Niet epitheliale maligniteiten van het ovarium

Initiatief: NVOG Aantal modules: 34

Lymfadenectomie bij stadiëring

Publicatiedatum: 14-04-2026
Beoordeeld op geldigheid: 14-04-2026

Uitgangsvraag

Wat is de rol van lymfkliersampling bij de stadiëring van niet epitheliale ovariumtumoren kiemceltumoren (GCT)?

 

De uitgangsvraag omvat de volgende deelvraag:

  1. Rol van lymfadenectomie bij kiemcel tumoren van het ovarium

Aanbeveling

Bij kiemceltumoren

Verricht geen lymfadenectomie tijdens een stadiëring bij patiënten met kiemceltumoren van het ovarium, mits een radiologische stadiëring verricht is.

Overwegingen

Voor- en nadelen van de interventie en de kwaliteit van het bewijs

Voor patiënten met kiemceltumoren van het ovarium lijkt er geen overlevingsvoordeel van het verrichten van een lymfadenectomie. Er wordt hierbij wel verondersteld dat er een radiologische stadiëring verricht wordt. Ook de aanbeveling uit de ESGO-SIOPE richtlijn (Sessa, 2020) is om geen lymfadenectomie te verrichten. Belangrijk om te vermelden is dat alle studies retrospectief zijn. De kiemceltumoren van het ovarium zijn erg gevoelig zijn voor chemotherapie, zoals we ook kennen van de kiemceltumoren van de zaadbal bij mannen, waar een lymfadenectomie ook niet verricht wordt om deze reden. Verder is het percentage lymfkliermetastasen bij vrouwen met een verdenking op een laag stadium ziekte erg laag.

Onderbouwing

Bij een laag stadium epitheliaal ovariumcarcinoom wordt een stadiëring verricht inclusief lymfekliersampling. Voor het niet epitheliale ovariumcarcinoom is onduidelijk of hetzelfde beleid gevoerd moet worden. De vraag is of lymfadenectomie in vroeg stadium van het non-epitheliale ovariumcarcinoom achterwege gelaten kan worden, omdat het mogelijk geen invloed heeft op de kans op een recidief en met name op overleving.

 

Lymfekliersampling gaat gepaard met verhoogd risico op complicaties tijdens de operatie en op lange termijn complicaties zoals lymfoedeem.

Zeer laag

GRADE

Er is geen significant overlevingsvoordeel bij patiënten met een kiemceltumor van het ovarium die een lymfadenectomie ondergaan.

 

Bronnen: (Yao, 2021; Nasioudis, 202; Mahdi, 2011; Qin, 2019)

Beschrijving studies

In een systematische review en meta analyse van Yao et al (2021) werden de data geanalyseerd van 12 studies van zowel epitheliale als non-epitheliale ovariummaligniteiten. Hierin zaten 3 studies van kiemceltumoren van het ovarium (Mahdi, 2011; Nasioudis, 2020; Qin, 2019).  In deze systematische review werd onderzocht of additionele lymfadenectomie in de primaire stadiëring leidt tot een verbetering van overleving en ziektevrije overleving in vroeg stadium ovarium maligniteiten. Wij richten ons op de resultaten van kiemceltumoren van het ovarium. De 3 studies betreffende kiemceltumoren van het ovarium zijn allen retrospectieve studies met respectievelijk 493 (Mahdi, 2011), 190 (Qin, 2019) en 1426 (Nasioudis, 2020) patiënten die een lymfadenectomie hebben ondergaan.

 

Resultaten

Kiemceltumoren

In de studie van Mahdi et al, waarin 493 patiënten wel een lymfadenectomie en 590 patiënten geen lymfadenectomie ondergingen, was er geen verschil in overleving tussen de groepen (5 jaars overleving 96.9% voor de controlegroep, 97.7% voor negatieve lymfeklieren en 93.4% voor positieve lymfeklieren (p=0.5).

 

In de studie van Qin (2019) ondergingen 126 patiënten een lymfadenectomie en 130 patiënten niet. Ook in deze studie werd geen overlevingswinst gezien, de 10 jaars ziektevrije overleving was 95,7% in de groep die een lymfadenectomie onderging en 98,2% in de groep die geen lymfadenectomie onderging (p=0,798).

 

De grootste studie is van Nasioudis 2020 waarin 2.274 patiënten werden geïdentificeerd, 1.426 (51,4%) ondergingen een lymfadenectomie. Mediaan aantal lymfklieren verwijderd was 9 (range 1-81), waarvan bij 48,3% van de patiënten minstens 10 lymfklieren zijn verwijderd. 10,3% van de patiënten had een regionale lymfkliermetastase. Ook in deze grote studie werd er geen verschil gezien in overleving tussen de groep die wel en de groep die geen lymfadenectomie onderging. De 5 jaars overleving was 96,5% in de groep die een lymfadenectomie onderging en 97,6% in de groep die geen lymfadenectomie onderging (HR 1.33, 95% CI: 0,82-2,14).

 

In de review van Yao is een meta analyse gedaan voor de drie studies naar kiemceltumoren. Deze liet geen verbeterde overall survival zien voor patiënten na lymfadenectomie (HR 1.31 95% CI 0.88, 1.94 I2=0% p=0.18).

 

Een studie die niet beschreven is in de systematische review betreffende de kiemceltumoren is de studie van Wang 2020. In deze retrospectieve studie werden 2.424 patiënten geïncludeerd met een maligne kiemcel tumor, 70% met stadium I ziekte. In deze studie was 40% onder de 18 jaar en 60% boven de 18 jaar. 46,2% onderging een lymfadenectomie. Er wordt geconcludeerd dat lymfadenectomie bij kinderen niet aangeraden wordt. Bij patiënten boven de 40 jaar waarbij meer dan 20 klieren verwijderd werden, werd een significant overlevingsvoordeel gezien (OS p 0.044,  CSS p 0.038). Voor de histologische subgroepen dysgerminoom (OS p 0.012 en CCS p 0.013) en endodermale sinus tumoren (OS en CSS p 0.05) werd een significant overlevingsvoordeel gezien. Tekortkomingen in deze studie zijn dat er geen informatie is of patiënten adjuvante chemotherapie hebben gehad na initiële operatie.

