P, Yang H, Zhang Y, Cai H, Pan Y, Hao M, Liu Z, Cui H, Yang Y, Yao S, Zhen X, Hang W, Hou J, Wang J, Wu L. Treatment With Niraparib Maintenance Therapy in Patients With Newly Diagnosed Advanced Ovarian Cancer: A Phase 3 Randomized Clinical Trial. JAMA Oncol. 2023 Sep 1;9(9):1230-1237. doi: 10.1001/jamaoncol.2023.2283. PMID: 37440217; PMCID: PMC10346505.
- 10 - Monk BJ, Coleman RL, Fujiwara K, Wilson MK, Oza AM, Oaknin A, O'Malley DM, Lorusso D, Westin SN, Safra T, Herzog TJ, Marmé F, N Eskander R, Lin KK, Shih D, Goble S, Grechko N, Hume S, Maloney L, McNeish IA, Kristeleit RS. ATHENA (GOG-3020/ENGOT-ov45): a randomized, phase III trial to evaluate rucaparib as monotherapy (ATHENA-MONO) and rucaparib in combination with nivolumab (ATHENA-COMBO) as maintenance treatment following frontline platinum-based chemotherapy in ovarian cancer. Int J Gynecol Cancer. 2021 Dec;31(12):1589-1594. doi: 10.1136/ijgc-2021-002933. Epub 2021 Sep 30. PMID: 34593565; PMCID: PMC8666815.
- 11 - Monk BJ, Parkinson C, Lim MC, O'Malley DM, Oaknin A, Wilson MK, Coleman RL, Lorusso D, Bessette P, Ghamande S, Christopoulou A, Provencher D, Prendergast E, Demirkiran F, Mikheeva O, Yeku O, Chudecka-Glaz A, Schenker M, Littell RD, Safra T, Chou HH, Morgan MA, Drochýtek V, Barlin JN, Van Gorp T, Ueland F, Lindahl G, Anderson C, Collins DC, Moore K, Marme F, Westin SN, McNeish IA, Shih D, Lin KK, Goble S, Hume S, Fujiwara K, Kristeleit RS. A Randomized, Phase III Trial to Evaluate Rucaparib Monotherapy as Maintenance Treatment in Patients With Newly Diagnosed Ovarian Cancer (ATHENA-MONO/GOG-3020/ENGOT-ov45). J Clin Oncol. 2022 Dec 1;40(34):3952-3964. doi: 10.1200/JCO.22.01003. Epub 2022 Jun 6. PMID: 35658487; PMCID: PMC9746782.
- 12 - Monk BJ, Barretina-Ginesta MP, Pothuri B, et al. Niraparib first-line maintenance therapy in patients with newly diagnosed advanced ovarian cancer: final overall survival results from PRIMA/ENGOT-OV26/GOG-3012 trial. Annals of Oncology 2024
- 13 - Moore K, Colombo N, Scambia G, Kim BG, Oaknin A, Friedlander M, Lisyanskaya A, Floquet A, Leary A, Sonke GS, Gourley C, Banerjee S, Oza A, González-Martín A, Aghajanian C, Bradley W, Mathews C, Liu J, Lowe ES, Bloomfield R, DiSilvestro P. Maintenance Olaparib in Patients with Newly Diagnosed Advanced Ovarian Cancer. N Engl J Med. 2018 Dec 27;379(26):2495-2505. doi: 10.1056/NEJMoa1810858. Epub 2018 Oct 21. PMID: 30345884.
- 14 - Pothuri B, Han S, Chase DM, et al. Health-related quality of life in patients with newly diagnosed advanced ovarian cancer treated with niraparib vs placebo: Results from the phase 3 randomized PRIMA/ENGOT-OV26/GOG-3012 trial. Gynecol Oncol 2024; 184: 168-77.
- 15 - Ray-Coquard I, Pautier P, Pignata S, Pérol D, González-Martín A, Berger R, Fujiwara K, Vergote I, Colombo N, Mäenpää J, Selle F, Sehouli J, Lorusso D, Guerra Alía EM, Reinthaller A, Nagao S, Lefeuvre-Plesse C, Canzler U, Scambia G, Lortholary A, Marmé F, Combe P, de Gregorio N, Rodrigues M, Buderath P, Dubot C, Burges A, You B, Pujade-Lauraine E, Harter P; PAOLA-1 Investigators. Olaparib plus Bevacizumab as First-Line Maintenance in Ovarian Cancer. N Engl J Med. 2019 Dec 19;381(25):2416-2428. doi: 10.1056/NEJMoa1911361. PMID: 31851799.
- 16 - Ray-Coquard I, Leary A, Pignata S, Cropet C, González-Martín A, Marth C, Nagao S, Vergote I, Colombo N, Mäenpää J, Selle F, Sehouli J, Lorusso D, Guerra Alia EM, Bogner G, Yoshida H, Lefeuvre-Plesse C, Buderath P, Mosconi AM, Lortholary A, Burges A, Medioni J, El-Balat A, Rodrigues M, Park-Simon TW, Dubot C, Denschlag D, You B, Pujade-Lauraine E, Harter P; PAOLA-1/ENGOT-ov25 investigators. Olaparib plus bevacizumab first-line maintenance in ovarian cancer: final overall survival results from the PAOLA-1/ENGOT-ov25 trial. Ann Oncol. 2023 Aug;34(8):681-692. doi: 10.1016/j.annonc.2023.05.005. Epub 2023 May 19. PMID: 37211045.
