Implementatietabel

(Sub)aanbeveling

 

Sterkte van de aanbeveling

Bewijskracht per uitkomstmaat

Verkeerslicht per (sub)aanbeveling

 

Aanbeveling 1:

Geef bij voorkeur diabetes zelfmanagementeducatie en ondersteuning met behulp van een gestructureerd educatieprogramma, waarbij:

• het curriculum een theoretisch kader heeft, evidence-based is, effectief gebruikmaakt van middelen, ondersteunend materiaal heeft, en schriftelijk is vastgelegd;

• het programma duidelijke doelen en leerdoelen heeft ter ondersteuning van de patiënt en familieleden/mantelzorgers in het ontwikkelen van attitudes, overtuigingen, kennis en vaardigheden rondom diabetes;

• er een systeem is om regelmatig de uitkomsten van het programma te evalueren en te verbeteren.

  • Overweeg de inzet van een (diabetes specifieke) gecombineerde leefstijl interventie (GLI) voor de behandeling van overgewicht
  • Overweeg de inzet van bloedglucosemeters en sensoren als tool voor
    patiënteneducatie- en ondersteuning ter bevordering van diabetes zelfmanagement en leefstijl bij personen met DM2
  • Wijs de persoon met DM2 pro-actief op peer-support initiatieven.

x Sterk (doe/ gebruik) /

□ Zwak (overweeg)

Overall bewijskracht

□ H  □ M  □ L  □ VL     □ NG

 

Range bewijskracht van alle uitkomstmaten

□ H  □ M  □ L  □ VL     □ NG

 

OF

 

x voor de (sub)uitgangsvraag is geen systematische literatuur analyse uitgevoerd

 

 

ROOD: vul tabel A in

 

LICHT ROOD: vul tabel A in

 

ORANJE: gebruik tabel B

 

X  LICHT GROEN: vul tabel A in

 

GROEN: vul tabel A in

Aanbeveling 2:

Betrek alle leden van het diabetesteam bij zelfmanagementeducatie en ondersteuning, zorg voor een goede taakverdeling en afstemming binnen het diabetesteam.

 

x Sterk (doe/ gebruik) /

□ Zwak (overweeg)

Overall bewijskracht

□ H  □ M  □ L  □ VL     □ NG

 

Range bewijskracht van alle uitkomstmaten

□ H  □ M  □ L  □ VL     □ NG

 

OF

 

x voor de (sub)uitgangsvraag is geen systematische literatuur analyse uitgevoerd

 

ROOD: vul tabel A in

 

LICHT ROOD: vul tabel A in

 

ORANJE: gebruik tabel B

 

X  LICHT GROEN: vul tabel A in

 

GROEN: vul tabel A in

Aanbeveling 3:

Geef diabetes zelfmanagementeducatie en ondersteuning tenminste:

1.   bij diagnose;

2.   jaarlijks nadien ter evaluatie van opgedane kennis en voor re-educatie;

3.   bij nieuwe complicerende factoren die zelfmanagement beïnvloeden*;

4.   in geval van transitie van zorg.

 

*Factoren die zelfmanagement beïnvloeden en vragen om re- of aangepaste educatie zijn onder meer: veranderingen in medicatie (met name start insuline of GLP-1 receptor agonist), lichamelijke activiteit of voedingsinname, gewichtsproblematiek, slechte glucoseregulatie, ernstige hypo- of hyperglykemische ontregeling, zwangerschap of zwangerschapswens, nieuwe levensomstandigheden, lichamelijke beperkingen of achteruitgang in gezondheidstoestand (visusstoornissen, complicaties, kanker), psychologische problematiek, cognitieve stoornissen, financiële problematiek.

x Sterk (doe/ gebruik) /

□ Zwak (overweeg)

Overall bewijskracht

□ H  □ M  □ L  □ VL     □ NG

 

Range bewijskracht van alle uitkomstmaten

□ H  □ M  □ L  □ VL     □ NG

 

OF

 

x voor de (sub)uitgangsvraag is geen systematische literatuur analyse uitgevoerd

 

 

ROOD: vul tabel A in

 

LICHT ROOD: vul tabel A in

 

ORANJE: gebruik tabel B

 

X  LICHT GROEN: vul tabel A in

 

GROEN: vul tabel A in

Aanbeveling 4:

Geef bij de diagnose, zelfmanagementeducatie en ondersteuning met betrekking tot:

    • DM2;
    • gezond gewicht;
    • voeding;
    • beweging;
    • Slaap;
    • Stress;
    • medicatie;
    • insulinegebruik (indien van toepassing);
    • zelfcontrole bloedglucose;
    • acute en chronische complicaties;
    • cardiovasculair Risico verlaging;
    • persoonlijke strategieën voor het omgaan met psychosociale problemen en zorgen;

persoonlijke strategieën ter bevordering van gezondheid en gezond gedrag.

x Sterk (doe/ gebruik) /

□ Zwak (overweeg)

Overall bewijskracht

□ H  □ M  □ L  □ VL     □ NG

 

Range bewijskracht van alle uitkomstmaten

□ H  □ M  □ L  □ VL     □ NG

 

OF

 

x voor de (sub)uitgangsvraag is geen systematische literatuur analyse uitgevoerd

 

 

ROOD: vul tabel A in

 

LICHT ROOD: vul tabel A in

 

ORANJE: gebruik tabel B

 

X  LICHT GROEN: vul tabel A in

 

GROEN: vul tabel A in

 

   Implementatietabel

Tabel A: (De-)Implementatietabel met impuls analyse

Aanbevelingen

 