 

Bewijskracht van de literatuur

De bewijskracht voor de uitkomstmaat overleving is met 2 niveaus verlaagd gezien beperkingen in de retrospectieve onderzoeksopzet (risk of bias) en in sommige studies het geringe aantal patiënten (imprecisie).

Om de uitgangsvraag te kunnen beantwoorden is er een systematische literatuuranalyse verricht naar de volgende zoekvraag (vragen):

Geeft bij patiënten met een GCT een complete stadiëring inclusief lymfekliersampling een betere overleving, kwaliteit van leven dan het achterwege laten van een lymfekliersampling?  

P: Patiënten met een laag stadium kiemceltumor
I: Complete stadiering zonder lymfadenectomie
C: Complete stadiëring inclusief lymfadenectomie
O: Recidief ziekte, overleving en kwaliteit van leven

Relevante uitkomstmaten

De werkgroep achtte overleving en progressievrije overleving voor de besluitvorming cruciale uitkomstmaten; en postoperatieve complicaties/kwaliteit van leven voor de besluitvorming belangrijke uitkomstmaten.

 

De werkgroep definieerde niet a priori de genoemde uitkomstmaten, maar hanteerde de in de studies gebruikte definities.

 

Zoeken en selecteren (Methode)

In de databases [Medline (via OVID), Embase (via Embase.com) en de Cochrane Library (via Wiley)] is op 26 januari 2023 met de volgende relevante zoektermen gezocht: niet  epitheliale ovariumtumoren en lymfekliersampling en vanaf 2008.

 

De zoekverantwoording is weergegeven onder het tabblad Verantwoording. De literatuurzoekactie leverde 385 treffers op. Studies werden geselecteerd op grond van de volgende selectiecriteria:

  • Minimaal 10 patiënten in de interventiegroep en per tumorsoort.
  • Volwassen patiënten.
  • Beschrijving van lymfekliersampling.
  • Beschrijving van primaire uitkomst maat (PFS, OS).

Op basis van titel en abstract werden in eerste instantie 22 studies voorgeselecteerd. Na raadpleging van de volledige tekst, werden vervolgens 20 studies geëxcludeerd (zie exclusietabel onder het tabblad Verantwoording) en 2 studies definitief geselecteerd.

 

Resultaten

Zes onderzoeken zijn opgenomen in de literatuuranalyse (Mahdi, 2011; Nasioudis, 2020; Qin, 2019, Wang, 2020, Nasioudis, 2017; Erkilinc, 2019). Op de studie van Wang (2020) na, zijn al deze studies opgenomen in de systematische review van Yao (2021). De belangrijkste studiekarakteristieken en resultaten zijn opgenomen in de evidencetabellen. De beoordeling van de individuele studieopzet (risk of bias) is opgenomen in de risk-of-biastabellen.

  1. 1 - Nasioudis D, Ko EM, Haggerty AF, Cory L, Giuntoli RL 2nd, Burger RA, Morgan MA, Latif NA. Performance of lymphadenectomy for apparent early stage malignant ovarian germ cell tumors in the era of platinum-based chemotherapy. Gynecol Oncol. 2020 Jun;157(3):613-618. doi: 10.1016/j.ygyno.2020.04.047. Epub 2020 Apr 28. PMID: 32359845.
  2. 2 - Mahdi H, Swensen RE, Hanna R, Kumar S, Ali-Fehmi R, Semaan A, Tamimi H, Morris RT, Munkarah AR. Prognostic impact of lymphadenectomy in clinically early stage malignant germ cell tumour of the ovary. Br J Cancer. 2011 Aug 9;105(4):493-7. doi: 10.1038/bjc.2011.267. Epub 2011 Jul 19. PMID: 21772335; PMCID: PMC3170967.
  3. 3 - Qin B, Xu W, Li Y. The impact of lymphadenectomy on prognosis and survival of clinically apparent early-stage malignant ovarian germ cell tumors. Jpn J Clin Oncol. 2020 Mar 9;50(3):282-287. doi: 10.1093/jjco/hyz180. PMID: 31867612.
  4. 4 - Sessa C, Schneider DT, Planchamp F, Baust K, Braicu EI, Concin N, Godzinski J, McCluggage WG, Orbach D, Pautier P, Peccatori FA, Morice P, Calaminus G. ESGO-SIOPE guidelines for the management of adolescents and young adults with non-epithelial ovarian cancers. Lancet Oncol. 2020 Jul;21(7):e360-e368. doi: 10.1016/S1470-2045(20)30091-7. PMID: 32615119.
  5. 5 - Wang J, Chen R, Li J, Lu X. The individualized significance of lymphadenectomy across all age groups and histologies in malignant ovarian germ cell tumors. Arch Gynecol Obstet. 2020 Dec;302(6):1441-1450. doi: 10.1007/s00404-020-05772-3. Epub 2020 Sep 4. PMID: 32888090.
  6. 6 - Yao G, Jin X. Impact of Lymphadenectomy on Outcomes of Early-Stage Ovarian Cancer: A Systematic Review and Meta-Analysis. Front Surg. 2021 May 25;8:682348. doi: 10.3389/fsurg.2021.682348. PMID: 34169090; PMCID: PMC8218907.

Systematic review

Study ID

 Method

Patient characteristics

Intervention(s)

Results

  • Yao, 2021
  • Design: Systematic review with meta-analysis
  • Conflicts of interest reported: none
  • Search date from inception to 5th February 2021
  • Searched databases PubMed and Embase
  • Included study designs any type of study excluding non comparative studies and review articles
  • Number of included studies.
  • Protocol existence reported? No
  • Eligibility criteria:
  • Patients with histologically confirmed ESOC
  • Patients were to undergo staging surgery with or without lymphadenectomy (pelvic,para-aortic, or both)
  • Studies were to compare OS or DFS and reported multivariable-adjusted outcomes
  • Total sample size > 30 patients.