- 17 - Zorginstituut 2025: https://www.zorginstituutnederland.nl/publicaties/standpunten/2025/06/13/herbeoordeling-parp-remmers
Evidence tabellen
|
Study reference |
Study characteristics |
Patient characteristics 2 |
Intervention (I) |
Comparison / control (C) 3
|
Follow-up |
Outcome measures and effect size 4 |
Comments |
|
SOLO-1 GOG 3004 (Moore, 2018; Friedlander 2021; Banerjee 2021; Colombo 2021; DiSilvestro 2022) |
Randomised double-blind placebo-controlled RCT Multi-country (15 countries) Funding: AstraZeneca, Merck many conflicts of interest |
Inclusion criteria: • 18 years or older; • newly-diagnosed advanced FIGO stage III or IV, high-grade serous or endometrioid ovarian cancer, primary peritoneal cancer, or fallopian tube cancer or a combination thereof
N total at baseline: Intervention: 246 Control: 130
Important prognostic factors2: age ± SD: I:53.6 (SD 9.4) C:53.4 (SD 9.8)
BRCA1: I:191 (73%) C: 91 (69%) BRCA2: I: 66 (25%) C:40 (31%)
|
Oral Olaparib (300 mg twice daily) n=246 |
Placebo n=130 |
Median follow up time: I: 40.7 months (IQR 34.9-72.9) C: 41.2 months (IQR 32.2-41.6)
Discontinued treatment: I: 124/260 (48%) C: 94/131 (72%) |
Investigator assessed 5 year Progression free survival: I: 56.0 months C: 13.8 months HR=0.33 ( 95% CI 0.25-0.43)
7 year Overall Survival: I: 67.0% still alive C: 46.5 % still alive HR= 0.55 (95% CI 0.40-0.76)
Health related quality of life:
Safety after 7 years of follow up: Any treatment-emergent adverse event I: 256 (98.5) C: 120 (92.3)
Serious treatment-emergent adverse event I: 55 (21.2) C: 18 (13.8) |
|
|
PRIMA-ENGOT OV26, GOG 312 Gonzalez-Martin 2019; Barretina-Ginesta 2022; Gonzalez-Martin 2023) |
Randomised double-blind placebo-controlled RCT Multi-country (20 countries) Accrual: Jul 2016-Jun 2018 Funding: GSK NCT02655016 Many conflicts of interest |
Inclusion criteria: • 18 years or older; • newly-diagnosed histologically-confirmed advanced FIGO stage III or IV, high-grade serous or endometrioid ovarian cancer, primary peritoneal cancer, or fallopian tube cancer
N total at baseline: Intervention: 484 Control: 244
Important prognostic factors2: age ± SD: I:62 (range 33 to 85) C:62 (range 33 to 88)
BRCA mutation: I:151 (31%) C: 71 (29%) HRD mutation: I: 247 (51%) C: 126 (5-1%)
|
Niraparib (300mg) once daily continuously during a 28-day cycle. N=484 |
Placebo N=244 |
Median follow up time (clinical cut off date Nov 17,2021) : I: 41.6 months C: 41.9 months
Discontinued treatment: I: 405/484 C:217/244
No lost to follow up. |
PFS (by blinded independent central radiology review) with clinical cut off date May, 17 2019) Median PFS: Overall population: I: 13.8 months C: 8.2 months HR=0.66 (95% CI 0.56-0.79)
HR-d I: 21.9 months C: 10.4 months HR 0.43 (95% CI 0.31-0.59)
HR-p I: 8.1 months C: 5.4 months HR 0.68 (95% CI 0.49-0.94)
HR-d BRCAwt I: 19.6 months C: 8.2 months HR 0.5 (95% CI 0.31-0.83)
HR-d BRCA mut I: 22.1 months C: 10.9 months HR 0.4 (95% CI 0.27-0.62)
Safety with clinical cut off date Nov 17,2021:
Any treatment-emergent adverse event I: 479(99.0) C:229 (93.9)
Serious treatment-emergent adverse event I: 186 (38.4) C: 39 (16.0)
PFS( investigator assessment) with clinical cut off date Nov 17,2021
Median PFS: Overall population: I: 13.8 months C: 8.2 months HR 0.66 (95% CI 0.56-0.79) p<0.001
HR-d Median I: 24.5 months C: 11.2 months HR 0.52 (95% CI 0.40-0.68) p<0.001
HR-d BRCAm Median I: 31.5 months C: 11.5 months HR 0.45 (95% CI 0.32-0.64)
HR-d BRCAwt Median I: 19.4 months C: 10.4 months HR 0.66 (95% CI 0.44-1.00)
HR-p Median: I: 8.4 months C: 5.4 months HR 0.65 (95% CI 0.49-0.87)
|
|
|
PAOLA-ENGOT-OV25 Harter 2022; Ray Cochard 2023 |
Randomised double-blind phase 3 study. Jul 2015-Sept 2017.
11 countries.
Funding: ARcagy Research, AstraZeneca, MSD, F. Hoffmann-LaRoche.
Many conflicts of interest |
Inclusion criteria: -18 years or older Newly diagnosed advanced FIGO stage III or IV, high-grade serous or endometrioid ovarian cancer, primary peritoneal cancer or fallopian tube cancer or other nonmucious epithleial ovarian cancers provided they had a deleterious germline BRCA1 or BRCA2 mutation.
Important prognostic factors: Median age: I: 61.0 years (range 32.0-87.0) C:60.0 years (range (26.0-85.0)
Serous histotype: I: 519 (97%) C: 253 (94%)
BRCA positive: I: 161 (30%) C: 80 (30%)
BRCA1: I: 111 (22%) C: 49 (18%)
BRCA2: I: 45(8%) C: 31 (12%)
HRD mutation: I: 255 (47%) 132 (49%) |
Olaparib orally (300mg twice daily) at least 3 weeks and no more than 9 weeks. N=537
Intravenous bevacizumab and chemotherapy were given and bevacizumab continued after randomisation as maintenance therapy for a total duration of up to 15 months.
