Implementatieplan

Implementatietabel

Zie aanbevelingen hierboven – deze tabel geldt voor alle aanbevelingen

  1. Wat was het onderliggende probleem om deze uitgangsvraag uit te werken?

 

□ Ongewenste praktijkvariatie

□ Nieuwe evidentie

X Anders

 

Toelichting: De huidige tabel over bloedingsrisico’s van ingrepen was niet meer up-to-date.

  1. Maak een inschatting over hoeveel patiënten het ongeveer gaat waar de aanbeveling betrekking op heeft?

□ < 1000

□ < 5000

5000-40.000

X  > 40.000

  1. Maakt de aanbeveling deel uit van een set van interventies voor hetzelfde probleem?

 

X Ja: hoe verhoudt deze aanbeveling zich tot de andere aanbevelingen uit deze module/ richtlijn of uit andere richtlijnen(modules)? Dient hier rekening mee gehouden te worden bij de implementatie of kan dit worden gezien als een losstaande aanbeveling?

 

Toelichting: de module maakt onderdeel uit van de totale set van modules over periprocedureel beleid.

 

□ Nee

  1. Belemmeringen en kansen op verschillende niveaus voor landelijke toepassing van de aanbeveling:

Voorbeelden

Wat zijn mogelijke belemmerende factoren?

Wat zijn mogelijke bevorderende factoren?

  1. Richtlijn/ klinisch traject (innovatie)

Voortschrijding/vooruitgang in de praktijk, haalbaarheid, geloofwaardigheid, toegankelijkheid, aantrekkelijkheid

 

De module betreft een herziening van een module die onderdeel uitmaakt van de set modules over periprocedureel beleid, waarbij er nu concretere aanbevelingen zijn geformuleerd en de tabel met de bloedingsrisico is aangepast. De aanpassingen worden ook doorgevoerd in de LTA-Antistollingszorg, die veel wordt geraadpleegd.

  1. Zorgverleners (artsen en verpleegkundigen (verpleegkundig specialisten))

Bewustzijn, kennis, houding, motivatie om te veranderen, gedragsroutines

Onvoldoende kennis over de nieuwe aanbevelingen.

Deze en andere modules over periprocedureel beleid zijn al langere tijd beschikbaar en zijn naar verwachting ook bekend onder de zorgverleners. Ze worden veel gebruikt. Voor de totstandkoming van de tabel met de bloedingsrisico’s zijn alle relevante wetenschappelijke verenigingen geraadpleegd, wat het draagvlak vergroot.

  1. Patiënt/ cliënt (naasten)

Kennis, vaardigheden, houding, compliance

Het is voor patiënten niet altijd duidelijk wie bijvoorbeeld het aanspreekpunt is voor het periprocedurele beleid en hoe het opgevolgd wordt.

De module over samen beslissen en informatievoorziening is herzien. Hierin wordt aandacht gegeven aan de vragen die er leven bij de patiënt.

  1. Sociale context

Mening van collega’s, cultuur van het netwerk, samenwerking, leiderschap

 

 

  1. Organisatorische context

Organisatie van zorgprocessen, personeel, capaciteiten, middelen, structuren

 

De modules over periprocedureel beleid bestaan al sinds 2021 en worden veel gebruikt. Deze module sluit naar verwachting goed aan bij de klinische praktijk.

  1. Economische en politieke context

Financiële regelingen, regelgeving, beleid (vergoede zorg, betaaltitel)

 

 

  1.         Welke personen/partijen zijn van belang bij het toepassen van de aanbeveling in de praktijk?

 

X Patiënt/ cliënt (naaste)

X Professional

X Beroepsvereniging

□ Ziekenhuis(bestuurder)

□ Zorgverzekeraars/ NZa

□ Zorginstituut [duiding nodig]

X Lokale stollingscommissies

  1. Wat zouden deze personen/ partijen moeten veranderen in hun gedrag of organisatie om de aanbeveling toe te passen?

 

De modules over periprocedureel beleid bestaan al sinds 2021 en worden veel gebruikt. Betrokken zorgverleners dienen door hun beroepsvereniging op de hoogte te worden gesteld van de nieuwe aanbevelingen. Daarnaast kan het helpend zijn als de aanbevelingen worden besproken in bijv. vakgroepvergaderingen en lokale werkgroepen. Lokale stollingscommissies kunnen hier ook een rol in spelen. Waar relevant dienen e-learnings te worden aangepast. Tot slot zal (lokale) patiënteninformatie aangepast moeten worden.

  1. Binnen welk tijdsbestek moet de aanbeveling zijn geïmplementeerd? 

X < 1 jaar

□ < 2 jaar

□ < 3 jaar

 

De modules over periprocedureel beleid bestaan al sinds 2021 en worden veel gebruikt. De verwachting is daarnaast dat de aanbevelingen goed aansluiten bij de klinische praktijk en de implementatie daarom ook niet lang zal hoeven duren.

  1. Conclusie: is er extra aandacht nodig voor implementatie van de aanbeveling (anders dan publicatie van deze richtlijnmodule)?

□ Ja* X Nee

 

Toelichting:

De module maakt onderdeel uit van een set modules over periprocedureel beleid. Daar is al veel aandacht bijv. ook in de LTA-antistollingszorg. Er is geen specifieke aandacht nodig voor de update van deze specifieke module over periprocedureel beleid.

*Deze aanbeveling komt in aanmerking voor plaatsing op de Implementatie Agenda van het programma Zorg Evaluatie & Gepast Gebruik (ZE&GG). In het programma ZE&GG werken patiënten, zorgverleners, zorgaanbieders, zorgverzekeraars en overheid samen aan de bewezen beste zorg voor de patiënt. Daarmee is ZE&GG een programma van alle betrokken partijen in de Medisch Specialistische Zorg. FMS is één van deze betrokken partijen. 

De implementatieagenda van ZE&GG bevat onderwerpen over wat de bewezen beste zorg is en die in de dagelijkse zorgpraktijk geïmplementeerd zouden moeten worden.  Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en de Nederlandse Vereniging voor Ziekenhuizen (NVZ) hebben landelijke afspraken gemaakt over de implementatie van de onderwerpen van de implementatieagenda. Deze afspraken zijn onderdeel van de zorginkoopafspraken tussen zorgverzekeraars en zorgaanbieders. 

Vanuit FMS worden sterke, goed onderbouwde aanbevelingen, getoetst op de behoefte aan een implementatie impuls aangedragen. Voor de beoordeling van onderwerpen uit richtlijnen wordt gekeken naar bovenstaande tabel voor een inschatting van de implementatie impuls. Met de ingevulde implementatietabel kunnen we vanuit FMS de andere HLA-MSZ partijen goed informeren om zo samen te beslissen of de aanbeveling daadwerkelijk op de implementatie agenda zal worden geplaatst.