 

Sex cord stroma tumors

Intervention (lymfadenectomy): 619

Comparators (no lymphadenectomy): 626

 

Germ cell tumors

Intervention (lymphadenectomy): 2045

Comparators (no lymphadenectomy): 2068

 

 

Overall survival

Overall survival was not significant improved with lymphadenectomy for sex cord-stromal tumors (HR 0.80 95% CI 0.60, 1.07 p = 0.13) (1 study; Nasioudis 2017)

 

Disease free survival

Single studies on malignant germ cell (HR 0.58 95% CI 0.15, 2.24 p = 0.43; Qin 2019)) and sex cord-stromal tumors (HR 0.40 95% CI 0.04, 3.70 p = 0.42; Erkilinc 2019) failed to demonstrate any significant beneficial effect of lymphadenectomy on DFS

 

Meta analysis

A subgroup meta-analysis of the studies on malignant germ cell tumors (Mahdi 2011, Nasioudis 2020, Qin 1029) showed no improved overall survival for patients after lymphadenectomy (HR 1.31 95% CI 0.88, 1.94 I2=0% p=0.18)

 

Observational studies

Study reference

Study characteristics

Patient characteristics 

Intervention (I)

Comparison / control (C)

 

Follow-up

Outcome measures and effect size 

Mahdi, 2011

Type of study: retrospective cohort

 

Setting and country: National  Cancer Institute registry, USA

 

Funding and conflicts of interest: none

Inclusion criteria:

Malignant GCT

 

Exclusion criteria:

Not described

 

N total at baseline:

Intervention: 493

Control: 590

 

Important prognostic factors2:

Stage

Lymphadenectomy group:

FIGO stage I 441

FIGO stage IIIC 52

 

Histology

Lymphadenectomy

Stage 1

Dysgerminoma 181

MT 171

MGCT/PNDCT 89

Stage IIIC

Dysgerminoma 40; MT 7; MGCT/PNDCT 5

Controls

Dysgerminoma 133; MT 338; MGCT/PNDCT 119

 

Grade

Lymphadenectomy

Stage 1

Grade 1 33

Grd II-IV 107

Stage IIIC

Grade 1 2

Grade II-IV 4

Controle

Grade 1 92

Grade II-IV 168

Lymphadenectomy

 

 

No lymphadenectomy

Length of follow-up:

Not described

 

The 5-year survival was 96.9% for controls, 97.7%

for negative lymph nodes and 93.4% for positive lymph nodes (p=0.5).

 

The presence of lymph node

metastasis had no significant effect on survival (HR: 2.7, 95% CI: 0.67 – 10.96, P  = 0.16).

 

Qin, 2020

Type of study:

Retrospective cohort

 

Setting and country: China

 

Funding and conflicts of interest: None

Inclusion criteria:

Yolk sac tumor, dysgerminoma, immature teratoma stage I and II

 

Exclusion criteria:

Not described

 

N total at baseline:

Intervention: 126

Control:130

 

Important prognostic factors2:

Histology

Controls: YST 31; DSG 41;IMT 58

Intervention

YST 32;DSG 34; IMT 60

 

Stage

Control

Stage I 116

Stage II 14

Stage IIIA1 0

Intervention

Stage I 111

Stage II 12

Stage IIIA1 1

Lymphadenectomy

 

 

 

 

No lymphadenectomy

 

 

Length of follow-up:

Median 68 months

 

Loss-to-follow-up:

Not described

 

Incomplete outcome data:

Not described

 

 

5 years overall survival

Intervention 100%

Control 98.2% (p=0.198)

 

10 years overall survival

Intervention 95.7%

Control 98.2% (p=0.798)

 

5 years DFS

Intervention 97.3%

Control 96.4% (p=0.887)

 

10 years DFS

Intervention  88.2%

Control 96.4% (p=0.412)

 

 

Nasioudis, 2020

Type of study: retrospective cohort

 

Setting and country:

USA

 

Funding and conflicts of interest: none

Inclusion criteria:

MOGCT

 

Exclusion criteria:

Not described

 

N total at baseline:

Intervention: 1426

Control: 1348

 

Important prognostic factors2:

Histology

Intervention

dysgerminoma 588

yolk sac 185

immature teratoma 443

mixed 158

other 52

 

Control

dysgerminoma 300

Yolk sac 134

immature teratoma 669

mixed 138

other 107

 

Stage

Intervention

IA/IB 991

IC 397

 

Control

IA/IB 952

IC 329

Lymphadenectomy

 

 

No lymphadenectomy

Length of follow-up:

Not described

5 year overall survival

Intervention 96,5%

Control 97,6%

HR 1.33, 95% CI: 0,82-2,14

Wang, 2020

Type of study: retrospectief cohort onderzoek

 

Setting and country: China

 

Funding and conflicts of interest: none

Inclusion criteria:

1988-2013

Histologically proven MOGCT

Patients with definitive lymph node information

Underlying cause and date of death

 

Exclusion criteria:

Incomplete medical records, pathology or outcomes data

 

N total at baseline:

Intervention: 1121

Control: 1303

 

Important prognostic factors2:

 

Histology

Controls

Dysgerminoma 243 (36.4%)

Embryonal carcinoma 11 (91.7%)

Endodermal sinus tumor 166 (50.6%)

Teratoma 654 (64.0%)

Mixed germ cell tumor 144 (52.6%)

Struma ovarii 44 (73.3%)

Other 41 (68.3%)

 

Intervention

Dysgerminoma 425 (63.6%)

Embryonal carcinoma 1 (8.3%)

Endodermal sinus tumor 162 (49.4%)

Teratoma 368 (36.0%)

Mixed germ cell tumor 130 (47.4%)

Struma ovarii 16 (26.7%)

Other 19 (31.7%)

 

Stage

Control

stage I 938 (54.8%)

stage II 92 (42.4%)

stage III 129 (44.9%)

stage IV 35 (67.3%)

unknown 109 (69.4%)

 

Intervention

Stage I 773 (45.2%)

Stage II 125 (57.6%)

Stage III 158 (55.1%)

Stage IV 17 (32.7%)

Unknown 48 (30.6%)

 

Grade of disease

Control

Grade 1 172 (67.5%)

Grade 2 187 (59.0%)

Grade 3 246 (53.5%)

Unknown 698 (50.1%)

 

Intervention

Grade 1 83 (32.5%)

Grade 2 130 (41.0%)

Grade 3 214 (46.5%)

Unknown 694 (49.9%)

Resected lymph nodes

1-20 nodes 933 (34.5%)

