Implementatietabel

Tabel A: (De-)Implementatietabel met impuls analyse

Aanbeveling – 1

 

  1. Wat was het onderliggende probleem om deze uitgangsvraag uit te werken?

 

□ Ongewenste praktijkvariatie

X Nieuwe evidentie

□ Anders

 

Toelichting:

[toelichting, beschrijf de huidige situatie indien mogelijk met onderbouwing/ getallen]

 

  1. Maak een inschatting over hoeveel patiënten het ongeveer gaat waar de aanbeveling betrekking op heeft?

□ < 1000

□ < 5000

5000-40.000

> 40.000

 

  1. Maakt de aanbeveling deel uit van een set van interventies voor hetzelfde probleem?

 

X Ja: hoe verhoudt deze aanbeveling zich tot de andere aanbevelingen uit deze module/ richtlijn of uit andere richtlijnen(modules)? Dient hier rekening mee gehouden te worden bij de implementatie of kan dit worden gezien als een losstaande aanbeveling?

 

Toelichting: Samenhang met de module valrisicobeoordeling bij ouderen in het verpleeghuis en module inschatting valrisico bij ouderen in het verpleeghuis. De aanbevelingen in die in deze modules worden gegeven bepalen of een patiënt wel/niet in aanmerking komt voor de interventies beschreven in huidige module.

 

□ Nee

 

  1. Belemmeringen en kansen op verschillende niveaus voor landelijke toepassing van de aanbeveling:

Voorbeelden

Wat zijn mogelijke belemmerende factoren?

Wat zijn mogelijke bevorderende factoren?

  1. Richtlijn/ klinisch traject (innovatie)

Voortschrijding/vooruitgang in de praktijk, haalbaarheid, geloofwaardigheid, toegankelijkheid, aantrekkelijkheid

 

Verspreiding van de richtlijn.

  1. Zorgverleners (artsen en verpleegkundigen)

Bewustzijn, kennis, houding, motivatie om te veranderen, gedragsroutines

Tijdsgebrek door hoge werkdruk en personeelskrapte in verpleeghuissetting

 

Beperkte kennis/opleiding over geriatrische syndromen zoals vallen.

Variatie in motivatie en attitude t.o.v. valpreventie.


Onvoldoende duidelijk wie verantwoordelijk is voor welke interventie (bv. medicatie-review) en concurrerende klinische eisen, gedragsroutines.

Investeren de uitvoering van de interventie met behulp van educatie/kennisdisseminatie en faciliteren van inrichten van zorgpaden om onder andere de multidisciplinaire samenwerking te vergemakkelijken. therapietrouw zijn belangrijke bepalende factoren zijn.

  1. Patiënt/ cliënt (naasten)

Kennis, vaardigheden, houding, compliance

Gebrek aan kennis en vaardigheden

Cognitieve beperkingen (delier, dementie) of fysieke beperkingen (patiënten zijn vaak minder of niet meer mobiel instrueerbaar)

Houding van de patiënt en familie tegenover de interventie.

 

Compliance aan de interventie.

  1. Sociale context

Mening van collega’s, cultuur van het netwerk, samenwerking, leiderschap

Beperkte samenwerking tussen afdelingen en transmuraal.

 

 

Effectieve multidisciplinaire en intramurale samenwerking stimuleren door middel van dedicated leiderschap, inzet op samenwerking, coordinatie en betrekken van stakeholders en lokale champions.

Gedeelde visie, beleid en samenwerking rondom vallen (intramuraal)

  1. Organisatorische context

Organisatie van zorgprocessen, personeel, capaciteiten, middelen, structuren

De voorgestelde interventies zijn tijds- en arbeidsintensief. Gebrek aan tijd zal een goede implementatie hinderen.

Toegang tot opticien, audicien en hulpmiddelen is minder eenvoudig in verpleeghuissetting.

Gebrek aan personele capaciteit: artsen, specialisten-ouderengeneeskunde, verpleegkundigen, (geriatrie)fysiotherapeuten, ergotherapeuten, bewegingsagoog, ondersteunend personeel. Niet alleen om interventie uit te voeren, maar ook voor de monitoring

Transmurale samenwerking tussen eerste- en tweede lijn en tussen disciplines en intramurale samenwerking t.a.v. valpreventie

Mogelijkheid om in het verpleeghuis interventies in te bieden op groepsniveau

  1. Economische en politieke context

Financiële regelingen, regelgeving, beleid (vergoede zorg, betaaltitel)

 

Bestaande prioritering in Landelijk preventieakkoord VWS.

Effectief beleid vereist betrokkenheid van de juiste belanghebbenden, waaronder besluitvormers en beleidsmakers, financiers van de gezondheidszorg, professionals in de gezondheidszorg en ouderenverenigingen en -belangenbehartigers.

 

  1. Welke personen/partijen zijn van belang bij het toepassen van de aanbeveling in de praktijk?

 

X Patiënt/ cliënt (naaste)

X Professional

X Beroepsvereniging

□ Ziekenhuis(bestuurder)

□ Zorgverzekeraars/ NZa

□ Zorginstituut [duiding nodig]

verpleeghuizen

 

  1. Wat zouden deze personen/ partijen moeten veranderen in hun gedrag of organisatie om de aanbeveling toe te passen?

 

Bewustwording ten aanzien van valproblematiek, voor patiënten, specialisten en voor personeel op de werkvloer.

Faciliteren van een trainingsprogramma (tijd, geld), faciliteren van de middelen.

 

  1. Binnen welk tijdsbestek moet de aanbeveling zijn geïmplementeerd? 

< 1 jaar

X < 2 jaar

□ < 3 jaar

 

[toelichting]

 

  1. Conclusie: is er extra aandacht nodig voor implementatie van de aanbeveling (anders dan publicatie van deze richtlijnmodule)?

X Ja* □ Nee

 

Toelichting:

Het betreft een complexe interventie, idealiter multidisciplinair met transmurale componenten. Een blauwdruk/handboek voor de uitvoering kan de implementatie bespoedigen. Evenals ondersteunende instrumenten, zoals slimme beslissingsondersteuning, om de workflow te ondersteunen en te versnellen.

 

*Deze aanbeveling komt in aanmerking voor plaatsing op de Implementatie Agenda van het programma Zorg Evaluatie & Gepast Gebruik (ZE&GG). In het programma ZE&GG werken patiënten, zorgverleners, zorgaanbieders, zorgverzekeraars en overheid samen aan de bewezen beste zorg voor de patiënt. Daarmee is ZE&GG een programma van alle betrokken partijen in de Medisch Specialistische Zorg. FMS is één van deze betrokken partijen.

 

De implementatieagenda van ZE&GG bevat onderwerpen over wat de bewezen beste zorg is en die in de dagelijkse zorgpraktijk geïmplementeerd zouden moeten worden.  Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en de Nederlandse Vereniging voor Ziekenhuizen (NVZ) hebben landelijke afspraken gemaakt over de implementatie van de onderwerpen van de implementatieagenda. Deze afspraken zijn onderdeel van de zorginkoopafspraken tussen zorgverzekeraars en zorgaanbieders.

 

Vanuit FMS worden sterke, goed onderbouwde aanbevelingen, getoetst op de behoefte aan een implementatie impuls aangedragen. Voor de beoordeling van onderwerpen uit richtlijnen wordt gekeken naar bovenstaande tabel voor een inschatting van de implementatie impuls. Met de ingevulde implementatietabel kunnen we vanuit FMS de andere HLA-MSZ partijen goed informeren om zo samen te beslissen of de aanbeveling daadwerkelijk op de implementatie agenda zal worden geplaatst.