Implementatieplan

Vraag

Antwoord:

Toelichting keuze:

I1. Wat was het onderliggende probleem om deze uitgangsvraag uit te werken?

 

 

Ongewenste praktijkvariatie

 

X

Nieuwe evidentie

Sinds de vorige module (2020) is nieuwe literatuur verschenen, waardoor actualisatie noodzakelijk was. Daarnaast bestond er praktijkvariatie en onduidelijkheid over het nut en de inzet van eHealth binnen GLI-programma’s. Deze herziening biedt een kader om eHealth weloverwogen en uniform toe te passen.

 

Anders

 

I2. Maak een inschatting over hoeveel patiënten het ongeveer gaat waar de aanbeveling betrekking op heeft?

 

< 1000

 

< 5000

 

5000-40.000

X

> 40.000

I3. Is de aanbeveling onderdeel van een bredere set interventies of verwant aan andere richtlijnen of modules? Zo ja, hoe verhoudt zij zich daartoe en moet hiermee rekening worden gehouden bij de implementatie, of kan de aanbeveling als losstaand worden beschouwd?

X

Ja

Deze module sluit aan bij bestaande richtlijnen voor de behandeling van obesitas bij kinderen. eHealth/mHealth wordt beschouwd als aanvullend op, en niet als vervanging van, reguliere GLI-zorg. Implementatie moet plaatsvinden in samenhang met bestaande zorgpaden en de zorgstandaard obesitas.

 

Nee

I4. Belemmeringen en kansen op verschillende niveaus voor landelijke toepassing van de aanbeveling:

 

Belemmerende factoren

Bevorderende factoren/ kansen

Richtlijn/ klinisch traject (innovatie)

 

 

 

Middels publicatie van de huidige module, kan het gebruik van eHealth en mHealth meerder onder de aandacht komen.

Zorgverleners (artsen en verpleegkundigen)

 

 

Beperkte digitale vaardigheden

Bereidheid om digitale innovaties te gebruiken mits goed geïntegreerd

Patiënt/ cliënt (naasten)

 

 

Beperkte digitale vaardigheden bij gezinnen

Patiënten waarderen over het algemeen het gebruik dan eHealth en mHealth, mits dit niet te veel ten koste gaat van fysiek contact met de arts. Overwaardering dient hierbij voorkomen te worden, door reguliere zorg te veel te vermijden.

Bereidheid om digitale innovaties te gebruiken mits goed geïntegreerd. Tegelijk dient eHealth/mHealth niet overschat te worden en reguliere zorg te vervangen waar fysiek contact nodig is

Sociale context

 

 

 

Een ondersteunende sociale omgeving vergroot de kans op succesvolle inzet van eHealth. Betrek ouders, school en eventueel sportverenigingen bij de leefstijlverandering, zodat het gebruik van digitale middelen wordt genormaliseerd. Tegelijk moet rekening worden gehouden met mogelijke taal- en cultuurbarrières. Het bieden van heldere communicatie en voorbeelden uit de praktijk kan drempels verlagen. Digitale lotgenotencontacten kunnen bovendien sociale steun versterken en stigma verminderen.

Organisatorische context

 

 

Onvoldoende organisatorische inbedding en technische ondersteuning. Zonder structurele inbedding blijft implementatie gefragmenteerd en kwetsbaar.

Instellingen moeten eHealth integreren in hun beleid, werkprocessen en ICT-infrastructuur. Managementsteun en toewijzing van middelen (tijd, personeel, technische ondersteuning) zijn noodzakelijk. Benoem binnen elk centrum een coördinator of projectleider eHealth die de voortgang bewaakt. Multidisciplinaire samenwerking en periodieke evaluatie bevorderen consistent gebruik.

Financiële en juridische context

 

 

Gebrek aan structurele financiering

Structurele financiering is een voorwaarde voor duurzame implementatie. Zorgverzekeraars en NZa dienen te onderzoeken hoe bewezen effectieve eHealth-onderdelen binnen de GLI kunnen worden vergoed. Tegelijk moeten kosten voor gezinnen zo laag mogelijk blijven. Juridisch geldt dat toepassingen moeten voldoen aan privacywetgeving (AVG) en informatiebeveiligingsnormen. Transparante afspraken over datagebruik en eigenaarschap zijn essentieel om vertrouwen te behouden.

I5. A) Welke personen/partijen zijn van belang bij het toepassen van de aanbeveling in de praktijk? (kruis aan)

 

B) Wat is er nodig van deze personen/partijen om de aanbeveling in de praktijk te kunnen brengen? Denk aan aanpassingen in gedrag, werkwijzen, beleid, samenwerking of andere randvoorwaarden.

 

A

B

X

Patiënt/ cliënt en dienst naaste, ouders/verzorgers, overige gezinsleden

Duidelijke uitleg en ondersteuning bij gebruik van digitale tools.

X

Professional

Training in digitale vaardigheden en toepassing binnen de GL

X

Beroepsvereniging

Verspreiding en borging van de richtlijn in nascholing en kwaliteitsbeleid.

X

Ziekenhuis (raad van bestuur/UMCNL (voorheen NFU)/NVZ)

Structurele inbedding van eHealth in beleid, ICT en werkprocessen.

X

Zorgverzekeraars/ NZa

Ontwikkeling van passend bekostigingsmodel.

X

Zorginstituut [duiding nodig]

Landelijke coördinatie en signalering van implementatiebehoeften.

X

Anders

Ontwikkelaars en leveranciers van eHealth-toepassingen dienen hun producten te laten toetsen op kwaliteit en aan te passen op basis van gebruikerservaring en richtlijncriteria.

Onderzoeksinstellingen vullen kennislacunes aan om toekomstige richtlijnupdates te onderbouwen.

Patiëntenorganisaties kunnen informatie verspreiden en gezinnen ondersteunen bij het gebruik van eHealth, waardoor de implementatie wordt versterkt.

I6. Binnen welk tijdsbestek moet de aanbeveling zijn geïmplementeerd? 

 

X

< 1 jaar

 

 

binnen 2-3 jaar

 

 

I7. Conclusie: is er extra actie en/of ondersteuning nodig voor implementatie van de aanbeveling?

De reguliere implementatieroutes (publicatie en disseminatie via officiele kanalen, opname in professionele standaarden, scholing en nascholing, gebruik van bestaande ICT systemen, audits en visitaties) van de richtlijnmodule alleen is onvoldoende.

 

Ja

 

X

Nee

Extra implementatieondersteuning kan zinvol zijn. Naast publicatie via de aanvullende ondersteuning zoals ontwikkelde e-learningmodules, implementatiehandleidingen, voorbeeldprotocollen en regionale pilots om goede voorbeelden te verzamelen en te delen.

I8. Plaatsing op de Landelijke Implementatieagenda Medisch Specialistische zorg is gewenst. Het gaat om zorg die (grotendeels) wordt uitgevoerd binnen de ziekenhuismuren. Succesvolle implementatie vraagt om actieve betrokkenheid en samenwerking van meerdere relevante partijen binnen de zorgpraktijk.

 

Ja *

 

X

Nee