>/ 21 nodes 188 (7.8%)

 

 

 

No lymph nodes resected 1303 (53.8%)

 

Length of follow-up:

Median follow up 88 months

 

 

Overall survival

LODDS* HR 2.167 (1.05-4.46 95% CI, p0.036)

 

Cancer specific survival

LODDS* HR 3.49 (1.10-5.75 95% CI, p 0.029)

 

* LODDS = log of odds between the number of positive lymph nodes and the number of negative ones

 

Subgroup analysis

 

Above 40 year and with 21 or more RLN significant improved OS (p0.044) and CSS (p 0.038)

 

Dysgerminoma significant improved OS (p0.012) and CCS (p0.013)

Endodermal sinus tumor (OS and CCS p 0.05)

 

 

DSG = dysgerminoma; GCT = germ cell tumor; IMT = immature teratoma; MGCT/ PNDCT =  mixed germ cell tumour with pure nondysgerminoma cell tumour; MOGCT = malignant ovarian germ cell tumors; MT = malignant teratoma; YST =  yolk sac tumor

 

Risk of bias table

Systemetic review

Study

 

 

 

 

First author, year

Appropriate and clearly focused question?1

 

 

 

 

Yes/no/unclear

Comprehensive and systematic literature search?2

 

 

 

Yes/no/unclear

Description of included and excluded studies?3

 

 

 

Yes/no/unclear

Description of relevant characteristics of included studies?4

 

 

Yes/no/unclear

Appropriate adjustment for potential confounders in observational studies?5

 

 

 

 

Yes/no/unclear/notapplicable

Assessment of scientific quality of included studies?6

 

 

 

Yes/no/unclear

Enough similarities between studies to make combining them reasonable?7

 

Yes/no/unclear

Potential risk of publication bias taken into account?8

 

 

 

Yes/no/unclear

Potential conflicts of interest reported?9

 

 

 

Yes/no/unclear

Yao, 2021

Yes

Yes

No reference of excluded studies

No characteristics of individual studies reported

No adjustment of potential confounders

Yes, Newcastle-Ottawa scale

Yes

Yes (not assessed because < 10 included studies)

Yes

1. Research question (PICO) and inclusion criteria should be appropriate and predefined.

2. Search period and strategy should be described; at least Medline searched; for pharmacological questions at least Medline + EMBASE searched.

3. Potentially relevant studies that are excluded at final selection (after reading the full text) should be referenced with reasons.

4. Characteristics of individual studies relevant to research question (PICO), including potential confounders, should be reported.

5. Results should be adequately controlled for potential confounders by multivariate analysis (not applicable for RCTs).

6. Quality of individual studies should be assessed using a quality scoring tool or checklist (Jadad score, Newcastle-Ottawa scale, risk of bias table etc.).

7. Clinical and statistical heterogeneity should be assessed; clinical: enough similarities in patient characteristics, intervention and definition of outcome measure to allow pooling? For pooled data: assessment of statistical heterogeneity using appropriate statistical tests (e.g. Chi-square, I2)?

8. An assessment of publication bias should include a combination of graphical aids (e.g., funnel plot, other available tests) and/or statistical tests (e.g., Egger regression test, Hedges-Olken). Note: If no test values or funnel plot included, score “no”. Score “yes” if mentions that publication bias could not be assessed because there were fewer than 10 included studies.

9. Sources of support (including commercial co-authorship) should be reported in both the systematic review and the included studies. Note: To get a “yes,” source of funding or support must be indicated for the systematic review AND for each of the included studies.

 

Observational studies

Study reference

 

(first author, year of publication)

Bias due to a non-representative or ill-defined sample of patients?1

 

 

 

(unlikely/likely/unclear)

Bias due to  insufficiently long, or   incomplete follow-up, or differences in follow-up between treatment groups?2

 

 

(unlikely/likely/unclear)

 

Bias due to ill-defined or inadequately measured outcome ?3

 

 

 

(unlikely/likely/unclear)

Bias due to inadequate adjustment for all  important prognostic factors?4

 

 

 

(unlikely/likely/unclear)

Mahdi, 2011

Unclear in and exclusion criteria

Unclear length of follow up

Unlikely

Unlikely

Qin, 2020

Unlikely

Unlikely

Unlikely

Unlikely

Nasioudis, 2020

Unlikely

Unclear length of follow up

Unlikely

Unlikely

Wang, 2020

Unlikely

Unclear: no information about loss to follow up

Unlikely

Unlikely

1. Failure to develop and apply appropriate eligibility criteria: a) case-control study: under- or over-matching in case-control studies; b) cohort study: selection of exposed and unexposed from different populations.

2. Bias is likely if:  the percentage of patients lost to follow-up is large; or differs between treatment groups; or the reasons for loss to follow-up differ between treatment groups; or length of follow-up differs between treatment groups or is too short. The risk of bias is unclear if:  the number of patients lost to follow-up; or the reasons why, are not reported.

3. Flawed measurement, or differences in measurement of outcome in treatment and control group; bias may also result from a lack of blinding of those assessing outcomes (detection or information bias). If a study  has hard (objective) outcome measures, like death,  blinding of outcome assessment is not necessary. If a study has “soft” (subjective) outcome measures, like the assessment of an X-ray, blinding of outcome assessment is necessary.

4. Failure to adequately measure all known prognostic factors and/or failure to adequately adjust for these factors in multivariate statistical analysis.

 

Exclusietabel

Referentie

Reden voor exclusie

Brown 2009

Geen uitkomsten

Nasioudis 2018

Geen uitkomsten

Ngu 2018

Geen uitkomsten

Taylor 2014

Geen uitkomsten

Cheng 2018

Geen uitkomsten

Kleppe 2014

Geen uitkomsten

Song 2022

Conference abstract

Qin 2019

Conference abstract

Wang 2018

Conference abstract

Erkilinc 2018

Conference abstract

Qin 2019

Conference abstract

St Clair 2010

Geen controlegroep

Chen 2018

Geen full tekst

Ngu 2018

Geen full tekst

Mahdi 2011

in systematic review Yao 2021

Nasioudi 2017

in systematic review Yao 2021

Nasioudi 2020

in systematic review Yao 2021

Erkilinc 2019

in systematic review Yao 2021

Qin 2020

in systematic review Yao 2021

Wang 2022

Kleincellig ovariumcarcinoom

Beoordelingsdatum en geldigheid

Publicatiedatum  : 14-04-2026

Beoordeeld op geldigheid  : 14-04-2026

Voor het beoordelen van de actualiteit van deze richtlijnmodules is een gynaecologisch centrum verantwoordelijk. Voor de richtlijn niet epitheliale ovariumtumoren is Radboudumc verantwoordelijk (rapport revisie gynaecologische oncologische richtlijnen april 2018).

