Borstkanker

Initiatief: NABON / NIV Aantal modules: 136

Borstkanker - Bewerking en verslaglegging

Aanbeveling

Er moet gewaarborgd zijn dat resectiepreparaten zodanig snel worden bewerkt dat gradering en receptoronderzoek niet door slechte fixatie worden beïnvloed.

Specimenradiogram van het gelamelleerde preparaat wordt sterk aangeraden ten behoeve van efficiënte sampling bij:

  • laesies met microcalcificaties of vraagstelling DCIS;
  • macroscopische niet zichtbare tumorhaarden;
  • bedreigde snijvlakken.

Verplichte items pathologie verslag resectiepreparaat:

  • histologische type volgens WHO, invasief en in situ;
  • maximale tumordiameter, volgens TNM 8e ed., invasief en in situ indien van toepassing;
  • gradering (invasief) volgens gemodificeerde Bloom en Richardson;
  • MAI;
  • ER status (positief indien > 10% positieve tumorcellen, % vermelden);
  • PR status (positief indien > 10% positieve tumorcellen, % vermelden);
  • HER2 status en gebruikte techniek;
  • minimale tumorvrije marge, zowel voor invasief carcinoom als DCIS;
  • indien niet radicaal: focaal of meer dan focaal, zowel voor invasief carcinoom als DCIS;
  • de zijde met krapste marge of positieve snijvlak;
  • na neoadjuvante therapie 

Verplichte items pathologie verslag SWK-biopsie:

  • aantal klieren; aantal positieve klieren;
  • aantal klieren met macro-, micrometastase, geïsoleerde tumorcellen;
  • extranodale groei.

Verplichte items pathologie verslag OKD:

  • aantal klieren; aantal positieve klieren;
  • aantal klieren met macro-, micrometastase, geïsoleerde tumorcellen;
  • extranodale groei;
  • status okseltop;
  • bij neoadjuvante therapie

Om de verslaglegging van resectiepreparaten zoveel mogelijk te standaardiseren is het van groot belang de protocol module van PALGA te gebruiken.

Onderbouwing

Bewerking borstpreparaat
Voor het uitnemen van coupes van de resectievlakken, de beoordeling van de tumor en de bepaling van optimale gradering, hormoonreceptoren en HER2 is optimale fixatie van groot belang.
Voor optimale bewerking en fixatie is vers ontvangen van de preparaten obligaat. Dan kan een protocol gevolgd worden waarbij het preparaat, na inkten van de resectievlakken (het liefst volgens afspraak met verschillende kleuren), kortdurend wordt gekoeld (2 x 15 min. in aluminiumfolie bij -20°C), in 3 mm dikke plakken wordt gelamelleerd en daarna plat tussen gazen wordt gefixeerd. Ook vetrijke lobbige snijvlakken zijn dan goed snijdbaar en beoordeelbaar.
Als preparaten door lokale omstandigheden niet vers aangeleverd kunnen worden moet het laboratorium ervoor zorgen dat het weefsel voldoende kan fixeren; insnijden van preparaten zonder inkten van resectievlakken is niet acceptabel omdat daardoor een betrouwbare beoordeling van de resectievlakken wordt verhinderd. Met name de langzame fixatie leidt tot onbetrouwbare immunohistochemie en in situ hybridisatie. Injecteren van preparaten die niet meteen vers kunnen worden bewerkt met formaline is een goed alternatief.

Bewerking okselpreparaat
De chirurg dient het preparaat te markeren (mediale okseltop). In een regulier uitgevoerde OKD kunnen ten minste 10 klieren gevonden worden. De klier die het dichtst bij de topmarkering gevonden wordt, is de topklier; elk preparaat heeft dus een okseltopklier.

Bewerking schildwachtklier
Zie andere module

Autorisatiedatum en geldigheid

Laatst beoordeeld  :

Laatst geautoriseerd  : 13-02-2012

Initiatief en autorisatie

Initiatief:
  • Nationaal Borstkanker Overleg Nederland
  • Nederlandse Internisten Vereniging

Methode ontwikkeling

Evidence based

Volgende:
Risicoprofilering