Chronische hoest bij volwassenen

Initiatief: NVALT Aantal modules: 9

Organisatie van zorg

Publicatiedatum: 08-06-2026
Beoordeeld op geldigheid: 08-06-2026

Uitgangsvraag

Hoe kan de zorg rondom patiënten met chronische hoest geoptimaliseerd worden en wat zijn de minimale voorwaarden om dit te waarborgen?

Aanbeveling

Maak regionale afspraken tussen longartsen en huisartsen voor verwijzing en terugverwijzing. Organiseer binnen dit netwerk scholing over chronische hoest.

 

Richt een multidisciplinair netwerk in waarbinnen de zorg voor de patiënt met chronische hoest wordt gewaarborgd. Dit netwerk moet minimaal bestaan uit een longarts, een KNO-arts, een hoestlogopedist en een MDL-arts. Andere disciplines kunnen op afroep beschikbaar zijn. Start binnen dit netwerk een periodiek multidisciplinair overleg.

Geef middels scholing en stages bekendheid aan het bestaan van chronische hoest en de behandeling daarvan.

Overwegingen

1. Onbekendheid en onderdiagnostiek

Chronische hoest wordt vooral gezien als een symptoom bij een andere onderliggende aandoening. De laatste jaren neemt de aandacht, onder andere via de media, voor onverklaarde en/of refractaire chronische hoest toe. Toch is de bekendheid van chronische hoest als entiteit beperkt bij longartsen en andere zorgverleners.

 

In Nederland zijn er nog relatief weinig medisch specialisten met chronische hoest als aandachtsgebied. Tot het verschijnen van deze richtlijn, bestond er geen landelijk geprotocolleerde aanpak om chronische hoest te analyseren en te behandelen. Hierdoor is er tot op heden zowel over- als onderdiagnostiek gedaan. Ook is er vertraging in behandeling ontstaan voor patiënten die niet tijdig bij de juiste zorgverlener zijn beland.

 

Voor de eerste lijn bestaat er een richtlijn acute hoest, welke vooral gericht is op hoest veroorzaakt door luchtweginfecties. Er zal vanuit de longgeneeskunde een inspanning geleverd moeten worden om de entiteit chronische hoest in de eerste lijn onder de aandacht te brengen.

 

2. Regionale werkafspraken maken

Idealiter is er in elk ziekenhuis een longarts met als expertise chronische hoest. Om de zorg rondom de patiënt met chronisch hoest te optimaliseren is het inrichten van twee netwerken van belang:

 

  1. Regionale werkafspraken, waarbinnen eenvoudig en laagdrempelig patiënten verwezen kunnen worden tussen de eerste en tweede lijn, waarbij de lokale contacten ook gebruikt dienen te worden voor kennisoverdracht en overleg.
  2. Multidisciplinair netwerk van behandelaars, waarbinnen volgens de vigerende richtlijnen wordt gewerkt met een vaste en duidelijk structuur van doorverwijzing.

Het regionale netwerk zou minimaal moeten bestaan uit een longarts, hoestlogopedist, KNO-arts en MDL-arts. Tevens adviseren we het opstarten van een periodiek multidisciplinair overleg.

 

Ter overweging is vanuit patiëntvriendelijkheid deze zorg te organiseren als “hoest-straatje” òf “one-stop-shop”. Patiënten reizen namelijk regelmatig ver voor deze specifieke zorg.

 

Daarnaast kan altijd worden doorverwezen naar een van de hoestpoli’s/hoestklinieken in het land.

 

3. Andere randvoorwaarden

  • Scholing en expertise bij longartsen en logopedisten op het gebied van chronische hoest.
  • Kennis hebben van landelijke hoeststages (nascholing, bijscholing).
  • Chronische hoest moet een vaste plek hebben in het curriculum van de opleiding tot longarts.
  • Ontwikkeling van een DLO (digitale leer omgeving).
  • Invoering van de ICD-10 code voor chronische hoest (R05.3) in Nederland. Dit zal leiden tot meer bekendheid, een beter inzicht in epidemiologie en een beter zorgproduct (DBC). Dit is inmiddels in gang gezet bij het Zorginstituut.