 

Radboudumc zal minimaal tweejaarlijks de richtlijn toetsen aan de hand van nieuwe ontwikkelingen. Mochten er nieuwe ontwikkelingen zijn die vragen om revisie van de richtlijn, zal dit eerst worden getoetst bij de CRGO (Commissie Richtlijnen Gynaecologische Oncologie), commissie kwaliteitsdocumenten en de pijler oncologie van de NVOG.

Initiatief en autorisatie

Initiatief:
  • Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie
Geautoriseerd door:
  • Nederlandse Internisten Vereniging
  • Nederlandse Vereniging voor Nucleaire geneeskunde
  • Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie
  • Nederlandse Vereniging voor Pathologie
  • Nederlandse Vereniging voor Radiotherapie en Oncologie
  • Verpleegkundigen en Verzorgenden Nederland
  • Stichting Olijf

Algemene gegevens

De richtlijnontwikkeling werd ondersteund door IKNL (Integraal Kankercentrum Nederland) en werd gefinancierd uit de Stichting Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten (SKMS).

Doel en doelgroep

Doelstelling
Een richtlijn is een aanbeveling ter ondersteuning van de belangrijkste knelpunten uit de dagelijkse praktijk.


Doelgroep
Deze richtlijn is bestemd voor alle professionals die betrokken zijn bij de diagnostiek, behandeling en begeleiding van patiënten met een niet epitheliale ovarium tumor.

Samenstelling werkgroep

A.M. van Altena

gynaecoloog-oncoloog

Radboudumc, Nijmegen

I.A. Boere

internist-oncoloog

Erasmus MC, Rotterdam

F.H. Groenendijk (tot dec 2023)

patholoog

ErasmusMC, Rotterdam

G.N. Jonges

patholoog

UMC Utrecht

S. Kelderman

gynaecoloog

Radboudumc, Nijmegen

C.A.R. Lok

gynaecoloog-oncoloog

AvL/NKI, Amsterdam

L.J.M.  van der Putten

AIOS gynaecologie

Catharina ziekenhuis, Eindhoven

M.A. Rijlaarsdam (tot aug 2023)

Internist-oncoloog

AvL/NKI, Amsterdam

E.M. Roes

gynaecoloog-oncoloog

Erasmus MC, Rotterdam

A. Stiekema

gynaecoloog

AvL/NKI, Amsterdam

J.M. Tromp

internist-oncoloog

Amsterdam UMC

J.T. Wolswinkel

gynaecoloog

Radboudumc, Nijmegen

R.P. Zweemer

gynaecoloog-oncoloog

UMC Utrecht

De richtlijnontwikkeling werd ondersteund door Olga van der Hel (adviseur methodologie), Hella Hamelers (secretaresse) en Linda van der Heijden (secretaresse), namens IKNL.

Belangenverklaringen

De KNMG-code ter voorkoming van oneigenlijke beïnvloeding door belangenverstrengeling is gevolgd. Alle werkgroepleden hebben schriftelijk verklaard of zij in de laatste drie jaar directe financiële belangen (betrekking bij een commercieel bedrijf, persoonlijke financiële belangen, onderzoeksfinanciering) of indirecte belangen (persoonlijke relaties, reputatiemanagement, kennisvalorisatie) hebben gehad.

 

Een overzicht van de belangen van werkgroepleden en het oordeel over het omgaan met eventuele belangen vindt u in onderstaande tabel. De ondertekende belangenverklaringen zijn op te vragen bij het secretariaat van IKNL. De belangenformulieren zijn besproken binnen de betreffende werkgroep en de NVOG cie Kwaliteitsdocumenten, indien van toepassing. Geen van de belangen heeft tot een eventuele actie geleid.

Werkgroeplid 

Functie 

Nevenfuncties 

Gemelde belangen 

Ondernomen acties

A.M. van Altena 

gynaecoloog-oncoloog 

geen 

 

 Geen

X

I.A. Boere 

internist-oncoloog 

adviesraad MSD, geen persoonlijke vergoeding 

 

Extern gefinancierd onderzoek:

Biobank/translationeel onderzoek - GSK

 

X

F.H. Groenendijk (tot dec 2023)

patholoog

lid vaste commissie Beoordeling Diagnostiek (cieBOD), NVVP

Spreker (betaald) Masterclass Biomarker ER+HER2-mammacarcinoom, mei 2022 (Novartis)

X

G.N. Jonges 

patholoog 

geen  

Geen

X

H. Hamelers-Paulus 

secretaresse  

geen 

geen 

X

O.L. van der Hel 

adviseur  

geen 

geen 

X

L. van der Heijden 

secretaresse  

geen 

geen 

X

S. Kelderman

gynaecoloog

Lid NVOG, lid WOG

Geen

X

C.A.R. Lok 

gynaecoloog-oncoloog 

geen 

Geen

X

L.J.M.  van der Putten

AIOS gynaecologie

Geen

Geen

X

M.A. Rijlaarsdam (tot aug 2023)

Internist-oncoloog

Geen

PI ARTISTRY-7

PI RAINBO

echter dit betreft epitheliale ovariumca en endometriumca

X

E.M. Roes 

gynaecologisch oncoloog 

  • commissielid richtlijncommissie voor epitheliaal ovariumcarcinoom – onbetaald 
  • commissielid richtlijncommissie voor premaligniteiten van de vulva – onbetaald 
  • - secretaris werkgroep trofoblasttumoren – onbetaald  

Geen

X

A. Stiekema

gynaecoloog

 

 

 

J.M. Tromp 

internist-oncoloog 

geen 

Geen

X

J.T. Wolswinkel

gynaecoloog

Geen

Geen

X

R.P. Zweemer 

gynaecoloog-oncoloog 

hoogleraar en medisch afdelingshoofd gynaecologische oncologie UMC Utrecht  

  • implementatieCie KWF, onbetaald 
  • proctor Intuitive Surgical, onkostenvergoeding 

Extern gefinancierd onderzoek: Stichting Granulosafonds Philine van Esch, onderzoekssubsidie 

X

Inbreng patiëntenperspectief

Met Stichting Olijf heeft gedurende het ontwikkelproces contact plaatsgevonden over het patiëntperspectief. De conceptrichtlijn is voor commentaar voorgelegd aan Stichting Olijf en Patiëntenfederatie Nederland.

