Implementatietabel

Tabel A: (De-)Implementatietabel met impuls analyse

Aanbeveling – 1

Aanbeveling – 3

Geef niet standaard maagzuurremmers bij chronisch hoesten en het ontbreken van klachten passend bij reflux.


Indien effectief, bouw af naar de laagst mogelijk effectieve dosis of on demand gebruik.

  1. Wat was het onderliggende probleem om deze uitgangsvraag uit te werken?

 

□ Ongewenste praktijkvariatie

 

Toelichting:

Er is onjuist gebruik van antirefluxmedicatie in de praktijkvariatie, zoals uitschrijven van PPI’s zonder klassieke symptomen, of onjuist dosisgebruik.

  1. Maak een inschatting over hoeveel patiënten het ongeveer gaat waar de aanbeveling betrekking op heeft?

> 40.000

Toelichting:
Ongeveer 2% van Nederland heeft last van chronische hoest waarvan mogelijk 30-40% binnen de OCH/RCH groep. Aan veel van deze patiënten worden maagzuurremmers gegeven zonder dat er daadwerkelijke refluxklachten zijn.

 

  1. Maakt de aanbeveling deel uit van een set van interventies voor hetzelfde probleem?

 

□ Ja: hoe verhoudt deze aanbeveling zich tot de andere aanbevelingen uit deze module/ richtlijn of uit andere richtlijnen(modules)? Dient hier rekening mee gehouden te worden bij de implementatie of kan dit worden gezien als een losstaande aanbeveling?

 

Toelichting: Refluxklachten kunnen klachten zijn bij chronische hoest patiënten. Bij bepaalde klachten zal echter doorverwezen moeten worden naar de MDL-arts. Hiervoor hebben we geen systematisch review uitgevoerd, maar dit is wel terug te vinden in de richtlijn Gastro-oesofageale ziekte binnen de module Behandeling functionele zuurbrandklachten van de NVMDL. Belangrijk is voor longartsen om te weten welke proefbehandeling zij zelf en wanneer kunnen instellen, en wanneer ze wel of niet moeten doorverwijzen.

  1. Belemmeringen en kansen op verschillende niveaus voor landelijke toepassing van de aanbeveling:

Voorbeelden

Wat zijn mogelijke belemmerende factoren?

Wat zijn mogelijke bevorderende factoren?

  1. Richtlijn/ klinisch traject (innovatie)

Voortschrijding/vooruitgang in de praktijk, haalbaarheid, geloofwaardigheid, toegankelijkheid, aantrekkelijkheid

Vooruitgang in de praktijk: er zijn weinig kwalitatief goede studies naar maagzuurremmers beschikbaar. Daarnaast hebben deze studies een korte follow-up periode. Het helpt ook als er een betere afbakening van de studie populaties is (duidelijk chronische hoest patiënten, eventueel met reflux klachten, zonder andere comorbiditeiten)

 

  1. Zorgverleners (artsen en verpleegkundigen)

Bewustzijn, kennis, houding, motivatie om te veranderen, gedragsroutines

 

Aanpassen routine: Niet meer standaard voorschrijven, alleen wanneer refluxklachten tot uiting komen.

Samen beslissen als standaard onderdeel van het consult (bespreek altijd met patiënt). Ook belangrijk om aan verwachtingsmanagement te doen.

Kennis hebben van Gastro-oesofageale ziekte binnen de module Behandeling functionele zuurbrandklachten van de NVMDL. Weten wanneer de patiënt doorverwezen moet worden. Eventuele scholing geven aan eerstelijns zorgverleners.

  1. Patiënt/ cliënt (naasten)

Kennis, vaardigheden, houding, compliance

Compliance: als patiënten geen resultaten in korte periode zien, kan dat wellicht invloed hebben op therapietrouw.

Openstaan voor een proefbehandeling, de patiënt dient hierover voorgelicht te worden. 

 

  1. Sociale context

Mening van collega’s, cultuur van het netwerk, samenwerking, leiderschap

 

Samenwerking tussen patiënt en arts.

  1. Organisatorische context

Organisatie van zorgprocessen, personeel, capaciteiten, middelen, structuren

 

Wellicht uitgebreidere consulten en daarmee meer tijd van de arts om tot een gepersonaliseerde behandeling te komen.

  1. Economische en politieke context

Financiële regelingen, regelgeving, beleid (vergoede zorg, betaaltitel)

Maagzuurremmers worden niet altijd helemaal vergoed.