|
Placebo N=269
|
Median follow up time for overall survival: I: 61.7 months [IQR: 57.5-67.0] C: 61.9 months [IQR: 58.1-66.8]
Discontinued treatment: I: 339/535 C:196/267
4 patients did not receive treatment 2 patients lost to follow up. |
Overall survival (OS) Median: I: 56.5 months C: 51.6 months HR 0.92, (95% CI 0.76-1.12) P=0.4118 5-year: I: 47.3% C: 41.5%
HRD-positive tumors: Median: I: 75.2 months C: 57.3 months HR=0.62 (95%CI 0.45-0.85) 5-year: I: 65.5% C: 48.4%
HRD-positive tumors + BRCAm: Median: I: 75.2 months (unstable) C: 66.9 months HR=0.60 (95%CI 0.39-0.93) 5 year: I: 73.2% C: 53.8%
HRD-positive tumors -BRCAm: Median: I: not reached C: 52 months HR=0.71 (95%CI 0.45-1.13)
5 year: I: 54.7% C: 44.2%
HRD-negative tumors: Median: I: 36.8 months C: 40.4 Months HR=1.19 (95CI 0.88-1.63) 5 year: I: 25.7% C: 32.3%
Progression free survival (PFS) Median: I: 22.9 months C: 16.6 months HR=0.63 (95% CI 0.53-0.74) 5-year: I: 29.3% C: 15.8%
HRD-positive tumors: Median: I: 46.8 months C: 17.6 months HR=0.41 (95%CI 0.32-0.54) 5-year: I: 46.1% C: 19.2%
HRD-positive tumors + BRCAm: Median: I: 60.7 months (unstable) C: 21.7 months HR=0.45 (95%CI 0.32-0.64) 5 year: I: 50.0% C: 25.1%
HRD-positive tumors -BRCAm: Median: I: 30.0 months C: 16.6 months HR=0.47 (95%CI 0.32-0.7)
5 year: I: 41.1% C: 14.6%
HRD-negative tumors: Median: I: 16.6 months C: 16.2 months HR=1.01 (95%CI 0.77-1.33) 5 year: I: 8.0% C: 11.7%
EORTC Quality of Life Not described
Safety MDS/AML/AA I: 9 (1.7%) C: 6 (2.2%) New primary malignancies I: 22 (4.1%) C: 8 (3.0%) Pneumonitis/ILD/bronchiolitis I: 7 (1.3%) C: 2 (0.7%)
|
|
|
PRIME-study Li et al, 2023 |
Randomised double-blind placebo-controlled phase 3 study in China.
June 29,2018 Nov 11,2019.
Funding: Zai Lab (shanghai) and partially supported by the National Major Scientific and Technological Special Project for Significant New Drugs Development in 2020. (China; grant 2020ZX09101-014)
Many conflicts of interest |
Inclusion criteria: Eligible patients were 18 years or older and had a new diagnosis of histologically confirmed, high-grade (dominantly) serous or endometrioid epithelial ovarian cancer, fallopian tube carcinoma, or primary peritoneal carcinoma collectively defined as ovarian cancer) that was classified as stage III or IV according to the International Federation of Gynecology and Obstetrics criteria. Patients who received primary or interval debulking surgery were eligible regardless of cytoreductive surgery outcome (optimal, residual tumor ≤1 cm; or suboptimal, residual tumor >1 cm). Patients received 6 to 9 cycles of platinum- based chemotherapy and had a complete response or partial response as assessed by investigators.
Important prognostic factors:
Age: Median (range) I: 53 years (32-77) C: 54 years (33-77)
Histology serous subtype I: 253 (99.2%) C: 128 (99.2%)
Germline BRCA variant: I: 85 (33.3%) C: 40 (31.0%)
HR-deficient I: 170 (66.7%) C: 87 (67.4%) HR proficient I: 60 (23.5%) C: 25 (19.4%) HR-indeterminate I: 25 (9.8%) C: 17 (13.2%)
|
Niraparib n=255 Patients with a bodyweight of fewer than 77 kg and/or a platelet count of less than 150 × 103/μL (to convert to × 109/μL, multiply by 1) at baseline received niraparib,200mg (2 100-mg capsules). Other patients received niraparib, 300 mg (3 100-mg capsules) |
Placebo n=129 |
Median follow up time for overall survival: I: 27.5 months C:27.6 months
Discontinued treatment: I: 153/255 C:100/129
|
Progression free survival (PFS) Median: I: 24.8 months (95% CI 19.2- not estimable [NE}) C: 8.3 months (95%CI 7.3-11.1) HR= 0.45 995%CI 0.34-0.60)
HRD subgroup: median PFS: I: not reached (95%CI 22.3-NE) C: 11 months (95% CI 8.3-13.8) HR= 0.48 (95%CI 0.34-0.68)
Germline BRCA variants: I: not reached C: 10.8 months HR=0.40 (95%CI 0.23-0.68)
Without BRCA variants: I: 19.3 months C: 8.3 months HR=0.48 (95% CI 0.34-0.67)
HRp: I: 16.6 months C: 5.5 months HR=0.36 (95%CI 0.22-0.75)
Data for Overall survival were not mature in the ITT population.
Safety
Serious treatment-emergent adverse events (TEAEs) I: 48 (18.8%) C: 11 (8.5%)
|
|
|
ATHENA-MONO/GOG-3020/ENGOT-ov45 Monk et al, 2022 |
Randomized double-blind phase 3 study at 200 centers in 24 countries in Asia , Australia/New Zealand, Europe and North America.
Oct1, 2018 -Sept30,2020
Funding: Clovis Oncology INC; in part by the NIHR Cambridge Biomedical Research Centre (BRC-1215-20,014; C.P.)
Many conflicts of interest
|
Inclusion criteria: ≥ 18 years and had newly diagnosed, histologically confirmed, advanced stage III or IV, high-grade epithelial ovarian, fallopian tube, or primary peritoneal cancer. Patients had completed cytoreductive surgery (R0/complete resection was permitted) before chemotherapy or following neoadjuvant chemotherapy; had completed four to eight cycles of first-line platinum-doublet treatment, including a minimum of four cycles of a platinum/taxane combination (bevacizumab was only allowed during the chemotherapy phase), and achieved an investigator-assessed response; had sufficient formalin-fixed paraffin-embedded tumor tissue available for planned analyses and a known BRCA mutation result (either positive or negative) via central testing; had an Eastern Cooperative Oncology Group performance status of 0-1; and had adequate organ function.