Implementatie

In de verschillende fasen van de richtlijnontwikkeling is rekening gehouden met de implementatie van de modules en de praktische uitvoerbaarheid van de aanbevelingen. Daarbij is uitdrukkelijk gelet op factoren die de invoering van de richtlijn in de praktijk kunnen bevorderen of belemmeren.

Werkwijze

Deze richtlijn is opgesteld conform de eisen vermeld in het rapport Medisch Specialistische Richtlijnen 2.0 van de adviescommissie Richtlijnen van de Raad Kwaliteit.

 

Knelpuntenanalyse

Het gynaecologisch centrum ( Radboudumc) inventariseerde de knelpunten bij de leden van de expertgroep. Deze knelpunten zijn allemaal uitgezocht door de leden van de expertgroep.

 

Uitgangsvragen en uitkomstmaten

Op basis van de uitkomsten van de knelpunten zijn door de expertgroep de definitieve uitgangsvragen vastgesteld. Vervolgens inventariseerde de expertgroep per uitgangsvraag welke uitkomstmaten voor de patiënt relevant zijn, waarbij zowel naar gewenste als ongewenste effecten werd gekeken.

 

Strategie voor zoeken en selecteren van literatuur

Er werd voor de afzonderlijke uitgangsvragen aan de hand van specifieke zoektermen gezocht naar gepubliceerde wetenschappelijke studies in (verschillende) elektronische databases. Tevens werd aanvullend gezocht naar studies aan de hand van de literatuurlijsten van de geselecteerde artikelen. In eerste instantie werd gezocht naar studies met de hoogste mate van bewijs. De leden van de expertgroep selecteerden de via de zoekactie gevonden artikelen op basis van vooraf opgestelde selectiecriteria. De geselecteerde artikelen werden gebruikt om de uitgangsvraag te beantwoorden. De databases waarin is gezocht, de zoekstrategie en de gehanteerde selectiecriteria zijn opvraagbaar.

Kwaliteitsbeoordeling individuele studies

Individuele studies werden systematisch beoordeeld, op basis van op voorhand opgestelde methodologische kwaliteitscriteria, om zo het risico op vertekende studieresultaten (risk of bias) te kunnen inschatten. Deze beoordelingen kunt u vinden in de Risk of Bias (RoB) -tabellen. De Cochrane ROB-tool werd gebruikt, dit is een gevalideerd instrument dat wordt aanbevolen door de Cochrane Collaboration.

 

Samenvatten van de literatuur

De relevante onderzoeksgegevens van alle geselecteerde artikelen werden overzichtelijk weergegeven in evidencetabellen. De belangrijkste bevindingen uit de literatuur werden beschreven in de samenvatting van de literatuur.

 

Beoordelen van de kracht van het wetenschappelijke bewijs voor interventievragen (vragen over therapie of screening)

De kracht van het wetenschappelijke bewijs werd bepaald volgens de GRADE-methode. GRADE staat voor ‘Grading Recommendations Assessment, Development and Evaluation’ (zie http://www.gradeworkinggroup.org/).

 

GRADE onderscheidt vier gradaties voor de kwaliteit van het wetenschappelijk bewijs: hoog, redelijk, laag en zeer laag. Deze gradaties verwijzen naar de mate van zekerheid die er bestaat over de literatuurconclusie (Schünemann, 2013). 

GRADE

Definitie

Hoog

  • er is hoge zekerheid dat het ware effect van behandeling dichtbij het geschatte effect van behandeling ligt zoals vermeld in de literatuurconclusie;
  • het is zeer onwaarschijnlijk dat de literatuurconclusie verandert wanneer er  resultaten van nieuw grootschalig onderzoek aan de literatuuranalyse worden toegevoegd.

Redelijk

  • er is redelijke zekerheid dat het ware effect van behandeling dichtbij het geschatte effect van behandeling ligt zoals vermeld in de literatuurconclusie;
  • het is mogelijk dat de conclusie verandert wanneer er resultaten van nieuw grootschalig onderzoek aan de literatuuranalyse worden toegevoegd.

Laag

  • er is lage zekerheid dat het ware effect van behandeling dichtbij het geschatte effect van behandeling ligt zoals vermeld in de literatuurconclusie;
  • er is een reële kans dat de conclusie verandert wanneer er resultaten van nieuw grootschalig onderzoek aan de literatuuranalyse worden toegevoegd.

Zeer laag

  • er is zeer lage zekerheid dat het ware effect van behandeling dichtbij het geschatte effect van behandeling ligt zoals vermeld in de literatuurconclusie;
  • de literatuurconclusie is zeer onzeker.

Formuleren van de conclusies

Voor elke relevante uitkomstmaat werd het wetenschappelijk bewijs samengevat in een of meerdere literatuurconclusies waarbij het niveau van bewijs werd bepaald volgens de GRADE-methodiek. De leden van de expertgroep maakten de balans op van elke interventie (overall conclusie). Bij het opmaken van de balans werden de gunstige en ongunstige effecten voor de patiënt afgewogen.

 

De overall bewijskracht wordt bepaald door de laagste bewijskracht gevonden bij een van de kritieke uitkomstmaten. Bij complexe besluitvorming waarin naast de conclusies uit de systematische literatuuranalyse vele aanvullende argumenten (overwegingen) een rol spelen, werd afgezien van een overall conclusie. In dat geval werden de gunstige en ongunstige effecten van de interventies samen met alle aanvullende argumenten gewogen onder het kopje 'Overwegingen'.

