Implementatieplan

Tabel A: (De-)Implementatietabel met impuls analyse

Aanbeveling – 1

 

  1. Wat was het onderliggende probleem om deze uitgangsvraag uit te werken?

 

Nieuwe evidentie

 

Toelichting:

In de literatuur blijkt dat een recente CT vaak al wel epidurale uitbreiding van een wervelmetastase laat zien (hoge sensitiviteit en specificiteit t.o.v. een MRI)

 

  1. Maak een inschatting over hoeveel patiënten het ongeveer gaat waar de aanbeveling betrekking op heeft?

< 5000

 

  1. Maakt de aanbeveling deel uit van een set van interventies voor hetzelfde probleem?

 

Ja: hoe verhoudt deze aanbeveling zich tot de andere aanbevelingen uit deze module/ richtlijn of uit andere richtlijnen(modules)? Dient hier rekening mee gehouden te worden bij de implementatie of kan dit worden gezien als een losstaande aanbeveling?

 

Toelichting: Hangt samen met aanbeveling 2. Als de CT duidelijke epidurale uitbreiding laat zien en een MRI niet nodig is voor de behandeling, kan er overwogen worden deze achterwege te laten.

 

 

  1. Belemmeringen en kansen op verschillende niveaus voor landelijke toepassing van de aanbeveling:

 

Wat zijn mogelijke belemmerende factoren?

Wat zijn mogelijke bevorderende factoren?

  1. Richtlijn/ klinisch traject (innovatie)

 

Er zal soms een (dienstdoend) radioloog geconsulteerd moeten worden of er op een recente CT al epidurale uitbreiding te zien is als een patiënt zich met neurologische uitval presenteert.

 

  1. Zorgverleners (artsen en verpleegkundigen)

 

Het zal even tijd kosten om deze routine te veranderen, en praktisch kost het soms ook wel even tijd als er nog een radioloog geconsulteerd moet worden op dat moment voor duiding van een recente scan.

Als artsen zich realiseren dat epidurale uitbreiding vaak al te zien is op een normale stadieringsscan, zal dit bij een volgende patiënt helpen om hieraan te denken.

Het feit dat er wellicht niet altijd een MRI zal worden gemaakt, scheelt tijd in het opzetten van een behandelplan.

 

  1. Patiënt/ cliënt (naasten)

 

Dit geeft mogelijk onrust bij de patiënt, als ze bv. Het radiologisch verslag lezen waarin epidurale uitbreiding wordt genoemd

Patiënten zullen hopelijk tevreden zijn dat er goed wordt gekeken naar de scan die ze al eerder hebben gehad. Voor patiënten is het fijn als ze niet onnodig een MRI scan hoeven te ondergaan 

  1. Sociale context

 

Niet van toepassing

Niet van toepassing

  1. Organisatorische context

 

zie b).

Het scheelt radiologische en verpleegkundige capaciteit als er geen MRI gemaakt hoeft te worden, en er hoeft niet op de MRI scan gewacht te worden om een behandelplan te maken 

  1. Economische en politieke context

 

Het nakijken van recente beeldvorming kost geen geld (in directe zin), alleen tijd van behandelend arts en eventueel van een (dienstdoend) radioloog.

Als artsen zich realiseren dat epidurale uitbreiding vaak al te zien is op een normale stadieringsscan, zal dit de geïnvesteerde tijd rechtvaardigen.

 

Het scheelt geld als er geen MRI scan gemaakt hoeft te worden, dat is in deze tijden van hoge gezondheidskosten aantrekkelijk

  1. Welke personen/partijen zijn van belang bij het toepassen van de aanbeveling in de praktijk?

 

Professional

Beroepsvereniging

 

  1. Wat zouden deze personen/ partijen moeten veranderen in hun gedrag of organisatie om de aanbeveling toe te passen?

 

Behandelaars moeten zich meer bewust worden dat recente beeldvorming, in dit geval een recente CT scan, soms al de huidige klachten van een patiënt kunnen verklaren en dat er niet altijd een MRI nodig is. 

  1. Binnen welk tijdsbestek moet de aanbeveling zijn geïmplementeerd? 

< 1 jaar

 

 

  1. Conclusie: is er extra aandacht nodig voor implementatie van de aanbeveling (anders dan publicatie van deze richtlijnmodule)?

Nee

 

 

*Deze aanbeveling komt in aanmerking voor plaatsing op de Implementatie Agenda van het programma Zorg Evaluatie & Gepast Gebruik (ZE&GG). In het programma ZE&GG werken patiënten, zorgverleners, zorgaanbieders, zorgverzekeraars en overheid samen aan de bewezen beste zorg voor de patiënt. Daarmee is ZE&GG een programma van alle betrokken partijen in de Medisch Specialistische Zorg. FMS is één van deze betrokken partijen. 

De implementatieagenda van ZE&GG bevat onderwerpen over wat de bewezen beste zorg is en die in de dagelijkse zorgpraktijk geïmplementeerd zouden moeten worden.  Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en de Nederlandse Vereniging voor Ziekenhuizen (NVZ) hebben landelijke afspraken gemaakt over de implementatie van de onderwerpen van de implementatieagenda. Deze afspraken zijn onderdeel van de zorginkoopafspraken tussen zorgverzekeraars en zorgaanbieders. 

Vanuit FMS worden sterke, goed onderbouwde aanbevelingen, getoetst op de behoefte aan een implementatie impuls aangedragen. Voor de beoordeling van onderwerpen uit richtlijnen wordt gekeken naar bovenstaande tabel voor een inschatting van de implementatie impuls. Met de ingevulde implementatietabel kunnen we vanuit FMS de andere HLA-MSZ partijen goed informeren om zo samen te beslissen of de aanbeveling daadwerkelijk op de implementatie agenda zal worden geplaatst. 

 

Tabel B: Implementatietabel 

Aanbeveling – 2

Op basis van de beschikbare evidentie en ervaring uit de praktijk kon er onvoldoende richting aan de besluitvorming worden gegeven. Om die reden is er geen beschrijving van belemmeringen en kansen voor implementatie van de aanbeveling toegevoegd. Disseminatie van de kennis in deze module verloopt via de standaard route. De module wordt gepubliceerd op de Richtlijnendatabase.