 

 

5. Welke personen/partijen zijn van belang bij het toepassen van de aanbeveling in de praktijk?

 

Patiënt/ cliënt (naaste)

Professional

Beroepsvereniging

Zorgverzekeraars/ NZa

 

6. Wat zouden deze personen/ partijen moeten veranderen in hun gedrag of organisatie om de aanbeveling toe te passen?

 

De optie om anti-refluxmedicatie niet of alleen in proefbehandeling sessies bij passende bijkomende klachten toe te passen mag eerder op de radar komen bij artsen.

7. Binnen welk tijdsbestek moet de aanbeveling zijn geïmplementeerd? 

< 1 jaar

Het gaat grotendeels om bewustwording van artsen

 

8. Conclusie: is er extra aandacht nodig voor implementatie van de aanbeveling (anders dan publicatie van deze richtlijnmodule)?

Ja*

 

Toelichting:

Voor deze aanbeveling is het van belang dat er bekendheid is bij longartsen.

*Deze aanbeveling komt in aanmerking voor plaatsing op de Implementatie Agenda van het programma Zorg Evaluatie & Gepast Gebruik (ZE&GG). In het programma ZE&GG werken patiënten, zorgverleners, zorgaanbieders, zorgverzekeraars en overheid samen aan de bewezen beste zorg voor de patiënt. Daarmee is ZE&GG een programma van alle betrokken partijen in de Medisch Specialistische Zorg. FMS is één van deze betrokken partijen.

 

De implementatieagenda van ZE&GG bevat onderwerpen over wat de bewezen beste zorg is en die in de dagelijkse zorgpraktijk geïmplementeerd zouden moeten worden.  Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en de Nederlandse Vereniging voor Ziekenhuizen (NVZ) hebben landelijke afspraken gemaakt over de implementatie van de onderwerpen van de implementatieagenda. Deze afspraken zijn onderdeel van de zorginkoopafspraken tussen zorgverzekeraars en zorgaanbieders.

 

Vanuit FMS worden sterke, goed onderbouwde aanbevelingen, getoetst op de behoefte aan een implementatie impuls aangedragen. Voor de beoordeling van onderwerpen uit richtlijnen wordt gekeken naar bovenstaande tabel voor een inschatting van de implementatie impuls. Met de ingevulde implementatietabel kunnen we vanuit FMS de andere HLA-MSZ partijen goed informeren om zo samen te beslissen of de aanbeveling daadwerkelijk op de implementatie agenda zal worden geplaatst.

 

Tabel B: Implementatietabel

Aanbeveling – 2
Overweeg een empirische behandeling gedurende 4 tot 8 weken met een hoge dosis maagzuurremmers, tezamen met leefstijladviezen, in het geval van klachten passend bij gastro-oesofageale reflux (zuurbranden, regurgitatie).

Op basis van de beschikbare evidentie en ervaring uit de praktijk kon er onvoldoende richting aan de besluitvorming worden gegeven. Om die reden is er geen beschrijving van belemmeringen en kansen voor implementatie van de aanbeveling toegevoegd. Disseminatie van de kennis in deze module verloopt via de standaard route. De module wordt gepubliceerd op de Richtlijnendatabase.

(Sub) aanbeveling 4
Overweeg verwijzing voor verder onderzoek (24 uurs pH/impedantie/manometrie-meting) indien er een verdenking is op een relatie van de reflux met het hoesten, waarbij maagzuurremmers onvoldoende werken danwel gecontraindiceerd zijn, of als er bijwerkingen voorkomen.

 

Op basis van de beschikbare evidentie en ervaring uit de praktijk kon er onvoldoende richting aan de besluitvorming worden gegeven. Om die reden is er geen beschrijving van belemmeringen en kansen voor implementatie van de aanbeveling toegevoegd. Disseminatie van de kennis in deze module verloopt via de standaard route. De module wordt gepubliceerd op de Richtlijnendatabase.

(Sub) aanbeveling 5
Overweeg om te verwijzen naar een MDL-arts bij de volgende alarmsymptomen:

  • voedselpassageproblemen, hematemesis, melaena, ijzergebreksanemie, aanhoudend braken, ongewild gewichtsverlies.
  • bij nieuwe refluxklachten indien leeftijd > 50 jaar.

Op basis van de beschikbare evidentie en ervaring uit de praktijk kon er onvoldoende richting aan de besluitvorming worden gegeven. Om die reden is er geen beschrijving van belemmeringen en kansen voor implementatie van de aanbeveling toegevoegd. Disseminatie van de kennis in deze module verloopt via de standaard route. De module wordt gepubliceerd op de Richtlijnendatabase.