Dreigende vroeggeboorte

Initiatief: NVOG Aantal modules: 9

Startpagina - Dreigende vroeggeboorte

Onderzoek

De waarde van weeënremming bij dreigende vroeggeboorte tussen de 30 en 34 weken is momenteel onderdeel van een lopende studie, APOSTEL 8. De NVOG adviseert centra om hierin te participeren. Zie ook www.zorgevaluatienederland.nl

 

Waar gaat deze richtlijn over?

Deze richtlijn richt zich op wat volgens de huidige maatstaven de beste zorg is voor zwangere vrouwen waarbij sprake is van dreigende vroeggeboorte. In de richtlijn komen de volgende onderwerpen aan de orde:

    • Preventieve behandeling met antibiotica bij dreigende vroeggeboorte
    • Toediening van corticosteroïden bij dreigende vroeggeboorte ter vermindering van complicaties bij het kind
    • Het remmen van de weeën bij dreigende vroeggeboorte
    • Voorkómen van vroeggeboorte door onderzoek naar en preventieve behandeling van groep-B-streptokokken dragerschap
    • Behandeling met magnesiumsulfaat bij  dreigende vroeggeboorte
    • Counseling van ouders over de prognose van het kind bij dreigende vroeggeboorte

 

Voor wie is de richtlijn bedoeld?

Deze richtlijn is bestemd voor alle zorgverleners die betrokken zijn bij de zorg voor zwangere vrouwen waarbij sprake is van dreigende vroeggeboorte.

 

Voor patiënten

De normale duur van een zwangerschap is 37 tot 42 weken. Bij een geboorte voor 37 weken is er sprake van vroeggeboorte, ook wel een preterme bevalling genoemd. Het kind is dan nog onrijp en heeft extra medische verzorging nodig. Spontane vroeggeboorte is de belangrijkste oorzaak van sterfte van het kind rondom de bevalling, maar ook van complicaties bij het kind op de lange termijn. In Nederland wordt 7 tot 8 procent van alle baby's te vroeg geboren. De oorzaak van vroegtijdige weeën en (dreigende) vroeggeboorte is vaak onbekend.

 

Meer informatie over dreigende vroeggeboorte is te vinden op de website van de gynaecologen:

https://www.nvog.nl/wp-content/uploads/2017/12/Dreigende-vroeggeboorte-2.0-07-03-2012.pdf

 

Hoe is de richtlijn tot stand gekomen?

Het initiatief voor deze richtlijn is afkomstig van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG). De richtlijn is opgesteld door een multidisciplinaire commissie met vertegenwoordigers vanuit de gynaecologen, kinderartsen, internisten en microbiologen. In de beginfase is er een knelpuntenanalyse gedaan, door middel van een groepsinterview met een patiëntengroep (focusgroep) van vrouwen met een doorgemaakte dreigende vroeggeboorte. Dit werd gedaan in samenwerking met de Vereniging voor Ouders van Couveusekinderen en de stichting HELLP.

Volgende:
Antibiotica en dreigende vroeggeboorte