Important prognostic factors:
Age
Median (range) I: 61.0 years (30-83) C: 61.0 years (31-80)
Serous histology I: 384 (89.9%) C: 106 (95.5%)
HRD test status BRCA mutation I: 91 (21.3%) C: 24 (21.6%)
BRCA wt/LOH high I: 94 (22.0%) C: 25 (22.5%)
BRCA wt/ LOH low I: 189 (44.3%) C; 49 (44.1%)
BRCA wt/LOH indeterminate I: 53 (12.4%) C: 13 (11.7%)
|
Rucaparib n=425 ( treatment ongoing n=53) |
Placebo n=111 (treatment ongoing n=11) |
Median duration of follow up: I: 26.1 months (95%CI 25.8-26.9) C: 26.2 months (95CI 24.0-27.7)
Discontinuation of the treatment I: 271/425 C:89/110 |
Progression free survival Median: HRD population I: 28.7 months C: 11.3 months HR=0.47 (95%CI 0.31-0.72)
ITT population Media PFS I: 20.2 months C: 9.2 months HR=052 (95CI 8.3-12.2)
Overall survival were immature.
TEAE of any grade: I: 411/425 (96.7%) C: 102/110 (92.7%)
|
|
* AA= aplastic anemia; AML= acute myeloid leukemia; BRCA= breast cancer; DCO= data cut-off; HRD= Homologous recombination deficiency; ILD= interstitial lung disease; ITT= intent-to-treat; LOH= loss of heterozygosity MDS= myelodysplastic syndromes; OS= overall survival; PFS= progression free survival; TEAE treatment emergent adverse event
Notes:
- Prognostic balance between treatment groups is usually guaranteed in randomized studies, but non-randomized (observational) studies require matching of patients between treatment groups (case-control studies) or multivariate adjustment for prognostic factors (confounders) (cohort studies); the evidence table should contain sufficient details on these procedures
- Provide data per treatment group on the most important prognostic factors [(potential) confounders]
- For case-control studies, provide sufficient detail on the procedure used to match cases and controls
- For cohort studies, provide sufficient detail on the (multivariate) analyses used to adjust for (potential) confounders
Risk of Bias tabel
|
Study reference
(first author, publication year) |
Was the allocation sequence adequately generated?
Definitely yes Probably yes Probably no Definitely no |
Was the allocation adequately concealed?
Definitely yes Probably yes Probably no Definitely no |
Blinding: Was knowledge of the allocated interventions adequately prevented?
Were patients blinded?
Were healthcare providers blinded?
Were data collectors blinded?
Were outcome assessors blinded?
Were data analysts blinded?
Definitely yes Probably yes Probably no Definitely no |
Was loss to follow-up (missing outcome data) infrequent?
Definitely yes Probably yes Probably no Definitely no |
Are reports of the study free of selective outcome reporting?
Definitely yes Probably yes Probably no Definitely no |
Was the study apparently free of other problems that could put it at a risk of bias?
Definitely yes Probably yes Probably no Definitely no |
Overall risk of bias If applicable/necessary, per outcome measure
LOW Some concerns HIGH
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
SOLO1 (Friedlander, 2021; Banerjee 2021; Moore 2018; Colombo 2021; DiSilvestro 2022) |
Definitely yes;
Reason: Randomisation was performed centrally with a block design, with stratification according to the clinical response after platinum-based chemotherapy |
Definitely yes;
Reason: Patients were assigned to a trial group through an interactive Web-based or voice-response system |
Definitely yes;
Reason; Quadruple (participant, care provider, investigator, outcome assessor) source : clinnicaltria.gov |
Definitely yes ;
Reason : Loss to follow-up was infrequent in intervention and control group. Reasons for discontinuation were given. |
Definitely yes
Reason: All relevant outcomes were reported; |
Probably yes;
Reason: Industry-sponsored trial with several authors disclosing a financial conflict of interest. A cross-over between trial groups was not specified in the protocol. Change of primary outcome due to low rate of the originally planned outcome. |
LOW |
|
PRIMA (Gonzalez-Martin, 2019; Barretina-Ginesta, 2022 Gonzalez-Martin, 2023) |
Probably yes;
Reason: Randomisation was performed in a double-blind manner with the use of an interactive Webresponse system, with stratification according to clinical response after first-line platinum-based chemotherapy (complete or partial response), receipt of neoadjuvant chemotherapy (yes or no), and status regarding tumour homologous recombination (deficient vs proficient or not determined) |
Definitely yes;
Reason: Randomisation was done in a double-blind manner with the use of an interactive Webresponse system. |
Definitely yes;
Reason; Quadruple (participant, care provider, investigator, outcome assessor) source : clinnicaltrial.gov The objective assessment of progressive disease was determined by central radiological and clinical review in a blinded manner, according to RECIST version 1.1.14 |
Definitely yes ;
Reason : Loss to follow-up was infrequent in intervention and control group. Reasons for discontinuation were given. |
Probably yes;
Reason: QoL reported only on figure. |
Probably yes;
Reason: Industry-sponsored trial with several authors disclosing a financial conflict of interest. The sponsor (GSK) was responsible for overseeing the collection, analysis and interpretation of the data. |
LOW |
|
PAOLO-1 (Ray Coquard, 2019; Harter 2022; Ray Coquard, 2023) |
Definitely yes;
Reason: Randomisation was performed centrally with the use of a bock design with stratification |
Definitely yes;
Reason: Patients were assigned to trial arms (olaparib or matching placebo) with the use of an interactive Web of voice response system |
Probably yes;
Triple (participant, care provided, investigator) The objective assessment of outcomes is not described |
Definitely yes ;
Reason : Loss to follow-up was infrequent in intervention and control group. Reasons for discontinuation were given. |
Probably yes;
Reason: Sponsors were not asked to approve the final content |
Probably yes;
Reason: Industry-sponsored trial. After discontinuation of the intervention, patients could receive other treatment at the investigator’s discretion.