 

Overwegingen (van bewijs naar aanbeveling)

Om te komen tot een aanbeveling zijn naast (de kwaliteit van) het wetenschappelijke bewijs ook andere aspecten belangrijk en worden meegewogen, zoals aanvullende argumenten uit bijvoorbeeld de biomechanica of fysiologie, waarden en voorkeuren van patiënten, kosten (middelenbeslag), aanvaardbaarheid, haalbaarheid en implementatie. Deze aspecten zijn systematisch vermeld en beoordeeld (gewogen) onder het kopje ‘Overwegingen’ en kunnen (mede) gebaseerd zijn op expert opinion.

 

Formuleren van aanbevelingen

De aanbevelingen geven antwoord op de uitgangsvraag en zijn gebaseerd op het beschikbare wetenschappelijke bewijs en de belangrijkste overwegingen, en een weging van de gunstige en ongunstige effecten van de relevante interventies. De kracht van het wetenschappelijk bewijs en het gewicht dat door de werkgroep wordt toegekend aan de overwegingen, bepalen samen de sterkte van de aanbeveling. Conform de GRADE-methodiek sluit een lage bewijskracht van conclusies in de systematische literatuuranalyse een sterke aanbeveling niet a priori uit, en zijn bij een hoge bewijskracht ook zwakke aanbevelingen mogelijk. De sterkte van de aanbeveling wordt altijd bepaald door weging van alle relevante argumenten tezamen.

 

Randvoorwaarden (Organisatie van zorg)

In de knelpuntenanalyse en bij de ontwikkeling van de richtlijn is expliciet rekening gehouden met de organisatie van zorg: alle aspecten die randvoorwaardelijk zijn voor het verlenen van zorg (zoals coördinatie, communicatie, (financiële) middelen, menskracht en infrastructuur). Randvoorwaarden die relevant zijn voor het beantwoorden van een specifieke uitgangsvraag maken onderdeel uit van de overwegingen bij de bewuste uitgangsvraag.

 

Commentaar- en autorisatiefase

De conceptrichtlijn werd aan de betrokken (wetenschappelijke) verenigingen en (patiënt)organisaties voorgelegd ter commentaar. De commentaren werden verzameld en besproken met de werkgroep. Naar aanleiding van de commentaren werd de conceptrichtlijn aangepast en definitief vastgesteld door de werkgroep. De definitieve richtlijn werd aan de deelnemende (wetenschappelijke) verenigingen en (patiënt)-organisaties voorgelegd voor autorisatie en door hen geautoriseerd dan wel geaccordeerd.

Zoekverantwoording

Zoekstrategie

Pubmed

((("Sex Cord-Gonadal Stromal Tumors"[Mesh:noexp] OR Granulosa Cell Tumor[mesh] OR Sertoli-Leydig Cell Tumor[mesh] OR sex cord-stromal cell tumor*[tiab] OR sex cord-stromal cell tumour*[tiab]  OR "Neoplasms, Germ Cell and Embryonal"[Mesh:noexp] OR Carcinoma, Embryonal[Mesh] OR Chordoma[Mesh] OR Germinoma[Mesh:noexp] OR Dysgerminoma[Mesh] OR Gonadoblastoma[mesh] OR Mesonephroma[mesh] OR Endodermal Sinus Tumor[mesh] OR "Neuroendocrine Tumors"[Mesh] OR Teratocarcinoma[mesh] OR Teratoma[mesh:noexp] OR Struma Ovarii[mesh] OR Trophoblastic Neoplasms[mesh] OR germ cell tumor*[tiab] OR germ cell tumour*[tiab] OR small cell[tiab] OR Fibroma Cellular fibroma Thecoma[tiab] OR Luteinized thecoma[tiab] OR Fibrosarcoma[tiab] OR Sclerosing stromal tumour*[tiab] OR Signet-ring stromal tumour*[tiab] OR Microcystic stromal tumour*[tiab] OR Leydig cell tumour*[tiab] OR Steroid cell tumour*[tiab] OR Pure sex cord tumour*[tiab] OR Adult granulosa cell tumour*[tiab] OR Juvenile granulosa cell tumour*[tiab] OR Sertoli cell tumour*[tiab] OR Mixed sex cord-stromal tumour*[tiab] OR Sertoli–Leydig cell tumour*[tiab] OR Sclerosing stromal tumor*[tiab] OR Signet-ring stromal tumor*[tiab] OR Microcystic stromal tumor*[tiab] OR Leydig cell tumor*[tiab] OR Steroid cell tumor*[tiab] OR Pure sex cord tumor*[tiab] OR Adult granulosa cell tumor*[tiab] OR Juvenile granulosa cell tumor*[tiab] OR Sertoli cell tumor*[tiab] OR Mixed sex cord-stromal tumor*[tiab] OR Sertoli–Leydig cell tumor*[tiab]) AND ("Ovarian Neoplasms"[Mesh] OR ovary[Mesh] OR ovar*[tiab])) OR Non-epithelial ovar*[tiab] OR nonepithelial ovar*[tiab])

AND

(("Lymph Node Excision"[Mesh] OR Lymph node dissection[tiab] OR Lymph node excision[tiab] OR Lymphadenectom*[tiab] OR Lymph node sampling[tiab] OR Lymphnode dissection[tiab] OR Lymphnode excision[tiab] OR Lymphnode sampling[tiab]) AND ("Neoplasm Staging"[Mesh] OR staging[tiab]))

 

112 artikelen

 

