Implementatietabel

Vraag

Antwoord:

Kruis aan en licht toe/ beschrijf

Toelichting keuze:

I1. Wat was het onderliggende probleem om deze uitgangsvraag uit te werken?

 

x

Ongewenste praktijkvariatie

Er bestaat grote variatie in herkenning, diagnostiek en behandeling van somatisch-symptoomstoornis en functioneel-neurologisch-symptoomstoornis binnen de ggz.

 

Nieuwe evidentie

 

 

Anders

 

I2. Maak een inschatting over hoeveel patiënten het ongeveer gaat waar de aanbeveling betrekking op heeft?

 

< 1000

 

< 5000

 

5000-40.000

x

> 40.000 De aanbevelingen hebben betrekking op patiënten met somatisch-symptoomstoornis en functioneel-neurologisch-symptoomstoornis. Met name somatisch-symptoomstoornis heeft een hoge prevalentie, waardoor het om een grote patiëntengroep gaat.

I3. Is de aanbeveling onderdeel van een bredere set interventies of verwant aan andere richtlijnen of modules? Zo ja, hoe verhoudt zij zich daartoe en moet hiermee rekening worden gehouden bij de implementatie, of kan de aanbeveling als losstaand worden beschouwd?

x

Ja

De aanbevelingen sluiten aan bij modules over communicatie, psychotherapie, paramedische zorg, farmacotherapie, naasten, samenwerking en multimorbiditeit.

 

Nee

 

I4. Belemmeringen en kansen op verschillende niveaus voor landelijke toepassing van de aanbeveling:

 

Belemmerende factoren

Bevorderende factoren/ kansen

Richtlijn/ klinisch traject (innovatie)

 

 

Gebrek aan systematisch onderzoek; onvoldoende aandacht in opleidingen

Consensus binnen werkgroep; bestaande DSM-5 criteria en modellen (bv. Gevolgenmodel)

Zorgverleners (artsen en verpleegkundigen)

 

 

Onvoldoende kennis van biologische factoren; beperkte scholing; ggz ziet stoornissen soms niet als ‘grote aandoening’

Breedsporig beleid en multidisciplinaire samenwerking kunnen zorg verbeteren

Patiënt/ cliënt (naasten)

 

 

Onzekerheid over aard klachten; mismatch tussen verwachtingen en ggz-aanpak; risico op stigma

Behoefte aan persoonlijke uitleg, beschrijvend model en gezamenlijke besluitvorming

Sociale context

 

 

Stigma rond klachten, ook in de zorg

Educatie en betere communicatie kunnen stigma verminderen

Organisatorische context

 

 

Beperkt aantal gespecialiseerde behandelplekken; gebrekkige samenwerking ggz-somatiek; overleg niet vergoed

Generalistische teams kunnen behandeling aanbieden met protocollen; online hulpmiddelen beschikbaar

Financiële en juridische context

 

 

Hoge kosten door late herkenning en ineffectieve trajecten; beperkte vergoeding voor overleg en paramedische zorg

Adequate en tijdige diagnostiek en behandeling verlaagt zorg- en maatschappelijke kosten

I5. A) Welke personen/partijen zijn van belang bij het toepassen van de aanbeveling in de praktijk? (kruis aan)

 

B) Wat is er nodig van deze personen/partijen om de aanbeveling in de praktijk te kunnen brengen? Denk aan aanpassingen in gedrag, werkwijzen, beleid, samenwerking of andere randvoorwaarden.

 

A

B

x

Patiënt/ cliënt (naaste)

Actief betrekken bij diagnostiek, beschrijvende diagnose en behandelplan

x

Professional

Meer scholing, integratie biopsychosociaal model, laagdrempelig overleg met somatiek

x

Beroepsvereniging, nl

Opname in richtlijnen, bevordering scholing en expertise-uitwisseling

x

Ziekenhuis (raad van bestuur/UMCNL (voorheen NFU)/NVZ)

Ruimte voor interdisciplinaire samenwerking en langere consultduur faciliteren

x

Zorgverzekeraars/ NZa

Financiering van geïntegreerde zorg, overleg en paramedische behandelingen

x

Zorginstituut [duiding nodig]

Duiding en borging van richtlijnen en passende zorg

 

Anders 

 

I6. Binnen welk tijdsbestek moet de aanbeveling zijn geïmplementeerd? 

 

 

< 1 jaar

 

x

binnen 2-3 jaar

 

Het verbeteren van scholing, diagnostiek en behandeling in de ggz vraagt structurele veranderingen, maar is binnen enkele jaren haalbaar.

I7. Conclusie: is er extra actie en/of ondersteuning nodig voor implementatie van de aanbeveling?

De reguliere implementatieroutes (publicatie en disseminatie via officiele kanalen, opname in professionele standaarden, scholing en nascholing, gebruik van bestaande ICT systemen, audits en visitaties) van de richtlijnmodule alleen is onvoldoende.

x

Ja

Extra actie nodig in de vorm van scholing, financiering van samenwerking en uitbreiding van behandelcapaciteit.

 

Nee

 

I8. Plaatsing op de Landelijke Implementatieagenda Medisch Specialistische zorg is gewenst. Het gaat om zorg die (grotendeels) wordt uitgevoerd binnen de ziekenhuismuren. Succesvolle implementatie vraagt om actieve betrokkenheid en samenwerking van meerdere relevante partijen binnen de zorgpraktijk.

x

Ja *

Gezien de hoge prevalentie, ziektelast, zorgkosten en de noodzaak tot samenwerking tussen ggz en somatiek is landelijke implementatie gewenst.

 

Nee

 

*Deze aanbeveling komt mogelijk in aanmerking voor plaatsing op de Landelijke Implementatieagenda van het programma Zorg Evaluatie & Gepast Gebruik (ZE&GG), waarin alle betrokken partijen in de medisch-specialistische zorg samenwerken aan de implementatie van bewezen beste zorg. De Federatie levert namens het veld goed onderbouwde aanbevelingen aan, die zijn getoetst op de behoefte aan een implementatie-impuls. De onderwerpen op de Implementatieagenda zijn onderdeel van landelijke zorginkoopafspraken tussen zorgverzekeraars en zorgaanbieders. Voor de beoordeling van aanbevelingen uit richtlijnen wordt gebruikgemaakt van de implementatietabel. Op basis hiervan kunnen we de andere partijen goed informeren en gezamenlijk besluiten of plaatsing op de Implementatieagenda passend is.