Chronische beademing

Initiatief: NVALT / VSCA Aantal modules: 67

Startpagina - Chronische beademing

Wat is nieuw? Publicatiedatum
Verwijzen en indicatie stellen chronische beademing 17-11-2021
Verwijzing naar CTB voor verschillende patiëntengroepen 17-11-2021
Moment van verwijzing naar CTB 17-11-2021
Manier van verwijzen naar CTB 17-11-2021
Planning en inhoud van de intake 17-11-2021
Instellen op chronische beademing 17-11-2021
Algemene doelen van chronische beademing 17-11-2021
Criteria voor starten chronische beademing 17-11-2021
Groep Ia snel progressieve neuromusculaire aandoeningen (ALS, PSMA) 17-11-2021
Groep Ib, Ic, Ie langzaam progressieve neuromusculaire aandoeningen 17-11-2021
Groep Id (hoge dwarslaesie) 17-11-2021
Groep IIa (primaire en secundaire kyfoscoliose) 17-11-2021
Groep IIb (Obesitashypoventilatiesyndroom) 17-11-2021
Groep III (COPD) 17-11-2021
Groep IV slaapgerelateerde ademhalingsstoornissen die onvoldoende reageren op reguliere behandelingen 17-11-2021
Instellen patiënt op niet-invasieve chronische beademing 17-11-2021
Niet-invasieve beademing (NIV) of invasieve beademing 17-11-2021
Technische uitrusting bij chronische beademing 17-11-2021
Type en timing hoestondersteunende technieken 17-11-2021
Transitie naar de verblijfssituatie bij chronische beademing 17-11-2021
Veilig ontslag bij chronische beademing 17-11-2021
Passende ondersteuning en zorgaanbod bij chronische beademing 17-11-2021
Aanvraag voor plaatsing in verpleeghuis of woonvorm 17-11-2021
Eisen bezettingsgraad bekwaam personeel 17-11-2021
Adequate alarmering van en verantwoordelijkheden bij beademde patiënten 17-11-2021
Informatie voor hoofdbehandelaar bij plaatsing in thuissituatie 17-11-2021
Informatie en materialen voor patiënt bij plaatsing in verblijfssituatie 17-11-2021
Verantwoordelijk canulezorg bij patiënten zonder beademing 17-11-2021
Vaststellen effectief, comfortabel en veilig verloop beademing 17-11-2021
Chronische beademing in de verblijfssituatie 17-11-2021
Beleid bij acute en intercurrente medische problemen 17-11-2021
Beleid bij klachten indien patiënt thuis verblijft 17-11-2021
Beleid bij klachten in een zorginstelling 17-11-2021
Ziekenhuisopname patiënt met chronische beademing 17-11-2021
Verantwoordelijkheid voor aanpassen chronische beademing 17-11-2021
Stroomstoring bij chronische beademing 17-11-2021
Mogelijkheden respijtzorg voor beademde patiënten 17-11-2021
Mogelijkheden hospicezorg voor beademende patiënten 17-11-2021
Afstemming in de zorgketen voor chronische beademing (organisatie van de zorg) 17-11-2021
Verantwoordelijkheidsverdeling als de patiënt in het ziekenhuis verblijft 17-11-2021
Verantwoordelijkheidsverdeling als de patiënt thuis verblijft 17-11-2021
Afstemming en informatieoverdracht bij chronische beademing 17-11-2021
Informatie voor hoofdbehandelaar CTB-arts bij chronisch respiratoir falen 17-11-2021
Hoofdbehandelaar en het CTB bij chronische beademing 17-11-2021
Apparatuur en disposables bij chronische beademing 17-11-2021
Apparatuur, onderhoud en verantwoordelijkheden bij chronische beademing 17-11-2021
Vervanging van onderdelen van het beademingscircuit bij chronische beademing 17-11-2021
Rolstoelopbouw bij chronische beademing 17-11-2021
Scholing ten behoeve van chronische beademing 17-11-2021
Voorwaarden voor uitvoer voorbehouden- en risicovolle handelingen bij chronische beademing 17-11-2021
Inhoud en doelgroep scholing en toetsing bij chronische beademing 17-11-2021
Uitvoering van scholing en toetsing bij chronische beademing 17-11-2021
Timing en frequentie van scholing bij chronische beademing 17-11-2021
Type certificaat na scholing bij chronische beademing 17-11-2021
Vervoer/ambulance/reizen bij chronische beademing 17-11-2021
Veilig vervoer per eigen vervoer of rolstoeltaxi bij chronische beademing 17-11-2021
Veilig vervoer per ambulance bij chronische beademing 17-11-2021
Vakantiereis bij chronische beademing 17-11-2021
High Altitude Simulation Test (HAST) voor vliegreis bij chronische beademing 17-11-2021
Transitie chronisch beademde kinderen naar volwassenen zorg 17-11-2021
Beëindigen van de chronische beademing 17-11-2021
Timing beëindiging chronische beademing 17-11-2021
Leidinggevende in het organiseren van beëindiging chronische beademing 17-11-2021
Uitvoering beëindiging chronische beademing 17-11-2021
Cognitieve stoornissen en beëindigen van chronische beademing 17-11-2021
Vervallen van de indicatie voor chronische beademing 17-11-2021
Startpagina - Chronische beademing 17-11-2021

Waar gaat deze richtlijn over?