Onderbouwing

Chronische hoest kent een prevalentie van ongeveer 10% in de Nederlandse volwassen populatie. Het percentage patiënten dat doorverwezen wordt naar de tweede lijn ligt veel lager. Uit onderzoek vanuit het Isala ziekenhuis blijkt dat het lang kan duren voordat een patiënt naar de longarts verwezen wordt. De mediane tijd tussen ontstaan van de hoest en het eerste bezoek bedroeg 8,5 jaar, en bij 40% van de mensen duurde dit zelfs langer dan 10 jaar (artikel gesubmit).

 

Deze lange periode kan leiden tot een cumulatief grote afname van de kwaliteit van leven en toename van ziektelast. In deze module worden aanbevelingen gedaan om de zorg rondom patiënten met chronische hoest te optimaliseren en wat daarbij de minimale voorwaarden zijn om dit te waarborgen.

De hierna benoemde overwegingen zijn opgesteld op basis van de expertise van de leden van binnen de richtlijncommissie.

  1. <p align="left">Thomas, E., van der Windt, D. A. W. M., Hay, E. M., Smidt, N., Dziedzic, K., Bouter, L. M., & Croft, P. R. (2005). Two pragmatic trials of treatment for shoulder disorders in primary care: generalisability, course, and prognostic indicators. Annals of the rheumatic diseases, 64(7), 1056-1061.

Beoordelingsdatum en geldigheid

Publicatiedatum  : 08-06-2026

Beoordeeld op geldigheid  : 08-06-2026

Initiatief en autorisatie

Initiatief:
  • Nederlandse Vereniging van Artsen voor Longziekten en Tuberculose
Geautoriseerd door:
  • Longfonds
  • Nederlandse Internisten Vereniging
  • Nederlandse Vereniging van Artsen voor Longziekten en Tuberculose
  • Nederlandse Vereniging voor Keel-Neus-Oorheelkunde en Heelkunde van het Hoofd-Halsgebied

Algemene gegevens

De ontwikkeling van deze richtlijnmodule werd ondersteund door het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten (www.demedischspecialist.nl/kennisinstituut) en werd gefinancierd door de Stichting Kwaliteitsgelden Medisch Specialisten (SKMS).

 

De financier heeft geen enkele invloed gehad op de inhoud van de richtlijnmodule.

Samenstelling werkgroep

Voor het ontwikkelen van deze richtlijn is in 2023 een multidisciplinaire werkgroep ingesteld, bestaande uit vertegenwoordigers van relevante specialismen die betrokken zijn bij de zorg rondom chronische hoest bij volwassen patiënten. De richtlijn is gelijktijdig ontwikkeld met de richtlijn Hoesten in de palliatieve fase voor volwassenen.

 

Werkgroep

  • Dr. J.W.K. (Jan Willem) van den Berg (NVALT), longarts, voorzitter werkgroep
  • Drs. E.J. (Eva) Japenga (NVALT), longarts
  • Dr. J. (José) de Kluijver (NVALT), longarts
  • Dr. M. (Martijn) Goosens (NVALT), longarts
  • Dr. A.J. (Arent Jan) Michels (NVALT), longarts
  • Dr. D.A. (Derrek) Heuveling (NVKNO), KNO-arts
  • Dr. E.M.J.M. (Emke) van den Broek (NVKNO), KNO-arts
  • Dr. H.W.M. (Marleen) van Casteren (Verenso), specialist ouderengeneeskunde en kaderarts palliatieve zorg
  • Dr. N.J.J. (Eline) Neels (NHG), huisarts
  • Dr. F.Y.F.L. (Filip) de Vos (NIV), Internist-oncoloog en kaderarts palliatieve zorg

Klankbordgroep

  • Dr. E. (Ellen) Ricke, Longfonds, Sr. Beleidsadviseur
  • Dr. L.R. (Laura) de Baaij (NVMDL), maag-darm-lever arts
  • Dr. B.D.L. (Lidewij) Broekhuizen (NHG), huisarts
  • H. (Heleen) van Woudenberg (NVLF), stem- en hoestlogopedist 
  • M. (Marjolein) Frelier (NVLF), stem- en hoestlogopedist

Met ondersteuning van

  • Dhr. H. (Hans) Ket, Literatuurspecialist, Maatschap Van Dusseldorp, Delavux & Ket
  • Dr. A.C. (Anniek) van Westing, Adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
  • Dr. J.C. (José) Maas, Senior-adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
  • Drs. P.G. (Phylisha) Bloemen - van Heemskerken, Junior-adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten
  • Dr. N.L. (Nikita) van der Zwaluw, Senior-adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten, tot september 2025
  • Dr. M.S. (Matthijs) Ruiter, Senior-adviseur, Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten, vanaf september 2025

Belangenverklaringen

Een overzicht van de belangen van werkgroepleden en het oordeel over het omgaan met eventuele belangen vindt u in onderstaande tabel. De ondertekende belangenverklaringen zijn op te vragen bij het secretariaat van het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten via secretariaat@kennisinstituut.nl.

