Kennisvragen

Tijdens de ontwikkeling van deze module is gebleken dat er binnen deze module nog te weinig bewijs is voor de onderbouwing van de aanbeveling en dus kennisvragen bestaan. De werkgroep meent dat (vervolg)onderzoek wenselijk is om in de toekomst een duidelijker antwoord te kunnen geven op vragen uit de praktijk. 

Kennisvragen:

Tijdens de ontwikkeling van deze module is gebleken dat er nog te weinig bewijs is voor het beantwoorden van deze kennisvragen:

  1. Wat is de aanbevolen timing van gastroscopie bij patiënten met een acute bovenste tractus digestivus bloeding die hemodynamisch instabiel zijn?
  2. Is er een verschil in mortaliteit, opname duur, endoscopische behandeling bij patiënten die een gastroscopie < 12 uur of < 24 uur ondergaan en zijn er subgroepen van patiënten te benoemen?

Toelichting:

1 en 2. Dit zijn relevante vragen aangezien in de studies die zijn meegenomen in de search geen patiënten waren geïncludeerd die hemodynamisch instabiel waren of maar een zeer kleine groep (patiënten met een bloeding uit varices) betroffen. Bij deze groep patiënten zou je kunnen verwachten dat het effect van langduriger zuurremming of vasopressieve medicatie wellicht voordelig is en dat na stabilisatie gewacht kan worden om de effecten van deze medicatie optimaal te benutten.

2. Het verder uitsplitsen van de timing van een gastroscopie is momenteel nog niet adequaat in grote gerandomiseerde studies uiteengezet, mede door de grote heterogeniteit in studies met onder andere verschillende definities voor tijdstip van gastroscopie (vanaf opname, vanaf SEH-intake, vanaf gastro-enterologische consultatie), verschillen in comorbiditeit, verschillen in leeftijd, verschillen in ernst van bloeding enzovoort. Wellicht zijn er bepaalde subgroepen van patiënten, bijvoorbeeld op basis van risico stratificatie, die baat hebben bij een scopie < 12uur of wellicht pas later; < 12- 24 uur of zelfs tussen 24 en 48 uur.