|
LOW |
|
PRIME study Li et al, 2023 |
Probably yes
Reason: Patients were centrally randomized through an interactive web-response system. |
Probably yes
Reason: Study participants , investigaotrs, central assessors, and the study sponsor were masked to the treatment assignment. |
Probably yes
Reason: The objective assessment of progressive disease was done by blinded independent central review (BICR) according to RECIST |
Definitely yes ;
Reason : Loss to follow-up was infrequent in intervention and control group. Reasons for discontinuation were given. |
Definitely yes
Reason: All relevant outcomes were reported; |
Probably yes;
Reason: Industry-sponsored trial with several authors disclosing a financial conflict of interest. |
LOW |
|
ATHENA study Monk et al, 2021; Monk et al, 2022 |
Probably yes
Reason: Randomisation assignment was computer-generated (block size of 10). |
Probably yes
Reason: Randomisation was done in a double blinded manner. |
Probably yes
Reason: The objective assessment of progressive disease was determined by central radiological and clinical review in a blinded manner, according to RECIST |
Definitely yes ;
Reason : Loss to follow-up was infrequent in intervention and control group. Reasons for discontinuation were given. |
Definitely yes
Reason: All relevant outcomes were reported; |
Probably yes;
Reason: Industry-sponsored trial with several authors disclosing a financial conflict of interest. |
LOW |
Exclusietabel
Table of excluded studies
|
Referentie |
Reden voor exclusie |
|
Aghajanian C, Bookman MA, Fleming GF, Swisher EM, Steffensen KD, Friedlander M, et al. Progression-free survival by investigator versus blinded independent central review in newly diagnosed patients with high-grade serous ovarian cancer: Analysis of the VELIA/GOG-3005 trial. Gynecologic oncology. 2021;162(2):375-81. |
Blinded review van Velia studie, bevestigd resultaten van velia studie zelf: excluderen |
|
Aghajanian C, Swisher EM, Okamoto A, Steffensen KD, Bookman MA, Fleming GF, et al. Impact of veliparib, paclitaxel dosing regimen, and germline BRCA status on the primary treatment of serous ovarian cancer - an ancillary data analysis of the VELIA trial. Gynecologic oncology. 2022;164(2):278-87. |
present exploratory analyses by paclitaxel dosing schedule and germline BRCA (gBRCA) status. Ander eindpunt |
|
Banerjee S, Gonzalez-Martin A, Harter P, Lorusso D, Moore KN, Oaknin A, et al. First-line PARP inhibitors in ovarian cancer: summary of an ESMO Open - Cancer Horizons round-table discussion. ESMO open. 2020;5(6):e001110. |
Overzicht van 3 studies, excluderen |
|
Konstantinopoulos PA, Gonzalez-Martin A, Cruz FM, Friedlander M, Glasspool R, Lorusso D, et al. EPIK-O/ENGOT-OV61: Alpelisib plus olaparib vs cytotoxic chemotherapy in high-grade serous ovarian cancer (phase III study). Future oncology (London, England). 2022. |
Verkeerde patientengroep |
|
Lee A. Niraparib: A Review in First-Line Maintenance Therapy in Advanced Ovarian Cancer. Targeted oncology. 2021;16(6):839-45. |
Overzicht van niraparib |
|
O'Cearbhaill RE, Pérez-Fidalgo JA, Monk BJ, Tusquets I, McCormick C, Fuentes J, et al. Efficacy of niraparib by time of surgery and postoperative residual disease status: A post hoc analysis of patients in the PRIMA/ENGOT-OV26/GOG-3012 study. Gynecologic oncology. 2022;166(1):36-43. |
Post-hoc analysis van prima studie. |
|
Paik J. Olaparib: A Review as First-Line Maintenance Therapy in Advanced Ovarian Cancer. Targeted oncology. 2021;16(6):847-56. |
Review van niraparib: excluderen |
|
Barretina-Ginesta MP, Monk BJ, Han S, Pothuri B, Auranen A, Chase DM, et al. Quality-adjusted time without symptoms of disease or toxicity and quality-adjusted progression-free survival with niraparib maintenance in first-line ovarian cancer in the PRIMA trial. Therapeutic advances in medical oncology. 2022;14:17588359221126149. |
In hoeverre voegt dit toe tov de PRIMA studie zelf
|
|
DiSilvestro P, Colombo N, Harter P, González-Martín A, Ray-Coquard I, Coleman RL. Maintenance Treatment of Newly Diagnosed Advanced Ovarian Cancer: Time for a Paradigm Shift? Cancers. 2021;13(22). |
Is een samenvatting van alle RCT’s |
|
Foo T, George A, Banerjee S. PARP inhibitors in ovarian cancer: An overview of the practice-changing trials. Genes, chromosomes & cancer. 2021;60(5):385-97. |
Is een samenvatting van alle RCT’s |
|
Fujiwara K, Fujiwara H, Yoshida H, Satoh T, Yonemori K, Nagao S, et al. Olaparib plus bevacizumab as maintenance therapy in patients with newly diagnosed, advanced ovarian cancer: Japan subset from the PAOLA-1/ENGOT-ov25 trial. Journal of gynecologic oncology. 2021;32(5):e82. |
Onderhoudsbehandeling van parpremming en beva in subset van de paola studie |
|
Mirza MR, Coleman RL, González-Martín A, Moore KN, Colombo N, Ray-Coquard I, et al. The forefront of ovarian cancer therapy: update on PARP inhibitors. Annals of oncology : official journal of the European Society for Medical Oncology. 2020;31(9):1148-59. |
Samenvatting van alle RCT tot nu toe |
|
Muston D, Hettle R, Monberg M, McLaurin KK, Gao W, Swallow E, et al. Cost-effectiveness of olaparib as a maintenance treatment for women with newly diagnosed advanced ovarian cancer and BRCA1/2 mutations in the United States. Gynecologic oncology. 2020;159(2):491-7. |
Kosteneffectiviteit van parpremming bij primaire behandeling: ander eindpunt, excluderen |
|
Naumann RW, Coleman RL, Brown J, Moore KN. Phase III trials in ovarian cancer: The evolving landscape of front line therapy. Gynecologic oncology. 2019;153(2):436-44. |
Overzicht van 12 studies, deels ongoing, deels afgerond |
|
Onstad M, Coleman RL, Westin SN. Movement of Poly-ADP Ribose (PARP) Inhibition into Frontline Treatment of Ovarian Cancer. Drugs. 2020;80(15):1525-35. |
Narrative review van de 4 RCT (solo 1, prima, paola en velia) |
|
Swisher EM, Aghajanian C, O'Malley DM, Fleming GF, Kaufmann SH, Levine DA, et al. Impact of homologous recombination status and responses with veliparib combined with first-line chemotherapy in ovarian cancer in the Phase 3 VELIA/GOG-3005 study. Gynecologic oncology. 2022;164(2):245-53. |
Dit is een analyse van een subset van de groep patienten van de Velia studie |
Verantwoording
Beoordelingsdatum en geldigheid
Publicatiedatum : 09-04-2026
Beoordeeld op geldigheid : 09-04-2026
|
Module[1] |
Regiehouder(s)[2] |
Jaar van autorisatie |
Eerstvolgende beoordeling actualiteit richtlijn[3] |
Frequentie van beoordeling op actualiteit[4] |
Wie houdt er toezicht op actualiteit[5] |
Relevante factoren voor wijzigingen in aanbeveling[6] |
|
|
GOZON |
2025 |
2027 |
2 jaarlijks |
CRGO |
Literatuur of nieuwe inzichten |
[1] Naam van de module
[2] Regiehouder van de module (deze kan verschillen per module en kan ook verdeeld zijn over meerdere regiehouders)
[3] Maximaal na vijf jaar
[4] (half)Jaarlijks, eens in twee jaar, eens in vijf jaar
[5] regievoerende vereniging, gedeelde regievoerende verenigingen, of (multidisciplinaire) werkgroep die in stand blijft
[6] Lopend onderzoek, wijzigingen in vergoeding/organisatie, beschikbaarheid nieuwe middelen
Geldigheid
Voor het beoordelen van de actualiteit van deze richtlijnmodules is een gynaecologische centrum verantwoordelijk. Voor de richtlijn ovariumcarcinoom is GOZON verantwoordelijk (rapport revisie gynaecologische oncologische richtlijnen april 2018).