 

Tabel Gemelde (neven)functies en belangen werkgroep 

Naam

Hoofdfunctie

Nevenwerkzaamheden

Persoonlijke Financiële Belangen

Persoonlijke Relaties

Extern gefinancierd onderzoek

Intell. belangen en reputatie

Overige belangen

Datum

Actie

Arent Jan

Michels

Longarts vrij gevestigd

Voorzitter MSB Anna ziekenhuis (onkostenvergoeding)
voorzitter Medische Staf Anna ziekenhuis (onbetaald)

geen vast dienstverband;

2024 geen betaald adviseurschap
2023 adviesbijeenkomst MSD

Geen

Geen

Hoestpolikliniek

Geen

31-12-2024

Geen restricties

Derrek Heuveling

Lid, NVKNO

Lid standpuntnota benigne speekselklierpathologie. NVKNO.
Lid Kerngroep Laryngologie NVKNO.
Penningmeester MSBMiddenNederland UA.
KNO-arts MMC.

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

11-05-2024

Geen restricties

Eline Neels

* Huisarts, praktijkhouder
* Kaderhuisarts Palliatieve zorg

* Medisch coördinator Hospice Clarahotje (betaald)
* Lid CPT (betaald)
* Commissie richtlijn: toedienen van vocht in de palliatieve fase (betaald)

-

Nee

-

-

-

5-05-2024

Geen restricties

Emke van den Broek

UMC Utrecht

Cluster laryngologie en kerngroep laryngologie

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Zie boven gedeeld belang wv kno

Niet van toepassing

26-03-2024

Geen restricties

Eva Japenga

Longarts
Haaglanden medisch centrum Den Haag

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Eenmalige bijeenkomst MSD-adviesraad Gefapixant (12-4-23)

26-01-2024

Geen restricties

Jan Willem van den Berg (voorzitter)

longarts,
Isala ziekenhuis Zwolle

Geen

Geen

Geen

Ja:
* MSD - Demografie, kwaliteit van leven, Isala Hoestpoli - Projectleider
* MSD - The patient journey of patients diagnosed with unexplained and refractory chronic cough in the Isla – Projectleider.

 

Participatie BUS-P3-01 CALM-1-studie, GSK, P2X3 remmer

Hoestpoli; national lead Neurocough CRC ERS


Dienstverlening (adviesraad, spreker etc.)
2020 MSD

2021
GSK, MSD

2023   MSD

16-01-2024

Geen restricties. Onderwerpen van extern gefinancierd onderzoek komen niet terug in de uitgangsvragen.

Advies om te stoppen met dienstverlening aan MSD gedurende het richtlijntraject.

José de Kluijver

Longarts
Reinier de Graaf Ziekenhuis

Hoofdredactieraad NTvAAKI (onbetaald) – eind 2025 gestaakt

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Hoestpoli Reinier de Graaf Ziekenhuis

Niet van toepassing

5-01-2024

Geen restricties

Marleen van Casteren

Specialist ouderengeneeskunde bij St. Kalorama, betaald voor 0,8 FTE

Palliatief consulent bij PZNL voor ongeveer 1 uur per week
Gastdocent bij Hogeschool Arnhem Nijmegen voor ongeveer 12 uur per jaar
Beide worden betaald via mijn werkgever.

Geen

Geen

PALSED studie:
* Horizon2020 EU funding - Palliative sedation in patiënts with cancer - Geen projectleider

Geen

Geen

28-02-2024

Geen restricties

Martijn Goosens

longarts
Gelre Ziekenhuizen, CMSG (Coöperatie Medisch Specialisten Gelre)

Principal investigator meerdere trials, waaronder momenteel 1x studie chronische hoest met een P2X3-receptor antagonist.

Incidenteel adviesraden voor farmaceutische industrie, waaronder voor MSD mbt Gefapixant, 2x in 2023.