Embase.com

(((sex cord tumor/ or granulosa cell tumor/ or Androblastoma/ or sex cord-stromal cell tumor*.ti,ab,kf. OR sex cord-stromal cell tumour*.ti,ab,kf.  OR embryonal carcinoma/ or chordoma/ or germ cell tumor/ or Dysgerminoma/ or Gonadoblastoma/ or Mesonephroma/ or yolk sac tumor/ or neuroendocrine carcinoma/ or large cell neuroendocrine carcinoma/ or mixed adenoneuroendocrine carcinoma/ or carcinoid/ or neuroendocrine tumor/ or atypical carcinoid/ or carcinoid syndrome/ or typical carcinoid/ or Teratocarcinoma/ or teratoma/ or malignant teratoma/ or mature teratoma/ or ovary teratoma/or Struma Ovarii/ or exp trophoblastic tumor/ OR germ cell tumor*.ti,ab,kf. or  germ cell tumour*.ti,ab,kf. or  small cell.ti,ab,kf. or  Fibroma Cellular fibroma Thecoma.ti,ab,kf. or  Luteinized thecoma.ti,ab,kf. or  Fibrosarcoma.ti,ab,kf. or  Sclerosing stromal tumour*.ti,ab,kf. or  Signet-ring stromal tumour*.ti,ab,kf. or  Microcystic stromal tumour*.ti,ab,kf. or  Leydig cell tumour*.ti,ab,kf. or  Steroid cell tumour*.ti,ab,kf. or  Pure sex cord tumour*.ti,ab,kf. or  Adult granulosa cell tumour*.ti,ab,kf. or  Juvenile granulosa cell tumour*.ti,ab,kf. or  Sertoli cell tumour*.ti,ab,kf. or  Mixed sex cord-stromal tumour*.ti,ab,kf. or  Sertoli-Leydig cell tumour*.ti,ab,kf. or  Sclerosing stromal tumor*.ti,ab,kf. or  Signet-ring stromal tumor*.ti,ab,kf. or  Microcystic stromal tumor*.ti,ab,kf. or  Leydig cell tumor*.ti,ab,kf. or  Steroid cell tumor*.ti,ab,kf. or  Pure sex cord tumor*.ti,ab,kf. or  Adult granulosa cell tumor*.ti,ab,kf. or  Juvenile granulosa cell tumor*.ti,ab,kf. or  Sertoli cell tumor*.ti,ab,kf. or  Mixed sex cord-stromal tumor*.ti,ab,kf. or  Sertoli-Leydig cell tumor*.ti,ab,kf.) AND (exp ovary tumor/ or ovary/ or ovarian cortex/ or ovarian stroma/ or ovary cell/ or ovary follicle/ OR ovar*.ti,ab,kf.)) OR Non-epithelial ovar*.ti,ab,kf. OR nonepithelial ovar*.ti,ab,kf.)

AND

((lymph node dissection/ or pelvis lymphadenectomy/or Lymph node dissection.ti,af,kf. OR Lymph node excision.ti,af,kf. OR Lymphadenectom*.ti,af,kf. OR Lymph node sampling.ti,af,kf. OR Lymphnode dissection.ti,af,kf. OR Lymphnode excision.ti,af,kf. OR Lymphnode sampling.ti,af,kf.) AND (cancer staging/ or staging.ti,af,kf.))

 

Cochrane zoekstring

((([mh ^"Sex Cord-Gonadal Stromal Tumors"] OR [mh "Granulosa Cell Tumor"] OR [mh "Sertoli-Leydig Cell Tumor"] OR ("sex cord-stromal cell" NEXT tumor*):ti,ab,kw OR ("sex cord-stromal cell" NEXT tumour*):ti,ab,kw OR [mh ^"Neoplasms, Germ Cell and Embryonal"] OR [mh "Carcinoma, Embryonal"] OR [mh Chordoma] OR [mh ^Germinoma] OR [mh Dysgerminoma] OR [mh Gonadoblastoma] OR [mh Mesonephroma] OR [mh "Endodermal Sinus Tumor"] OR [mh "Neuroendocrine Tumors"] OR [mh Teratocarcinoma] OR [mh ^Teratoma] OR [mh "Struma Ovarii"] OR [mh "Trophoblastic Neoplasms"] OR ("germ cell" NEXT tumor*):ti,ab,kw OR ("germ cell" NEXT tumour*):ti,ab,kw OR "small cell":ti,ab,kw) AND ([mh "Ovarian Neoplasms"] OR [mh ovary] OR ovar*:ti,ab,kw))

OR

("Non-epithelial" NEXT ovar*):ti,ab,kw OR ("nonepithelial" NEXT ovar*):ti,ab,kw OR "Fibroma Cellular fibroma Thecoma":ti,ab,kw OR "Luteinized thecoma":ti,ab,kw OR Fibrosarcoma:ti,ab,kw OR ("Sclerosing stromal" NEXT tumour*):ti,ab,kw OR ("Signet-ring stromal" NEXT tumour*):ti,ab,kw OR ("Microcystic stromal" NEXT tumour*):ti,ab,kw OR ("Leydig cell" NEXT tumour*):ti,ab,kw OR ("Steroid cell" NEXT tumour*):ti,ab,kw OR ("Pure sex cord" NEXT tumour*):ti,ab,kw OR ("Adult granulosa cell" NEXT tumour*):ti,ab,kw OR ("Juvenile granulosa cell" NEXT tumour*):ti,ab,kw OR ("Sertoli cell" NEXT tumour*):ti,ab,kw OR ("Mixed sex cord-stromal" NEXT tumour*):ti,ab,kw OR ("Sertoli–Leydig cell" NEXT tumour*):ti,ab,kw OR ("Sclerosing stromal" NEXT tumor*):ti,ab,kw OR ("Signet-ring stromal" NEXT tumor*):ti,ab,kw OR ("Microcystic stromal" NEXT tumor*):ti,ab,kw OR ("Leydig cell" NEXT tumor*):ti,ab,kw OR ("Steroid cell" NEXT tumor*):ti,ab,kw OR ("Pure sex cord" NEXT tumor*):ti,ab,kw OR ("Adult granulosa cell" NEXT tumor*):ti,ab,kw OR ("Juvenile granulosa cell" NEXT tumor*):ti,ab,kw OR ("Sertoli cell" NEXT tumor*):ti,ab,kw OR ("Mixed sex cord-stromal" NEXT tumor*):ti,ab,kw OR ("Sertoli–Leydig cell" NEXT tumor*):ti,ab,kw)                                      

AND

(([mh "Lymph Node Excision"] OR Lymph node dissection:ti,ab,kw OR Lymph node excision:ti,ab,kw OR Lymphadenectom*:ti,ab,kw OR Lymph node sampling:ti,ab,kw OR Lymphnode dissection:ti,ab,kw OR Lymphnode excision:ti,ab,kw OR Lymphnode sampling:ti,ab,kw) AND ([mh "Neoplasm Staging"] OR staging:ti,ab,kw))

Volgende:
Sexcord-stromaceltumoren