GOZON zal minimaal tweejaarlijks de richtlijn toetsen aan de hand van nieuwe ontwikkelingen. Mochten er nieuwe ontwikkelingen zijn die vragen om revisie van de richtlijn zal dit eerst worden getoetst bij de CRGO (Commissie Richtlijnen Gynaecologische Oncologie), commissie kwaliteitsdocumenten en de pijler oncologie van de NVOG.
Algemene gegevens
De richtlijnontwikkeling werd ondersteund door IKNL (Integraal Kankercentrum Nederland) en werd gefinancierd uit de Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten (SKMS).
Doel en doelgroep
Doelstelling
Een richtlijn is een aanbeveling ter ondersteuning van de belangrijkste knelpunten uit de dagelijkse praktijk.
Doelgroep
Deze richtlijn is bestemd voor alle professionals die betrokken zijn bij de diagnostiek, behandeling en begeleiding van patiënten met een ovariumcarcinoom.
Samenstelling werkgroep
|
I.A. Boere |
internist-oncoloog |
Erasmus MC, Rotterdam |
|
D. Boll |
gynaecoloog-oncoloog |
Catharina Ziekenhuis, Eindhoven |
|
T.Bosse |
patholoog |
LUMC, Leiden |
|
W.J. van Driel |
gynaecoloog-oncoloog |
AvL/NKI, Amsterdam |
|
C.G. Gerestein |
gynaecoloog-oncoloog |
UMC Utrecht |
|
M.M.H.F. Kamps |
verpleegkundig specialist |
Maastricht UMC+/V&VN |
|
L. Konijn |
radioloog |
Amsterdam UMC, Amsterdam |
|
C.D. de Kroon |
gynaecoloog-oncoloog |
LUMC, Leiden |
|
A.J. Krüse |
gynaecoloog-oncoloog |
Isala Klinieken, Zwolle |
|
S. Lambrechts |
gynaecoloog-oncoloog |
Maastricht UMC+ |
|
A. Leon Del Castillo |
patholoog |
AvL/NKI, Amsterdam |
|
I.E.A.M. van Loon |
verpleegkundig specialist |
Amphia Ziekenhuis, Breda |
|
M. Oomens |
Patiëntvertegenwoordiger |
Stichting Olijf |
|
P.B. Ottevanger |
internist-oncoloog |
Radboudumc, Nijmegen |
|
J.M.J. Piek (voorzitter) |
gynaecoloog-oncoloog |
Catharina Ziekenhuis, Eindhoven |
|
A.K.L. Reyners |
internist-oncoloog |
UMCG, Groningen |
|
E.M. Roes |
gynaecoloog-oncoloog |
Erasmus MC, Rotterdam |
|
E.E. Schaake |
radiotherapeut |
AvL/NKI, Amsterdam |
|
H.P.M. Smedts |
gynaecoloog-oncoloog |
Amphia Ziekenhuis, Breda |
|
A.M.J. Thijs |
internist-oncoloog |
Catharina Ziekenhuis, Eindhoven |
|
M. Thomeer |
radioloog |
Erasmus MC, Rotterdam |
|
P.O. Witteveen |
internist-oncoloog |
UMC Utrecht |
De richtlijnontwikkeling werd ondersteund door Olga van der Hel (adviseur methodologie) Hella Hamelers-Paulus (secretaresse) en Linda van der Heijden (secretaresse), namens IKNL.
Belangenverklaringen
De KNMG-code ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling is gevolgd. Alle werkgroepleden hebben schriftelijk verklaard of zij in de laatste drie jaar directe financiële belangen (betrekking bij een commercieel bedrijf, persoonlijke financiële belangen, onderzoeksfinanciering) of indirecte belangen (persoonlijke relaties, reputatiemanagement, kennisvalorisatie) hebben gehad.
