Acute infectieuze diarree - Startpagina

Laatst beoordeeld: 01-02-2014

Waar gaat deze richtlijn over?

Deze richtlijn richt zich op wat volgens de huidige maatstaven de beste zorg is voor patiënten met acute infectieuze diarree. In de richtlijn komen de volgende onderwerpen aan de orde:

  • Virussen als verwekkers van acute infectieuze diarree
  • Bacteriën als verwekkers van acute infectieuze diarree
  • Parasieten als verwekkers van acute infectieuze diarree
  • De antibiotische behandeling van acute infectieuze diarree opgelopen in de omgeving en bij reizigers

 

Voor wie is deze richtlijn bedoeld?

Deze richtlijn is bestemd voor alle zorgverleners die betrokken zijn bij de zorg voor patiënten met acute infectieuze diarree.

 

Voor patiënten

Diarree is dunne waterige ontlasting, drie of meer malen per 24 uur. We spreken van acute diarree wanneer de klachten nieuw zijn en niet langer dan 14 dagen bestaan. Het kan gepaard gaan met andere klachten, zoals buikkrampen, misselijkheid en overgeven. Diarree komt meestal door een darminfectie met een virus. Een darminfectie kan ook ontstaan door bacteriën of parasieten.

In Nederland komen jaarlijks ongeveer 4,5 miljoen gevallen van acute infectieuze diarree voor. Kinderen tot 5 jaar worden het vaakst getroffen. In 1 op de 20 gevallen wordt een huisarts geconsulteerd. Een nog lager percentage mensen met acute infectieuze diarree wordt uiteindelijk opgenomen in een ziekenhuis.

 

Meer informatie over acute infectieuze diarree is te vinden op Thuisarts:

http://www.thuisarts.nl/diarree

 

Hoe is de richtlijn tot stand gekomen?

Het initiatief voor deze richtlijn is afkomstig van de Stichting Werkgroep Antibioticabeleid (SWAB). 

De richtlijn is opgesteld door een multidisciplinaire commissie met vertegenwoordigers vanuit de internisten-infectiologen en arts-microbiologen.

 

Autorisatiedatum en geldigheid

Laatst beoordeeld : 01-02-2014

Laatst geautoriseerd : 01-02-2014

De geldigheid van de richtlijn is 5 jaar; in 2019 of zoveel eerder als nodig is zal de richtlijn ge-reëvalueerd worden.

Initiatief en autorisatie

Initiatief : Stichting Werkgroep Antibioticabeleid

Algemene gegevens

De richtlijn is opgesteld en goedgekeurd door vertegenwoordigers van de in de inleiding en methoden genoemde beroepsverenigingen, en verwoordt de geldende professionele standaard in februari 2014. De richtlijn bevat aanbevelingen van algemene aard. Het is mogelijk dat deze aanbevelingen in een individueel geval niet van toepassing zijn. De toepasbaarheid van de richtlijn in de praktijk is de verantwoordelijkheid van de behandelend arts. Er kunnen zich feiten of omstandigheden voordoen waardoor, in het belang van een goede zorg voor de patiënt, afwijking van de richtlijn wenselijk is.

 

De totstandkoming van deze richtlijn werd gefinancierd door subsidie van het Ministerie van VWS/RIVM-CIb aan de SWAB.

Doel en doelgroep

Doel

De Stichting Werkgroep Antibioticabeleid (SWAB) ontwikkelt richtlijnen voor het gebruik van antibiotica bij volwassenen in het ziekenhuis met als doel het antibioticabeleid te optimaliseren en zo een bijdrage te leveren aan de beheersing van kosten en resistentieontwikkeling.

 

Doelgroep

De richtlijnen dienen als raamwerk voor de commissies die antibioticaformularia opstellen in ziekenhuizen.

Samenstelling werkgroep

Voorbereidingscommissie:

  • Mw. drs. J.C. Bos (internist-infectioloog)
  • Mw. dr. C. Schultsz (arts-microbioloog)
  • Dr. T. Van Gool (arts-microbioloog, parasitoloog)
  • Drs. M. P. Bauer (internist-infectioloog)
  • Prof. dr. J.M. Prins (internist-infectioloog)

 

Wij zijn dank verschuldigd aan mevr. Heleen Dyserinck, (voormalig) bibliothecaresse van de Medische Bibliotheek van het AMC voor haar bijdrage aan de tot stand koming van de zoekstrategie.

Belangenverklaringen

De leden van de voorbereidingscommissie hebben de volgende potentiële belangenconflicten gemeld: M. Bauer heeft op uitnodiging van Astellas een Clostridium-symposium bezocht in Londen, UK. De overige auteurs hebben gemeld geen belangenconflicten te hebben.

Methode ontwikkeling

Evidence based

Werkwijze

Tabel 1. Methodologische kwaliteit van individuele studies [2]

Classificatie

Definitie

A1

A2

Systematische review obv tenminste twee onafhankelijke A2 studies

Randomised Controlled Trial (RCT) van voldoende methodologische kwaliteit en power

of

Prospectieve cohort studie met voldoende power en adekwate correctie voor confounders

B

Vergelijkende studie zonder de methodologische kwaliteit zoals genoemd bij A2 (inclusief patient gecontroleerde studies en cohort studies)

of

Prospectieve cohort studie zonder de methodologische kwaliteit zoals genoemd bij A2, retrospectieve cohort studie of patient gecontroleerde studie

C

Niet vergelijkende studie

D

Bewijs obv de mening van leden van de richtlijn commissie

* NethMap/ISIS surveillance data zijn niet goed te graderen omdat geen gebruik gemaakt kan worden van levels of evidence zoals gebruikt in deze richtlijn. Er wordt echter wel veel gewicht aan de methodologische kwaliteit van deze data toegekend, omdat ze betrekking hebben op zo’n 30% van de Nederlandse bevolking. Ditzelfde geldt voor de MARAN data.

 

Tabel 2. Bewijsniveaus

Bewijsniveaus

Definitie

Niveau 1

Één A1 studie of tenminste twee onafhankelijke A2 studies

Niveau 2

Één A2 studie of tenminste twee onafhankelijke B studie

Niveau 3

Één B of C studie

Niveau 4

Expert opinion

Zoekverantwoording

Zoekacties zijn opvraagbaar. Neem hiervoor contact op met de Richtlijnendatabase.