De richtlijn chronische beademing voor volwassenen richt zich op de het hele proces van de zorg voor patiënten met chronische beademing, ook wel genoemd thuisbeademing.

Onder chronische beademing wordt verstaan het in principe levenslang beademen buiten het ziekenhuis. Door gebruik te maken van een beademingsapparaat kan de functie van de ademhalingsspieren voor meerdere uren per etmaal worden overgenomen.

Op peildatum 1 januari 2021 was het aantal chronisch beademden in Nederland 4124. Een betrekkelijk kleine groep met vaak zeldzame aandoeningen, die deels hoog-complexe zorg nodig heeft.

De centra voor thuisbeademing (CTB’s) hebben een centrale rol in de chronische beademingsketen. De CTB’s zijn alle verbonden zijn aan een academisch ziekenhuis, zij zijn de spil in de zorg voor patiënten met een (dreigende) chronische totale respiratoire insufficiëntie, ongeacht de onderliggende ziekte. Binnen een CTB worden verschillende categorieën patiënten begeleid, te weten patiënten met neuromusculaire aandoeningen, neurologische aandoeningen, thoraxwandproblemen (obesitas, kyfoscoliose), aandoeningen van het longweefsel en apneusyndroom.

 

Chronische beademing is bedoeld om een leven buiten het ziekenhuis mogelijk te maken, patiënten moeten na instelling op beademing zo veel mogelijk thuis of in een instelling veilig kunnen wonen en kunnen deelnemen aan het maatschappelijke leven. Op 1-1-2020 woont 90% van de patiënten die chronisch beademd worden thuis, 10% woont elders (Fokus, woonvorm, verpleeghuis). Hiervoor is van groot belang dat er goede afspraken over de keten heen gemaakt worden wat betreft veiligheid, overdracht, taakverdeling en scholing. Hierin zijn veel partijen betrokken: onder meer neurologen, revalidatieartsen, KNO-artsen, IC-artsen, artsen voor verstandelijk beperkten, longartsen, specialisten oudergeneeskunde, verpleegkundigen/ verpleegkundig specialisten, verzorgenden, CTB-technici, rolstoeldeskundigen, mantelzorgers en niet in het minst de patiënten zelf.

 

In de bijlage ‘algemene inleiding’ wordt dieper ingegaan op de achtergronden: de werking van de normale ademhaling, respiratoire insufficiëntie, aantallen beademden in Nederland en de geschiedenis van de chronische beademing.

De richtlijn is een vervolg op en uitwerking van de veldnorm chronische beademing voor volwassenen (2012).

 

In de richtlijn komen de volgende onderwerpen aan de orde:

  1. Verwijzen en indicatie stellen
  2. Instellen op chronische beademing
  3. Transitie naar de verblijfssituatie
  4. Chronische beademing in de verblijfssituatie
  5. Afstemming in de zorgketen (organisatie van de zorg)
  6. Apparatuur en disposables
  7. Scholing ten behoeve van chronische beademing
  8. Vervoer/ambulance/reizen
  9. Transitie chronisch beademde kinderen naar volwassenen zorg
  10. Beëindiging van de chronische beademing

 

Voor wie is deze richtlijn geschreven?

De richtlijn is bedoeld voor alle leden van de beroepsgroepen die betrokken zijn bij de verwijzing en de zorg voor patiënten met chronische beademing. Uiteraard is deze richtlijn ook te raadplegen voor patiënten, mantelzorgers en andere betrokkenen.

 

Voor patiënten

In de algemene inleiding treft u een uitleg aan over de normale ademhaling en de verstoring die leidt tot de problematiek van respiratoire insufficiëntie, waarbij chronische beademing mogelijk een oplossing is.

In de bijlage “opgelucht” vindt u de patiënten informatie behorend bij de richtlijn chronische beademing voor volwassenen.

Zie voor meer informatie www.vsca.nl

 

Toepassen

In de bijlagen vindt u:

 

Literatuur

  • Annane D, Orlikowski D, Chevret S, et al. Nocturnal mechanical ventilation for chronic hypoventilation in patients with neuromuscular and chest wall disorders. Cochrane Database Syst 2007;17:CD001941 Rev.
  • Perrin C, Unterborn JN, Ambrosio CD, et al. Pulmonary complications of chronic neuromuscular diseases and their management. Muscle Nerve 2004;29:5-27.
  • Pham T, Brochard LJ, Slutsky AS. Mechanical Ventilation: State of the Art. Mayo Clin Proc. 2017 Sep;92(9):1382-1400.
  • Roussos C, Macklem PR. The respiratory muscles. N Engl J Med 1982; 307: 786–797.
Volgende:
Verwijzen en indicatie stellen