Een overzicht van de belangen van werkgroepleden en het oordeel over het omgaan met eventuele belangen vindt u in onderstaande tabel. De ondertekende belangenverklaringen zijn op te vragen bij het secretariaat van IKNL. De belangenformulieren zijn besproken binnen de betreffende werkgroep en de NVOG cie Kwaliteitsdocumenten, indien van toepassing. Geen van de belangen heeft tot een eventuele actie geleid.
|
Werkgroeplid |
Functie |
Nevenfuncties |
Gemelde belangen |
Ondernomen acties |
|
I.A. Boere |
internist-oncoloog
|
geen |
geen |
|
|
D. Boll |
gynaecoloog-oncoloog |
onbetaald: - voorzitter cryo - bestuurslid WOG - lid commissie kwaliteitsdocumenten NVOG
|
geen |
|
|
T. Bosse |
patholoog
|
|
|
|
|
W.J. van Driel |
gynaecologisch oncoloog
|
geen |
geen |
|
|
C.G. Gerestein |
gynaecoloog-oncoloog |
voorzitter TWGO IKNL, niet betaald
|
geen |
|
|
M.M.H.F. Kamps |
verpleegkundig specialist
|
Gastdocent HsZuyd opleidingen Vervolgopleidingen HBO-V minor, oncologie en paramedische diensten. Diensten worden betaald. |
geen |
|
|
L.C.D. Konijn |
AIOS radiologie |
junior bestuurslid sectie abdomen Nederlandse Vereniging voor Radiologie (onbetaald)
|
geen |
|
|
C.D. de Kroon |
gynaecoloog-oncoloog
|
Columnist Olijf, beantwoorden van vragen op kanker.nl
|
Extern gefinancierd onderzoek |
|
|
A.J. Krüse |
gynaecoloog-oncoloog
|
geen |
geen |
|
|
S. Lambrechts |
gynaecoloog-oncoloog |
Geen betaalde nevenwerkzaamheden. Onbetaalde werkzaamheden aanleunend tegen functie als gynaecoloog-oncoloog (o.a. organisatie landelijke anatomiecursus, organisatie IOTA echocursus).
|
geen |
|
|
A. Leon Del Castillo |
Patholoog
|
|
|
|
|
I.E.A.M. van Loon |
verpleegkundig specialist
|
Geen |
geen |
|
|
M. Oomens |
Patiëntvertegenwoordiger |
|
|
|
|
P.B. Ottevanger |
internist-oncoloog
|
Geen |
geen |
|
|
J.M.J. Piek (voorzitter) |
gynaecoloog-oncoloog |
- Organisator Cobradagen congres - onderzoeker (ovariumcarcinoom) Radboudumc Maastricht UMC |
geen |
|
|
A.K.L. Reyners |
internist-oncoloog
|
Geen |
geen |
|
|
E.M. Roes |
gynaecologisch oncoloog
|
- CRGO herziening rl ovariumca, onbetaald - CRGO herziening rl VIN, onbetaald - secretaris WTT, onbetaald - ontwikkeling van de consultkaart en keuzehulp ovariumcarcinoom, vacatievergoeding max €1000,-
|
geen |
|
|
E.E. Schaake |
radiotherapeut-oncoloog
|
deelname in enkele protocolcommissies zoals deze, onbetaald
|
geen |
|
|
H.P.M. Smedts |
gynaecologisch oncoloog |
Gastoperateurschap Catharina Ziekenhuis Eindhoven (betaald).
|
geen |
|
|
A.M.J. Thijs |
internist-oncoloog |
lid MEC-U
|
geen |
|
|
M. Thomeer |
radioloog |
geen
|
geen |
|
|
P.O. Witteveen |
internist-oncoloog
|
geen |
geen |
|
Inbreng patiëntenperspectief
Met Stichting Olijf heeft gedurende het ontwikkelproces contact plaatsgevonden over het patiëntperspectief. De conceptrichtlijn is voor commentaar voorgelegd aan Stichting Olijf en Patiëntenfederatie Nederland.
Implementatie
In de verschillende fasen van de richtlijnontwikkeling is rekening gehouden met de implementatie van de modules en de praktische uitvoerbaarheid van de aanbevelingen. Daarbij is uitdrukkelijk gelet op factoren die de invoering van de richtlijn in de praktijk kunnen bevorderen of belemmeren.
Werkwijze
Deze richtlijn is opgesteld conform de eisen vermeld in het rapport Medisch Specialistische Richtlijnen 2.0 van de adviescommissie Richtlijnen van de Raad Kwaliteit.
Knelpuntenanalyse
Het gynaecologisch centrum (GOZON) inventariseerde de knelpunten bij de leden van de expertgroep. Deze knelpunten zijn allemaal uitgezocht door de leden van de expertgroep.
Uitgangsvragen en uitkomstmaten
Op basis van de uitkomsten van de knelpunten zijn door de expertgroep de definitieve uitgangsvragen vastgesteld. Vervolgens inventariseerde de expertgroep per uitgangsvraag welke uitkomstmaten voor de patiënt relevant zijn, waarbij zowel naar gewenste als ongewenste effecten werd gekeken.
Strategie voor zoeken en selecteren van literatuur
Er werd voor de afzonderlijke uitgangsvragen aan de hand van specifieke zoektermen gezocht naar gepubliceerde wetenschappelijke studies in (verschillende) elektronische databases. Tevens werd aanvullend gezocht naar studies aan de hand van de literatuurlijsten van de geselecteerde artikelen. In eerste instantie werd gezocht naar studies met de hoogste mate van bewijs. De leden van de expertgroep selecteerden de via de zoekactie gevonden artikelen op basis van vooraf opgestelde selectiecriteria. De geselecteerde artikelen werden gebruikt om de uitgangsvraag te beantwoorden. De databases waarin is gezocht, de zoekstrategie en de gehanteerde selectiecriteria zijn opvraagbaar.
Kwaliteitsbeoordeling individuele studies
Individuele studies werden systematisch beoordeeld, op basis van op voorhand opgestelde methodologische kwaliteitscriteria, om zo het risico op vertekende studieresultaten (risk of bias) te kunnen inschatten. Deze beoordelingen kunt u vinden in de Risk of Bias (RoB) -tabellen. De Cochrane ROB-tool werd gebruikt, dit is een gevalideerd instrument dat wordt aanbevolen door de Cochrane Collaboration.
Samenvatten van de literatuur
De relevante onderzoeksgegevens van alle geselecteerde artikelen werden overzichtelijk weergegeven in evidencetabellen. De belangrijkste bevindingen uit de literatuur werden beschreven in de samenvatting van de literatuur.
Beoordelen van de kracht van het wetenschappelijke bewijs voor interventievragen (vragen over therapie of screening)
De kracht van het wetenschappelijke bewijs werd bepaald volgens de GRADE-methode. GRADE staat voor ‘Grading Recommendations Assessment, Development and Evaluation’ (zie http://www.gradeworkinggroup.org/).
