Kennisvragen

Tijdens de ontwikkeling van deze module is gebleken dat er binnen deze module nog te weinig bewijs is voor de onderbouwing van de aanbeveling en er dus kennisvragen bestaan. De werkgroep meent dat (vervolg)onderzoek wenselijk is om in de toekomst een duidelijker antwoord te kunnen geven op vragen uit de praktijk.

Kennisvragen:

De gegevens van het InKaart register tonen aan dat ouders de invloed van DCD (met nevendiagnosen) op hun kind als groot ervaren. Dit is ook bevestigd in een Belgisch onderzoek (De Roubaix, 2025). De impact hiervan op ouders zelf is in de Nederlandse situatie echter onduidelijk en er bestaan vragen over het effect op hun eigen welzijn, het welzijn van het gezin en hun rol als opvoeder. Het is niet duidelijk welke begeleidingsbehoefte ouders voor zichzelf hebben en of dit veranderd tijdens de verschillende fasen van het behandeltraject. Kennis hierover zou helpen om ouderbegeleiding efficiƫnter te organiseren.

Uit het InKaart register blijkt verder dat ouders de invloed van DCD op hun kind het hoogst inschatten op leerprestaties, eigenwaarde en relaties met andere kinderen.

Onderzoek naar de ouderervaringen en begeleidingsbehoefte op deze specifieke probleemgebieden zou kunnen bijdragen aan meer gerichte ondersteuning.

Doel van deze module is de positie, kennis en vaardigheden van ouders gedurende het behandeltraject van hun kind met DCD te versterken, zodat zij zich ook gesterkt voelen in hun rol als belangenbehartiger. Er is echter nog onvoldoende bekend welke interventies hierbij het meest effectief zijn en wat hun invloed is op behandeluitkomsten, toekomstige participatie en het gezinswelzijn.

Het versterken van de ouderpositie vraagt daarnaast om specifieke competenties en randvoorwaarden bij zorgverleners. Voor een goede implementatie is inzicht nodig in wat zorgverleners hiervoor nodig hebben (bijv. vaardigheden in shared decision making en coachende gespreksvoering, tijd/financiering en goede afstemming met onderwijs).