  1. Wat was het onderliggende probleem om deze uitgangsvraag uit te werken?

 

X Ongewenste praktijkvariatie

□ Nieuwe evidentie

□ Anders

 

Toelichting:

[toelichting, beschrijf de huidige situatie indien mogelijk met onderbouwing/ getallen]

 

  1. Maak een inschatting over hoeveel patiënten het ongeveer gaat waar de aanbeveling betrekking op heeft?

□ < 1000

□ < 5000

5000-40.000

> 40.000

 

  1. Maakt de aanbeveling deel uit van een set van interventies voor hetzelfde probleem?

 

□ Ja: hoe verhoudt deze aanbeveling zich tot de andere aanbevelingen uit deze module/ richtlijn of uit andere richtlijnen(modules)? Dient hier rekening mee gehouden te worden bij de implementatie of kan dit worden gezien als een losstaande aanbeveling?

 

Toelichting: [toelichting]

 

X Nee

 

  1. Belemmeringen en kansen op verschillende niveaus voor landelijke toepassing van de aanbeveling:

Voorbeelden

Wat zijn mogelijke belemmerende factoren?

Wat zijn mogelijke bevorderende factoren?

  1. Richtlijn/ klinisch traject (innovatie)

Voortschrijding/vooruitgang in de praktijk, haalbaarheid, geloofwaardigheid, toegankelijkheid, aantrekkelijkheid

Er worden geen grote belemmeringen verwacht.

Deze module geeft handvatten in welke situaties ondersteuning geboden dient te worden.

  1. Zorgverleners (artsen en verpleegkundigen)

Bewustzijn, kennis, houding, motivatie om te veranderen, gedragsroutines

Onvoldoende kennis, bewustzijn of motivatie bij zorgverleners.

Deze module geeft handvatten in welke situatie ondersteuning geboden dient te worden. Daarnaast geeft de module ook een overzicht van andere relevante richtlijnen.

  1. Patiënt/ cliënt (naasten)

Kennis, vaardigheden, houding, compliance

Onvoldoende kennis, vaardigheden of middelen bij patiënten.

Bewustzijn bij patiënten en ondersteuning vanuit de zorgverleners.

  1. Sociale context

Mening van collega’s, cultuur van het netwerk, samenwerking, leiderschap

De leefomgeving en sociale kring kunnen er mogelijk voor zorgen dat leefstijlaanpassingen moeilijker zijn.

Peer-support

  1. Organisatorische context

Organisatie van zorgprocessen, personeel, capaciteiten, middelen, structuren

Gebrek aan tijd en/of middelen en onvoldoende afstemming tussen verschillende soorten zorgverleners.

Duidelijkheid over welke zorgverleners betrokken zijn en wie waarvoor verantwoordelijk is.

  1. Economische en politieke context

Financiële regelingen, regelgeving, beleid (vergoede zorg, betaaltitel)

Er worden geen grote belemmeringen verwacht.

Een gezonde leefomgeving bevordert o.a. leefstijlaanpassing.

 

  1. Welke personen/partijen zijn van belang bij het toepassen van de aanbeveling in de praktijk?

 

X Patiënt/ cliënt (naaste)

X Professional

X Beroepsvereniging

□ Ziekenhuis(bestuurder)

□ Zorgverzekeraars/ NZa

□ Zorginstituut [duiding nodig]

□  …………………………………… (graag aanvullen met alle relevante partijen, e.g., industrie)

 

  1. Wat zouden deze personen/ partijen moeten veranderen in hun gedrag of organisatie om de aanbeveling toe te passen?

 

[toelichting]

  1. Binnen welk tijdsbestek moet de aanbeveling zijn geïmplementeerd? 

X < 1 jaar

□ < 2 jaar

□ < 3 jaar

 

[toelichting]

 

  1. Conclusie: is er extra aandacht nodig voor implementatie van de aanbeveling (anders dan publicatie van deze richtlijnmodule)?

□ Ja* X Nee

 

Toelichting:

[toelichting]

 

*Deze aanbeveling komt in aanmerking voor plaatsing op de Implementatie Agenda van het programma Zorg Evaluatie & Gepast Gebruik (ZE&GG). In het programma ZE&GG werken patiënten, zorgverleners, zorgaanbieders, zorgverzekeraars en overheid samen aan de bewezen beste zorg voor de patiënt. Daarmee is ZE&GG een programma van alle betrokken partijen in de Medisch Specialistische Zorg. FMS is één van deze betrokken partijen.

 

De implementatieagenda van ZE&GG bevat onderwerpen over wat de bewezen beste zorg is en die in de dagelijkse zorgpraktijk geïmplementeerd zouden moeten worden.  Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en de Nederlandse Vereniging voor Ziekenhuizen (NVZ) hebben landelijke afspraken gemaakt over de implementatie van de onderwerpen van de implementatieagenda. Deze afspraken zijn onderdeel van de zorginkoopafspraken tussen zorgverzekeraars en zorgaanbieders.

 

Vanuit FMS worden sterke, goed onderbouwde aanbevelingen, getoetst op de behoefte aan een implementatie impuls aangedragen. Voor de beoordeling van onderwerpen uit richtlijnen wordt gekeken naar bovenstaande tabel voor een inschatting van de implementatie impuls. Met de ingevulde implementatietabel kunnen we vanuit FMS de andere HLA-MSZ partijen goed informeren om zo samen te beslissen of de aanbeveling daadwerkelijk op de implementatie agenda zal worden geplaatst.