Geen actuele belangen

Neen

BUS-P3-01 CALM-1-studie:
* Bellus Health/GSK - Fase 3 onderzoek P2x3 - Projectleider

geen

geen

3-03-2024

Restricties op besluitvorming over P2X3-receptor antagonist.
Advies om adviesraden te staken gedurende de richtlijnontwikkeling.

Filip de Vos

Internist-oncoloog en kaderarts palliatieve zorg
UMC Utrecht

Geen

Geen

Geen

Ja:
* Foundation STOPbraintumors.org - Effect tumorgroei bij vrouwen met laaggradige gliomen - Projectleider
* BMS - BET remmer in combinatie met standaard chemoradiatie als eerste lijnsbehandeling bij glioblastoom - Geen projectleider
* Novartis - LAG remmer na falen immuuntherapie bij solide tumoren - Geen projectleider
* EORTC - Marizomib bij standaard chemoradiatie bij glioblastoom - Projectleider
* Pfizer en Ipsen Plharma - Compassionate use medicatie - Geen projectleider

Nee

BMS Advisory Board; Faculty member ESMO CNS tumors; Quality of Care commission Dutch Society of Medical Oncology;
Quality Assurance commission EORTC

20-12-2023

Geen restricties. Extern gefinancierd onderzoek buiten bestek van de richtlijn.

Klankbordgroep

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ellen Ricke (tot 2025)

Sr beleidsadviseur bij Longfonds

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Niet van toepassing

29-01-2024

Geen restricties

Pascale Lubbers

Beleidsadviseur Longfonds

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

21-05-2025

 

Laura de Baaij

Maag-darm-leverarts, Reinier de Graaf Gasthuis
Verlenen van medisch specialistische zorg op het gebied Maag-darm- en leverziekten, betaald.

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

24-10-2024

Geen restricties

Lidewij Broekhuizen

Huisarts/praktijkhouder in
Huisartspraktijk de Bongerd
7271 CG Borculo

Kaderarts astma COPD

Geen

Geen

Nee

Commissielid van de NHG-standaard COPD en Astma voor Volwassenen

Geen

22-08-2024

Geen restricties

Heleen van Woudenberg

Logopedie Voorburg - eigen praktijk
behandeling van patiënten met vnl. hoest-, stem- en globusklachten.
3 dagen per week, betaald

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

29-01-2025

Geen restricties

Marjolein Frelier

Logopedist
Logopedie Voorburg

gastlessen op scholen/opleidingen incidenteel

Geen

Geen

Geen

Geen

Geen

04-02-2025

Geen restricties 

Inbreng patiëntenperspectief

De werkgroep besteedde aandacht aan het patiëntenperspectief door afvaardiging van de Longfonds in de klankbordgroep en het uitnodigen van het Longfonds en de Patiëntenfederatie voor de knelpunteninventarisatie. De verkregen input is meegenomen bij het opstellen van de uitgangsvragen, de keuze voor de uitkomstmaten en bij het opstellen van de overwegingen. De conceptrichtlijn is tevens voor commentaar voorgelegd aan het Longfonds en de Patiëntenfederatie en de eventueel aangeleverde commentaren zijn bekeken en verwerkt.

 

Kwalitatieve raming van mogelijke financiële gevolgen in het kader van de Wkkgz

Bij de richtlijnmodule voerde de werkgroep conform de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) een kwalitatieve raming uit om te beoordelen of de aanbevelingen mogelijk leiden tot substantiële financiële gevolgen. Bij het uitvoeren van deze beoordeling is de richtlijnmodule op verschillende domeinen getoetst (zie het stroomschema bij Werkwijze).

Module

Uitkomst raming

Toelichting

Module Organisatie van zorg

Geen financiële gevolgen

Hoewel uit de toetsing volgt dat de aanbeveling(en) breed toepasbaar zijn (>40.000 patiënten), volgt ook uit de toetsing dat het geen nieuwe manier van zorgverlening of andere organisatie van zorgverlening betreft. Er worden daarom geen substantiële financiële gevolgen verwacht.

Werkwijze

Voor meer details over de gebruikte richtlijnmethodologie verwijzen wij u naar de Werkwijze. Relevante informatie voor de ontwikkeling/herziening van deze richtlijnmodule is hieronder weergegeven.