Agenderen-tabel

Agenderen-tabel

Kennisvragen

Kennisvragen zijn vragen over bestaande zorg, die nog onvoldoende zijn onderbouwd met wetenschappelijke literatuur. Het richtlijncluster heeft een belangrijke rol bij het identificeren van kennisvragen bij het ontwikkelen van een richtlijnmodule. De input uit deze Agenderen-tabel wordt gebruikt bij het opstellen van een kennisagenda. Alle geïnventariseerde kennisvragen (vanuit achterban, patiënten en richtlijnen) op het gebied van zorgevaluatie worden beoordeeld door de kennisagenda werkgroep en daarna geprioriteerd door alle relevante partijen tijdens een prioriteringsbijeenkomst. Het is belangrijk om de kennisvraag scherp te formuleren, zodat resultaten van een zorgevaluatie onderzoek daadwerkelijk opgenomen kunnen worden in een richtlijnmodule. 

Vraag 

Antwoord 

Kruis aan 

 

Vul in 

A1. Is onderzoek wenselijk om de uitgangsvraag of zoekvraag (met meer/voldoende zekerheid) te kunnen beantwoorden? 

 X

Nee. Tijdens de ontwikkeling van deze module is gebleken dat er volgens het cluster sprake is van passend bewijs voor de uitgangsvraag en zoekvraag.

 

Ja  

A2. Wat is de kennisvraag?

Kennis- 

vraag 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

A3. Waarom is dit een belangrijke kennisvraag?

Toelichting 

 

A4. Welk onderzoeksdesign is passend om deze kennisvraag te beantwoorden?

 

RCT

 

Observationeel onderzoek

 

Kwaliteitsregistratie

 

Anders, namelijk

Toelichting

 

A5. Zijn er een andere kennisvragen naar voren gekomen die passen bij het onderwerp van de module, maar niet hetzelfde zijn als de uitgangs- of zoekvraag en waar geen passend bewijs voor is?

 

Nee

 x

Ja  

A6. Wat is de kennisvraag?

Kennis- 

vraag 

a) Daarom wordt op dit moment onderzoek gedaan naar correlaties tussen SARA en bepaalde patiënt-gerapporteerde uitkomstmaten (zoals de Patient Global Impression of Change) in bestaande datasets verkregen uit eerdere natuurlijk beloopstudies.

 

 

 

 

 

 

 

 

A7. Waarom is dit een belangrijke kennisvraag?

Toelichting 

Eerder onderzoek maakte duidelijk dat de functionele relevantie van (veranderingen in) specifieke SARA-items op z’n minst onduidelijk is. Deze zogenaamde ‘anchoring’ is nodig om SARA in te kunnen zetten in klinische trials als primaire uitkomstmaat. Voor de klinische praktijk is het daarom goed om voorlopig, zoals ook aanbevolen, aanvullende instrumenten te gebruiken om de functionele effecten van behandelingen vast te leggen. b) 

A8. Welk onderzoeksdesign is passend om deze kennisvraag te beantwoorden?

 

RCT

 

Observationeel onderzoek

 

Kwaliteitsregistratie

 

Anders, namelijk:

Toelichting