GRADE onderscheidt vier gradaties voor de kwaliteit van het wetenschappelijk bewijs: hoog, redelijk, laag en zeer laag. Deze gradaties verwijzen naar de mate van zekerheid die er bestaat over de literatuurconclusie (Schünemann, 2013).
|
GRADE |
Definitie |
|
Hoog |
|
|
Redelijk |
|
|
Laag |
|
|
Zeer laag |
|
Formuleren van de conclusies
Voor elke relevante uitkomstmaat werd het wetenschappelijk bewijs samengevat in een of meerdere literatuurconclusies waarbij het niveau van bewijs werd bepaald volgens de GRADE-methodiek. De leden van de expertgroep maakten de balans op van elke interventie (overall conclusie). Bij het opmaken van de balans werden de gunstige en ongunstige effecten voor de patiënt afgewogen.
De overall bewijskracht wordt bepaald door de laagste bewijskracht gevonden bij een van de kritieke uitkomstmaten. Bij complexe besluitvorming waarin naast de conclusies uit de systematische literatuuranalyse vele aanvullende argumenten (overwegingen) een rol spelen, werd afgezien van een overall conclusie. In dat geval werden de gunstige en ongunstige effecten van de interventies samen met alle aanvullende argumenten gewogen onder het kopje 'Overwegingen'.
Overwegingen (van bewijs naar aanbeveling)
Om te komen tot een aanbeveling zijn naast (de kwaliteit van) het wetenschappelijke bewijs ook andere aspecten belangrijk en worden meegewogen, zoals aanvullende argumenten uit bijvoorbeeld de biomechanica of fysiologie, waarden en voorkeuren van patiënten, kosten (middelenbeslag), aanvaardbaarheid, haalbaarheid en implementatie. Deze aspecten zijn systematisch vermeld en beoordeeld (gewogen) onder het kopje ‘Overwegingen’ en kunnen (mede) gebaseerd zijn op expert opinion.
Formuleren van aanbevelingen
De aanbevelingen geven antwoord op de uitgangsvraag en zijn gebaseerd op het beschikbare wetenschappelijke bewijs en de belangrijkste overwegingen, en een weging van de gunstige en ongunstige effecten van de relevante interventies. De kracht van het wetenschappelijk bewijs en het gewicht dat door de werkgroep wordt toegekend aan de overwegingen, bepalen samen de sterkte van de aanbeveling. Conform de GRADE-methodiek sluit een lage bewijskracht van conclusies in de systematische literatuuranalyse een sterke aanbeveling niet a priori uit, en zijn bij een hoge bewijskracht ook zwakke aanbevelingen mogelijk. De sterkte van de aanbeveling wordt altijd bepaald door weging van alle relevante argumenten tezamen.
Randvoorwaarden (Organisatie van zorg)
In de knelpuntenanalyse en bij de ontwikkeling van de richtlijn is expliciet rekening gehouden met de organisatie van zorg: alle aspecten die randvoorwaardelijk zijn voor het verlenen van zorg (zoals coördinatie, communicatie, (financiële) middelen, menskracht en infrastructuur). Randvoorwaarden die relevant zijn voor het beantwoorden van een specifieke uitgangsvraag maken onderdeel uit van de overwegingen bij de bewuste uitgangsvraag.
Commentaar- en autorisatiefase
De conceptrichtlijn werd aan de betrokken (wetenschappelijke) verenigingen en (patiënt)organisaties voorgelegd ter commentaar. De commentaren werden verzameld en besproken met de werkgroep. Naar aanleiding van de commentaren werd de conceptrichtlijn aangepast en definitief vastgesteld door de werkgroep. De definitieve richtlijn werd aan de deelnemende (wetenschappelijke) verenigingen en (patiënt)-organisaties voorgelegd voor autorisatie en door hen geautoriseerd dan wel geaccordeerd.
Zoekverantwoording
Zoekdatum: 14 september 2023
Pubmed:
(("carcinoma, ovarian epithelial"[MeSH Terms] OR "ovarian epithelial carcinoma*"[Title/Abstract] OR "ovarian cancer*"[Title/Abstract] OR "ovarian epithelial cancer*"[Title/Abstract] OR "ovarian carcinoma*"[Title/Abstract] OR "high grade serous"[Title/Abstract] OR "high grade endometrial"[Title/Abstract]) AND ("poly adp ribose polymerase inhibitors"[MeSH Terms] OR "poly adp ribose polymerase inhibitors"[Pharmacological Action] OR "parp inhibit*"[Title/Abstract] OR "poly adp ribose polymerase inhibit*"[Title/Abstract] OR "Olaparib"[Title/Abstract] OR "niraparib"[Title/Abstract] OR "rucaparib"[Title/Abstract] OR "veliparib"[Title/Abstract] OR "talazoparib"[Title/Abstract]) AND ((("randomized controlled trial"[Publication Type] OR "controlled clinical trial"[Publication Type] OR "randomized"[Title/Abstract] OR "placebo"[Title/Abstract] OR "drug therapy"[MeSH Subheading] OR "randomly"[Title/Abstract] OR "trial"[Title/Abstract] OR "groups"[Title/Abstract]) NOT ("animals"[MeSH Terms] NOT "humans"[MeSH Terms])) AND ("phase iii"[Title/Abstract] OR "phase 3"[Title/Abstract])))
Resultaat n=166
Cochrane:
(("Ovarian Epithelial" NEXT Carcinoma*):ti,ab,kw OR ("Ovarian" NEXT Cancer*):ti,ab,kw OR ("Ovarian Epithelial" NEXT Cancer*):ti,ab,kw OR ("Ovarian" NEXT Carcinoma*):ti,ab,kw OR "high grade serous":ti,ab,kw OR "high grade endometrial":ti,ab,kw) AND ((("parp" NEXT inhibit*):ti,ab,kw OR ("Poly(ADP-ribose) Polymerase" NEXT Inhibit*):ti,ab,kw OR Olaparib:ti,ab,kw OR niraparib:ti,ab,kw OR rucaparib:ti,ab,kw OR veliparib:ti,ab,kw OR talazoparib:ti,ab,kw))
Resultaat n=1
Na ontdubbelen n=166